Zincum. (Zincum Metallicum.)

van Constantine HeringDe leidende symptomen van onze Materia Medica

Bewusteloos ; tekenen van uitstorting in de hersenen ; voeten voortdurend in beweging ; vaak na niet volledig ontwikkelde erupties.

Zwak geheugen, met stekende pijnen in het hoofd.

Grote vergeetachtigheid ; vergeet wat er gedurende de dag is verricht.

Mentale verrichtingen zeer moeilijk ; moeilijk om denkbeelden te vatten en gedachten te coördineren.

Herhaalt alle vragen voordat hij ze beantwoordt.

Gedachtenverlies en een soporeuze geestestoestand.

Staart bij het ontwaken alsof hij verschrikt is, het hoofd rolt van de ene zijde naar de andere.

Verbeeldingskracht levendig en opgewonden ; aanvallen van grote spraakzaamheid.

Fantastische illusies wanneer zij het hoofd omlaag houdt, alsof zij een grote krop had waarover zij niet heen kon kijken.

Angst wegens dieven of afschuwelijke verschijningen, terwijl zij wakker is, als bij koortsige verbeelding.

Angstige en huilerige stemming, die tegen de avond verdwijnt.

Angst en verveling, zij zoekt gezelschap.

Angstige stemming alsof een onheil was gebeurd.

Zeer onrustige stemming alsof hij een misdaad had begaan.

Angst: maakt haar 's morgens onrustig ; tijdens de menstruatie.

Denkt kalm aan de dood ; hypochondrisch, met maagsymptomen ; druk in de wervelkolom en vrees voor de dood.

Terneergeslagen 's middags ; levendig 's avonds, of omgekeerd.

Gevoelig voor het praten van anderen en voor geluid.

Praten of luisteren is kwellend ; veel gepraat van andere mensen, zelfs van degenen op wie hij gesteld is, werkt op zijn zenuwen en maakt hem nors en ongeduldig.

Stemming onrustig, onbestendig.

Prikkelbaar, schrikt gemakkelijk op.

's Middags prikkelbaar, korzelig, verschrikt ; > 's avonds.

Knorrig, nors ; gedurende verscheidene dagen geneigd tot stille wrok en ergernis ; stil ; het ergert hem wanneer hij genoodzaakt is een woord te spreken.

Knorrige, moedeloze stemming, vooral 's avonds.

Kind humeurig tegen de avond ; hersenen aangedaan.

Zeer ongeduldig, maar niet kwaadgehumeurd.

Gemakkelijk vertoornd en daardoor zeer aangedaan.

Hij wenst iemand in handen te krijgen op wie hij zijn woede zou kunnen botvieren.

Opvliegend, ongeduldig ; droevig, huilt vaak ; wanhoopt aan haar herstel ; is klagerig ; verdraagt geen geluid of het praten van anderen ; heeft afkeer van werk, kan of wil niet lopen.

Nors in de ochtend, middag en avond.

De antwoorden waren traag en hij sprak alsof hij slechtgehumeurd was.

Snikkend van ergernis, zonder duidelijke reden, met drukkende pijn boven op het hoofd.

Kwaadgehumeurd en droevig.

Zij ziet er zeer nors, somber en verstoord uit, zelfs 's morgens.

Korzelig en huilerig tijdens de menstruatie.

Onverschillig ; moedeloos ; tegenzin in werk.

Allesoverheersende droefheid.

Rustige gedachten aan de dood in de namiddag, met zwakte.

Hypochondrische stemming drie uur na het middagmaal, met druk onder de valse ribben, vooral rechts, met afkeer van werk en een onbehaaglijk gevoel door het hele lichaam.

Uiterst wisselende stemming ; afwisselend knorrig, prikkelbaar, twistziek, moedeloos en neerslachtig.

Hij kan vaak buitensporig lachen om een kleinigheid, maar is even gemakkelijk geërgerd.

Delier, met pogingen uit bed te komen ; starende ogen ; voortdurend beven van de handen en koude van de extremiteiten.

Grote vrees, alsof hij door mannen of de duivel werd vervolgd, wegens misdaden die hij nooit heeft begaan ; is bang gevangen gezet te worden, of vergiftigd, of doodgeschoten, of levend begraven, met grote opgewondenheid, papperige smaak, witachtig beslagen tong, oprispingen, verlies van eetlust, trage ontlasting, duizeligheid en hitte in hoofd en gezicht. θ Delirium tremens.

Na een aanval van buiktyfus herhaalde hij, op zangerige toon, telkens opnieuw elke vraag die hem gesteld werd, totdat hij door een tweede vraag werd onderbroken, die hij net als de eerste herhaalde, enzovoort.

Een onderwijzer met leucoflegmatische constitutie, vaak duizeligheid, gedurende verscheidene maanden een onwillekeurige, periodiek optredende lachbui die hij niet kan onderdrukken ; de aanvallen verschijnen verscheidene malen per dag en veroorzaken ernstige convulsies van borst en abdomen, bloedaandrang naar hoofd en hersenen ; neiging tot constipatie en apoplexie.

Een vrouw in haar overgangsjaren leed aan wanen, veroorzaakt door verdriet en woede ; geloofde dat zij wegens haar slechte daden voor de rechtbank werd gedaagd ; 's nachts kon zij niet slapen, en overdag was de slaap licht en niet verkwikkend ; gelooft dat de duivel haar achternazit ; gezicht en hoofd voelen heet aan, gelaatstrekken ingevallen, matige warmte wisselt af met koude over het hele lichaam ; duizeligheid, waggelende gang, verlies van eetlust, constipatie ; troebele urine met baksteenstofsediment ; na het ontwaken voelt zij zich slap en kan zich niet opwekken ; is zeer gevoelig, weent gemakkelijk ; pols niet frequent, maar onregelmatig in de kracht van de slagen.

Een tengere, teer gebouwde, maar gezonde jonge vrouw van 23, die in haar levensonderhoud voorzag door borduurwerk, verpleegde haar oude vader tijdens een langdurige en slepende ziekte, en voelde zich daarna mentaal en lichamelijk uitgeput ; na het herstel van haar vader keerde zij terug tot haar gewone werkzaamheden, maar er trad slaperigheid op, zonder enig ander ziekelijk symptoom, met verlies van eetlust, hoewel haar tong volkomen schoon was ; wanneer zij aan haar borduurwerk of aan haar naaitafel zat, slaakte zij een diepe zucht, viel de naald uit haar hand, zonk zij achterover in haar stoel, en sliep met krampachtig gesloten oogleden en de oogbol die in het rond draaide ