Sepia. (Sepia Officinalis.)
van Constantine Hering — De leidende symptomen van onze Materia Medica
Zwak geheugen.
Overvloedige gedachtestroom ; onvermogen tot mentale arbeid ; denken kost inspanning.
Had de hele dag het gevoel alsof het hem niet kon schelen wat er gebeurde ; geen lust om te werken, onoplettend, verstrooid ; lusteloze stemming.
Spreken komt zeer langzaam op gang, moet de woorden eruit slepen om gedachten uit te drukken ; vergeet de hoofdpunten.
Gebruikt bij het schrijven verkeerde woorden.
Grote onverschilligheid voor alles ; geen juist levensbesef.
Om de paar minuten geneigd te huilen, zonder de oorzaak te kennen.
Grote droefheid en frequente aanvallen van huilen die zij nauwelijks kan onderdrukken.
Zeer droevig met ongewone lusteloosheid.
Droevige en sombere stemming, vooral tijdens het lopen in de open lucht en 's avonds.
Droevig over haar gezondheid en huishoudelijke aangelegenheden, ontevreden over alles.
Somberheid ; zij voelt zich zonder oorzaak ongelukkig.
Sombere voorgevoelens over zijn ziekte met betrekking tot de toekomst.
Had het gevoel dat hij, als hij zich niet ergens aan vasthield, zou gaan schreeuwen.
Neerslachtigheid bij het ontwaken in de ochtend.
Zeer nerveus ; grote prikkelbaarheid in gezelschap ; onrustig, beweeglijk ; wil van het ene bed naar het andere gaan.
Zenuwen zeer gevoelig voor het geringste geluid.
Aanvallen van onwillekeurig huilen en lachen.
Afkeer van werk en gezin.
Vrees om alleen te zijn.
Angst : met vrees, hitteopwellingen in het gezicht ; over werkelijke of ingebeelde onheilen ; tegen de avond.
Grote onverschilligheid tegenover het gezin, tegenover degenen die men het meest liefheeft.
Wordt gemakkelijk gekrenkt en is geneigd heftig te worden.
Grote prikkelbaarheid, afwisselend met onverschilligheid.
Hebzuchtig, gierig.
Na overmatige geestelijke inspanning, bij boekhouders enz.
Rustig, in zichzelf gekeerd, spreekt zelden uit zichzelf een woord, zit urenlang met haar breiwerk bezig, haar antwoorden zijn verstandig maar kortaf.
Neiging tot zelfmoord uit wanhoop over zijn ellendige bestaan.
Vreest te zullen verhongeren, is korzelig en voelt zich vernederd, schrikt gemakkelijk en is vol onheilsvoorgevoelens.
Na metrorragie overgevoelige, opgewonden nerveuze toestand ; gehaaste spraak gepaard gaand met snelle gebaren ; ogen vurig en glanzend ; pols 110 ; haar bewegingen waren als die van een hartstochtelijk persoon ; als zij niet kon spreken, moesten haar vrienden voortdurend in snel tempo verhalen vertellen ; soms verkeerde zij in de tegenovergestelde toestand, gaf korte antwoorden en wenste alleen te zijn ; was dan humeurig en veinsde te slapen ; de nachten werden meer en meer angstig en onrustig ; zij kon niet beschrijven hoe verschrikkelijk zij waren.
Tegensprekend, twistziek, klaagt over anderen.
Hartstochtelijk, prikkelbaar.
Kregel en uit haar humeur bij alle bezigheden.
Uiterste prikkelbaarheid door de geringste oorzaken ; zeer gemakkelijk gekwetst.
Geërgerd en geneigd te schelden.
Ongeduld bij het zitten, als een onrust in de botten.
Hevige uitbarstingen van woede met woeste gebaren.
Grote nerveuze prikkelbaarheid, met droefheid, moedeloosheid en verstrooidheid ; alles komt haar vreemd voor ; de geringste inspanning lijkt een grote moeite ; het is alsof zij niets kan begrijpen en alles wat zij wil doen opnieuw zou moeten leren ; de grootste onverschilligheid voor alles, de dood van een naaste verwant of een gelukkige gebeurtenis, laat haar even onaangedaan ; geen spoor van haar vroegere liefde voor vrienden of zelfs voor haar kind ; afkeer van sociaal verkeer, oplopend tot verachting ; voortdurend slecht humeur ; soms hoofdpijn met angst, < liggen ; ook uitwendig doet het hoofd pijn ; verwardheid en bonzen in het hoofd ; voortdurende pijn in het achterhoofd, < liggen ; overgevoelig voor geluid ; frequente pijn in de rug die naar benen en voeten afdaalt ; bloedsomloop en hartwerking zwak, gevoel alsof het hart stilstond ; menstruatie onregelmatig ; soms zenuwtrekkingen ; schreeuwt bij de geringste aanleiding ; kracht en algemene toestand goed ; > in een warm klimaat, ook na neusbloeding ; < na koffie en opium.
SENSORIUM [2]
Beneveld gevoel in het hoofd, mentale zwakte of afgestomptheid, kan nauwelijks denken.
Pijnlijke verwardheid in het hoofd, vooral in het voorhoofd.
Kortdurende aanvallen van duizeligheid bij lopen in de open lucht of tijdens het schrijven.
Duizeligheid : tijdens het lopen, alsof elk voorwerp in beweging was ; met wankelen ; bij het drinken ; alsof de voorwerpen zich rondom iemand bewogen ; alsof men in de lucht hing, met bewusteloosheid ; bij het opstaan uit bed in de namiddag ; na verlies van lichaamsvochten.
Congestie van bloed naar het hoofd ; zwaar gevoel in het hoofd.
HOOFD, INWENDIG [3]
Trekkende pijn die uitwendig schijnt te zitten, van het voorhoofd naar het achterhoofd, in afzonderlijke trekkingen.
Afzonderlijke, hevige, golvende schokken van drukkende hoofdpijn in het voorhoofd.
Scheurende pijn in het bovenste deel van de rechterzijde van het voorhoofd.
Scheurende pijn in de linker voorhoofdswelving.
Hevige, naar buiten gerichte steken boven de linker orbita, met volledig samentrekken van het oog, gedurende drie opeenvolgende dagen, na het opstaan in de ochtend, aanhoudend tot de middag, enigszins < in de open lucht.
Steken in het voorhoofd met misselijkheid (zij kan niet eten), > door te gaan liggen.
Volheidsgevoel in slapen en voorhoofd en kloppen van de halsslagaders.
Scheurende pijn in de linker slaap tot in het bovenste deel van de linkerzijde van het hoofd.
Druk op de kruin, < na geestelijke inspanning.
Kloppende, zeer pijnlijke hoofdpijn in de kruin, 's morgens, kort na het opstaan.
Doffe, zeurende hoofdpijn in het voorhoofd.
Hoofdpijn in voorhoofd en kruin, gevolgd door angst in de maagkuil met beven, daarna hevige neusbloeding.
Zware drukkende pijn boven het linkeroog, uitstralend naar de zijkant van het hoofd, omstreeks 3.30 uur 's middags ; gevoel van grote volheid diep in de l. orbita om 4 uur 's middags ; hoofdpijn beperkt tot de linkerzijde, > 's avonds en in de open lucht ; < door schudden met het hoofd.
Schietende pijnen van binnen naar buiten, vooral boven het linkeroog, ontlokken kreten, met kokhalzen.
Af en toe schietende pijnen die vanuit het linkeroog over de zijkant van het hoofd naar het achterhoofd uitstralen.
Hoofdpijn > na de maaltijden, < door geestelijke inspanning.
Hevige druk in het voorhoofd tijdens de menstruatie, met afscheiding van verharde, stinkende massa uit de neus.
Aanhoudende stekende, drukkende hoofdpijn in het onderste deel van het voorhoofd, juist boven het oog, < door beweging, binnenshuis, > bij wandelen in de open lucht.
Hoofdpijn : de hele dag met grote geestelijke neerslachtigheid ; in de voormiddag alsof de hersenen verpletterd werden ; alsof er druk van binnen naar buiten was ; alsof het hoofd zou barsten ; ook door hoesten ; 's morgens, met misselijkheid, tot de middag ; het hevigst tegen de avond, vooral bij schudden met het hoofd ; na transpiratie aan de rechterzijde van hoofd en gelaat, met een golfslag in het voorhoofd, als pijnsgolven die oprollen en tegen het voorhoofdsbeen slaan.
Hoofdpijn alsof de hersenen geschokt worden bij stappen of bij schudden met het hoofd, > bij rechtop zitten of door langzame lichaamsbeweging.
Drukkende of barstende hoofdpijn alsof de ogen eruit zouden vallen, of het hoofd zou barsten, < door bukken, beweging, hoesten of schudden met het hoofd ; aanhoudende krachtige beweging verlicht de hoofdpijn.
Pulserende hoofdpijn in de kleine hersenen, beginnend in de ochtend en aanhoudend tot de middag of soms tot de avond ; < door de geringste beweging, bij het draaien van de ogen, bij op de rug liggen ; >. wanneer men op de zijde ligt, bij het sluiten van de ogen, in rust en in een donkere kamer.
Pijnlijk kraken in het achterhoofd.
Schokkende pijn omhoog, als stroomschokken in het hoofd.
Kloppen : in het hoofd ; in het achterhoofd.
Aanvallen van hemicranie, stekende pijn van binnen naar buiten, in één (meestal linker) zijde van het hoofd of het voorhoofd, met misselijkheid, braken en samentrekking van de pupillen ; < binnenshuis en bij snel lopen ; > in de open lucht en bij liggen op de pijnlijke zijde.
Borende hoofdpijn van binnen naar buiten, van de voormiddag tot de avond, gevoel alsof hij zou sterven ; < door beweging en bukken ; > door rust bij het sluiten van de ogen, door uitwendige druk en voldoende slaap.
Gevoel van koude op de kruin.
Hoofdpijn met afkeer van alle voedsel.
Hemicranie bij hysterische vrouwen ; stekende, drukkende, scheurende of schoktrekkende pijnen met passieve congestie van het hoofd ; in chronische gevallen waarin het zenuwstelsel lange tijd ontregeld is geweest ; leucorrhœa tussen de menstruaties ; sudor hystericus, eigenaardig zoetgeurend zweet, vooral in de oksels en rond de voetzolen ; gelaat bleek, vaalgeel, tenger gebouwd.
Zenuwachtige, reumatische of jichtige pijnen in het hoofd, vooral bij tere, gevoelige vrouwen.
Vaak terugkerende scheurende, stekende pijnen in de rechterzijde van het hoofd, tijdens de zwangerschap.
Hemicranie, rechterzijde ; trekkende, scheurende pijnen en nu en dan steken als van naalden ; < 's morgens en 's avonds ; menstruatie schaars en van te korte duur.
Hevige druk in het achterhoofd met warmte en roodheid van het gelaat ; ogen pijnlijk ; matheid en moeheid van de ledematen ; neiging tot huilen ; heeft geen lust iets te doen.
Beurse pijn in het linkeroog en de linker slaap ; kloppende, scheurende en stekende pijnen in de linker slaap, naar beneden uitstralend ; steken, als in een zweer, in het linker jukbeen en de tanden ; hoofdhaar gevoelig bij aanraken ; pijnen < in aanvallen, met flauwte ; rillingen ; koude van de voeten ; voorbijgaande hitte ; dorst ; angst ; wanhoop aan herstel.
Migraine na de minste koude te hebben gevat ; scheurende, borende pijnen en soms steken ; moet gaan liggen en heel stil blijven ; sluit de ogen en drukt het hoofd stevig tegen de pijnlijke plek ; blootstelling aan gure wind lokt een aanval uit ; afkeer van voedsel ; stoelgang papperig ; menstruatie te vroeg.
Hevige hoofdpijnen, linkerzijde, hysterisch van karakter ; scheurende, trekkende pijnen die beginnen in de linker wandbeenstreek en overgaan in een drukkende, kloppende pijn in het achterhoofd, gepaard gaand met misselijkheid en braken ; kon de ogen niet openen of bewegen ; fotofobie ; hardnekkige constipatie ; hevige drang naar omhelzing tijdens de aanval.
Lijdt sinds vijf of zes jaar aan hoofdpijnen ; de pijn is schietend, op een vast punt boven de wenkbrauw, meestal rechts, maar vandaag boven de linker ; de pijn veroorzaakt trekkingen van de wenkbrauw en de neiging de ogen te sluiten ; hoofdpijn is < bij het bewegen van de ogen, ook bij lopen, elke stap leek een schok te geven ; de aanvallen komen plotseling op en zijn de eerste dag ondraaglijk, maar laten hem altijd zeer zwak achter en bevreesd voor een terugkeer gedurende een dag of twee ; aanvallen worden uitgelokt door oververmoeidheid, angst en ergernis of overbelasting op school ; af en toe hevige seksuele opwinding met emissie, niet altijd met dromen, tijdens de slaap ; dit gaat vooraf aan, maar vergezelt de hoofdpijn zelden ; tijdens de hoofdpijn is er onvermogen te lezen, te denken of te studeren ; vaker stoelgang, misselijkheid, afkeer van alle voedsel behalve geroosterd brood of biscuits en thee ; urine vermeerderd, bijna kleurloos ; drukgevoeligheid van het bot van de aangedane zijde van het hoofd en onder de overeenkomstige supraorbitale rand.
Duizeligheid alsof dronken ; spanning in het voorhoofd en druk alsof er een gewicht op de ogen lag ; druk en branden in de ogen en een waas voor het rechteroog (is blind aan het linkeroog), matheid ; leucorrhœa, melkwit, < overdag.
Hevige steken in het voorhoofd, hij schreeuwt het uit ; zij vertrekken zijn gelaat ; de steken keren om de vijf minuten overdag en 's nachts terug met onverminderde kracht, en stralen uit naar het linkeroog en oor ; tranenvloed ; pijnlijke hoofdhuid ; kan voor zijn hoofd geen gemakkelijke houding vinden ; elk geluid verergert zijn klachten ; spreken in de kamer is ondraaglijk, kan niet slapen.
Sinds verscheidene jaren elke zaterdag hoofdpijn ; borende pijn van binnen naar buiten, gepaard gaand met misselijkheid en braken ; > door het hoofd strak in te binden en na goed slapen.
Periodieke hoofdpijn die om 2 uur 's middags opkomt en aanhoudt tot bedtijd.
Hoofdpijn in verschrikkelijke schokken.
Doffe, suffe hoofdpijn, met grote geestelijke neerslachtigheid ; anemie.
Schietend van het voorhoofd naar de kruin en beide zijden van het gelaat.
Chronische congestieve hoofdpijnen met fotofobie en onmogelijkheid de ogen te openen wegens zwaarte van het bovenooglid.
Jichtige of zenuwachtige hoofdpijnen, door abdominale plethora of menstruele stoornissen.
Hoofdpijn met afkeer van alle voedsel.
Chronische paroxismale hoofdpijnen bij vrouwen tijdens het climacterium ; stoornissen van de spijsvertering, abdominale plethora en leucorrhœa.
Aanvallen van migraine en plotselinge verduistering van het zicht bij elke aanval.
Telkens wanneer zij gaat winkelen, krijgt zij hevige nerveuze hoofdpijn.
Aanvallen van jichtige pijnen in het hoofd, borend van karakter, waardoor de patiënt het uitschreeuwt van pijn, gepaard gaand met braken.
Congestieve, gastrische, hysterische, nerveuze en reumatische hoofdpijnen.
Clavus hystericus.
Hoofdpijn met afkeer van alle soorten voedsel, een zeer kwellend gevoel van leegte en weggezonkenheid in de maagkuil ; hoofdpijn die elke ochtend optreedt met misselijkheid, duizeligheid, epistaxis ; bij vrouwen die geelbruine vlekken op het voorhoofd hebben, met vale gelaatskleur, of die een gele streep over de neusrug en onder de ogen hebben ; de geur van voedsel werkt afstotend.
Hemicranie ten gevolge van een aandoening van het voortplantingsstelsel ; vooral bij jonge vrouwen bij wie de cerebrale zenuwen het sympathische zenuwstelsel hebben geprikkeld, waardoor een lange reeks hysterische symptomen ontstaat.
Borende, stekende pijn boven het rechteroog, < bij onweer, in koude lucht, noordenwind, door kou te vatten aan het hoofd, enz.
Haaruitval na chronische hoofdpijnen.
Chronische meningitis, hoofdpijn < bij liggen ; > door in zittende houding te blijven ; wanneer de pijn toenam een gevoel als van globus hystericus ; alles wat de hals bedekte voelde te strak aan ; volheidsgevoel, pulsatie en kloppen in het hoofd ; zij hield haar vingers voortdurend aan het kledingstuk dat de hals bedekte, zelfs wanneer het wijd was, de enkele aanraking ervan benauwde haar.
Meningitis ; het kind verkeert in een torpide toestand, met sterke inzinking van de levenskracht ; de urine heeft een bedorven geur en zet een kleikleurig bezinksel af dat aan de pot of luier hecht.
Bloedaandrang naar het hoofd.
Apoplexie : bij mannen die aan drinken en seksuele excessen verslaafd zijn, met aanleg voor jicht en aambeien ; bij vrouwen door aandoeningen van het voortplantingsstelsel ; veneuze vorm ; hoofdpijn die in verschrikkelijke schokken opkomt ; duizeligheid bij het lopen, met wankelen ; vergeetachtigheid ;
koude van de voeten ; intermitterende pols.
Dreigende apoplexie bij losbandige mannen van middelbare leeftijd die plethorisch zijn, een groot vet abdomen hebben en lijden aan arthritische en hemorrhoïdale klachten ; zij hebben gewoonlijk reeds verscheidene lichte aanvallen van apoplexie doorgemaakt en worden vaak bezocht door de prodromale symptomen.
Hoofd, uitwendig [4]
Onwillekeurige schokken van het hoofd naar achteren en naar voren, vooral 's voormiddags en bij zitten.
De fontanellen blijven open, met schokken van het hoofd, bleek opgeblazen gezicht, stomacace, groene diarrhoïsche ontlasting.
Gevoel van koude op de kruin, < bij bewegen van het hoofd en bukken ; > in rust en in de open lucht.
Neiging kou te vatten door droge, koude wind of door het nat worden van het hoofd.
Uitwendige koudheid van het hoofd.
Zwelling op het voorhoofd.
Zwelling aan één zijde van het hoofd boven de slaap, met jeuk ; gevoel van koude en scheurende pijn erin, < bij aanraken ; > bij erop liggen of na het opstaan uit bed.
Zweet op het hoofd, zuur geurend, met flauwteachtige zwakte 's avonds vóór de slaap of 's morgens.
Pijn van de hoofdhuid bij aanraking alsof de haarwortels pijnlijk zijn.
Jeuk van de hoofdhuid.
Hevige jeuk, als van insecten, op het achterhoofd of achter de oren.
Kleine rode puistjes op het voorhoofd, met ruwheid.
Uitslag op de kruin en het achterste deel van het hoofd, droog, kwalijk riekend, stekend, jeukend en tintelend, met kloven ; pijnlijk gevoel bij krabben ; uitvallen van het haar.
Gevoeligheid van de haarwortels, < 's avonds, voor aanraking, voor koude noordenwinden ; branden na krabben.
Roos komt in kringen voor, als ringworm. θ Herpes.
Sterk uitvallen van het haar. θ Climacterische periode.
Korsten zeer vochtig, bijna voortdurend etterachtig vocht afscheidend.
Veel schilfers op het hoofd ; vochtige hoofdhuid ; tinea tonsurans.
Gevoeligheid van de haarwortels, < 's avonds, voor aanraking, voor koude noordenwinden ; branden na krabben.
Een jongen, æt. 9, had op het voorste deel van het hoofd een kale plek zo groot als een zilveren muntstuk van vijfentwintig cent, glanzend glad ; het omliggende haar scheen dicht bij de wortels kort afgeknipt ; de plek was bedekt met droge, korstige schilfers ; kort daarop een soortgelijke plek aan de rechterzijde van het hoofd ; ten slotte vier kale plekken, in grootte variërend van een dollarmunt tot een kwartdollarmunt.
De grote haarlokken werden, over een afstand van ongeveer vijf centimeter vanaf het hoofd, zo kroezig dat het kammen van dit deel van het haar onmogelijk werd ; op deze plaatsen was er geen vochtigheid van de hoofdhuid, noch was het haar zelf verward ; ook de kleinere lokken aan de zijden van het hoofd vertoonden deze toestand in het onderste derde deel van hun lengte ; menstruatie afwezig ; congestie van bloed naar hoofd en borst ; gezicht rood ; hoofdpijn.
ZICHT EN OGEN [5]
Verdwijnen van het zicht ; zien belemmerd door vurige zigzaglijnen of vonken (kinkhoest) ; flikkeren voor de ogen bij het kijken in het licht ; groene lichtkrans rond kaarslicht ; zwarte vlekken .
Kaarslicht vermoeit de ogen bij lezen of schrijven door een samentrekkend gevoel te veroorzaken.
Kan weerkaatst licht van heldere voorwerpen niet verdragen.
Gaas, zwarte vlekken of strepen voor de ogen.
Wazig zien ; bij schrijven ; ziet slechts de ene helft van een voorwerp duidelijk, de andere helft is verduisterd.
Grote gevoeligheid voor daglicht.
Prikkelend gevoel in de ogen, 's avonds bij kaarslicht.
Asthenopie : geassocieerd met uitputting ten gevolge van zaadverlies ; afhankelijk van reflexirritatie vanuit de uterus (kopiopia hysterica).
Mr. B., æt. 32, al verscheidene maanden ziek ; heeft de ogen overbelast door lezen, schrijven, naaien ; de aandoening begon in het rechteroog, dat het ergste is ; gevoel alsof het oog weg was en er een koele wind uit de oogkas blies ; hevige pijn en jeuk rondom de achterkant van het oog, bij het sluiten van de ogen lichtflitsen ; nevel als een sluier of wolk voor het oog ; < in sterk licht ; het gebruiken van de ogen veroorzaakt er boven een intense hoofdpijn ; neiging de ogen krampachtig te sluiten, wat verlichting geeft ; menstruatie regelmatig, gepaard gaand met hevige naar beneden drukkende pijn, met pijn in heupen en rug en seksuele opwinding ; gevoel van gewicht en zwaarte van de bovenoogleden alsof zij ze niet kon optillen, < in de ochtend. θ Asthenopie.
Vertroebeling van het zien afhankelijk van leverstoornis.
Astigmatisme door granulaire oogleden, bij lezen scheen zwart grijs ; het zien > wanneer men vanonder de wenkbrauwen uitkijkt, pijn bij gebruik van de ogen bij kunstlicht.
Een dame, æt. 67, werd plotseling, na koude te hebben gevat, aangevallen met drukkende pijn rond de ogen, < in de open lucht ; ziet voortdurend donkere figuren voor de ogen, als spinnenweb of kant, zo groot als een hand ; acute pijn in de orbita van drukkend karakter, < in de open lucht ; alleen het rechteroog was zo aangedaan ; het zicht was al lange tijd geleidelijk achteruitgegaan ; was haar hele leven onderhevig aan migraine. θ Beginnende cataract.
Keratitis pust. ; de wimpers van het linkeroog verdwenen en de randen van de oogleden rauw en pijnlijk, aanmerkelijke purulente afscheiding uit de ogen, gelaat bedekt met uitslag, kind huilt bij het wassen.
Zeer grote pustels rond de cornea met veel roodheid, geen pijn of fotofobie, < in de avond, mondhoeken gebarsten.
Keratitis parenchymatosa, met uterusklachten.
Pustels op de cornea, ook fungus hematodes.
Trachoom, met of zonder pannus, vooral bij theedrinkers.
De ogen voelen vermoeid aan en zien er geïnjecteerd uit ; neiging ze gesloten te houden.
De ogen voelen pijnlijk aan alsof ze beurs zijn.
Druk in het rechteroog als van een zandkorrel, < door wrijven ; < bij het tegen elkaar drukken van de oogleden.
Druk in de ogen 's nachts.
Hevig branden van de ogen en tranenvloed.
Zeurende pijn boven de ogen als hij in helder daglicht gaat.
De oogleden doen bij het ontwaken pijn alsof zij te zwaar zijn om te openen.
Jeuk van de binnenooghoek 's morgens na het ontwaken ; na wrijven bijtend gevoel en sterke tranenvloed en een rauw gevoel in de buitenooghoek, die verkleefd is.
Bijtend gevoel in het rechteroog 's avonds, met neiging van de oogleden zich krampachtig te sluiten.
Steken in het linkeroog.
Schrijnende pijn in beide ogen.
Branden van de ogen 's morgens, met zwakte 's middags.
Ogen heet en droog ; voelen als vuurballen.
Roodheid van de conjunctivae.
Ontstekingsaandoeningen van asthenisch karakter, conjunctiva dof rood, enige fotofobie en zwelling van de oogleden, < in de ochtend.
Acute catarrale conjunctivitis, met trekkend gevoel in de buitenooghoek en schrijnend gevoel in de ogen, > door spoelen met koud water, < 's morgens en 's avonds.
Conjunctivitis met mucopurulente afscheiding in de ochtend en grote droogheid in de avond.
Ontsteking van de ogen, met steken en druk.
Rechteroog ontstoken ; hitte, vaten sterk vergroot, met een plek van congestie ; soms gevoel van gruis erin ; oogbol zeurt achterin, schrijnend bij lezen ; onderhevig aan aangezichtspijn en indigestie, zwaarte na eten en krampachtige flatulente pijnen.
Rechterzijde van het gelaat sterk gezwollen, dieprood, bedekt met met pus gevulde puistjes en met gele korsten bedekt ; opende overdag de ogen niet, hief de oogleden slechts een ogenblik op in het donker ; wreef en krabde wangen en ogen ; oogleden 's morgens door dikke afscheiding aan elkaar gekleefd ; geen appetijt ; veel dorst ; weinig slaap ; rechteroog scheen veel kleiner dan het linker ; rechter mondhoek omhooggetrokken.
Steken in de ogen ; oogleden gezwollen ; fotofobie, kan de ogen nauwelijks openen ; overvloedige tranenvloed ; hittegevoel in de ogen ; verstopping van het linker neusgat ; hoofd verward, dof.
Coryza met oogontsteking en fotofobie, vaak terugkerend zonder aanwijsbare oorzaak ; oogleden rood ; vlekken op de cornea. θ Scrofuleuze ophthalmie.
Ogen 's morgens verkleefd ; grote fotofobie en pijn in de ogen ; op de cornea vormen zich pustels die etteren en openbarsten, met lang aanhoudende vlekken als gevolg ; terugkerende aanvallen sinds een jaar.
Conjunctivitis ; fotofobie < in de ochtend ; doffe roodheid van de conjunctiva ; tranenvloed ; zwelling van de oogleden en grote hitte daarin.
Pustuleuze ontsteking, afhankelijk van uterusklachten, vooral wanneer de cornea is aangedaan en de ontsteking niet tot de conjunctiva beperkt blijft ; trekkende, zeurende, borende pijnen, < door wrijven, het tegen elkaar drukken van de oogleden of druk op het oog ; daglicht verblindt en doet het hoofd pijn ; conjunctiva gezwollen ; ogen verkleefd, 's morgens en 's avonds ; aanmerkelijke purulente afscheiding ; randen van de oogleden rauw en pijnlijk ; gevoel alsof de oogleden te strak waren en de oogbol niet bedekten ; uitslag op het gelaat. θ Conjunctivitis.
Conjunctiva palp. 's morgens bij het ontwaken geïnjecteerd ; afscheiding van purulent slijm ; tegen de avond geleidelijk toenemende droogheid van het oog ; bijtend-excoriërend gevoel in de oogleden ; fotofobie ; later brandende pijn ; blepharospasmus ; tranenvloed onderdrukt ; pols hard, snel ; doffe pijn in het voorhoofd ; tijdens de aanval huilt luid en is zeer geagiteerd ; tegen middernacht houdt de spasme van de oogleden op, de pijn neemt af en de opgehouden afscheidingen keren terug ; bruine vlekken in het gelaat ; bezinksel in de urine als baksteenstof. θ Conjunctivitis.
Ernstige conjunctivitis, elke zomer gedurende twintig jaar, vanaf het begin van warm weer in de lente tot het einde ervan in de herfst ; sterke vergroting van de papillen ; duidelijke verergering in de ochtend en gewoonlijk in de avond.
Phlyctenulaire conjunctivitis.
Folliculaire conjunctivitis, of een gemengde vorm van folliculaire en trachomateuze conjunctivitis, die alleen gedurende de zomer wordt waargenomen, of steeds < bij warm weer.
Pijnlijkheid in de binnenooghoeken met entropion, ogen < 's nachts en overdag telkens bij het sluiten ervan, de oogleden voelen alsof zij te strak zijn en het oog niet bedekken ; krassend gevoel in de ogen.
Amaurose : met vernauwde pupillen ; na hevige hoofdpijn.
Gele kleur van het oogwit. θ Geelzucht.
Trekkend gevoel in de buitenooghoeken, schrijnend gevoel in de ogen > door spoelen met koud water, < 's nachts en 's morgens.
Afhangen van de oogleden met doffe hoofdpijn ; voelt alsof hij niet genoeg besef meer heeft om ze op te heffen.
Hitte en droogheid van de ooglidranden.
Oogleden doen bij het ontwaken pijn alsof zij te zwaar zijn, en alsof hij ze niet open kon houden.
Tranenvloed 's morgens en 's avonds, en in de open lucht.
Roodheid van de oogleden, met strontjes.
Nachtelijke verkleving van de ogen of droge schilfers op de oogleden bij het ontwaken.
Grote jeuk aan de ooglidranden.
Granulaire oogleden, vooral bij theedrinkers.
Chronische ciliaire blefaritis ; schilferige toestand van de ooglidranden ; kleine pustels (acne ciliaris) aan de ciliaire rand.
Tarsale tumoren.
Na herhaalde strontjes, harde, geïndureerde tarsale tumor zo groot als een erwt, die de beweging van het ooglid belemmert ; bestaat sedert twee jaar.
Zwaarte en afhangen van de onderoogleden alsof zij verlamd waren.
Moeite de ogen 's morgens te openen ; verlamde toestand van de oogleden. θ Ptosis.
Krampachtig entropion, met pijnlijkheid van de binnenooghoeken en krassend gevoel in de ogen, < 's nachts en overdag telkens bij het sluiten ervan ; de oogleden voelen alsof zij te strak zijn en de ogen niet bedekken.
Een jongen, æt. 12, had vele kleine tumoren op de onderoogleden, het gevolg van strontjes, die de beweging van de oogleden belemmerden.
Bruin-gelige kleur van de oogleden.
GEHOOR EN OREN [6]
Overgevoelig voor geluid, en vooral voor muziek.
Luide geluiden en gezoem in de oren, gevolgd door gehoorverlies.
Plotselinge aanvallen van kortdurend gehoorverlies.
Trekkende pijn of steken in de oren.
Chronische, eenzijdige oorpijn, met tandpijn, keert na iedere lichte verkoudheid terug.
Dunne afscheiding uit het oor.
Veel jeuk in het aangedane oor.
Zwelling van het uitwendige oor en uitslag daarop.
Tetter op de oorlellen, achter de oren en in de nek.
Steken in de oorspeekselklieren, die zwellen, met spannende pijn bij het draaien van het hoofd.
Steken in het rechteroor, die naar de hersenen doortrekken, begonnen enkele dagen geleden, om 9 uur 's morgens, tijdens het werken op het veld, eerst was het linkeroor aangedaan ; de steken < 's nachts ; kleine pustels op de linkerpols, die, wanneer geopend, een melkachtig vocht afscheiden ; voordien panaritium aan de linkerduim en middelvinger ; sinds buiktyfus is hij gevoeliger voor weersveranderingen geworden, en de laatste jaren hinderen bijensteken hem meer dan vroeger.
REUK EN NEUS [7]
Grote gevoeligheid voor geuren.
Verlies van reuk, of een subjectieve foetide reukwaarneming.
Neusbloeding : tijdens de menstruatie ; tijdens de menstruatie, bij jonge meisjes ; tijdens de zwangerschap en bij aambeien ; na de geringste stoot of wanneer men in de geringste mate oververhit raakt.
Neus droog ; alle verschijnselen van hoofdverkoudheid ; verstopte neus.
Droog gevoel in neus en keelholte.
Veelvuldig niezen zonder coryza.
Droge coryza, vooral van het linker neusgat.
Waterige neusloop met niezen, vroeg in de ochtend.
Het uitsnuiten van grote klompen geelgroen slijm, of geelgroene korsten, met bloed uit de neus.
Droge coryza ; neusgaten pijnlijk, gezwollen, geülcereerd en korstig ; afscheiding van grote groene proppen.
Gezwollen, ontstoken neus ; neusgaten pijnlijk, geülcereerd en korstig.
Punt van de neus : ontstoken, gezwollen, schilferig ; pijnlijke eruptie.
Uiterst walgelijke geur uit de neus, overvloedige groenachtig-gele afscheiding ; menstruatie schaars, voorafgegaan door gele, bijtende leucorrhoe, < door beweging.
Grote, kwalijk riekende proppen uit de neus, vaak zo groot dat zij naar achteren in de mond moesten worden teruggetrokken en uitgespuwd, leidend tot braken ; kwalijk riekende, groenachtige afscheiding uit het linker neusgat ; hevige bonzende pijnen in het voorhoofd (verlicht door Bellad.) ; sinds dertien jaar bestaand. θ Ozæna.
Katar : drukkende pijn in de neuswortel ; rauw gevoel in de neus bij het door de neus inademen ; neus gezwollen en ontstoken, neusgaten rauw en geülcereerd ; kleine zweren in de neusgaten ; korstige neusgaten ; afscheiding van geel vocht uit de neus, met snijdende pijnen in het voorhoofd ; droogheid in neus en keel ; droogheid in de choanen (hoewel er veel slijm in de mond is) met onwillekeurige drang tot slikken ; katarren ontstaan door terugtreden van een eruptie.
Kooklucht maakt misselijk.
Gele zadelvormige verkleuring over de neusrug.
BOVENSTE GELAATSHELFT [8]
Gezicht : opgezet ; bleek ; geel, aardkleurig ; 's morgens rood, 's avonds bleek ; rood en blozend.
Gele zadelvormige verkleuring over het bovenste deel van de wangen en de neus, en gele vlekken in het gezicht ; geel rond de mond.
Bleek, geelzuchtig, gezwollen, met randen rond de ogen.
Gelig gezicht met dyspepsie.
Kleine rode puistjes op het voorhoofd ; ruw voorhoofd.
Ronde vlekken in het gezicht en onder de kin van een kwart tot een halve inch in doorsnede ; verschillende verschenen snel achter elkaar ; de vlekken eerst helder rood, later bedekt met een witte schilferlaag, daarna terugkerend tot de oorspronkelijke rode kleur ; de vlekken zijn zeer licht verheven boven de huid en gaan slechts met weinig jeuk of gevoeligheid gepaard ; neuralgische pijnen die in verschillende lichaamsdelen rondzwerven, maar hardnekkiger in de achterhoofdsstreek gelokaliseerd zijn, < bij lang in een houding blijven, 's nachts in bed, 's morgens bij het opstaan ; > door van houding te veranderen, en door lichte inspanning ; voortdurend gevoel van lusteloosheid en vermoeidheid, waardoor de geringste inspanning onaangenaam wordt ; volledige anorexie. θ Psoriasis.
Eczema narium.
Herpes, schilfers en zwarte poriën in het gezicht.
Tetter rond de mond, met jeuk van het gezicht.
Zwelling van de onderlip.
Ontsteking en zwelling aan één zijde van het gezicht, vanuit de wortel van een bedorven tand.
Intermitterende prosopalgie, met congestie van de ogen en het hoofd, schokkende pijnen als stroomschokken.
Aangezichtspijn : intermitterend, met congestie van ogen en hoofd ; tijdens de zwangerschap ; schokkend, als stroomschokken omhoog ; de pijn verschijnt 's morgens onmiddellijk bij het ontwaken, overdag niet maar 's nachts hevig, zich uitbreidend over de onder- en bovenkaak, uitstralend naar kruin, achterhoofd, nek, armen en vingers ; scheurende, trekkende pijnen in gezicht en neus, met zwelling van de wangen ; de pijnen trekken vaak door het oor, vooral links ; < door het nemen van zowel warme als koude dingen in de mond ; bij tere, gevoelige, nerveuze vrouwen, vooral wanneer de baarmoederfuncties verstoord zijn.
Paroxysmen van aangezichtsneuralgie, opgewekt door rijden in de wind en door opwinding ; de menstruele aandrang gaat bijna altijd gepaard met neuralgische pijnen van meer of minder ernst ; wanneer de wind de uitlokkende oorzaak is, begint het paroxysme met een rilling, en wanneer opwinding de oorzaak is, begint het met beven ; pijnen > door druk, in een warme kamer zijn en stil liggen ; de paroxysmen kondigen zich aan door een lichte rilling of beven ; koude rillingen langs de wervelkolom naar beneden ; neuralgische pijnen beginnen in de linker slaap en lopen over de linkerzijde van het gezicht en langs de ramus van de linker kaak omlaag ; de pijnen zijn kloppend en gravend ; geluid en kooklucht maken haar < ; de aanvallen duren ongeveer een dag, gewoonlijk < in de avond ; > door slaap ; de menstruatie duurt twee of drie dagen, is donker, schaars, enigszins draderig ; pijn en zwaar gevoel in de rechter ovariumstreek, > door voorover te leunen ; verstopt ; ontlasting afwisselend hard en zacht met persen ; lozing van urine bij hoesten, lopen of staan op de voeten ; urine lichtgekleurd en frequent ; abdomen opgezet ; appetijt goed ; pijn omlaaglopend in het rechter been ; < door noordoostenwind, vochtig weer en opwinding. θ Aangezichtsneuralgie.
Neuralgische pijnen in het gezicht, linkerzijde, door misbruik van tabak.
Schokken van de spieren van het gezicht bij het spreken.
ONDERSTE GEZICHTSHELFT [9]
Geelheid rond de mond.
Grote droogheid van de lippen.
Vochtige schilferige erupties op het rode deel van de lippen en op de kin.
Zwelling en barsten van de onderlip. θ Herpes.
Fistel in de linkerwang in de streek van de onderste molaren, met ulcererende omtrek, ter grootte van een tiencentstuk ; pijnloos, loost bloed en etter, bestaat nu ongeveer een jaar ; hoest, soms met heesheid, bloederige expectoratie ; bestaat nu ongeveer twee jaar ; fijne vesiculaire reutels in de linker longtop ; hoest < in een droge oostenwind veel meer dan in vochtige lucht of door nat te worden ; < in de ochtend ; is op zondag niet zo goed, doordat hij dan rust en in de kamer is, > tijdens het werk ; < bij liggen op de linkerzijde ; appetijt goed, dorst in de avond, slaapt goed ; zijn voeten zweten en hebben een onaangename geur.
Wantrouwige tuberkel op de onderlip zo groot als een boon, van kraakbeenachtig aspect, met een brede basis en vaak bloedend, er zeer uitziend als een scirrhus.
Een ver ontwikkeld epitheliaal carcinoom van de onderlip was geëxcideerd ; de wond genas voorspoedig ; na enkele maanden begon de patiënt te vermageren en elk teken van kanker-cachexie te vertonen ; de achteruitgang was alarmerend snel ; vooraanstaande chirurgen stelden de diagnose inwendige kanker ; men koesterde geen hoop op herstel.
Zwelling en gevoeligheid van de onderlip, brandende pijn en een prikkelend gevoel als van een houtsplinter. θ Epithelioom van de lip.
Carcinoom van de onderlip werd in de loop van zes maanden driemaal verwijderd ; het was opnieuw gegroeid en had de grootte van een walnoot, steenhard, enz. ; neiging tot terugkeren elk voorjaar gedurende drie jaar, d. i. pijnlijke barsten in de littekens die de operaties hadden achtergelaten.
Het verschijnen van wratten op het gezicht, de een na de ander, totdat er twaalf rond mond en kin waren ; zij waren tamelijk lang, bovenaan vrij ruw, enigszins gesteeld, en keerden na afbinding snel terug.
Zwelling van de submaxillaire klieren.
TANDEN EN TANDVLEES [10]
Tandpijn: trekkend in de bovenste kiezen; in een holle tand, uitstralend naar het oor; kloppend; stekend; alle tanden pijnlijk, vooral een holle kies, die pijn doet alsof zij verlengd en gezwollen is, met zwelling van tandvlees en wangen, waarna de pijn ophoudt; trekkend < wanneer iets warms of kouds in de mond genomen wordt; tijdens de menstruatie trekkend van de tanden naar de wang, die gezwollen wordt; scheurend naar buiten door het linkeroor, tijdens en na het eten; stekend, zij had kunnen huilen; steken in tanden en kaak, uitstralend naar het oor; zij kon er 's nachts niet van slapen en moest er overdag een doek omheen binden; met snelle tandbederf; en kloppen in het tandvlees tijdens de menstruatie; tijdens de zwangerschap met kortademigheid, erger door elke koude luchtstroom, bij het aanraken van de tanden, bij spreken; de tanden op elkaar bijten.
Aanvalsgewijze, bonzende, kloppende tandpijn; kan het kloppen van de pols door het hele lichaam voelen; pijnen > door koud water, terugkerend zodra het water warm wordt; loopt huilend rond; wanneer de pijn op haar hoogtepunt is, tinteling in de vingers van de linkerhand, die, terwijl zij omhoogtrekt in de arm, overgaat in een scheurende pijn en eindigt met een krampachtige aanval van astma; oogleden rood, brandend; bloed uit de neus snuiten; angstig, moedeloos, huilerig; tijdens de zwangerschap.
De tandpijn begint vanuit cariës van de tanden van de onderkaak, verspreidt zich dan over de gehele linkerzijde, met scheurende pijnen; misselijkheid met waterige oprispingen; > in frisse lucht, < van koud water en 's nachts; geen onderbrekingen, moeite met spreken of kauwen; vrees voor trismus; geen zwelling of abces; opvliegingen met koude voeten; tijdens het climacterium.
Ernstige pijnen in de tanden gedurende verscheidene dagen, slechts aan één zijde, uitstralend naar de rechterzijde van het hoofd; grote inwendige hitte; genoodzaakt de mond half open te houden om de mond te koelen, derhalve grote droogheid daarin; angstig voor tetanus.
Aanhoudende ernstige tandpijn, cariës; linkszijdige, scheurende, trekkende pijn; waterige oprispingen tijdens de pijn; < 's nachts, vooral vóór middernacht, in bed, door koude en eten; nervositeit; migraine; leukorroe; climacterium.
Chronisch kloppen in de tanden.
De tanden voelen dof aan, zitten los, bloeden gemakkelijk en bederven snel.
Zwelling van het tandvlees, donkerrood, pijnlijk bloedend bij de geringste aanraking.
Tandvlees pijnlijk alsof het verbrand is.
Gezwollen donkerrood tandvlees, met pijnlijk kloppen, alsof het begint te etteren, zo ernstig dat het nauwelijks te verdragen was.
Pijnlijk geülcereerd tandvlees.
Tandenkrijgen: tandenknarsen; droge ringwormen verschijnen of lijken weer op te lichten bij het doorkomen van elke nieuwe groep tanden; slechte geur uit de mond; verergering van diarree na het nemen van gekookte melk; zeer uitputtende diarree.
SMAAK, SPRAAK, TONG [11]
Smaak : bitter ; zoutachtig ; verrot of walgelijk ; zuur 's morgens bij het ontwaken ; 's morgens onaangenaam bitter ; bitterzuur ; 's morgens onaangenaam, mond droog en slijmerig ; vies, als van een oude catarre ; slijmerig, verrot ; voedsel smaakt te zout ; als mest ; metaalachtig ; zuur na het eten.
Tong en mondholte voelen aan alsof zij verbruid zijn.
Punt van de tong voelt alsof hij verbruid is.
Gevoeligheid van de punt van de tong, kleine blaasjes, pijnlijke randen.
Tong pijnlijk alsof zij rauw is.
Tong bleek, slap en getand. θ Atonische dyspepsie.
Blaar op de tong en pijn alsof zij verbrand is.
Blaasjes op de tong.
Tong beslagen : wit ; met slijm ; vuilgeel ; bruin, met rode randen.
Spreken is alleen mogelijk met stotteren.
Tong stijf.
Mondholte [12]
Foetide geur uit de mond.
Zure geur uit de mond.
Het spoelen van de mond doet haar braken.
Droogheid van mond, keel en tong, die 's morgens tamelijk ruw aanvoelden.
Overvloedige speekselvloed.
Droogheid in de fauces; ruwheid en branderigheid, < bij keelschrapen.
GEHEMELTE EN KEEL [13]
Droogheid en gevoeligheid in de keel 's nachts; de keel voelt geheel uitgedroogd aan.
Droogheid in de achterste neusopeningen, toch veel slijm in de mond met onwillekeurige aandrang om te slikken.
Druk in de keel ter hoogte van de amandelen, alsof een halsdoek te strak gebonden was.
Tijdens de eerste slaap verbeeldt zij zich vaak dat zij iets heeft ingeslikt, waardoor zij verschrikt wakker wordt, met het gevoel alsof het in haar keel was blijven steken; dit gevoel blijft na het ontwaken bestaan.
Gevoel van een prop in de keel.
Veel slijm in de keel; 's morgens keelschrapen om slijm los te maken.
Branden in de keelholte.
Keelpijn, met zwelling van de halsklieren.
Gevoeligheid en stekende pijn in de keel, met zwelling van de onderkaaksklieren.
Pijn in de keel, alsof deze rauw was, bij het slikken; ook stekende pijn en schrapen bij leeg slikken.
Ontsteking van de keel; < aan de linkerzijde; met stekende pijn bij het slikken; slijmvlies sterk gezwollen, maar slechts licht rood; gevoel van een brok in de keel; afscheiding van taai, kleverig slijm, waardoor men voortdurend de keel moet schrapen, met gevoel van droogheid in de keel.
Chronische zwelling van de amandelen; gevoel als van een prop bij het slikken.
Samentrekking van de keel zonder te slikken.
Neiging tot ontsteking van de amandelen, gewoonlijk eindigend in ettering.
Chronische faryngitis; keelholte donkerrood; gevoel van een prop in de keel, vooral bij het slikken en vaak gepaard gaand met een gevoel van samensnoering in de keel; stuwing in de poortadercirculatie.
APPETIJT, DORST. VERLANGENS, AFKEER [14]
Wolfshonger, of geen appetijt, niets smaakt goed.
Plotseling verlangen, plotselinge verzadiging.
Dorsteloosheid ; of veel dorst in de ochtend.
Verlangen : naar azijn ; naar wijn.
Afkeer van voedsel : vooral van vlees en vet ; van brood, tijdens de zwangerschap ; van melk, die diarree veroorzaakt ; walging.
ETEN EN DRINKEN [15]
Ontregelde maag na brood, melk, vet voedsel of zure spijzen.
Tijdens en onmiddellijk na het eten hernieuwen de pijnen zich en verergeren.
Na het eten : zuurheid in de mond ; oprispingen, leeg of bitter ; opgeblazenheid van de buik.
Het veroorzaakt afkeer van het drinken van bier.
HIK, OPRISPINGEN, MISSELIJKHEID EN BRAKEN [16]
Hik na een maaltijd, aanhoudend gedurende een kwartier.
Oprispingen : vaak, met braakneiging ; bitter ; zuur ; smaak als van rotte eieren of mest ; na maar weinig gegeten te hebben ; doen bloed in de mond opkomen.
Brandend maagzuur, opstijgend van de maag tot in de keel.
Waterige oprispingen na eten of drinken.
Misselijkheid : na het eten, ook 's morgens nuchter ; door de geur van voedsel of van het koken ; bij het rijden in een rijtuig ; met angst bij inspanning van de ogen ; met zwakte.
Misselijkheid in de ochtend, alsof alles in de buik ronddraaide.
Ochtendmisselijkheid tijdens de zwangerschap.
De gedachte aan voedsel maakt haar misselijk, met een gevoel van grote zwaarte in de anus.
Misselijkheid alsof de ingewanden binnenstebuiten werden gekeerd ; neiging tot braken 's morgens bij het spoelen van de mond.
Braken : van voedsel en gal in de ochtend ; van melkachtige vloeistof ; tijdens de zwangerschap ; perst haar vaak zo hevig, dat er bloed opkomt ; van slijm, veroorzaakt door het nuttigen van zelfs het eenvoudigste voedsel.
MAAGKUIL EN MAAG [17]
Gevoeligheid van de maagkuil voor aanraking.
Eigenaardige flauwe, wegzinkende leegte of gevoel van weg zijn in de maagkuil.
Druk in de maag : alsof er een steen in lag ; alsof zij inwendig beurs was ; na een maaltijd en door aanraking.
Kloppen in de maagkuil ; zure maag ; vurige zigzag voor de ogen ; metaalachtige smaak in de mond ; kraken in knie- en enkelgewrichten, en pijnlijk kraken in het achterhoofd.
Pijnlijke gewaarwording van leegte in maag en buik.
Onaangenaam gevoel in de maag, kan het gevoel niet beschrijven.
Lichte druk op de maagstreek veroorzaakt hevige pijn.
Pijnlijk hongergevoel in de maag ; moet 's nachts of vroeg in de ochtend iets eten.
Hevige druk onder de linker ribben, die overgaat bij liggen.
Pijn in de maag na het eenvoudigste voedsel.
Kramp in de maag.
Steken of branden in de maag.
Kloppen in de maagkuil.
Wringend gevoel in de maag en opstijgend naar de keel, de tong wordt stijf, men kan niet spreken, het lichaam wordt stijf. θ Hysterie.
Pijn in de maag < door braken ; breidt zich uit naar de rug, met angst.
Dyspepsie na forcering door te zwaar tillen.
Snijdende, borende pijn van de maagstreek naar de wervelkolom toe.
Hardheid in de pylorusstreek.
Aanvallen van een hevige krampachtige pijn die in de maagkuil begint ; de pijn gaat naar de rechterzijde, onder de valse ribben, komt in aanvallen en is op haar hoogtepunt bijna continu totdat zij een zure en daarna een dik-vloeibare massa braakt ; gewoonlijk geen misselijkheid, en zij braakt ook niet totdat zij iets neemt om het braken op te wekken ; gelaat vuilgeel, met duidelijke erupties nabij de haargrens op het voorhoofd ; donkere urine wordt helder zodra de pijn wegtrekt ; na een pijnaanval heeft zij veel honger en eet zij enorm veel ; de aanvallen duren ongeveer zes uur of totdat zij door braken worden verlicht ; er gaat geen dag voorbij zonder een aanval ; wanneer de pijn haar hoogtepunt bereikt, schiet zij door naar de rug, tussen de schouders ; soms begint de pijn tussen de schouders ; dorst nadat de aanval geweken is ; adem stinkend ; constipatie ; ontlasting in harde, groene klonten.
Acuut maagcatarrh, vooral bij jonge mensen ; pijn in het voorhoofd ; hevige koortshitte ; neiging tot slapen, met onrustig woelen ; volledig gebrek aan eetlust ; wit of geel beslag op de tong, zonder glans ; kleine blaasjes aan de randen, soms rode vlekken op het oppervlak.
Duizeligheid 's nachts met braken van gal en voedsel ; rillingen, hitte met grote dorst ; tandvlees pijnlijk achter de snijtanden ; druk in de maag ; steken in het rechter hypochondrium bij aanraking ; constipatie, harde, moeilijke stoelgang, gevolgd door branden in de anus ; beklemming op de borst ; slapeloosheid ; jeukende uitslag op handen en dijen. θ Maagkoorts.
Sinds verscheidene dagen koorts ; slaperigheid ; braken van groen slijm ; lippen droog ; geur uit de mond als van zure melk ; urine en transpiratie hebben dezelfde geur ; transpiratie slechts gedeeltelijk. θ Maagcatarrh.
Spijsvertering slecht, vaak verstoord ; verlies van eetlust ; druk in de maag ; diarree afwisselend met constipatie ; aambeien bloeden overvloedig ; menstruatie te overvloedig, aanhoudend acht tot tien dagen ; scheurende pijnen in hoofd, tanden en ledematen bij temperatuurverandering ; tandvlees gezwollen, bloedend ; vaak pijn in de keel ; soms jeuk over het hele lichaam en uitslag van kleine puistjes ; ogen rood, ontstoken ; aardkleurig gezicht ; moedeloosheid.
Braakt al haar voedsel ; pijnlijke gewaarwording van leegte in de maag ; slaap onderbroken en niet verkwikkend ; geconstipeerd, ontlasting knobbelig en moeilijk, is sinds twee jaar nauwelijks zonder een klysma ontlast geweest ; urine troebel, stinkend, een harde korst die moeilijk van het vat af te schrapen is.
Sinds enige tijd druk in de maag, en trekkend gevoel van de maag door de rechter borst naar de schouder, een uur na het eten ; > door haar kleding losser te maken en op te boeren ; appetijt goed ; geen dorst ; hypochondrie ; valt laat in slaap ; droomt voortdurend en voelt zich 's morgens niet verkwikt ; wordt gemakkelijk moe ; voelt zich < bij sneeuwweer.
De spijsvertering wekt hitte en hartkloppingen op.
Kloppen in de maagkuil ; zure maag ; vurige zigzag voor de ogen ; metaalachtige smaak in de mond ; kraken in knie- en enkelgewrichten en pijnlijk kraken in het achterhoofd.
HYPOCHONDRIEËN [18]
In de leverstreek : volheid ; drukkende pijn ; beurse pijn ; doffe steken ; frequente steken ; steken bij het rijden.
Steken in het linker hypochondrium.
Pijn in de lever na beweging.
Gevoel in de hypochondrieën alsof de ribben gebroken waren en scherpe punten in het vlees staken.
Gevoel alsof een riem zo breed als haar hand strak om haar middel was aangetrokken, 's avonds, na het avondeten.
Doffe, zeurende pijn rondom het hele lichaam en gevoel alsof iets hards zich door de lever boorde ; spasmen in de lever, die de adem doen stokken ; volheid alsof het zou barsten, > door urineren.
Leverneuralgie, met grote neerslachtigheid ; zwaarte, volheid en beklemming in de leverstreek.
Stekende, drukkende pijnen in de leverstreek, zich vandaar uitstrekkend naar de streek van de rechterschouder ; blaastenesmus ; gele vlekken op het voorhoofd en over de neusbrug ; roodbruine urine, bevattend een dik, witachtig-geel slijm ; zwaar gevoel boven de ogen en in de nek ; uterus in anteflexie.
Aanhoudende koortsachtige toestand ; zeer zwak, bedlegerig ; uiterste neerslachtigheid en prikkelbaarheid van het humeur ; hoofdpijn in het achterhoofd ; plotselinge overmatige eetlust, maar eet slechts een kleine hoeveelheid ; twee of drie ontlastingen dagelijks en een of twee 's nachts, van normale consistentie, maar kleikleurig en stinkend ; achtereenvolgende uitbraken van furunkels op de billen ; aan de rechterzijde van het abdomen, juist onder de ribbenboog, een zeer drukgevoelige plek met voortdurende pijn ; het hele rechter hypochondrium drukgevoelig en zwaar ; zeurende pijn in de rechterschouder ; onrustige slaap ; urine heeft een roze bezinksel ; hevige zweetaanvallen 's nachts. θ Functionele stoornis van de lever.
Remitterende koortsachtige toestand met avondlijke exacerbaties, geen kouderillingen, pols om 11 uur 's morgens 96 ; zeurende zwaarte en gevoeligheid in het rechter hypochondrium, en onbehaaglijk gevoel en zeurende pijn in r. schouder en schouderblad ; wangen blozend ; voorhoofd en conjunctivae geel ; onregelmatige gele vlekken op het voorhoofd ; matheid ; ledematen en rug doen pijn ; hardnekkige constipatie ; hoofdpijn in het achterhoofd ; gebrek aan eetlust, afkeer van vet en melk ; dorst ; tong slap en met tandindrukken ; grote winderigheid na het eten ; onrustige slaap ; droge, hete huid ; schaarse urine, rijk aan uraten. θ Functionele stoornis van de lever.
Een vrouw die aan galstenen onderhevig is, twee aanvallen van rillingen, de laatste om 3 uur 's morgens, gevolgd om 7 uur 's morgens door pijn in de lever, die daarna naar de maag en milt en rondom naar de rug trok ; lever > door erop te liggen ; pijn > door oprispingen, zij heeft het gevoel dat het beter zou zijn als zij winden naar beneden kon laten afgaan.
Geelzucht, met pijn in de leverstreek.
Geelzucht, met stekende pijnen in voorhoofd, epigastrium en lendenen ; scheurende pijnen in knieën en voeten ; kan 's nachts niet slapen, moet voortdurend de stand van de benen veranderen ; matheid ; grote dorst ; urine kleurt geel af.
Mevr. R., æt. 51, zwart haar en mager, heeft sinds drie maanden geelzucht ; is sinds enkele weken bedlegerig ; toen zij zeventien jaar eerder zwanger was, had zij gedurende enkele maanden dezelfde aandoening ; slechte eetlust ; geen dorst ; dagelijks ontlasting, witachtig ; urine als donkere thee, met groenachtig bezinksel ; slaapt slecht en heeft moeite met inslapen ; warmte, zweet en trekkingen, vooral in bed ; lever sterk vergroot, glad en niet gevoelig ; ongeveer om de twee weken een aanval van galkoliek ; zij ligt op haar rug ; ziet er ellendig uit, gezicht geelgrijs, apathisch en zwijgzaam.
ABDOMEN EN LENDEN [19]
In het abdomen : leegtegevoel ; slap gevoel, na de ontlasting ; gevoeligheid en pijn alsof de menstruatie zou doorbreken ; pijn en zwaar gevoel bij het opstaan in de morgen ; pijn en drukgevoeligheid ; zwaar gevoel ; gevoel van een last, tijdens bewegen ; trekkende, gespannen druk ; neerdrukkend gevoel bij de menstruatie ; gevoel van opeendringen en naar beneden drukken ; druk alsof alles door de vulva naar buiten zou komen ; drukkend ; snijdend ; stekend ; brandend ; koud gevoel.
Gevoel van neerdrukken van alle bekkenorganen.
Bekkenklachten gedurende de nacht, > door op een van beide zijden te liggen, met de benen opgetrokken tegen de dijen en de dijen tegen het abdomen.
Klachten in de hypogastrische streek als van een overvolle urineblaas ; < zitten en liggen, > bij rondlopen.
Ernstige bekkenpijn, beginnend in het sacrum, naar voren en omlaag trekkend tot in de rechterknie.
Neerdrukkend gevoel in de bekkenstreek, met zeurende trekkende pijn vanuit het sacrum ; uitstralende pijn in de lendenen en langs de dijen omlaag.
Frequente aanvallen van samentrekkende pijn in de rechterzijde van het abdomen, < in de morgen ; hierop volgt een meer beklemmende pijn in de maag ; vandaar strekt de pijn zich uit naar de borst ; > door oprisping.
In de rechterzijde van het abdomen ; hevige steken ; drukkende pijn.
Opzetting van het abdomen ; opgeblazen na het middagmaal ; luid gerommel ; opzetting van het onderste gedeelte.
Gevoel alsof er iets vastkleeft in het abdomen, met hik.
Krampachtige samentrekkingen in het abdomen, met vreselijk neerdrukkend gevoel.
Flatulentie door gebrek aan gal ; abdomen zeer sterk opgezet na het geringste beetje voedsel ; verstopping.
Koliek : met sterke opzetting en gevoeligheid van het abdomen ; terugkerend tegen de avond ; koliek en flauwte vóór de menstruatie.
Dikbuikigheid bij moeders.
Gevoeligheid van het abdomen bij zwangere vrouwen.
Vele bruine vlekken op het abdomen ; chloasma.
Neuralgie van de plexus mesogastricus ; brandende, borende pijnen ; abdomen sterk gezwollen en zeer gevoelig bij aanraking ; vreselijke angst ; de aanvallen kwamen tegen de avond op.
Pijn in het abdomen, > door hete flanellen ; verlies van eetlust ; kan niet altijd vast voedsel doorslikken, moet het weer uit de mond nemen ; rijden veroorzaakt pijn in de hypochondrieën, het abdomen en de lumbale streek, met verlangen om te gaan liggen ; vol gevoel van het abdomen tot in de keel ; komt op van 11 uur 's morgens tot 1 uur 's middags, en houdt dan de hele dag aan ; > door rust.
Vermeende tænia ; klaagt meerdere malen per dag over een rollend gevoel in het abdomen, alsof daar iets levends aanwezig was, met krampachtig knijpen in de precordiale streek ; daarna stijgt het omhoog in haar keel ; de tong wordt stijf ; zij verliest haar stem, en het hele lichaam wordt stijf ; geen eetlust ; abdomen altijd gespannen ; ontlasting onregelmatig ; menstruatie pijnlijk, schaars, onregelmatig.
Leeg, uitgeput gevoel in het epigastrium, vaak voorkomend bij patiënten met lintworm.
ONTLASTING EN RECTUM [20]
Ontlasting : geleiachtig, met koliek en tenesmus ; groen slijm ; zuur riekend ; uitputtend ; bloederig ; sijpelt bijna voortdurend uit de anus ; snel uitgedreven ; frequent ; niet overvloedig ; foetide ; zuur ; verrot ; witachtig ; grijs.
Diarree, < na het drinken van melk ; snelle uitputting.
Lozing van bloed met de ontlasting.
Vóór dunne ontlasting : misselijkheid ; koliek.
Tijdens dunne ontlasting : prolapsus ani ; schokkende pijnen van de anus omhoog door het rectum.
Na dunne ontlasting : uitputting ; zwakte ; prolapsus ani.
Gevoel als van een gewicht in de anus, tijdens de ontlasting en nog een uur erna.
De ontlasting heeft een verrotte, zurige, foetide geur, wordt plotseling uitgedreven en komt in haar geheel in één keer.
Zomerdiarree, ingevallen ogen en gelaat ; vermagering ; warmte van de handpalmen en voetzolen, groene ontlasting, maar weinig pijn.
Pijnloze diarree, sinds drie weken bestaand, vier of vijf ontlastingen in vierentwintig uur ; ontlastingen donkerbruin, papperig, zeer onaangenaam riekend, komen zeer plotseling ; verlies van appetijt, tong dik beslagen ; frequent opboeren, vooral na het eten ; meteorisme.
Pijnlijke diarree van verscheidene jaren duur, extreme vermagering ; sterke stoornis van de spijsverteringsorganen ; het gehele zenuwstelsel zeer terneergeslagen.
Chronische diarree bij vrouwen die lijden aan leucorrhoea, hysterie, hysterische hemicranie, sudor hystericus, voorbijgaande hitteopwellingen, frequente rillerigheid, vooral tijdens de ontlasting, en bij wie de gehele gelaatsuitdrukking op uteriene stoornis wijst.
Ontlasting onvoldoende, vertraagd, als schapenmest.
Pijn in het rectum tijdens en lang na de ontlasting ; onwillekeurig persen.
Constipatie : tijdens de zwangerschap ; trage en moeilijke lozing zelfs van zachte ontlasting ; ontlasting hard, knobbelig, onvoldoende, schaars, als schapenmest ; ontlasting moeilijk, met slijm bedekt ; ontlasting vertraagd met bloedafgang ; bij zwangere vrouwen en bij kinderen bij wie door overmatig persen manuele hulp moet worden verleend ; met dyspepsie en chronische aandoeningen van de maag ; chronisch of hardnekkig, vooral na falen van Nux vom. en Sulph. ; vooral bij vrouwen, of bij personen die aan rheumatisme onderhevig zijn ; bloedafgang met de ontlasting.
Tijdens geconstipeerde ontlasting : pijn in het rectum die zich uitstrekt tot perineum en vagina ; schietende en scheurende pijn in het rectum en aan de anus ; prolaps van de anus ; gevoel van zwaarte aan de anus ; vreselijk persen om ontlasting te krijgen, die met slijm bedekt is ; bloederige afscheiding.
Na geconstipeerde ontlasting : gevoel van zwaarte aan de anus ; aambeien.
Chronische constipatie sedert veertig jaar, bij een dame æt. 76, was zo ingeworteld geworden dat zij nooit een natuurlijke ontlasting had.
Geen ontlasting behalve onder invloed van purgeermiddelen ; geen stoelgang gedurende verscheidene dagen ; abdomen gezwollen ; congestie naar het hoofd ; grote traagheid van het darmkanaal.
Aambeien : pijnlijk leegtegevoel in de epigastrische streek ; tere en gevoelige huid ; uitpuilen van varices en van het rectum, met moeilijke mictie ; hitte, branden en zwelling van de anus wanneer de aambeien niet uitpuilen, defecatie buitengewoon pijnlijk, doordat de ontlasting eerder klein is, vernauwd door de verminderde caliber van de anus ; soms is de fecale massa driehoekig en zeer pijnlijk ; voortdurend sijpelen van vocht uit de anus ; steken en schokken van de anus omhoog in het rectum en het abdomen.
Pijn in het rectum : uitstralend naar de genitaliën ; als door samentrekking ; brandend, de gehele dag ; gevoeligheid ; steken.
Jeuk in rectum en anus.
Prolaps van het rectum, < door roken.
Kanker van het rectum.
Gevoel van zwaarte of van een bal in de anus, niet > door ontlasting.
Gevoeligheid van de anus.
Congestie naar de anus spoedig na het middagmaal.
Hitte, branden en zwelling van de anus.
Constringerende pijn in het rectum die zich uitstrekt tot perineum en in de vagina ; pijn in het rectum bij het naar de ontlasting gaan, houdt nog lang aan na het gaan zitten, en uiteindelijk wordt een onvolledige ontlasting geloosd, met rauwe, schrijnende pijn, zwaarte in de anus, als een voortdurende trekkracht. θ Fissuur van de anus.
Anus omgeven door een ring van condylomata.
Uitdrijving van ascariden.
Sijpelen van vocht uit het rectum ; gevoeligheid tussen de billen.
URINEWEGEN [21]
Gevoel alsof de blaas vol was en de inhoud over de schaamstreek naar buiten zou vallen, met voortdurende neiging die terug te drukken.
Druk op de blaas; met branderigheid na de mictie, 's avonds; 's morgens, met aandrang om te urineren, waarbij de urine pas na verscheidene minuten wachten afgaat; en frequente mictie met spanning van de onderbuik.
Branderigheid in de blaas en het voorste deel van de urinebuis.
Schrijnen in de urinebuis.
Vaak en sterke aandrang om te urineren, met pijnlijk drukkend gevoel naar beneden in het bekken, 's morgens; sensatie gelokaliseerd in de blaashals; moet 's nachts vaak opstaan.
Urine: helder als water; dik, slijmerig, onaangenaam riekend, met een gelige, pasteuze bezinking; met veel wit bezinksel, foetide; troebel en donker, alsof met slijm vermengd; schaars, met rood bezinksel; zuur riekend; sterk gekleurd, ziet eruit als baksteenpoeder; donkerrood; afzetting van een witte, aanklevende vlieslaag; troebel, kleikleurig, met roodachtig bezinksel; bloedrood, met wit bezinksel en een vliesje op het oppervlak; met donkerbruine bijmenging; lithiasis.
Incidentele steken langs de urinebuis.
Aandrang om te urineren door druk op de blaas.
Onwillekeurige lozing van urine 's nachts, vooral tijdens de eerste slaap. θ Enuresis.
Slijmerige afscheiding periodiek, niet bij elke mictie; soms verstoppen stukjes gestold slijm de urinebuis.
Schrijnen in de urinebuis bij het urineren.
Moeite met urineren, vooral 's morgens, een gevoel alsof er druppels uit de blaas kwamen.
Druk op de blaas en frequente mictie met spanning in de onderbuik.
Hinderlijk jeukend gevoel in de blaasstreek, met aandrang om te urineren, vooral 's nachts.
Alleen gedurende de nacht komt er een druppel of wat uit de urinebuis, waardoor het linnengoed gelig bevlekt raakt.
Stekende pijn in de vrouwelijke urinebuis.
Afscheiding van slijm uit de urinebuis, niet bij elke urinelozing, maar periodiek.
Tijdens en na de mictie rillerigheid en hitte in het hoofd.
Hevige brandende en snijdende pijn bij het urineren.
Moeite met urineren, vooral 's morgens.
Het bed is nat bijna zodra het kind in slaap valt, altijd tijdens de eerste slaap.
Binnen twee uur na het naar bed gaan treedt tijdens de eerste slaap urineverlies op.
Nachtelijke enuresis: jongens met lichte teint; bij onanisten.
Voortdurende druk op de blaas met dringende neiging om te urineren; gevoel alsof blaas en urinewegen eruit geperst zouden worden, > door te staan of te zitten met gekruiste benen of door te liggen; als niet onmiddellijk aan de aandrang om te urineren wordt toegegeven, gaat de urine onwillekeurig af; urine schaars, soms slechts enkele druppels, soms helder, meestal dik en modderig, met een zeer aanklevend baksteenpoederbezinksel; geen pijn vóór of tijdens de urinelozing, maar onmiddellijk daarna trekt een scherpe, schietende pijn van de linkerzijde van de urinebuis naar een plek halverwege tussen borstbeen en schouder, ter hoogte van de tweede rib links; op die plek blijft voortdurend een beurse pijn achter, gevoelig voor aanraking of druk; de slaap is 's nachts sterk verstoord doordat men zo vaak als om het halfuur moet urineren; droomt van urineren en bemerkt bij het ontwaken een dringende behoefte daartoe; zwakte en zeurende pijn in de lendenen. θ Prikkelbare blaas.
Zeer dringende aandrang om te urineren en moeizame urinelozing de hele dag door en verscheidene malen elke nacht, maar vooral gedurende enige uren na het opstaan 's morgens, met een drukkend gevoel naar beneden in de blaasstreek, boven het schaambeen; voortdurende pijnlijkheid door de gehele urinebuis, blaas en vagina; pijnlijke plek links van het schaambeen, boven het ligament van Poupart, nabij de ovariumstreek, vooral drukgevoelig; deze pijnlijkheid verdwijnt plotseling voor een dag of twee, keert terug en is het hevigst tijdens de menstruatie, wanneer de gehele blaas- en baarmoederstreek brandt en zeurend pijnlijk is; voortdurend kietelend gevoel in de blaas; er schijnt iets in de blaas te bewegen als een worm en veroorzaakt kieteling; subjectief gevoel van vergroting van de blaas, die van de ene naar de andere kant lijkt te vallen; de menstruatie verschijnt regelmatig maar is zeer pijnlijk, met drukkend gevoel naar beneden; de vloeiing is overvloedig, het bloed lichtrood zonder stolsels; de pijnen lijken op baringsweeën, zij is genoodzaakt zich met de voeten schrap te zetten; deze toestand duurt twee dagen, waarna de pijnlijkheid vooral aan de linkerzijde terugkeert; neerslachtig van stemming door de kwellende drang om te urineren, die haar belet het huis te verlaten; slaapt goed maar heeft nare dromen; voelt zich helder bij het ontwaken totdat zij opstaat om vervolgens gekweld te worden door voortdurende aandrang urine te lozen; de eetlust is goed maar voedsel veroorzaakt druk op de maag, met vaak volheid in het epigastrium; later dorst; benauwdheid van de ademhaling, die soms met zuchten gepaard gaat. θ Chronische cystitis en prikkelbaarheid van de blaas.
MANNELIJKE GESLACHTSORGANEN [22]
Vermeerderd seksueel verlangen met zwakte van de geslachtsdelen ; overvloedig zweet, vooral op het scrotum ; jeuk rondom de geslachtsdelen.
Aanhoudende erecties 's nachts.
Na cohabitatie : grote zwakte ; zwakte in de knieën ; branden in de urinebuis.
Nachtelijke zaadlozingen met seksuele dromen ; grote moedeloosheid ; gevoelig voor koude, vochtige lucht, die hem door en door verkilt.
Tijdens cohabitatie onvoldoende erectie en maar weinig wellustprikkel ; erna grote zwakte.
Zwakke en waterige zaadlozingen.
Na zaadlozing branden in het voorste deel van de urinebuis, slap en slaperig.
Zaadlozingen na onanie ; moedeloosheid, verslapping van het lichaam.
Zeer verzwakkende zaadlozingen bijna elke nacht ; veelvuldige eenzijdige steken in het voorhoofd ; voortdurend onaangename zoetige smaak in de mond, die altijd droog is, maar zonder veel dorst ; ontlasting hard ; pijn in de buik zodra aandrang tot ontlasting wordt gevoeld ; gevoel van vermoeidheid en onrust in de benen, vooral in de kuiten.
Snijdende pijn in de testikels.
Zwelling van het scrotum.
Voorhuid ulcereert en jeukt voortdurend ; kloven in de voorhuid.
Indolente chancres ; op eikel en voorhuid.
Brandende, jeukende, vochtige of schilferige herpes præputialis ; kloofjesachtige herpes, met een cirkelvormige afschilfering van de huid.
Uitslag op de eikel.
Jeuk en droge uitslag op de geslachtsdelen.
Overvloedige gelig-witte afscheiding uit de urinebuis. θ Gonorrhœa.
Gonorrhœa nadat de acute symptomen zijn afgenomen ; urine is zwaar beladen met uraten, kleurt alles rood en werkt vaak excorierend en is zeer foetide, geassocieerd met prostatitis.
Gleet : geen pijn, afscheiding alleen gedurende de nacht, een druppel of zo die het linnen gelig bevlekt ; gelige afscheiding, geen branden bij het urineren ; pijnloos, sinds anderhalf jaar bestaand, opening van de urinebuis 's morgens aan elkaar gekleefd ; vooral waar de geslachtsorganen verzwakt zijn door langdurig voortbestaan van de ziekte of door veelvuldige zaadlozingen ; van twee jaar duur.
Condylomata die de eikel van de penis volledig omringen.
VROUWELIJKE GESLACHTSORGANEN [23]
Onvruchtbaarheid.
Geslachtsgemeenschap is niet te verdragen.
Rukkende pijnen in de vagina van onder naar boven, 's morgens bij het ontwaken.
Samentrekkende pijn of bijna voortdurende steken in de vagina.
Drukgevoeligheid van de geslachtsdelen bij aanraking.
Roodheid, zwelling en jeukende eruptie van de binnenste schaamlippen.
Veertien jaar getrouwd zonder zwanger te worden; onregelmatige en schaarse menstruatie, gevolgd door leucorrhoe; misselijkheid, afkeer van voedsel; vaak aandrang om te urineren; een drukkende naar beneden trekkende of trekkende pijn in de lendenstreek; pijn in de linkerzijde van het gezicht, geneigd te huilen en het huwelijksleven als leeg te beschouwen.
Druk en zwaar gevoel of doffe, zware pijn in de eierstokken.
Congestie; stekende pijn in de eierstok; pijn in de eierstokstreek die naar buiten en naar achteren loopt.
Neuralgie van de eierstokken en adnexen; stekende of brandende pijnen.
Verharde eierstokken.
Verharding van de baarmoederhals.
Waterzucht van de baarmoeder.
Ulceratie en congestie van de baarmoedermond en cervix uteri.
Verharding van de cervix uteri, met stekende pijnen die omhoog uitstralen.
Gedurende drie of vier maanden vóór de laatste bevalling leed zij aan sterke opzetting van het abdomen met pijn en gevoeligheid; een maand vóór de bevalling weeachtige pijnen met afscheiding van sereus vocht; de pijnen namen af en kwamen daarna om de drie of vier dagen terug tot aan de bevalling; denkt dat zij in vier weken ten minste drie gallons vocht moet hebben verloren; kind leefde nog; na zeven maanden grote uitzetting van het abdomen met druk en neerwaarts dringen, vooral bij lang staan of zitten, een gevoel alsof de inhoud door de uitwendige geslachtsdelen naar buiten zou komen; algemene gevoeligheid door de darmen; incidentele afscheidingen van sereus vocht, gelijk aan die vóór de bevalling, die met kracht naar buiten gutsten; gevoel van gevoeligheid in de baarmoeder en uitwendige geslachtsdelen; schaarse, hooggekleurde urine, met frequente aandrang en onwillekeurige lozing bij hoesten of niezen; schietende, prikkende pijnen door heupen en zijden, soms doorschietend naar de bekkenbeenderen; pijnen in de rug en aan het uiteinde van het sacrum; algemene zwakte; gemakkelijke transpiratie bij de geringste inspanning; nachtzweten; soms hitteopwellingen 's nachts gevolgd door rilling; slechte eetlust; losse ontlasting, verscheidene dunne stoelgangen per dag; baarmoederhals laag in het bekken, bijna zo groot als in de achtste maand van de zwangerschap. θ Hydrometra.
Brandende, schietende, stekende pijnen in de baarmoederhals.
Aanhoudend gevoel van drukken in de vagina; kruist de benen om prolapsus te voorkomen.
Pijnlijke stijfheid in de baarmoederstreek.
Druk in de baarmoeder, veroorzakend benauwdheid van de ademhaling; neerwaartse druk alsof alles eruit zou vallen, gepaard gaand met pijn in het abdomen; zij moet haar benen kruisen om uitstulping van de vagina te voorkomen, toch puilt er niets uit, toename van geleiachtige leucorrhoe.
Prolapsus uteri, met neiging van de fundus naar de linkerzijde, teweegbrengend een doof gevoel in de onderste helft van de linker lichaamszijde; doffe zeurende pijn; pijn in de bekkenstreek, enigszins > in liggende houding, vooral liggend op de rechterzijde; drukgevoeligheid van de baarmoedermond.
Acne in het gezicht < vóór de menstruatie; transpireert gemakkelijk, handen vochtig, transpiratie met sterke geur, niet weg te nemen door wassen; urine met zeer onaangename geur en met bezinksel dat aan de pot blijft kleven; bijna voortdurende hevige rugpijn met pijnen door beide eierstokstreken, < links; frequente hoofdpijn en stekende pijn in de vagina. θ Verplaatsing van de baarmoeder.
Frequente aandrang om te urineren, met schaarse lozing; trage stoelgang hoewel zacht; volheid en druk in het bekken; druk naar de geslachtsdelen alsof alles eruit zou vallen; abdomen opgeblazen alsof zwanger; baarmoeder verzakt, vaginale portio liggend tussen de uitwendige schaamlippen; os uteri open.
Vaginale portio van de baarmoeder gezwollen, droog, uitpuilend tussen de schaamlippen; os uteri open, laat de top van de wijsvinger toe, interne os gesloten; het lichaam van de baarmoeder vult het bekken; pogingen tot manuele repositie vergeefs; in de twaalfde week van de zwangerschap.
Twee maanden geleden bevallen; baarmoeder aan de vulva; niet in staat overeind te zitten, bij poging daartoe hevig neerwaarts dringen; vermagering; verlies van eetlust; leeg, doods gevoel in het epigastrium; gevoel van zwaarte in het rectum niet > door stoelgang; kleiachtig bezinksel in de urine; koorts in de namiddag.
Gelaat bleek; gele vlekken in het gezicht en zadelvormige verkleuring over de neus; elke morgen bij het ontwaken bonzende hoofdpijn die de hele dag aanhoudt; zeer frequente drang om te urineren; abdomen was van nature zeer groot en zij werd erg gehinderd door gerommel in het abdomen; alle soorten voedsel vielen slecht, veroorzaakten bittere oprispingen; vol gevoel na het eten; volledige procidentia met afschuwelijk neerdringend gevoel, > door de benen te kruisen.
Sedert twee jaar hoest en pijnen in de linkerlong; moedeloos, verdrietig, denkt dat zij niet zal herstellen, is korzelig en prikkelbaar, vooral 's morgens; afwisselend gevoel van branden en koudheid (als ijs) op de kruin; voortdurende doffe hoofdpijn in het voorhoofd, is onderhevig geweest aan migraine, gewoonlijk centreert de pijn zich boven het linkeroog; leeg, uitgeput gevoel in de maagkuil; verlies van eetlust, zelfs de geur van koken valt slecht; constipatie; snijdend en brandend tijdens de mictie; urine zet een kleiachtig bezinksel af dat hardnekkig aan de pot kleeft; menstruatie onregelmatig wat tijd en hoeveelheid betreft; leucorrhoe het overvloedigst vóór en na de menstruatie, gelig van kleur; steken in de cervix uteri; neerdringende pijn, alsof alles zou uitpuilen, zij moet gaan liggen of haar benen kruisen; hoest droog en hakkend, het meest 's morgens, geen expectoratie; steken naar het linker schouderblad, < door hoesten, inademen, aanraking, > door zachte druk; zwakte van de rug, hij bezwijkt bij lopen; veel hitte en pijn in het sacrum; alle symptomen < 's morgens, > 's avonds. θ Prolapsus uteri.
Algemene gezondheid sterk aangetast; zenuwen verzwakt; voortdurende pijn in de rug en bekkenstreek; uiterst pijnlijke menstruatie; algemene neerslachtigheid; is ervan overtuigd dat niemand haar geval begrijpt en dat zij niet genezen kan worden; uterus retrovert, os uteri hoog tegen de symphysis pubis gedrukt, fundus laag in de holling van het sacrum; de geringste poging om het orgaan te reponeren gaf zó hevige pijn dat alle zulke pogingen vergeefs waren.
Gevoel van zwaarte in het rectum niet > door een ontlasting en een gevoel dat de benen gekruist moeten worden om te verhinderen dat alles uit de vagina wordt geperst.
Prolapsus: van de baarmoeder; van de vagina; met constipatie.
Pijn in de baarmoeder, neerdringend, komt van de rug naar het abdomen, veroorzaakt benauwdheid van de ademhaling; kruist de benen om uitstulping van de delen te voorkomen.
Steken of schietende, lancinerende pijnen, vooral in de baarmoederhals, stijgen op naar de navel en de maagkuil.
Baarmoederpijnen zeer hevig; de baarmoeder voelt alsof zij krampachtig wordt vastgegrepen en dan plotseling verslapt, waardoor misselijkheid ontstaat.
Metrorragie, tijdens de climacterische leeftijd of tijdens de zwangerschap, vooral in de vijfde en zevende maand.
Menstruatie elke vier weken, zeer overvloedig gedurende vijf dagen, donker, slijmerig, 's nachts in bed en in de slaap overvloediger vloeiend; twee weken tevoren voorafgegaan door hevige pijn in de lendenen; tijdens de catamenia een doffe, misselijk makende pijn in de schaamstreek, met neerdringende pijn en verergering van die in de rug, die > is door de vloed wanneer deze zeer overvloedig is; na de menstruatie leucorrhoe, geel en dik en gedurende twee weken pijn in de lendenen. θ Metrorragie.
Vóór de menstruatie: verdrietigheid; scherpe leucorrhoe; vooral bij jonge vrouwen; hevige koliek, de hele dag rillingen over het hele lichaam; gevoel alsof de vulva vergroot was en gevoeligheid in het perineum.
Manie door overvloedige menstruatie.
Dysmenorroe bij vrouwen met schaarse menstruatie; eenzijdige hoofdpijn; zwakte van de ogen; misselijkheid; constipatie.
Menstruatie regelmatig maar vergezeld van hemicranie, misselijkheid en braken, en grote prostratie, zodat zij moet gaan liggen.
Tijdens de menstruatie: verdrietigheid; tandpijn; hoofdpijn; verduistering van het zien; hevige druk in het voorhoofd, met afscheiding van proppen uit de neus; bloeding uit de neus; pijnlijke ledematen; scheurende pijn in de tibia; koliekpijnen.
De dag vóór de menstruatie frequente rillerigheid en druk in het abdomen; de voorafgaande nacht droge hitte in het lichaam, onrustige slaap, met veelvuldig opschrikken en gillen; 's morgens krampachtig trekkend gevoel omlaag langs de dijen; enige uren vóór het verschijnen van de menstruatievloed wordt de druk in het abdomen een hevige pijn in de navelstreek alsof de darmen tot een klomp werden samengetrokken; valt vaak flauw, en de pijn houdt aan totdat de menstruatie verschijnt; na de menstruatie milde leucorrhoe. θ Dysmenorroe.
Menstruatie: te laat, schaars; te vroeg, schaars; voorafgegaan door
hevige zeurende pijn in het abdomen; veroorzakend flauwte, rillerigheid en huiveren; acht dagen te vroeg, schaars, alleen 's morgens verschijnend; een week te vroeg en slechts één dag durend; vijf dagen te laat; regelmatig, maar schaars en de vloed donker; alleen 's morgens.
Onvoldoende of vertraagde menstruatie bij zwakke vrouwen met donkere gelaatskleur, fijne, tere huid en uiterste gevoeligheid voor alle indrukken.
Schaarse menstruatie voorafgegaan door abdominale klachten, rugpijn en hartkloppingen; constipatie met ongemak in het rectum; jeukende papuleuze eruptie op kin, wangen en slapen.
Sedert vijftien maanden pijn in de nieren, lichte leucorrhoe, onvoldoende menstruatie, weinig eetlust, moeilijke spijsvertering, overvloedige transpiratie van handen en voeten, kouwelijkheid van de onderste extremiteiten.
Grote matheid en vermoeidheid; verlies van eetlust; oprispingen van wind; verstoorde slaap; moedeloosheid; druk in de maag tijdens het eten; nijpende pijnen in het epigastrium, uitstralend naar de schaamstreek; menstruatie zeer onregelmatig, schaars, in twaalf maanden slechts driemaal verschijnend; gevoel alsof iets zwaars zich uit de vagina naar buiten zou persen; gele vlekken in het gelaat en op het voorhoofd; cervix uteri breed en dik maar niet gevoelig voor druk.
Amenorroe: op de puberteitsleeftijd of later; door verkoudheid; bij chlorotische vrouwen; bij zwakke vrouwen met tere, dunne huid.
Amenorroe: elke acht tot veertien dagen in namiddag en avond hevige brandende en stekende pijnen in het midden van de borst < door diep inademen, enkele uren aanhoudend; matheid; hartkloppingen bij snel lopen of traplopen; bittere smaak; verlies van eetlust; constipatie; gevoel van volheid en soms snijdende pijnen in het abdomen.
Wanneer de menstruatie uitblijft bij moeders die geen borstvoeding geven; het abdomen blijft zeer groot.
Sedert drie jaar in plaats van menstruatie overvloedige leucorrhoische afscheiding.
Amenorroe en overvloedige geelachtig-groene leucorrhoe.
Tussen de menstruaties een eigenaardige onaangename transpiratie (sudor hystericus), met scherpe, onaangename transpiratie in de oksels en op de voetzolen.
Drukgevoeligheid van de vagina; pijnlijke coïtus; bloed uit de vagina na coïtus.
Leucorrhoe van een gelig, excorierend karakter, soms gepaard gaand met een branderig gevoel; hitte en pijn in het sacrum; menstruatie vuilbruin van kleur; onaangename mucopurulente sputa; abnormale neusafscheiding. θ Vaginitis.
Vaginitis bij een blond kind, 5 jaar oud.
Brandende pijn in het rectum, zij kon nauwelijks op een stoel zitten, dezelfde pijn in de vagina en aan de vulva; geconstipeerd, hoofdpijn, duizeligheid.
Grote droogheid van vulva en vagina, veroorzakend een zeer onaangenaam gevoel bij het lopen, na ophouden van de menstruatie.
Difteritische ulcera in de vagina en op de labia.
Bruinroodachtige kleur van de vagina.
Roodheid, zwelling en jeukende eruptie op de binnenste schaamlippen.
Pijnlijkheid en roodheid van de schaamlippen, in het perineum en tussen de dijen.
Pruritus vulvae.
Lastige en hevige jeuk van de vulva, met puistjes overal eromheen; pijnloze blaasjes op de uitwendige delen van de vulva.
Hevige jeuk van de vulva; schaamlippen gezwollen met vochtige eruptie.
Leucorrhoe: bloederig, slijmerig; gelig; geel; als melk; vooral overvloedig na het urineren; overvloedig klonterig, foetide slijm; scherp, met pijnlijke schaamstreek; als pus uitziend; helder als water; groen-rood; tijdens de zwangerschap; geel of groenachtig water; van kwalijk riekende vloeistoffen; in de climacterische periode; in de puberteit; met steken in de baarmoeder; met jeuk van vulva en vagina; < wanneer zij frequente oprispingen en kokhalzen heeft, gelaat bleek; vooral overvloedig na het urineren, na een poging tot braken; alleen overdag, met brandende pijn; pijn bij het lopen wegens rauwheid; met neerdringen in het bekken; stekende pijn in de eierstokstreek; frequente aandrang om te urineren; jeuk in de geslachtsdelen; met steken in de baarmoederhals; verschrikkelijke pijn tijdens coïtus; tussen de menstruaties; in stoten afgaand.
Gonorroe bij vrouwen nadat de acute symptomen zijn afgenomen.
Dikke gele, scherpe leucorrhoe overdag, geen 's nachts; volheid, zwaarte en spanning in het abdomen; voortdurende pijnlijke druk in de zijden als van een last.
Een kind van 5 jaar, lichaam vermagerd, eetlust verdwenen, krachten snel afnemend, sedert vijftien maanden lijdend aan een onophoudelijke uitputtende leucorrhoe; de afscheiding soms dik en geelachtig-groen van kleur, soms dun en steeds zeer overvloedig, zodat zij 's nachts door het nachthemd, laken en naar beneden in de matras liep waarop zij lag.
Verharding en gevoel van vergroting in de mamma; steken; carcinoom.
Scirrheuze tumor van de rechterborst, ongeveer zo groot als een kippenei, hard, knobbelig en drukgevoelig bij aanraking; stekende pijn.
Scirrhus mammae; brandende pijn.
Plotselinge hitteopwellingen in het climacterium, met kortstondig zweet, zwakte en grote neiging tot flauwvallen.
ZWANGERSCHAP. BEVALLING. LACTATIE [24]
Neiging tot miskramen van de vijfde tot de zevende maand.
Retentie van de placenta na miskraam; uitvloed stinkend, excorierend, met recidiverende bloedingen.
Gevoeligheid van het abdomen; voelt de bewegingen van het kind al te gevoelig.
Tijdens de zwangerschap: geelbruine vlekken in het gezicht; de gedachte aan voedsel maakt haar misselijk; leegtegevoel; pijnlijk hongergevoel; braken; tandpijn; koliek; diarree; verstopping; congestie naar de borst; hartkloppingen; pijn in de mamma; zwelling van de labia; te gemakkelijk urineverlies; weeënachtige pijnen in de zevende maand; losse ochtendhoest.
Vreselijke jeuk van de vulva, abortus veroorzakend.
Bevalling: ostium half geopend, pijn onvoldoende, drukgevoeligheid van de anterieure lip van de mond van de uterus, pijn boven de pubes, alsof alles eruit zou komen; rillen bij de pijnen, kan ze beter verdragen > wanneer warm toegedekt; schietende pijnen in de hals van de baarmoeder; verhard ostium uteri, dyspneu; krampachtige samentrekking van het ostium; talrijke fijne, naaldachtige, schietende pijnen, omhoogschietend vanuit de hals van de uterus; hitteopwellingen; koude voeten; zandlopervormige samentrekking; voortdurend gevoel van zwaarte in de anus; pijn die omhoogschiet in de vagina; pijn vooral in de rug gevoeld; ernstige drukkende of persende pijn in de rug, optredend in regelmatige paroxysmen.
Stinkende, excorierende lochia; zeer langdurig.
Tepels over de kruin dwars gebarsten, bloedend en pijnlijk, voorafgegaan door jeuk.
STEM EN STROTTENHOOFD. LUCHTPIJP EN BRONCHIËN [25]
Reflexmatige of sympathische afonie ten gevolge van functionele of organische ziekte van de baarmoeder.
Heesheid : met kieteling in het strottenhoofd en de bronchiën ; met coryza en droge hoest door een kietelende prikkeling in de keel.
Gevoel van droogheid in het strottenhoofd.
Ruwheid en pijnlijkheid van het strottenhoofd en de keel.
ADEMHALING [26]
Benauwdheid op de borst en kortademigheid bij het lopen.
Ernstige benauwdheid op de borst, tegen de avond.
Na gemoedsbewegingen raakt men buiten adem en krijgt men hartkloppingen.
Ontwaakt 's morgens met hevige dyspneu, met zweet bedekt.
Benauwdheid op de borst en koud zweet.
Wordt plotseling uit een diepe slaap gewekt door astma.
Ademhaling < na de slaap.
Kortademigheid, < na lang zitten, vooral in gebukte houding en na beweging ; loopt snel zonder enige dyspneu te voelen, maar zodra hij stilstaat, wordt hij zo kortademig dat hij niet kan spreken en wordt hij overvallen door een gevoel van doodsangst, dat verdwijnt zodra hij weer verder loopt ; zweet zeer gemakkelijk bij de geringste inspanning ; zeer gevoelig voor koude wind ; kleding drukt na het eten ; zeer licht prikkelbaar.
Hevige kortademigheid, die haar in haar huishoudelijk werk belemmert ; zij moet tijdens het eten pauzeren om adem te halen ; na het eten druk op de maag ; benauwdheid bij het ademhalen > in de open lucht, < in de kamer, 's morgens en 's avonds ; dansen en rennen veroorzaken geen kortademigheid.
Astma : korte, gemakkelijke inademing en lange, langzame, piepende uitademing.
Krampachtig astma.
HOEST [27]
Droge hoest : vooral 's avonds, in bed, tot middernacht, vaak met misselijkheid en bitter braken ; tijdens de slaap zonder wakker te worden ; door kieteling in het strottenhoofd of in de bronchiën, tegen de ochtend ; gierend en verstikkend, met pijn in de maagkuil en schrapende, schrijnende pijn in het strottenhoofd, niet gevoeld bij het doorslikken van speeksel ; maakt haar niet wakker uit de slaap, maar na het ontwaken wordt zij zeer hevig en continu ; kort, schijnt uit de maag te komen ; hard, schokkend ; korte avondhoest, met intermitterende steken in het rechter hypochondrium, met erupties op de huid, bij vrouwen ; alsof zij uit maag en abdomen of uit constipatie voortkwam, of alsof er iets in de maag was blijven steken dat niet wilde weggaan ; na een maaltijd.
Hoest : vooral 's avonds en 's morgens, met zoute expectoratie ; met gerochel van slijm in de borst ; met expectoratie alleen 's morgens of alleen 's nachts ; alleen overdag ; maakt 's nachts wakker ; met expectoratie alleen vóór middernacht zodra hij in bed gaat, niet overdag ; korte prikkelhoest 's avonds, na het gaan liggen, met veel expectoratie van zuiver gestold bloed, eens per minuut ; maakt haar 's nachts wakker, met gevoel in de borst alsof zij hol was, en daarin schrijnend gevoel alsof rauw ; het hevigst 's avonds na het gaan liggen ; krampachtig ; ernstig, met weinig expectoratie, met weinig braken, 's avonds, wanneer men in bed ligt ; dag en nacht, daardoor pijn in de maagkuil ; grijpt borst en maag sterk aan ; door kieteling in het strottenhoofd zonder expectoratie ; elke avond, houdt niet op voordat hij een weinig slijm loshoest ; los 's morgens, met neiging tot braken ; los vooral 's nachts ; met expectoratie ; met smaak in de mond als van rotte eieren ; met gevoeligheid in de borst ; steken in borst en rug.
Hoest < : bij rust ; staan en zitten ; liggen in bed, of op de (l.) zijde ; na snel lopen ; traplopen ; doornat worden ; kou vatten ; koude vochtige lucht, zoals in kerken en kelders ; koude noordenwind ; diep inademen ; eten ; zuur voedsel en azijn.
Hoest en coryza met niezen beginnen elke ochtend vóór het opstaan en duren tot 9 uur 's morgens.
Hoest het slijm los, maar kan het niet ophoesten ; is genoodzaakt het door te slikken.
Tijdens de avondhoest na het gaan liggen kan hij het > ophoesten als hij zich van de linker- naar de rechterzijde draait.
Wanneer zij bij de hoest niet kan expectoreren, raakt zij bijna buiten adem.
Expectoratie : overvloedig ; purulent ; aanstootgevend ; foetide ; groen ; zout smakend ; alleen 's morgens.
Droge, vermoeiende hoest, opgewekt door een gevoel in de streek van de maag, en schijnbaar daarvandaan komend ; of de hoest komt, naar het schijnt, uit het abdomen.
Aandoening van de longen met hemoptoë en hoest sinds zes jaar ; > sinds het verschijnen in het gezicht van een rode papuleuze eruptie, die nu al twee jaar bestaat ; harde papulae op rode basis, zonder suppuratie, op wangen, voorhoofd, neus en kin, met hevig branden, jeuk en schrijnen, vooral bij nat, koud weer ; eetlust goed, hoewel voedsel druk in de maag veroorzaakt ; constipatie ; menstruatie te vaak en te overvloedig ; gemakkelijk uitgeput ; rugpijn ; hoest kwam opnieuw op, droog en hard, lichte expectoratie bij het opstaan in de ochtend ; voortdurende aandrang om de keel te schrapen, die aanvoelt alsof zij met slijm gevuld is, dat onmogelijk opgehoest kan worden ; drukkend gevoel door de borst na een hevige hoestaanval ; misselijkheid tijdens en na de hoest ; eruptie niet zeer dicht op het gezicht ; de hoest scheen uit de maag te komen, die aanvoelde alsof zij werd geschraapt.
Hoest en dyspneu < in droge lucht, mist, oosten- en noordenwind ; bij stormachtig weer stikt zij bijna ; bij lopen verdwijnt de dyspneu vaak ; op de linkerzijde liggen is haar onaangenaam ; zij moet liggen met het hoofd hoog, vaak zittend in bed ; een warme kamer is benauwend ; expectoratie geel of groen, met zoute smaak ; eetlust matig ; geen dorst ; urine heeft een bloedrood bezinksel ; menstruatie regelmatig maar schaars ; altijd < vóór en tijdens de menstruatie ; stemming neerslachtig en huilerig ; had vroeger hoest, blaasklachten, aambeien, geheugenzwakte en een melancholische toestand.
Elke winter catarrh met hevig hoesten ; na in de tocht te zijn geweest, kwellende droge hoest ; ernstige orthopneu, moest dag en nacht rechtop zitten, met afschuwelijke angst door een reutelen in de borst, met gevoeligheid alsof de borst rauw was ; vreest te stikken.
Kriebelhoest in bed 's nachts, vooral vóór middernacht ; krampachtig, komend in snelle schokken, tot de adem op is, daarna expectoratie van slijm, met tijdelijke verlichting.
Aanvallen van krampachtige hoest, lijkend op kinkhoest, opgewekt door kieteling in de borst, van het strottenhoofd tot de maag ; overdag zonder expectoratie, 's morgens met expectoratie van gele, groene of grijze pus, of van een melkwit, taai slijm, meestal met zoutachtige smaak.
Het kind huilt telkens wanneer het 's nachts hoest ; krijgt nauwelijks adem, doordat de hoest zo snel achtereen komt ; kokhalzen bij de hoest, tenzij het snel wordt opgenomen ; zeer prikkelbaar en kan overdag niet zoals gewoonlijk in slaap worden gebracht ; gevoeligheid in de knie- en elleboogsplooien, in de nek en achter de oren, zich snel uitbreidend en een kwalijk riekend serum afscheidend, pijnlijk bij wassen.
De hoest is voortdurend zodra het kind wordt neergelegd, vooral hevig 's nachts ; met spasme van middenrif en strottenhoofd zoals bij kinkhoest.
Kind, 8 maanden, blond en dik ; tanden komen snel door ; hoest dag en nacht, maar vooral 's nachts, met kokhalzen en volledig verlies van adem ; de hoest komt snel achtereen tot de adem op is, daarna kokhalzen en braken van slijm. θ Kinkhoest.
Plotselinge ernstige krampachtige hoest 's nachts, kan niet genoeg adem krijgen, borst vernauwd, kokhalzen, luid huilen ; vroeg in het tweede stadium. θ Pertussis.
Een arm kind dat onder de ellendigste uiterlijke omstandigheden opgroeit ; karakteristieke zweer op het frenulum linguæ ; complicatie met bronchitis en later lobulaire pneumonie. θ Kinkhoest.
BORST, INWENDIG, EN LONGEN [28]
Beklemming van de borst.
Ernstige druk in de borst, 's avonds in bed.
Gevoel van leegte in de borst.
Grote druk op de borst, meer aan de linkerzijde.
Stekende pijn in de linkerzijde van de borst en in het schouderblad, bij ademen of hoesten.
Gevoel van pijnlijkheid midden in de borst.
Vaak het gevoel alsof een mes in de top van de l. long werd gestoken en daarna werd omgedraaid, met pijn die doorschoot naar de schouder.
Jeuk en kitteling in de borst.
Volheid en druk in de borst.
Samensnoering van de borst met hoest.
Reutelen in de borst met hoest.
Borstsymptomen > door met de hand op de borst te drukken.
Brandende pijn op een vaste plek onder de rechtertepel ; jeuk aan de buitenzijde van de borst ; droge hoest bij nadenken ; pijn < lezen en denken ; zelden zaadlozingen, die de pijnen echter verergeren ; moeilijk opgeven van witachtig slijm ; 's nachts zweet ; 's nachts in bed koude knieën ; trage spijsvertering, vooral van zuren, met een gevoel van zwaarte in het epigastrium ; heeft oude pleuritische verklevingen in de r. borst.
Pleuritis nadat een chronische hoofdpijn plotseling was verdwenen.
Ernstige aanval van pleuritis bij twee oude mannen.
Pleuritis bij een jongen, æt. 6 ; het exsudaat had zich over de gehele linker borstkas verspreid.
Ernstige aanval van pleuritis bij een jonge vrouw bij wie Phos., hoewel schijnbaar geïndiceerd, geen uitwerking had.
Chronische pleuritis, dreigende phthisis.
Bloedstuwing naar de longen, hartkloppingen en grote angst.
Tuberculeuze en andere chronische ziektetoestanden van het middelste derde van de rechterlong (Arsenicum bovenste derde).
Trekkende of schietende pijnen door het middelste gedeelte van de r. long.
Verwaarloosde pneumonie, met overvloedige, zeer foetide expectoratie.
Korte, droge hoest, prikkeling in het strottenhoofd, soms een zware, diepe stem, zonder metaalachtig timbre ; gevoel van droogheid in borst en strottenhoofd ; droge, schrille, diepe, holle hoest, > bij liggen ; moeilijk opgeven van weinig slijm, dat taai, slijmerig of albumineus is. θ Phthisis pulmonum.
Scherpe schietende pijn door de rechterzijde van de borst, eerder onder het midden van de rechterlong ; soms zeer acuut, volledige ademhaling verhinderend, dan weer doffer, maar steeds in meer of mindere mate pijnlijk ; na onderdrukking van een hoest enkele maanden tevoren.
Demping bij percussie in de rechterlong, achter de derde en vierde ribben ; veel pijn, zowel dof als stekend, in die streek ; ernstige droge hoest, < 's avonds, met expectoratie in de ochtend ; kouderillingen, koorts en nachtelijk zweet ; sterk vermagerd. θ Phthisis pulmonalis.
Volledig gebrek aan eetlust ; slapeloosheid ; hoest met melkachtig uitziende expectoratie ; koorts ; na een hevig hoestparoxysme dat twee uur duurde, hoestte hij verscheidene kopjes vol bloed en een grote hoeveelheid kwalijk riekende etter op ; dit was eenmaal eerder opgetreden ; de volgende dag was de expectoratie opnieuw slijmerig, melkachtig uitziend en zeer overvloedig, met bijna ononderbroken losse hoest, terwijl de ademhaling gemakkelijker werd. θ Phthisis pulmonalis.
Na verlichting van een chronische dyspepsie, gepaard gaand met migraine, begon hij last te krijgen van onrust en pijn juist onder het midden van de rechterlong ; de pijn nam in hevigheid toe en hij begon spoedig te hoesten ; op een zeer hete dag werd hij, zonder ongewone inspanning of blootstelling, overvallen door een verstikkingsgevoel, waarschijnlijk door bloedstuwing van de rechterlong ; veel druk en stekende pijn door het middelste gedeelte van de rechterborst ; hoest dag en nacht ; een abces brak in de long door, en hij gaf meer dan een pint (ca. een halve liter) foetide materie op ; aanvankelijk was de afscheiding groenachtig, daarna bloederig en geel, ten slotte grijs, uiterst foetide, zo overvloedig dat zij hem bijna verstikte ; terwijl het abces zich vormde, kouderillingen, koorts en nachtelijk zweet ; nadat het abces was doorgebroken, bleef hij dag en nacht zeer hevig hoesten ; grote vermagering ; zeer bleek ; pols 120 ; uiterst zwak. θ Phthisis.
HART, POLS EN CIRCULATIE [29]
Het hart geeft af en toe een harde bons.
Hevige hartkloppingen en kloppen van de slagaders 's avonds in bed.
Hartkloppingen: na emoties; met steken in de linkerzijde; met angst over dingen die jaren geleden gebeurd zijn; bij snel lopen.
Onderbreking van de hartslag, vooral na het middagmaal; geschrokken; trillende beweging.
Wordt wakker met hevig bonzen van het hart.
Nerveuze hartkloppingen > door snel lopen.
Een man, ongeveer 30 jaar, gezet, gezond uitziend, klaagt over hartkloppingen en constipatie; appetijt goed; geen dorst; na het eten opgeblazenheid van het abdomen, zielsangst en hartkloppingen, vooral met alvine ontlasting; < bij gaan zitten na een wandeling te hebben gemaakt, nooit tijdens het lopen of dansen; winderigheid in de linkerzijde van het abdomen die omhoog stijgt, > door druk; < in koude wind; kan niet op de linkerzijde liggen, loopt liever met onbedekt hoofd; zweet gemakkelijk, vooral aan de voeten, die vaak koud aanvoelen.
Aandoeningen van het hart, met hevige intermitterende, palpiterende en bevende beweging van het hart; hevige, tamelijk luide en soms intermitterende harttonen, met dofheid bij percussie over een groter oppervlak; hitteopwellingen, roodheid, bloedstuwing naar hoofd en rechter slaap, met koude handen en voeten; schaarse urine; constipatie.
Veel bloedopwelling door het hele lichaam, 's nachts, waardoor onrustige slaap ontstaat.
Opwelling van bloed met congestie naar hoofd en borst.
Zij voelt de pols door het lichaam kloppen, vooral door de gehele linkerborst.
Congestie van bloed naar de borst, met hevige hartkloppingen.
Pols: vol en snel gedurende de nacht en dan intermitterend; traag overdag; versneld door beweging of boos worden; bevend; intermitterend.
Pulsatie in alle bloedvaten.
Waterzucht ten gevolge van valvulaire insufficiëntie.
BORSTWAND [30]
Bruine vlekken op de borst.
Stekende pijnen in de borsten.
Gevoeligheid van de tepels.
Fungus haemätodes in de sleutelbeenstreek, bloedt overvloedig.
NEK EN RUG [31]
Voortdurend pijn tussen de schouders en verder omlaag langs de rug.
Hevige zeurende pijn tussen de schouders en onder het linker schouderblad, uitstralend naar de linkerlong, < bij uitademing.
Drukkend gevoel en steken in het rechter schouderblad.
Stijfheid in de onderrug en de nek.
In de onderrug : pijn ; pijn en zwakte ; om 6 P. M. pijn of grote zwakte ; zwakte bij het lopen, door baarmoederklachten ; pulsaties ; zeurende pijn ; pijn alsof verstuikt, in de namiddag en 's avonds in bed ; vermoeiende pijn ; pijn vooral met stijfheid, > door lopen.
Gedurende de hele menstruatieperiode kon zij niet slapen wegens scheurende pijn in de rug, kouderillingen en hitte met dorst en pijnlijke samentrekking van de borst.
Zwaar gevoel in de rug 's morgens bij het ontwaken alsof zij zich niet kon omdraaien of oprichten, of alsof zij in een verkeerde houding had gelegen, bijna alsof de delen verdoofd waren geraakt.
Bij bukken plotselinge pijn in de rug alsof er met een hamer op geslagen werd, > door de rug tegen iets hards te drukken.
Steken in de rug bij hoesten.
Pijn in de rug dwars over de heupen.
Steken achteraan boven de rechterheup, gedurende vier dagen bijna continu ; zij kon door de pijn niet op de rechterzijde liggen ; bij aanraking deed de plek pijn alsof er onderhuidse verzwering was.
Zeurende pijn dwars over de lendenen < bij bewegen.
Zeurende pijn in het sacrum in de avond, > door druk.
Doffe pijn in het sacrum.
Gevoeligheid en pijn in de rug ter hoogte van het sacrum.
Voortdurende doffe, zware pijn in het sacrum en het abdomen, uitstralend naar de dijen en benen.
Pijn in het sacrum, uitstralend door de heupen en dijen tot onder de knie, met zwakte en matheid bij bewegen, vooral bij het traplopen, alsof de ledematen zouden weigeren dienst te doen voordat zij boven is.
Drukkende, trekkende pijn over het sacrum en tegelijk over de heupen, brandende druk in de wervelkolom uitstralend over de rugstreek en onder het schouderblad, zoals door naaien veroorzaakt wordt.
Zwakte van de sacro-iliacale streek.
Opboeren verlicht de rugpijn.
Pijn die vanuit andere delen naar de rug uitstraalt.
Herpes circinatus aan de rechterzijde van de nek, die nu eens vooraan, dan achteraan, dan weer aan de zijkant van de nek verschijnt ; soms breiden zij zich uit rond het oor, met zwelling van de omliggende delen.
Kloppen in de onderrug > door rechtop te zitten, < bij zitten, bij achteroverleunen ; bij het omdraaien in bed of het uitstrekken van de armen schiet daar een pijn in alsof iets zou breken, waardoor de adem stokt. θ Reuma.
Spit in de rug ; sinds acht jaar bestaand ; veroorzaakt door een plotselinge verrekking bij het tillen ; < bij de eerste poging om te bewegen ; > door aanhoudend bewegen ; leukorroe ; bij het rijden doen een schok of een misstap haar rug hevig pijn.
Is genoodzaakt gebukt te lopen en krijgt pijnlijke steken in de rug wanneer zij per ongeluk met de voet ergens tegen stoot.
Plotselinge steek in de rug tijdens het tillen, kan zich niet bewegen zonder grote pijn.
Rugpijn veroorzaakt misselijkheid en een gevoel van flauwte bij staan.
Pijn in de onderrug na blootstelling aan nat en koud weer ; < 's morgens, bij zitten of bij het beginnen zich te bewegen ; valt laat in slaap en kan niet op de linkerzijde of op de rug liggen ; duizeligheid 's morgens bij het opstaan ; voelt zich onbehaaglijk in een warme kamer of wanneer zij te lang zit ; transpireert gemakkelijk.
Na een ernstige verkoudheid, rillerigheid langs de rug in de avond, gevolgd door hevige pijn in de rug, < bij de geringste beweging van de rug, waardoor zij heel stil op de rug moet liggen ; grote benauwdheid op de borst met kortademigheid en hevig bonzen van het hart ; drukkende pijn in de maagstreek ; > door aanraking ; veelvuldig trekken van de armen ; pols gespannen, 120 ; verlies van eetlust ; dorst matig ; zweet. θ Perimyelitis.
De wervelkolom is gevoelig bij aanraking en druk.
BOVENSTE LEDEMATEN [32]
Zwelling en ettering van de okselklieren.
Vochtig eczeem in de oksel.
Pijn als door ontwrichting in het schoudergewricht na inspanning.
Verlammend trekkende en scheurende pijn in arm en oksel tot in de vingers.
Lamheid en inslapen van armen en vingers.
Trekkende pijn in de armen tot in de vingers.
Beurse pijn in de armen.
Herpes op de elleboog (schilfert af).
Stijfheid van de elleboog- en polsgewrichten.
Stekende pijnen in de gewrichten van arm, handen en vingers.
Spannende pijn in de middenhandsgewrichten van de vingers, vooral tijdens buiging.
Rode, harde plek op de huid over de eerste en tweede middenhandsbeenderen, die zich snel over de rugzijde van de hand uitbreidt; op de rode ondergrond worden schubben gevormd, die in het midden afvallen en naar de omtrek toe opnieuw ontstaan.
Schilferig eczeem op de rug van de handen; < bij koud weer.
Wit schilferig eczeem op de rug van de hand en op de vingers.
Jeuk en korsten op de handen; soldatenjeuk.
Warmte in de handen overdag, met nerveuze opwinding.
Koude handen zelfs in een warme kamer, en vanuit de handen koude rillingen door het hele lichaam.
Overvloedige transpiratie van de handen, zodat alle naalden roestten en haar werk bevuilden; frequente en ernstige migraine.
Handen zweten overvloedig; koude, zweterige handen.
Dingen vallen uit de handen.
Branden van de handpalmen.
Koud zweet op de handen.
De huid van de handpalmen vervelt.
Fijt gedurende zes of zeven dagen; het laatste gewricht van de rechterduim ontstoken, gezwollen en jeukend, met kloppende, schietende en brandende pijn erin; roodheid vooral aan de rugzijde van de falanx, het kloppen < aan de handpalmzijde; het deel is donkerrood en de etter onzichtbaar (verlichtte de pijn).
Panaritium, met hevige kloppende en stekende pijnen.
Pijnloze zweren op de vingertoppen of op de gewrichten.
Wratten op hand en vingers; aan de zijden van de vingers; hoornachtig.
Veel wratten bij jonge meisjes (onanisten).
Vingernagels gelig, verkleurd.
ONDERSTE LEDEMATEN [33]
Coxagra met lancinerende steken, moet uit bed om verlichting te krijgen ; pijn < bij het opstaan maar > bij langzaam lopen.
Hevige scheurende pijn in linker dij ; langs het verloop van de ischiaszenuw, pijn die uitstraalt tot in de kuit en de tenen ; pijn van 3 tot 5 uur 's morgens ; tijdens de aanval zijn de aderen van het aangedane deel zeer uitgezet, zij kan niet in bed blijven, staat op en loopt snikkend door de kamer ; matheid overdag ; acht maanden zwanger. θ Ischias.
Zwelling van ledematen en voeten ; voeten gezwollen en voelen alsof zij in slaap zijn gevallen ; voeten branden 's nachts sterk ; bij het climacterium.
Pijn in heupen en dijen, uitstralend tot dicht bij de knieën.
Kramp : in heupgewricht en dij ; 's nachts in bed in de billen bij het uitstrekken van het ledemaat ; in de kuiten, vooral gedurende de laatste maanden van de zwangerschap ; in de voeten meestal overdag, enkels zwak en verzwikken gemakkelijk bij het lopen.
Pijn alsof het rechter heupgewricht beurs is.
Stijfheid van de benen tot in het heupgewricht, na korte tijd zitten.
Trekkende pijn in de dijen.
Gevoeligheid en branden tussen de billen.
Onderste ledematen vallen in slaap bij het lopen.
Veel zwakte in de onderste ledematen.
Onderste ledematen doen pijn alsof ze geslagen zijn ; wil gaan zitten, maar bij het zitten heeft zij het gevoel dat zij moet opstaan.
Steken en prikken, trekkende pijnen, met matheid, koude van voeten of knieën ; zweet aan de voeten.
Onrust in de benen elke avond, met mierenkruipen.
Gevoel alsof er een muis door de onderste ledematen loopt.
IJzige koude van de onderste ledematen.
Zwelling van ledematen en voeten, < bij zitten of staan, > bij lopen.
Zwelling van de knie, zacht en pijnloos.
Kraken in knie- en enkelgewrichten, stijfheid.
Acute aanval van rheumatisme in de rechterknie, die halfgebogen, stijf, gezwollen, rood en pijnlijk is ; < 's nachts ; sterk gevoel van zwakte in het gewricht ; het uitwendige laterale ligament bijzonder gevoelig en pijnlijk bij aanraking ; extreme gevoeligheid voor koude lucht en voor elke weersverandering.
Al vijftien jaar een schilferige uitslag op de benen of een donkere, livide roodheid van de huid ; die verbeterde af en toe, maar verdween nooit.
Papuleuze, droge, schilferige, ringvormige uitslag op de voorzijde van de benen, onmiddellijk onder de knieën.
Zeurende pijn in de kuiten, uitstralend tot de knieën, met een gevoel bijna alsof de beenderen aan het vergaan waren ; opwinding en drukke bezigheden in de ochtend doen hem zijn zeurende ledematen vergeten ; heeft de laatste tijd veel zorgen gehad.
Koude van benen en voeten, vooral 's avonds in bed ; wanneer de voeten warm worden, worden de handen koud.
Branden of warmte van de voeten 's nachts.
Voeten gezwollen, met gevoel alsof zij in slaap zijn gevallen.
Voeten heet, rood, gezwollen, de rugzijde bedekt met grote pustels, waarvan sommige opengebarsten waren en dikke, geel-groenachtige etter afscheidden ; hevige spannende pijnen ; < in de rechtervoet.
Zwaar gevoel in de voeten bij het lopen.
IJzige koude van de voeten. θ Metritis.
Overvloedig zweet aan de voeten ; of zweet met ondraaglijke geur, dat gevoeligheid van de tenen veroorzaakt.
Onderdrukt voetzweet.
Spanning in de achillespees, ook zwelling van de pees.
Zweer op de hiel door een zich uitbreidende blaar.
Steken in hielen en likdoorns overdag.
Afbrokkelende, misvormde teennagels.
LEDEMATEN IN HET ALGEMEEN [34]
Zwaar gevoel in de ledematen.
Stijfheid en kraken van de gewrichten met artritische pijnen.
Schokken en trekkingen van ledematen en hoofd, overdag.
De ledematen slapen na handarbeid gemakkelijk in.
Zwakte van de gewrichten, vooral van de knieën.
De patiënt vreest dat de gewrichten de inspanning van het tillen niet kunnen verdragen.
Stekende pijnen in de ledematen, in de diepere delen en in de botten.
Neuralgie in de ledematen, opstijgend naar het hoofd.
Pijnlijke, traag verlopende kleine steenpuistjes in oksels en op de dijen ; onregelmatige menstruatie ; een eigenaardig sterk riekende, zweterige toestand van de voeten, pijnlijke ontvelling tussen de tenen.
Jeuk in knieholten, elleboogsplooien en op de handen.
Handpalmen en voetzolen brandend heet.
Zweren op de bovenzijde van de gewrichten van vingers en tenen.
RUST. HOUDING. BEWEGING [35]
Rust : pulserende hoofdpijn > ; borende hoofdpijn > ; koud gevoel in de kruin < ; fistel van de wang < ; neuralgie van de plexus mesogastricus > ; hoest erger.
Liggen : hoofdpijn met angst < ; pijn in het achterhoofd < ; steken in het voorhoofd > ; op de rug, hoofdpijn < ; op de pijnlijke zijde, hoofdpijn > ; daarop, zwelling aan de zijkant van het hoofd > ; op de pijnloze zijde zijn de haarwortels gevoeliger ; rustige aangezichtsneuralgie > ; > druk onder de ribben ; op de lever > pijn ; op de rug bij galsteenkoliek ; benauwdheid in de hypogastrische streek < ; gevoel alsof de urinewegen eruit geperst zouden worden > ; zeurende pijn in de bekkenstreek ; kriebelhoest ; hoest >.
Liggen met het hoofd hoog : hoest en dyspneu >.
Op de zijde liggen : pulserende pijn > ; benen op de dijen gebogen en de dijen tegen het abdomen > benauwdheid in het bekken.
Op de rechterzijde liggen : zeurende pijn in de bekkenstreek >.
Op de linkerzijde liggen : fistel van de wang < ; hoest < ; is voor haar onaangenaam ; kan niet, wegens pijn in de rug ; angstige dromen.
Op de rug liggen : onmogelijk ; pijn in de rug ; heel stil, gedwongen wegens pijn ; hoest met expectoratie <.
Moet gaan liggen : migraine tijdens de menstruatie.
Kon zonder flauwte niet uit liggende houding overeind gebracht worden.
Zitten : ongeduld ; hoofdpijn > ; onwillekeurig schokken van het hoofd ; benauwdheid in de hypogastrische streek < ; lang aanhoudend neerdrukkend gevoel, kortademigheid < ; hoest < ; hartkloppingen > na een wandeling ; kloppen in de lendenen, > rechtop, < achteroverleunend ; rugpijn < ; te lang, voelt onaangenaam ; korte tijd, stijfheid van de benen ; zwelling van ledematen of voeten <.
Zitten met gekruiste benen : gevoel alsof de urinewegen eruit geperst zouden worden > ; om prolaps van de vagina te voorkomen ; neerdrukkend gevoel >.
Moet dag en nacht rechtop zitten : orthopneu.
Bukken : barstende hoofdpijn < ; borende hoofdpijn < ; koud gevoel op de kruin < ; kortademigheid < ; plotselinge pijn in de rug.
Staan : lozing van urine ; alsof de urinewegen eruit geperst zouden worden ; neerdrukkend gevoel ; hoest < ; rugpijn veroorzaakt misselijkheid en een gevoel van flauwte ; zwelling van benen en voeten <.
Omdraaien in bed : bij het uitstrekken van de armen, een plots aangrijpende pijn in de lendenen ; steken in de rug.
Van de linker- naar de rechterzijde draaien : vergemakkelijkt het opgeven van slijm.
Kon geen vijf minuten stil liggen : onrustige slaap.
Opstaan uit bed : pijn in de zwelling op het hoofd >.
Opstaan : pijnen door coxalgie < ; 's morgens zeer moe.
Vooroverleunen : zwaar gevoel in de ovariële streek.
Moet vooroverbuigen : pijn in de maag.
Knielen in de kerk : flauwvallen.
Ledemaat uitstrekken : krampen in de billen.
Lang in dezelfde houding blijven : neuralgische pijnen <.
Van houding veranderen : neuralgische pijnen > ; van de benen is dwingend noodzakelijk.
Verlangt te gaan zitten, en wanneer zij zit moet zij weer opstaan ; pijn in de ledematen.
Kan voor het hoofd geen gemakkelijke houding vinden.
Stappen : hoofdpijn <.
Beweging : pijn boven het oog < ; barstende hoofdpijn < ; pijn in het cerebellum ; borende hoofdpijn < ; van de ogen < hoofdpijn ; van het hoofd < koud gevoel in de kruin ; leukorroe < ; fistel van de wang > ; pijn in de lever erna ; gevoel van een last in het abdomen ; kortademigheid < ; pols versneld ; zeurende pijn over de lendenen < ; zwakte en matheid in het sacrum ; eerst < stijve nek/rug, aanhoudend > ; veroorzaakt hevige pijn in de rug ; eerst < pijn in de rug ; rillerigheid ; opwellingen van hitte bij de geringste.
Lichte inspanning : neuralgische pijnen > ; onaangenaam door vermoeidheid ; gemakkelijke transpiratie ; vermoeit ; prikkelbaar en neiging tot flauwte ; zweet.
Langzame lichaamsbeweging : hoofdpijn >.
Inspanning : pijn in het schoudergewricht.
Heftige beweging : aanhoudend > hoofdpijn.
Hoofd schudden : hoofdpijn <.
Lopen : duizeligheid ; hemicranie < ; hoofdpijn < ; lozing van urine ; benauwdheid in de hypogastrische streek > ; rug begeeft het ; na de menstruatie een zeer onaangenaam gevoel ; beklemming van de borst ; snel geen kortademigheid, alleen wanneer men stilstaat ; hoest < ; dyspneu verdwijnt vaak ; snel lopen, hartkloppingen ; nerveuze hartkloppingen >.
Zwakte : in de lendenen ; pijn en stijfheid in de lendenen ; langzaam > coxalgie ; enkels knikken gemakkelijk om ; onderste ledematen slapen ; zwelling van benen en voeten > ; zwaar gevoel in de voeten ; overvloedig zweet.
Een korte wandeling : vermoeit zeer.
Moet opstaan en rondlopen : ischias.
Traplopen : hoest < ; alsof de ledematen dienst zouden weigeren ; vermoeit.
Dansen en rennen : veroorzaken geen kortademigheid.
ZENUWEN [36]
De hele dag zeer flauw.
Grote uitputting 's morgens tijdens de menstruatie.
Grote uitputting en lusteloosheid ; alles lijkt inspanning te kosten ; de geringste inspanning vermoeit, zelfs het opgaan van de trap.
Gevoel van prostratie ; algemeen slap gevoel van het hele lichaam.
Voelt zich moe en trilt over het hele lichaam.
's Morgens zeer moe, bij het opstaan uit bed.
's morgens bij het ontwaken een zwak gevoel als van misselijkheid.
Een korte wandeling vermoeit sterk.
Zwakte, gewoonlijk gekenmerkt door een pijnlijk leegtegevoel in de maagkuil ; ijzige koude van voeten en handen.
Plotselinge prostratie en wegzinkende flauwte.
Zeer prikkelbaar en flauw bij de geringste inspanning.
Grote flauwte door hitte, daarna koude ; grote uitputting 's morgens, tijdens de menstruatie.
Plotselinge flauwte, met overvloedig zweten en onverstoord bewustzijn, zonder te kunnen spreken of zich te bewegen ; stijf als een standbeeld.
Flauwvallen : nadat zij nat geworden is ; door rijden in een rijtuig ; tijdens het knielen in de kerk ; door kleinigheden.
Vaak beven van het hele lichaam.
Uiterste nerveuze onrust ; onrust in het hele lichaam ; friemelend, niet stil kunnen zitten.
Gevoel alsof zij elke spier en vezel van haar r. zijde, van de schouder tot de voeten, kon voelen, een onbeschrijfelijke gewaarwording.
Vaak opschrikken van het bovenste deel van het lichaam.
Rukken en trekkingen van hoofd en ledematen.
Krampen in de billen in bed, 's nachts, bij het uitstrekken van de ledematen.
Trekkingen van de ledematen tijdens de slaap.
Algemene musculaire gejaagdheid.
Hysterische spasmen ; gevoel van een bal in de inwendige delen.
Gevoel van een ijzig koude hand tussen de schouderbladen, daarna koude over het hele lichaam, gevolgd door verkramping van de borst alsof zij zou stikken, aanhoudend gedurende verscheidene minuten ; daarop volgen clonische spasmen van het rechterbeen met trekkingen daarin, en trekkingen van de rechterarm wanneer het been wordt vastgehouden, ten slotte beven van de benen ; de slaap wordt vaak verstoord door aanvallen van angst, plotseling flauwvallen, overvloedig zweten en een toestand waarin zij bij bewustzijn is en zich kan bewegen maar niet kan spreken. θ Hysterie.
In de vroege kinderjaren kreeg zij een slag op de wervelkolom en heeft sindsdien steeds geklaagd over drukgevoeligheid langs het verloop daarvan ; de hele wervelkolom was zeer gevoelig, zij kon er geen druk op verdragen ; ook een plek in het abdomen, iets links en onder de navel, uiterst drukgevoelig ; pijn in de linkerschouder, zich uitstrekkend langs de linkerarm en linkerzijde, soms zo ernstig dat zij het uitschreeuwde ; soms een eigenaardige gewaarwording in de linkerarm, voelt zeer stijf hoewel even buigzaam als altijd ; constipatie ; menstruatie regelmatig ; braken na elke maaltijd bijna zodra deze genuttigd was ; zij bleef twee maanden in deze toestand, soms >, op andere tijden < ; daarna werd de hele linkerzijde van het abdomen gevoelig, zij kon de geringste aanraking niet verdragen, de patiënte verklaarde dat een begrensde roodheid boven de pijnlijke plek verscheen ; aanvallen van hevige pijn en zielsangst elke avond op deze plek, gepaard gaand met braken van bloederig water en soms van zuiver bloed ter hoeveelheid van verscheidene eetlepels ; gevoelloosheid van de linkerzijde en de ledematen, spoedig gevolgd door volledige verlamming van de linkerarm ; moeite met urineren, zij stelde het urineren twee dagen uit, daarna drie of vier dagen, en had telkens verschrikkelijke aanvallen van lijden ; zij kon niet uit liggende houding worden opgericht zonder flauw te vallen en zonder verergering van de pijn ; zij had verscheidene pijnaanvallen gedurende de nacht en riep door haar geschreeuw het hele huisgezin naar haar bed ; zij rolde van de ene zij op de andere, hijgend, slechts sprekend in afgebroken woorden en zinnen, werd dan gedurende verscheidene minuten bewusteloos, herstelde langzaam en braakte wat bloed ; ten slotte verloor zij alle aandrang om urine te lozen en liet gedurende vijf weken geen druppel, zonder daarvan enig ongemak te ondervinden ; pols 72. θ Hysterie.
Aanval van iets dat zich kronkelend in haar maag beweegt en naar de keel opstijgt ; haar tong wordt stijf ; zij werd sprakeloos en stijf als een standbeeld.
Zij is zeer ongerust over de toestand van haar gezondheid ; voortdurend bezorgd, piekerend en huilend over haar werkelijke of ingebeelde ziekte. θ Hysterie.
Hevige krampachtige beweging van alle ledematen van het lichaam, en vooral van het hoofd, zodat het meeste haar was afgeschuurd ; spreken beperkt zich tot stotteren en gaat gepaard met trekkingen van de spieren van het gezicht ; grote onrust, voortdurende neiging zijn plaats en houding te veranderen ; rode, tetterachtige eruptie op de linker dij. θ Chorea.
Krampige bewegingen van hoofd en ledematen ; tijdens het spreken (dat slechts stotteren is), rukken van de gezichtsspieren ; algemene musculaire gejaagdheid ; verlangen voortdurend van houding en plaats te veranderen ; ringwormachtige eruptie van de huid iedere lente ; uteriene chorea met menstruele onregelmatigheden ; > na de menstruatie en na een onweersbui. θ Chorea.
Hysterische verlamming.
Verlamming met atrofie.
Grote gevoeligheid voor pijn (Coff., Cham., Hep.).
Gevoeligheid voor koude lucht.
SLAAP [37]
Slaperigheid : in de voormiddag ; overdag valt zij in slaap zodra zij gaat zitten ; 's avonds te vroeg.
Moeilijk ontwaken, geen verlangen om op te staan, vermoeidheid van de ledematen.
Praat hardop in de slaap.
Onrustige slaap : verwarde dromen ; had het gevoel alsof er kortstondig een gewicht op haar dijen drukte ; door angstige dromen en warmte ; zij kon geen vijf minuten stil liggen.
De slaap verkwikt niet, maar laat een vermoeid, pijnlijk gevoel door het hele lichaam achter.
Wordt vaak zonder oorzaak uit de slaap wakker, of omdat hij denkt dat hij geroepen is.
Tijdens de eerste slaap verbeeldt zij zich dikwijls dat zij iets heeft doorgeslikt, waardoor zij verschrikt wakker wordt, met een gevoel alsof het in haar keel was blijven steken.
Wordt 's nachts verschrikt en schreeuwend wakker.
Trekkingen van de ledematen.
Opwellingen 's nachts, met onrust.
Nachtelijk delirium.
Wordt 's morgens om 3 uur wakker en kan niet weer in slaap komen.
Wakker, slapeloos, door een storm van gedachten.
Slapeloosheid, kan niet inslapen, is nerveus overgevoelig.
Angstige dromen bij het liggen op de linkerzijde.
TIJD [38]
Om 3 uur 's nachts : aanval van rillingen ; wordt wakker en kan niet weer in slaap komen.
Van 3 tot 5 uur 's nachts : pijn in de linker dij.
Tegen de ochtend : kriebeling in het strottenhoofd of de bronchiën.
Ochtend : neerslachtigheid ; bonzen in de kruin ; hemicranie ; zwaar gevoel van de oogleden < ; jeuk van de binnenooghoek ; branden in de ogen ; fotofobie en zwelling van de oogleden < ; acute conjunctivitis ; conjunctivitis met mucopurulente afscheiding ; oogleden door dikke afscheiding aan elkaar geplakt ; fotofobie < ; palpebrale conjunctiva bij het ontwaken geïnjecteerd ; schrijnend gevoel in de ogen ; tranenvloed ; moeite de ogen te openen ; waterige neusloop met niezen ; gelaat rood ; bij het opstaan neuralgische pijn < ; aangezichtspijn treedt op ; hoest < ; zure smaak bij het ontwaken ; bittere smaak ; onaangename smaak ; ruw gevoel in mond, keel en tong ; schrapen van slijm uit de keel ; veel dorst ; 's morgens braken van voedsel en gal ; bij het opstaan pijn en zwaar gevoel in het abdomen ; pijn in het abdomen < ; sterke aandrang om te urineren ; moeilijk kunnen urineren ; pijn in de vagina ; knorrig en prikkelbaar < ; droge prikkelhoest < ; symptomen van prolapsus uteri < ; krampachtig neerwaarts trekkend langs de dijen ; menstruatie alleen 's morgens ; losse hoest ; grote dyspneu ; beklemming van de ademhaling < ; expectoratie ; losse hoest, met neiging tot braken ; zwaar gevoel in de rug ; rugpijn < ; duizeligheid bij het opstaan ; grote uitputting tijdens de menstruatie ; zeer moe ; bij het ontwaken zwak gevoel als van misselijkheid ; zeer koude voeten ; na het ontwaken zweet ; zweet met angst ; aanvallen van koude koorts treden soms op.
Om 10 uur 's morgens : aanval van koude koorts.
Van 11 uur 's morgens tot 1 uur 's middags : neuralgie van de plexus mesogastricus.
Van de ochtend tot de middag : steken boven de oogkas ; hoofdpijn met misselijkheid.
Voormiddag : alsof de hersenen verbrijzeld werden ; borende pijn tot de avond ; onwillekeurige schokken van het hoofd ; zwakte van de ogen ; slaperigheid.
Overdag : melkachtige leucorroe < ; opende de ogen niet ; bij het sluiten van de ogen ; schurend gevoel daarin < ; aangezichtspijn verdwijnt ; leucorroe ; alleen hoest ; geen expectoratie ; trage pols ; hitte in de handen ; kramp in de voeten ; steken in de hielen en likdoorns ; rukken en trekkingen van de ledematen en het hoofd < ; valt in slaap zodra zij gaat zitten ; huiveren zonder koude.
De hele dag : hoofdpijn ; huivering door het hele lichaam ; zeer flauw ; voeten vochtig en koud.
Dag en nacht : pijn door hoest.
Namiddag : duizeligheid bij het opstaan uit bed ; pijn in de onderrug ; aanvallen van dagelijks terugkerende koude koorts ; koorts <.
Tussen 3 en 4 uur 's middags : aanvallen van koude koorts.
Om 3.30 uur 's middags : pijn boven het oog.
Om 4 uur 's middags : gevoel van volheid diep in de oogkas.
Om 6 uur 's middags : pijn en zwakte in de onderrug.
Tegen de avond : toenemende droogheid van de ogen ; terugkerende koliek ; ernstige beklemming op de borst ; rillerigheid met dorst ; zeer koude voeten.
Om 8.30 uur 's avonds : hitteopwellingen door het hele lichaam.
Avond : verdrietig en somber ; neiging tot angst ; hoofdpijn > ; hemicranie < ; prikkeling in de ogen bij kaarslicht ; puistjes rond het hoornvlies met roodheid < ; bijtend gevoel in het rechteroog ; acute conjunctivitis ; grote droogheid van de ogen ; verkleving van de oogleden ; tranenvloed ; gelaat bleek ; dorstig ; alsof er een riem rond de taille zit ; koorts < ; aanvallen van neuralgie ; symptomen van prolapsus uteri > ; beklemming van de ademhaling < ; droge hoest ; korte hoest ; prikkelhoest ; druk op de borst ; bonzen van de slagaders ; pijn in de onderrug ; zeurende pijn in het sacrum ; rillerigheid langs de rug ; in bed koude voeten ; vroeg slaperig ; rillerigheid ; zeer koude voeten ; gelaat verhit ; aanvallen van koude koorts ; jeuk van een plek op de rechterhand ; schurftjeuk <.
Nacht : druk op de ogen ; schrijnend gevoel in de ogen < ; schurend gevoel in de ogen < ; steken in de oren < ; neuralgische pijn < in bed ; zeer hevige aangezichtspijn ; tandpijn < ; keel uitgedroogd ; moet iets eten ; duizeligheid ; overvloedig zweet ; bekkenklachten ; onwillekeurige lozing van urine ; sterk verstoord door het moeten urineren ; alleen chronische urethrale afscheiding ; menstruatie overvloediger ; geen leucorroe ; expectoratie ; wordt wakker met het gevoel alsof de borst hol was ; hoest < ; krampachtige hoest ; koude knieën ; sterke bloedopwelling door het hele lichaam ; pols vol en snel ; branden van de voeten ; kramp in de billen ; rheumatisme in de knie < ; pijnaanvallen ; wordt wakker in schrik en gillend ; koud zweet < ; jeuk en branden van de huid in de plooien van ellebogen en knieën.
Voor middernacht : hoest met expectoratie ; kriebelhoest.
Tegen middernacht : spasmen van de oogleden houden op.
TEMPERATUUR EN WEER [39]
Bij heet weer : conjunctivitis altijd <.
Bij oververhit raken : neusbloeding.
Hete flanel : > pijn in de buik.
Warmte : was ondraaglijk tijdens hevige hoofdpijn.
Warme kamer : neuralgie van het gezicht > ; benauwend ; men voelt zich onwel ; koude handen ; inwendige rillerigheid ; fijne uitslag over het lichaam blijft bestaan ; galbulten verdwijnen.
Warm klimaat : nerveuze prikkelbaarheid >.
Warm toegedekt : kan weeënpijnen beter verdragen.
In een kamer : benauwdheid bij het ademhalen <.
In bed : tandpijn <.
Open lucht : droevig en somber ; tijdens het lopen, duizeligheid ; steken boven de oogkas > ; hoofdpijn > ; pijn boven het oog > ; in het hoofd > ; koud gevoel op het hoofd > ; drukkende pijn rond de ogen < ; acute pijn in de oogkas < ; tranenvloed ; tandpijn > in frisse lucht ; benauwdheid bij het ademhalen > ; rillerigheid ; tijdens het lopen overvloedig zweet ; netelroos verschijnt.
In droge lucht, mist, oosten- en noordenwind : hoest en dyspnoe <.
Verandering van weer : rheumatisme van de knie zeer gevoelig.
Bij onweer : borende, stekende pijn boven het oog <.
Na onweer : ringwormachtige eruptie >.
Wind : erin rijden brengt neuralgie van het gezicht teweeg.
Noordenwind : borende, stekende pijn boven het oog <.
Noordoostenwind : neuralgie van het gezicht <.
Ruwe wind : blootstelling eraan brengt migraine teweeg ; lopen ertegenin, overvloedig zweet.
Koude noordenwind : haarwortels pijnlijk ; hoest < ; flatulentie >.
Droge oostenwind : hoest <.
Stormachtig weer : zij voelt zich bijna verstikt.
Sneeuwweer : voelt zich <.
Vochtig weer : neuralgie van het gezicht ; pijn in de onderrug na blootstelling.
Door en door nat worden : hoest < ; flauwte.
Koude, vochtige lucht : gevoelig voor ; hoest < ; eruptie in het gezicht jeukt en schrint <.
Koud water : acute conjunctivitis > ; schrijnend gevoel in de ogen > ; tandpijn > ; wanneer het water warm wordt, keert de tandpijn terug.
Koude : tandpijn <.
In koude lucht : borende, stekende pijn boven het oog < ; schilferende tetter op de handruggen < ; rheumatisme van de knie zeer gevoelig ; overgevoeligheid ; galbulten breken uit.
Koude kamer : fijne uitslag verdween.
Koude tocht : tandpijn <.
Warm of koud : dingen in de mond < prosopalgie.
KOORTS [40]
Gebrek aan natuurlijke lichaamswarmte.
Zeer gevoelig voor koude lucht.
Huiveren overdag zonder koude rilling.
Rillerigheid : 's avonds in de open lucht en door elke beweging ; met dorst, tegen de avond, gevolgd door nachtelijk zweet ; vele nachten lang ; inwendig, in een warme kamer ; met de pijnen.
Warmte van buitenaf was voor haar ondraaglijk tijdens hevige hoofdpijn, toch was zij kouwelijk.
Koude : over het gehele lichaam ; tussen de schouders, gevolgd door algemene koude en krampachtige trekkingen van de rechterzijde en ademhalingsmoeilijkheid ; begint in de voeten en stijgt omhoog.
Koude rilling treedt vaak op na voorafgaande hitte.
Tijdens de koude rilling meer dorst dan tijdens de hitte.
Koude handen en voeten, met frequente hitteopwellingen naar hoofd en gezicht.
Handen gewoonlijk koud, maar vochtig van transpiratie.
Beide handen zijn ijskoud; in een warme kamer jagen zij een kouwelijk gevoel door het gehele lichaam.
Zeer koude voeten, vooral 's avonds, hoofdzakelijk in bed, en later, wanneer dit overgaat, zeer koude handen.
Zeer koude voeten met hoofdpijn, vooral tegen de avond en 's morgens.
Voeten de hele dag vochtig en koud, met het gevoel alsof zij tot aan de enkels in koud water stonden.
Hitte met aanvallen van rillerigheid, met dorst.
Gezicht sterk verhit : door spreken ; met hitte 's avonds, in het hoofd.
Pijnlijke hitte in het hoofd, vaak, met hitteopwellingen over het lichaam.
Hete opwelling over het gezicht en het gehele hoofd, die slechts enkele seconden duurt, gevolgd door lichte transpiratie.
Hitteopwellingen over het gehele lichaam omstreeks 8.30 P. M.
Aanvallen van hitteopwellingen, alsof er heet water over iemand werd uitgegoten, met roodheid van het gezicht, zweet over het gehele lichaam en angst zonder dorst, maar ook zonder droogheid van de keel.
Hitteopwellingen door de geringste beweging.
Hitte stijgt op.
Zweet : tijdens de slaap, vooral op het hoofd ; overvloedig, tijdens het lopen ; vooral in de gewrichtsplooien ; tijdens het lopen in de open lucht zelfs tegen koude wind in ; over het gehele lichaam, 's morgens na het ontwaken, overvloedig ; met angst in de morgen ; door de geringste inspanning ; elke morgen in bed, na het ontwaken, vooral aan de onderste ledematen ; van de voeten ; aan het bovenlichaam ; continu, verzwakkend ; scherp en onaangenaam riekend in de oksels en aan de voetzolen, waardoor een rauw gevoel ontstaat.
Nachtelijk zweet : koud op borst, rug en dijen ; van boven naar beneden tot aan de kuiten, om de derde nacht ; zuur riekend ; onaangenaam of als vlierbloesem ruikend.
Aanvallen treden op om 10 A. M. ; schuddende koude rilling met dorst en braken ; daarna hevige weeënachtige pijnen, > na het koude stadium, dat in duur varieert en gevolgd wordt door overvloedig zweet met hoofdpijn in voorhoofd en achterhoofd en hartkloppingen, ook nachtelijk zweet, bonzen in de slapen, beklemming van de borst en pijn langs de wervelkolom (alles tijdens het zweten) ; dorst alleen tijdens de koude rilling, maar water wordt dan onmiddellijk uitgebraakt ; valt in slaap tijdens het nachtelijk zweet ; na de aanval >, hoewel zeer uitgeput ; mond vol wit slijm ; prikkelbaar tijdens de aanval ; constipatie ; urine donker ; verlies van eetlust en prikkelbaarheid van de maag ; is drie maanden zwanger. θ Intermitterende koorts.
Aanvallen treden in de namiddag op, beginnen met hitte in het hoofd, roodheid en stekende pijnen in de slapen, druk in het achterhoofd ; dan rillingen en rillerigheid langs de rug, anderhalf uur durend, met dorst, droge hoest, steken in de hypochondrieën en zwelling van de rechter submaxillaire klier ; koorts ; heeft zes aanvallen gehad. θ Dagelijkse intermitterende koorts.
Derdedaagse intermitterende koorts ; aanvallen treden soms 's morgens, soms 's avonds op ; rillerigheid en rillingen, gevolgd door hitte, daarna zweet, vooral in het gezicht ; dorst in alle drie de stadia ; verlies van eetlust ; bittere smaak in de mond ; dorst ; jeuk van het voorhoofd ; duizeligheid, waardoor hij valt ; steken in de miltstreek, ook tijdens hoest, met opgeven van met bloed gestreept slijm, neusbloeding ; steken in de rug bij het omdraaien in bed ; gerommel in de buik.
Aanvallen tussen 3 en 4 P. M. ; koude rilling voorafgegaan door dorst ; tijdens de koude rilling, dorst ; hevige scheurende pijnen in bovenste en onderste ledematen ; handen en voeten blauw, ijskoud, de handen voelen als dood aan ; hoest met schaarse expectoratie, aanhoudend gedurende het hittestadium ; hitte overheerst, duurt twee uur en wordt gevolgd door slaap en ten slotte door koud zweet, vooral 's nachts ; tijdens de koortsvrije periode bleekheid van het gezicht ; scheurende pijn in het hoofd van oor tot oor, ook in de onderarmen vanaf de ellebogen tot in de vingers en in beide knieën ; koude handen en voeten met zwakte ; geen enkel voedsel lijkt zout genoeg ; hoest met schaarse expectoratie, vooral wanneer hij op de rug ligt. θ Vierdedaagse intermitterende koorts.
Een meisje, æt. 16 ; stipt om de vier weken, 's morgens bevangen door een hevige koude rilling, die twee of drie uur duurt, gevolgd door zeer hoge koorts, even lang durend als de koude rilling, waarna overvloedig zweten volgt ; de aanval herhaalde zich een tweede en derde maal met daartussen een dag van welbevinden, waarna de intermitterende koorts verdween tot het verstrijken van vier weken vanaf het begin ; de intermitterende koorts keerde niet terug op de verwachte tijd ; in plaats daarvan trad een tamelijk overvloedige menstruatie op en keerde maandelijks terug, met volledig herstel van de gezondheid.
Vierdedaagse intermitterende koorts, koude rilling beginnend in de benen ; voorafgegaan door een kleine, harde knobbel in de linkerborst, boven de tepel, pijnlijk bij aanraking ; telkens (tweemaal) maakte dit haar om 4 A. M. wakker ; een uur later koude rilling ; voortdurend koud, vochtig gevoel aan de voorkant van de borst ; de lucht lijkt vochtig. θ Intermitterende koorts.
Opstijgende hitte, of gevoel alsof er heet water over hem werd gegoten.
AANVALLEN, PERIODICITEIT [41]
Afwisselend : harde en zachte ontlasting ; diarree en constipatie ; branden en koude op de kruin.
Periodiek : hoofdpijn van 2 uur 's middags tot bedtijd ; afscheiding van slijm uit de urethra.
Elke minuut : opgeven van zuiver bloed.
Om de vijf minuten : overdag en 's nachts, steken in het voorhoofd.
Elk half uur : 's nachts moeten urineren.
Verscheidene malen per dag : gerommel in de buik.
Verscheidene aanvallen gedurende de nacht ; van pijn.
Elke ochtend : hoofdpijn met misselijkheid ; zweten in bed ; hoest en coryza met niezen houden aan tot 9 uur 's morgens.
Elke avond : hoest ; onrust in de benen ; hevige pijn en zielsangst op een plek in de buik.
Elke nacht : zaadlozingen met seksuele dromen ; delirium.
Elke zaterdag gedurende jaren : hoofdpijn.
Gedurende twee dagen : uitgesteld urineren.
Elke derde nacht : nachtzweten.
Om de drie of vier dagen : weeachtige pijnen.
Gedurende vier dagen : steken boven de heup.
Gedurende verscheidene dagen : pijn in de tanden.
Acht of tien dagen : menstruatie.
Elke acht tot veertien dagen in de namiddag en avond ; amenorroe.
Gedurende vele nachten : kouwelijkheid.
Om de twee weken : galkoliek.
Sinds drie weken bestaand : pijnloze diarree.
Elke vier weken : stipt op de dag aangegrepen door een ernstige koude rilling, daarna koorts en zweet.
Gedurende vijf weken : geen urine geloosd.
Gedurende drie maanden : geelzucht.
Gedurende vier maanden : menstruatie onderdrukt.
Elke lente : gedurende drie jaar, neiging tot opnieuw verschijnen van carcinoom van de lip ; ringwormachtige eruptie.
Elke zomer : gedurende twintig jaar, vanaf het begin van het warme weer in de lente tot het einde ervan in de herfst.
Elke winter : catarre met hoest.
Sinds een jaar : terugkerende aanvallen ; verkleving, fotofobie, pustels, pijn.
Sinds anderhalf jaar bestaand : chronische urethrale afscheiding.
Van verscheidene jaren duur : pijnloze diarree.
Sinds twee jaar bestaand : harde, geïndureerde tarsale tumor van het ooglid ; verstopping ; chronische urethrale afscheiding ; eruptie in het gezicht.
Gedurende vijf of zes jaar : hoofdpijn ; aandoening van de longen.
Sinds acht jaar bestaand : stijve nek in de rug.
Sinds dertien jaar bestaand : ozaena.
Gedurende vijftien jaar : schilferige eruptie op de benen.
PLAATS EN RICHTING [42]
Rechts : scheurende pijn aan de zijkant van het voorhoofd ; hoofdpijn volgt op transpiratie aan die zijde van het hoofd ; stekende pijnen aan de zijkant van het hoofd ; hemicranie ; borende, stekende pijn boven het oog ; alsof het oog verdwenen was en een koele wind door de oogkas blies ; druk in het oog ; bijtende pijn in het oog ; oog ontstoken ; zijkant van het gezicht sterk gezwollen, dieprood ; oog scheen veel kleiner dan het linker ; mondhoek naar boven getrokken ; steken in het oor ; zwaar gevoel in de ovariumstreek ; pijn die langs het been omlaag loopt ; steken in het hypochondrium ; trekkende pijn door de borst naar de schouder ; pijn van de leverstreek naar de schouder ; gevoelige plek aan de zijkant van het abdomen ; hypochondrium gevoelig en zwaar ; zeurende pijn in de schouder ; bekkenpijn tot in de knie ; pijn en steken aan de zijkant van het abdomen ; scirrheuze tumor van de borst ; steken in het hypochondrium ; pijn op een plek onder de tepel ; pleuritische verklevingen in de borst ; ziekelijke toestand van de long ; stekend, schietend door de long ; druk en pijn door de borst ; bloedstuwing naar de slaap ; steken in het schouderblad ; steken boven de heup ; kon niet op de zijde liggen, steken in de heup ; herpes circinatus aan de zijkant van de nek ; laatste gewricht van de duim ontstoken ; acuut rheumatisme in de knie ; alsof zij iedere spier en vezel van haar zijde kon voelen ; klonisch spasme van het been ; trekkingen van de arm wanneer het been wordt vastgehouden ; trekkingen van de zijde ; zwelling van de glandula submaxillaris ; een ronde, helderrode plek op de handpalm.
Links : scheurende pijn in de voorhoofdswelving ; steken boven de oogkas ; scheurende pijn in de slaap en aan de zijkant van het hoofd ; drukkende pijn boven het oog ; volheid diep in de oogkas ; schietende pijn boven het oog ; beurse pijn in oog en slaap ; pijn in de slaap naar beneden toe ; stekende pijn in het jukbeen ; hevige pijn in het hoofd ; pijn die begint in de wandbeenstreek en kloppend wordt in het achterhoofd ; hevige steken in het voorhoofd ; wimpers van het oog verdwenen, randen rauw en pijnlijk ; stekende pijn in het oog ; verstopping van het neusgat ; kleine pustels op de pols ; panaritium van duim en middelvinger ; droge coryza in het neusgat ; stinkende groenachtige afscheiding uit het neusgat ; neuralgische pijnen beginnen in de slaap over de zijkant van het gezicht ; fistel in de wang ; reutels aan de longtop ; scheurende pijn door het oor ; tinteling, daarna scheurende pijn in de hand ; tandpijn ; ontsteking van de keel < ; hevige druk onder de ribben ; steken in het hypochondrium ; pijn van de zijkant van de urinebuis naar een plek tussen borstbeen en schouder ; neiging van de fundus naar die zijde ; doof gevoel in de onderste helft van die zijde van het lichaam ; pijn in de long ; steken naar het schouderblad ; druk op de borst ; steek in de zijkant van de borst en het schouderblad alsof een mes in de top van de long werd gestoken ; flatulentie aan de zijkant van het abdomen ; kan niet op de zijde liggen wegens flatulentie ; voelt de pols door de borst heen kloppen ; zeurende pijn onder het schouderblad tot in de long ; hevige pijn in het dijbeen ; van de navel, gevoelige plek ; pijn in de schouder en onder de arm ; eigenaardige stijfheid van de arm ; gevoelloosheid van de zijde en de ledematen ; verlamming van de arm ; teterachtige eruptie op het dijbeen ; vochtige teter in de oksel.
Van binnen naar buiten ; pijn boven het linkeroog ; stekende pijn aan de zijkant van het hoofd ; borende pijn in het hoofd.
Van onder naar boven : pijn in de vagina ; koudheid.
Van boven naar beneden : nachtzweten.
GEWAARWORDINGEN [43]
Alsof het hart stilstond ; alsof elk voorwerp in beweging was ; alsof zij in de lucht hing ; alsof de hersenen verbrijzeld werden ; alsof het hoofd zou barsten ; als van golven van pijn die omhoogrolden en tegen het voorhoofdsbeen sloegen ; alsof de ogen eruit zouden vallen ; steken als van naalden in het hoofd ; duizeligheid, alsof zij dronken was ; alsof er een gewicht op de ogen lag ; alsof de haarwortels pijnlijk waren, alsof het haar vlak bij de wortels was afgeknipt ; alsof de ogen weg waren en er een koele wind uit de oogkassen waaide ; ogen alsof ze beurs waren ; alsof er een zandkorrel in het oog zat ; alsof de oogleden te zwaar waren om te openen ; ogen alsof het vuurballen waren ; alsof de oogleden te strak waren en de oogbollen niet bedekten ; alsof de oogleden te zwaar waren ; alsof de oogleden verlamd waren ; holle kies alsof gezwollen en verlengd ; tandvlees alsof verbrand ; tandvlees alsof het begon te etteren ; tong en mondholte alsof verbrand ; alsof er iets in haar keel was blijven steken ; als van een prop in de keel ; keel alsof rauw ; alsof alles in het abdomen ronddraaide ; alsof de ingewanden binnenstebuiten keerden ; alsof de maag van binnen beurs was ; alsof de ribben gebroken waren en scherpe punten in het vlees staken ; als van een riem zo breed als haar hand die strak om haar middel was getrokken ; lever alsof zij barstte ; alsof de menstruatie zou doorbreken ; als van een last in het abdomen ; alsof alles door de vulva naar buiten zou komen ; als van iets dat in het abdomen vastkleefde ; alsof er iets levends in het abdomen was ; als van een gewicht in de anus ; alsof de urineblaas vol was en de inhoud over het schaambeen naar buiten zou vallen ; alsof er druppels uit de urineblaas kwamen ; alsof de urineblaas en urinewegen eruit geperst zouden worden ; alsof alles uit de baarmoeder naar buiten zou vallen ; baarmoeder alsof vastgegrepen ; alsof de vulva vergroot was ; alsof iets zwaars zich uit de vagina naar buiten zou persen ; als van een gewicht in de zijden ; alsof de borstklieren vergroot waren ; alsof de hoest uit de maag en het abdomen kwam ; alsof er iets in de maag was blijven steken ; borst alsof hol ; borst alsof beurs ; keel alsof met slijm gevuld ; alsof de maag werd afgeschraapt ; alsof een mes in de top van de linkerlong werd gestoken en dan werd omgedraaid ; alsof de darmen tot een klomp werden samengetrokken ; lendenen alsof verstuikt ; rug alsof zij zich niet kon omdraaien of oprichten, of alsof zij in een verkeerde houding had gelegen, bijna alsof de delen in slaap waren geraakt ; plotselinge pijn in de rug alsof door een hamer getroffen ; pijn in de rug als door subcutane ulceratie ; alsof de ledematen zouden weigeren te functioneren ; alsof er iets in de rug zou breken ; alsof de schouder ontwricht was ; voeten alsof slapend ; rechterheupgewricht alsof beurs ; onderste ledematen alsof geslagen ; als van een muis die in de onderste ledematen rondliep ; alsof de beenderen van de benen vergingen ; alsof zij elke spier en vezel van haar rechterzijde van schouder tot voeten kon voelen ; als van een bal in de inwendige delen ; als van een ijskoude hand tussen de schouderbladen ; alsof zij zou stikken ; iets dat in de maag draaide en naar de keel opsteeg ; als van een gewicht dat op de dijen drukte ; alsof de voeten tot aan de enkels in koud water stonden ; alsof er heet water over haar werd gegoten.
Pijnen : in het achterhoofd ; in de rug tot in benen en voeten ; in heupen en rug ; in de oogleden ; in de rechter ovariale streek ; langs het rechterbeen omlaag ; in de maag ; in de lever ; in een drukgevoelige plek aan de zijkant van het abdomen ; in de lever, zich uitstrekkend naar maag en milt en rondom naar de rug ; in het abdomen vanuit het sacrum ; in het rectum ; in het rectum uitstralend naar de genitaliën ; in de linker gelaatshelft ; in rug en uiteinde van het sacrum, door beide ovariale streken ; in de baarmoeder ; in de lendenen ; in de nieren ; in de mamma ; boven het schaambeen ; tussen de schouders en omlaag langs de rug ; in de lendenen ; in de rug dwars over de heupen ; in het sacrum, door heupen en dijen tot onder de knie ; van andere delen naar de rug ; in heupen en dijen ; in de linkerschouder en omlaag langs de linkerarm ; langs de wervelkolom ; in de hypogastrische streek.
Ontzettende schokken : van pijn in het hoofd.
Hevige pijn : in de tanden ; in het bekken ; in de lendenen ; in de rug ; in de maag.
Scherpe pijn : in de oogkas.
Hevige afzonderlijke, golvende schokken van drukkende hoofdpijn ; in het voorhoofd.
Kloppende pijn : in de slaap ; in het voorhoofd ; in de tanden ; in het hoofd.
Scheurende pijn : in het bovenste deel van de rechterzijde van het voorhoofd ; in de voorhoofdsverhevenheid ; van de linker slaap naar het bovenste deel van de linkerzijde van het hoofd ; stekend in de rechterzijde van het hoofd ; in de linker slaap ; in de zwelling aan de zijkant van het hoofd ; in gelaat en neus ; in de arm ; in de tanden ; in de ledematen ; in knieën en voeten ; in rectum en anus, in de tibia ; in de rug ; in arm en oksel tot in de vingers ; in de linkerdij langs de ischiadische zenuw tot in kuit en tenen ; in bovenste en onderste ledematen ; van oor tot oor ; in de onderarmen van de ellebogen tot in de vingers en in beide knieën.
Schietende pijnen : boven het linkeroog ; van het voorhoofd naar de kruin en de zijkanten van het gelaat ; in rectum en anus ; van de linkerzijde van de urethra naar het borstbeen en omlaag naar de bekkenbeenderen ; in de baarmoederhals ; in het laatste gewricht van de rechterduim.
Lancinerende steken : bij coxagra.
Steken : boven de linker oogkas ; in het voorhoofd ; in de ogen ; in de oren ; in de oorspeekselklieren ; in het oor, doordringend tot in de hersenen ; in de maag ; in het rechter hypochondrium ; in de leverstreek ; in het linker hypochondrium ; in het abdomen ; in het rectum ; langs de urethra ; in de vagina ; in de cervix uteri ; in de borstklieren ; in borst en rug ; in de linkerzijde van de borst en het schouderblad ; in de borst ; in het schouderblad ; in de rug ; achteraan boven de rechterheup ; in de gewrichten van armen, handen en vingers ; in de hielen en likdoorns ; in de miltstreek ; in de rug ; over het hele lichaam.
Stekende, drukkende pijn : in het onderste deel van het voorhoofd.
Stekende pijn : in de slaap ; in het linker jukbeen en de tanden ; in de keel ; in het voorhoofd, het epigastrium en de lendenen ; in de vrouwelijke urethra ; in de cervix uteri ; in de baarmoederhals ; in de vagina ; in het midden van de borst ; door de rechterlong.
Snijdende pijn : in het voorhoofd ; van de maag naar de wervelkolom ; in het abdomen ; in de testes.
Doorschietende pijnen : van het linkeroog naar het achterhoofd ; door heupen en zijden ; door de rechterlong.
Drukkende, kloppende pijn : in het achterhoofd.
Rukkende pijn : in het hoofd ; in de vagina.
Pulserende pijn : in de kleine hersenen.
Slepende pijn : in de oren ; van het sacrum naar de lendenstreek ; over het sacrum.
Borende pijn : in het hoofd ; boven het rechteroog ; van de maagstreek naar de wervelkolom ; door de lever.
Jichtachtige pijnen : in het hoofd.
Weeënachtige pijn : in het abdomen.
Nijpende pijn : in het epigastrium.
Grijpende kramp : in de precordiale streek.
Ernstige kramp : in de maag.
Krampen : in de maag ; in heupgewricht en dijen ; in billen en kuiten ; in de voeten ; van de borst.
Neuralgische pijnen ; in de linker slaap en de linker gelaatszijde tot aan de ramus van de kaak ; in de plexus mesogastricus ; in de ledematen.
Beurse pijn : in het linkeroog en de linker slaap ; in de neus ; in de leverstreek ; in het strottenhoofd.
Stekende pijnen : in een zijde van het hoofd of het voorhoofd ; in de keel ; in het abdomen ; in de eierstokken ; in een tumor van de borst ; in de ledematen.
Branden : in de ogen ; van de keelholte ; in de maag ; in de anus ; in het abdomen ; aan rectum en anus ; in urineblaas en urethra ; in het voorste deel van de urethra ; in de baarmoederhals ; op de kruin ; in het midden van de borst ; in het rectum ; in de vagina ; in de vulva ; in een mammatumor ; op een vaste plek onder de rechtertepel ; tussen de billen ; van de voeten ; van de handpalmen ; in het laatste gewricht van de r. duim.
Schrijnende pijn : in beide ogen ; in de anus ; in de urethra ; in de borst.
Prikkende pijnen : door heupen en zijden.
Beurse pijn : in de armen.
Pijnlijkheid : in de buitenooghoek ; aan de binnenooghoeken ; van de onderlip ; van het tandvlees ; van de punt van de tong ; in het rechter hypochondrium ; van het abdomen bij zwangere vrouwen ; in het rectum ; tussen de billen ; in de linkerzijde ; in de baarmoeder en uitwendige geslachtsorganen ; in het perineum ; van de ledematen ; van de tepels ; van de schaamlippen, in het perineum en tussen de dijen ; van het abdomen ; van strottenhoofd en keel ; in knie- en elleboogplooien ; in de nek en achter de oren ; in het midden van de borst ; in de sacrale streek ; tussen de billen ; van de voeten.
Drukgevoeligheid : in het abdomen ; van de geslachtsdelen ; van de baarmoedermond ; van de vagina ; langs de wervelkolom ; van een plek onder de navel.
Overgevoeligheid : van de haarwortels ; van het abdomen.
Brandende druk : in de wervelkolom, over de rugstreek en onder het schouderblad.
Trekkende pijn : op het voorhoofd naar achteren tot in het achterhoofd ; in de linker pariëtale streek ; in de buitenooghoek ; in gelaat en neus ; in de bovenste kiezen ; van de maag door de borst naar de schouder.
Zeurende pijn : boven de ogen ; in de oogbol ; in de rechterschouder ; in de lendenen ; in de bekkenstreek ; tussen de schouders en onder het l. schouderblad ; in de lendenen ; dwars over de lendenen ; in het sacrum ; in de kuiten ; door het hele lichaam.
Dof zeurende pijn : rondom het hele lichaam.
Neerdrukkend gevoel : in het bekken.
Dof en zwaar gevoel : in de eierstokken ; in sacrum en abdomen, uitstralend naar dijen en benen.
Samentrekkende pijn : in de rechterzijde van het abdomen ; in het rectum ; in de vagina ; in de borst.
Beklemmende pijn : in de maag.
Doffe
pijn : in het sacrum.
Zwaar drukkende pijn : boven het linkeroog.
Drukkende pijn : rondom de ogen ; in de neuswortel ; in de leverstreek, vandaar naar de rechterschouder ; in de zijkant van het abdomen ; boven het sacrum ; in de maagstreek.
Spannende pijn : in de metacarpale gewrichten van de vingers ; in de voeten.
Hevige druk : onder de linker ribben.
Kloppen : hoofdpijn ; in de maagkuil.
Vermoeidheidsachtige pijn : in de lendenen.
Steken : in het linkeroog.
Bijtende pijn : in het rechteroog.
Pijnlijke stijfheid : in de baarmoederstreek.
Pijnlijk krakend gevoel : in het achterhoofd.
Pijnlijke verwardheid : van het hoofd.
Tintelingen : in de vingers.
Kriebeling : in de urineblaas ; in strottenhoofd en bronchiën ; van het strottenhoofd naar de maag.
Warmte : in de ogen ; aan de randen van de oogleden ; van handpalmen en voetzolen ; in het hoofd ; in het sacrum ; in de handen.
Pijnlijk leegtegevoel : in maag en abdomen.
Kwellend gevoel : in de rechterschouder en het schouderblad ; in het bekken, in de hypogastrische streek ; in het abdomen.
Angst : in de maagkuil.
Beklemming : van de borst.
Druk : op de kruin ; in het voorhoofd ; in het achterhoofd ; boven de ogen ; in de ogen ; in de maag ; in de leverstreek ; trekkend, spannend in het abdomen ; op de urineblaas ; in de eierstokken ; in de vagina ; in het bekken ; pijnlijk, in de zijden ; in de borst ; in het rechter schouderblad.
Trekken : in arm en oksel tot in de vingers ; in de dijen.
Samensnoering : in de keel ; van de borst.
Verlammend trekken : in arm en oksel tot in de vingers.
Zwaar gevoel : van de bovenoogleden ; in de rechter ovariale streek ; boven de ogen en in de nek ; in de rug ; in de voeten ; van de ledematen.
Volheid : in slapen en voorhoofd ; groot, diep in de linker oogkas ; in de leverstreek ; in het epigastrium ; in het bekken ; in de borst.
Gewicht : in de bovenoogleden ; in de anus ; zeurend, in het rechter hypochondrium ; in het abdomen ; aan de anus ; in de eierstokken ; in het rectum ; in het epigastrium ; in het deel waaruit bloed vloeit.
Strak gevoel : in de leverstreek.
Spanning : in het voorhoofd ; pijnlijk, in de oorspeekselklieren ; in de onderbuik ; in de tendo Achillis.
Kloppen : in het tandvlees ; in de tanden ; in de lendenen ; in het laatste gewricht van de rechterduim ; in de slapen.
Rukken : vanuit de anus in het rectum en abdomen.
Wringend gevoel : in de maag.
Onrust : in de benen.
Ongemak : in het rectum.
Onbehagen : in de maag.
Leeg, doods gevoel : in het epigastrium.
Leegtegevoel ; in de epigastrische streek ; in de borst.
Leeg, weggezonken gevoel : in de maagkuil.
Weggezonken gevoel : in de maagkuil ; in het epigastrium.
Zwakte : in de knieën ; in de lendenen ; van de sacro-iliacale streek ; in de onderste ledematen.
Lamheid : van armen en vingers.
Stijfheid : in de lendenen ; van elleboog- en polsgewrichten ; van de benen tot aan het heupgewricht ; in knie- en enkelgewrichten ; van de tong.
Droogheid : van de rand van de oogleden ; in neus en fauces ; in de keel ; in de choanen ; van de lippen ; van de mond ; van de tong ; in de achterste neusgangen ; van vulva en vagina ; in het strottenhoofd.
Gevoelloosheid : van de linkerzijde en de ledematen.
Doof gevoel : in de onderste helft van de linker lichaamshelft.
Jeuk : van de hoofdhuid ; op het achterhoofd of achter de oren ; van de binnenooghoek ; aan de rand van de oogleden ; in de oren ; van het gelaat ; van een eruptie op handen en dijen ; over het hele lichaam ; in rectum en anus ; in de streek van de urineblaas ; rond de genitaliën ; van de voorhuid ; van een eruptie op de binnenste schaamlippen ; van een eruptie op kin, wang en slapen ; van de vulva ; in de borst ; van de uitwendige borst ; in knie- en elleboogplooien en op de handen ; van het voorhoofd ; in het gelaat ; op de punt van de neus ; op armen, handen, rug, heupen, voeten, abdomen, genitaliën ; van puistjes op de kin ; in verschillende lichaamsdelen ; in een zweer ; van de tepels ; in de handen ; van de ellebogen ; op het achterste deel van de elleboog ; van ringworm op het gelaat ; van tetter ; van wratten.
Koude : in de kruin ; van de voeten ; in de zwelling aan de zijkant van het hoofd ; in het abdomen ; in de handen ; van de onderste ledematen ; in benen en voeten ; over het hele lichaam.
WEEFSELS [44]
Baarmoederaandoeningen.
Schadelijke gevolgen van verlies van lichaamsvloeistoffen; bloedingen uit inwendige delen.
Gevoel van zwaarte in het deel waaruit bloed vloeit.
Aanmerkelijke zwelling van de aderen van de aangedane ledematen.
Neiging tot jicht en aambeien.
Pijnloze zwelling van de lymfeklieren.
Erysipelas, meestal pustuleus.
Rheumatisme, chronische gevallen, of hardnekkige restverschijnselen na een acute aanval.
Artritische aandoeningen van de gewrichten; steenvorming.
Misvormde nagels.
Atrofie bij kinderen, vermagerd, gezicht als van oude mensen, dikke buik, droge, slappe huid, brijige ontlasting.
AANRAKING. PASSIEVE BEWEGING. VERWONDINGEN [45]
Aanraking : haar van het hoofd gevoelig ; bij zwelling aan de zijkant van het hoofd pijn < ; haarwortels pijnlijk ; van de tanden, tandpijn < ; tandvlees bloedt ; steken in het hypochondrium ; abdomen gevoelig ; plek aan de linkerzijde pijnlijk ; seksuele delen drukgevoelig ; tumor van de borst drukgevoelig ; van de rechterheup pijn als door subcutane ulceratie ; pijn in de rug > ; uitwendige laterale band van de knie gevoelig ; abdomen zeer drukgevoelig.
Druk : borende hoofdpijn > ; bij het samendrukken van de oogleden, ogen < ; aangezichtsneuralgie > ; lichte druk op de maag veroorzaakt hevige pijn ; plek aan de linkerzijde pijnlijk ; zachte druk, > symptomen van prolapsus uteri ; met de hand op de borst, > symptomen ; flatulentie > ; druk van de rug tegen iets hards > pijn ; zeurende pijn in het sacrum > ; wervelkolom drukgevoelig.
Hoofd strak ombinden : migraine >.
Kleding losmaken : > druk in de maag.
Wrijven : druk in het oog < ; bijten in de binnenooghoek en tranenvloed ; gelig-bruine vlekken aan de nek schilferen af.
Krabben : uitslag op de kruin voelt pijnlijk aan ; haarwortels branden ; jeuk verandert in branden ; > de jeuk van de plek op de rechterhand niet ; puistjes worden droog.
Rijden in een rijtuig : misselijkheid ; flauwte.
Rijden : steken in de leverstreek ; veroorzaakt pijn in de hypochondrieën ; doet de rug ernstig pijn.
Zeeziekte.
Schok : doet de rug ernstig pijn.
Misstap : doet de rug ernstig pijn.
De geringste stoot : neusbloeding.
Na een slag op de wervelkolom : drukgevoeligheid langs het hele verloop.
Het per ongeluk met de voet tegen iets schoppen veroorzaakt pijnlijke steken en men moet voorovergebogen lopen.
Letsel door te zwaar tillen : dyspepsie ; verrekte rug.
HUID [46]
Tere huid; de geringste verwonding neigt tot zweervorming.
Jeuk: in het gezicht; op de punt van de neus; op armen, handen, rug, heupen, voeten, abdomen en genitaliën; puistjes op de kin; op verschillende delen van het lichaam > door krabben, waarna een rozeachtige verkleuring ontstaat; in een zweer; van de tepels, die soms bloeden en lijken te zullen gaan etteren; in de buigzijden van de ellebogen; op de achterzijde van beide ellebogen.
Jeuk gaat bij krabben vaak over in branden.
Gevoeligheid van de huid; vochtige plekken in de knieholten.
Bruine of bordeauxrode, op tetter lijkende vlekken; chloasma.
Eruptie in het gezicht, een rode ruwe huidheid.
Pijnlijke eruptie op de punt van de neus.
Herpetische eruptie op de lippen en rond de mond.
Rode herpetische vlekken aan beide zijden van de hals met veel jeuk.
Gelig-bruine vlekken rond de hals die bij wrijven afschilferen.
Rode vlekken op de eikel.
Roodachtige herpetische vlekken boven de heupen.
Lensgrote bruine vlekken op de ellebogen, omgeven door een herpetisch uitziende huid.
Een ronde helderrode vlek op de bal van de rechterhand, met hevige jeuk die niet > is door krabben, 's avonds.
Fijne uitslag over het hele lichaam, vooral in de buigzijden van ellebogen en knieën; prikkeling, tinteling en jeuk; in een warme kamer bleef de uitslag aanwezig en voelde zij zich goed, ging zij in een koude kamer dan verdween deze en kreeg zij de hevigste reumatische pijnen in en rond deze gewrichten.
Vochtige puistvormige eruptie aan de rand van het vermiljoen van de bovenlip.
Vesiculaire eruptie op de rug; vochtige tetter in de linkeroksel.
Jeukende eruptie gevolgd door afschilfering.
Herpes circinatus.
Ringwormachtige erupties iedere lente op verschillende delen van het lichaam.
Talrijke bullae, in het gezicht nabij de mond, op de polsen en op de rugzijde van de handen; de twee grootste zaten op de polsen, symmetrisch in ligging en grootte; kleinere blaren op de armen en onder de knieën; aanmerkelijke jeuk en irritatie van de lederhuid onder de vesikels; de bullae op de polsen waren zo groot als een kippenei. θ Pemphigus.
Urticaria; branden, stekende pijn en jeuk, telkens optredend wanneer zij in de open lucht kwam; begon vijf jaar geleden eerst in het gezicht, op de hals en de onderarm, verspreidde zich geleidelijk over het hele lichaam, met uitzondering van rug, abdomen en onderbenen; aanvallen voorafgegaan door misselijkheid en drukkende hoofdpijn; gezicht gezwollen als bij erysipelas.
Netelroos: vooral in het gezicht, op de armen en borst; breekt uit tijdens een wandeling in koude lucht, verdwijnt in een warme kamer.
Bruinachtige vlekken op de borst.
Bruinrode herpetische vlekken op de huid.
Bruine vlekken op de huid met witte vloed.
Onrust in aanwezigheid van vreemden, een lichte siddering van het hele gestel wanneer men haar naderde; hoewel zij ernaar streefde kalm te lijken, gloeide haar gezicht plotseling op, maar keerde spoedig terug tot de gewone geelbleke kleur; lang bestaande huidaandoening; 's nachts jeuk en branden van de huid in de buigzijden van ellebogen en knieën, waarbij kleine puistjes opkwamen die een kleine hoeveelheid sereus vocht afscheidden; door krabben werden zij droog, terwijl de huid hier en daar ruw bleef met bruine herpetische vlekken; chlorotisch uiterlijk; pols zacht; opschrikken van kleinigheden; dromen met goede slaap; meer koorts in de namiddag; bedorven tanden; tong beslagen met een dikke, slijmerige aanslag, donker aan de wortel, lichter aan de randen, pleksgewijs opklarend en een zeer rood oppervlak achterlatend; onmiddellijk na het eten ernstige pijn in de maag, haar veroorzakend voorover te buigen, met braken van voedsel en een aanmerkelijke hoeveelheid slijmerig vocht; zelfs wanneer de pijn niet zo ernstig was en wanneer zij niet braakte, spuwde zij na de maaltijden een grote hoeveelheid van dit vocht uit; leefde bijna volledig op crackers met zo weinig mogelijk drinken; constipatie; menstruatie sinds bijna vier maanden onderdrukt; lichte pijn in de hypogastrische streek het grootste deel van de tijd; rug en ledematen zeer zwak. θ Chlorosis.
Rode vlekken en papels, geïsoleerd en in grote ovale plekken, bedekt met glanzende, witte, hechtende schubben, uitziend als stearine, op hoofd, gezicht, borst, rug, armen en benen, vooral op de strekzijden (plaatselijk werd sapo viridis gebruikt). θ Psoriasis.
Grote etterende pustels die zich voortdurend opnieuw vormen. θ Schurft.
Schurft, na eerder misbruik van zwavel; jeuk < 's avonds; vooral bij vrouwen.
Erupties tijdens zwangerschap en lactatie.
Droge ringworm, vooral in het gezicht van kinderen; droge, stinkende eruptie op de kruin en achter op het hoofd; jeuk en tinteling, met kloven achter de oren.
Pruritus, met vesikels op een bijtende ondergrond over alle delen van het lichaam, gezicht, oogleden, handen, voeten, oksels, vulva, anus, oren, behaarde hoofdhuid enz.
Jeukende, korstige tetters.
Tetterige erupties.
Stekende pijnen over het hele lichaam, met uitbreken van kleine pustels.
Eruptie zeer vochtig, bijna voortdurend pusachtig vocht afscheidend; het kind schokt vaak het hoofd heen en weer.
Vochtige tetter met jeuk en branden.
Ringworm; steenpuisten; pustels; pemphigus.
Zweren: pijnloos, op gewrichten en toppen van de vingers, stekend en brandend; vlak met een blauwachtig-witte basis.
De geringste verwonding neigt tot ulcereren, bij dunne, tere huiden.
Wratten: op de handen; in de hals met een hoornachtig uitgroeisel in het midden; kleine, jeukende, vlakke wratten op handen en gezicht.
Grote, harde zaadwratten; donker van kleur en pijnloos.
Spataderen.
LEEFTIJDSFASE, CONSTITUTIE [47]
Geschikt voor personen met donker haar, stugge vezel, maar een zacht en gemakkelijk karakter.
Bijzonder geschikt voor personen met donker haar en voor vrouwen, vooral tijdens de zwangerschap, in het kraambed en tijdens het zogen.
Kinderen vatten gemakkelijk kou wanneer het weer verandert.
Scrofuleuze personen.
Mannen die verslaafd zijn geweest aan drinken en seksuele excessen.
Potbuikige moeders, gele zadelvormige verkleuring over de neus, prikkelbaar, flauw bij de geringste inspanning, leuco-flegmatische constituties.
Meisje, æt. 5 maanden ; hoest.
Kind, æt. 8 maanden, blond, dik, tanden kwamen snel door, had drie weken geleden mazelen, de begeleidende hoest was nooit geheel verdwenen ; kinkhoest.
Zuigeling, æt. 1, lijdend sinds verscheidene weken ; hoest.
JTH., æt. 1 ; hoest.
Jongen, æt. 2 ; conjunctivitis.
Meisje, æt. 3 1/2, vlezig, leuco-flegmatisch, lijdend sinds drie jaar ; impetigo.
Kind, æt. 4, sterk, gezond ; oogontsteking.
Kind, æt. 5, blond ; vaginitis.
Meisje, æt. 5, teer, gezicht bleek en wasachtig, vermagerd, lijdend sinds vijftien maanden ; leukorroe.
Meisje, æt. 5, vader als kind scrofuleus, lijdend sinds drie maanden ; eruptie op de benen.
Jongen, æt. 6 ; maagkatarr.
Jongen, æt. 7, drie weken onwel, zou aan wisselkoorts lijden ; functionele stoornis van de lever.
Meisje, æt. 7, teer ; neusbloeding.
Meisje, æt. 8, licht haar, blauwe ogen, lichte teint, van scrofuleuze ouders ; wratten in het gezicht.
Meisje, æt. 10, sterk, goed gebouwd, donkerharig ; urine-incontinentie.
Meisje, æt. 11 ; scrofuleuze oogontsteking.
Jongen, æt. 12 ; tarsale tumor.
Meisje, æt. 14, blond, tere huid, geneigd tot huiderupties, nog niet gemenstrueerd ; eruptie op de hand.
Jongen, æt. 14, blond, lymfatisch-nerveus temperament, slank, tere witte huid, iedere lente geneigd tot een herpetische eruptie ; chorea.
Meisje, æt. 16, lang en slank, lichte teint, licht haar en ogen, lijdend sinds zes maanden ; wisselkoorts.
Meisje, æt. 16, sanguinisch-nerveus temperament, lang en slank, fijne gevoelige huid ; chlorose.
Meisje, æt. 16, teer ; hysterie.
Meisje, æt. 17, blond, licht haar, bleek, tere, gevoelige huid ; verplaatsing van de baarmoeder.
Meisje, æt. 18, blond, gezet, begon een jaar geleden te menstrueren, menstruatie afwezig, had als kind tinea capitis ; vervilting van het haar.
Meisje, æt. 19, sanguinisch temperament, donkerharig, rheumatisch ; hoofdpijn.
Mej. L. S., æt. 20, donkere teint, donker haar en donkere ogen, en levend in welgestelde omstandigheden, lijdend sinds zes jaar ; cystitis en prikkelbaarheid van de blaas.
Jonge plattelandsvrouw, æt. 20 ; zweten van handen en voeten.
Meisje, æt. 20, scrofuleus, sinds verscheidene jaren onwel ; neuskatarr.
Mej. P., æt. 20 ; psoriasis.
Sigarenmaker, æt. 21 ; gonorroe.
Vrouw, æt. 22, ongehuwd ; oogontsteking.
Meisje, æt. 22, menstruatie altijd schaars, drie maanden na kou vatten onderdrukt ; chlorose.
Man, æt. 22, donkerbruin haar, klein gebouwd ; dagelijkse wisselkoorts.
Man, æt. 22, na kou vatten derdedaagse wisselkoorts, kreeg kinine enz., twee jaar later vierdedaagse wisselkoorts, China gegeven, de aanvallen hielden een tijdlang op maar keerden altijd terug ; wisselkoorts.
Man, æt. 22 ; eruptie op de voeten.
Jonge dame, sanguinisch, gehuwd ; wisselkoorts.
Mevr. R. L., zwart haar, matig goed gevoed, lijdend sinds drie jaar ; hoest.
Vrouw, zwanger, blond, teer, zacht van aard ; tandpijn.
Vrouw, æt. 23, vier maanden geleden miskraam in de derde maand ; menstruele stoornis.
Man, æt. 23, zeer verzwakt door onanie, waarmee hij twee jaar geleden ophield ; zaadlozingen.
Wasvrouw, æt. 23, aangedaan sinds het 3e levensjaar ; overvloedig zweten van de handen.
Artillerist, æt. 24, prikkelbaar van aard, blond ; icterus.
Vrouw, æt. 24, ongehuwd, donkerharig, menstruatie normaal, lijdend sinds vijf jaar ; urticaria.
Man, æt. 24, donkerbruin haar, lijdend sinds vier dagen ; oogontsteking.
Vrouw, æt. 24 ; perimyelitis.
Man, æt. 24 ; maagkoorts.
Mevr. M., æt. 25 ; leukorroe.
Man, æt. 25, licht haar, ruwe schilferige huid ; derdedaagse wisselkoorts.
Vrouw, æt. 25, ongehuwd, sterk, gezond ; dysmenorroe.
Man, æt. 25, blond, slank ; fistel van de nek en hoest.
Vrouw, æt. 25, donker haar, bleek gelig gezicht, lijdend sinds verscheidene jaren ; benauwdheid.
Meisje, æt. 26, na zwaar tillen ; verplaatsing van de baarmoeder.
Vrouw, æt. 26, acht maanden zwanger ; ischias.
Meisje, æt. 27, donker haar ; furunkels en stinkend voetzweet.
Vrouw, æt. 27, nerveus temperament ; hemicranie.
Vrouw, æt. 27 ; hoofdpijn.
Mej. H., æt. 28, donkerbrunette, zusters stierven aan tering, had zes jaar geleden een longaandoening en hemoptoë, is verpleegster ; hoest.
Vrouw, æt. 28, met sedentaire leefwijze ; cardialgie.
Schoolmeester, æt. 29, lijdend sinds vijf of zes jaar ; hoofdpijn.
Vrouw, æt. 29, ongehuwd ; amenorroe.
Mevr. J., æt. 30, scrofuleuze habitus, sinds twee weken ; hoest.
Vrouw, æt. 30, sinds verscheidene jaren lijdend aan losse hoest, enkele dagen geleden bevallen van haar eerste kind, dat stierf, had pneumonie tijdens de zwangerschap ; phthisis pulmonalis.
Vrouw, æt. 30, blond, sanguinisch temperament, moeder van verscheidene kinderen, twaalf weken zwanger ; prolapsus uteri.
Vrouw, æt. 30, donkerharig, cholerisch temperament, verscheidene jaren gehuwd, drie weken geleden bevallen van een kind, na inspanning ; prolapsus uteri.
Man, æt. 30 ; scirrhus van de lip.
Vrouw, æt. 30, ongehuwd, tilde drie jaar geleden een zwaar voorwerp, sindsdien in meerdere of mindere mate lijdend ; verplaatsing van de baarmoeder.
Man, æt. 30, donkerbruin haar, nadat een zweer aan het been snel was genezen ; hoofdpijnen.
Man, æt. 30, lijdend sinds vier weken ; pijn in de rug.
Man, æt. 30, hartkloppingen.
Dame, æt. 30, tien dagen onwel, men zei dat haar ziekte voor remitterende koorts was gehouden en als zodanig behandeld ; functionele stoornis van de lever.
Mevr. B., æt. 32, sinds verscheidene maanden ziek ; asthenopie.
Vrouw, æt. 32 ; hoofdpijn.
Vrouw, æt. 32, moeder van verscheidene kinderen, nu drie maanden zwanger, eerste aanval van wisselkoorts op twaalfjarige leeftijd, sindsdien vaak terugkerend en steeds door kinine onderdrukt ; wisselkoorts.
Vrouw, æt. 33, donkerharig, lijdend sinds verscheidene weken ; leukorroe.
Mevr. S., æt. 35, nerveus temperament, heeft drie kinderen gehad, het jongste zeven maanden oud, lijdend sinds de laatste zwangerschap ; hydrometra.
Vrouw, æt. 36, blond, sanguinisch temperament, de laatste tien jaar geen kind, nu zeven maanden zwanger ; zwangerschapsklachten.
Vrouw, æt. 36, klein van gestalte, lijdend sinds vele jaren ; maagstoornis.
Man, æt. 36, kanonnier op een schip ; psoriasis.
Mej. E., æt. 37, lymfatisch temperament ; vaginitis.
Vrouw, æt. 37, moeder van vijf kinderen, het laatste vier jaar geleden doodgeboren ; amenorroe.
Vrouw, æt. 37, donker haar, bleek gezicht, moeder van vier kinderen ; pemphigus.
Kleermaker, æt. 37, donker haar, bleek, mager ; rheumatisme.
Mevr. P., æt. 38, zwart haar en zwarte ogen, gehuwd, moeder van drie kinderen, zegt dat zij het grootste deel van de laatste vier jaar onder behandeling is geweest. θ Baarmoederverzakking.
Vrouw, æt. 38, lang en slank, donker haar en donkere ogen, bilieus-nerveus temperament, veertien jaar gehuwd, heeft nooit geconcipieerd ; onvruchtbaarheid.
Joodse vrouw, æt. 38, blond, plethorisch, in armoedige omstandigheden, lijdend sinds de laatste bevalling drie jaar geleden ; amenorroe.
Mevr. H., æt. 40, lijdend sinds negen jaar ; aangezichtsneuralgie.
Mej. St., æt. 40, lijdend sinds verscheidene dagen ; tandpijn.
Vrouw, æt. 40, ongehuwd, lang en slank, zacht van aard, merkte de zwelling voor het eerst zes maanden geleden op ; scirrhus van de borst.
Boer, æt. 40, hardwerkende, robuuste man, donkere teint, opgeruimd temperament ; stekende pijnen in het oor, enz.
Vrouw, æt. 40, lijdend sinds haar veertiende jaar ; hoofdpijnen.
Vrouw, æt. 41, gehuwd, geen kinderen ; pijn in de lever.
Mevr. H., æt. 43 ; gastralgie.
Mevr. R., æt. 45, groot, dik, lichte teint ; urinaire moeilijkheden.
Man, æt. 45, donker haar, musculair ; dyspneu.
Vrouw, æt. 48, zou sinds haar vijftiende vier aanvallen van meningitis hebben doorgemaakt ; sinds de laatste aanval mentale stoornis.
Dame, æt. 49, gezet en vlezig ; hoest.
Vrouw, æt. 49, corpulent, had op vijfjarige leeftijd roodvonk, sindsdien hees, en 's winters gekweld door een losse hoest, na herhaalde blootstelling aan tocht werd de hoest droog ; ernstige hoest en orthopneu.
Vrouw, æt. 50, ongehuwd, in goede gezondheid tot vijf jaar geleden, toen de menstruatie ophield ; hoofdpijn.
Mevr. R., æt. 51, zwart haar, mager, sinds drie maanden geelzuchtig ; leveraandoening.
Mevr. M., æt. 52 ; pijn in vagina en rectum.
Mevr. W., æt. 55, vatte zes of acht weken geleden kou, sindsdien onwel ; pijn in de buik.
Mevr. W., æt. 56 ; procidentia.
Dame, æt. 67 ; cataract.
Man, æt. 75, lijdend sinds vijftien of zestien jaar ; eruptie op de benen.
Dame, æt. 76, lijdend sinds veertig jaar ; obstipatie.
RELATIES [48]
Tegengegaan door : Plantaardige zuren, Nitri spir. dulc., Acon., Ant. crud., Ant. tart., Rhus tox .
Het is een antidotum voor : Calc. ost., Cinchon., Mercur., Natr. mur., Natr. phos., Phosphor., Sarsap., Sulphur .
Onverenigbaar : Lachesis .
Complementair : Natr. mur .
Vergelijk : Borax, Mezer ., bij vesiculeuze erupties en zweren rond de gewrichten ; Arsen., Ars. jod ., bij psoriasis ; Lycop., Nux vom., Sulphur, Curare , bij chloasma ; Calc. ost., Tellur ., bij tinea ; Caustic., Pulsat ., bij droefheid ; Bellad., Iris, Nux vom., Pulsat., Sanguin., Therid ., bij hemicranie ; Natr. mur., Lilium., Kali carb., Jaborandi, Cyclam., Pulsat., Graphit., Thuja, Alumina , bij oogklachten ; Aloes, Lycop., Sulphur , bij abdominale klachten ; Murex, Kreos., Stannum, Podoph., Pulsat., Secale, Cauloph., Natr. carb., Natr. mur., Actæa rac., Aletris, Helon ., bij ziekten eigen aan vrouwen.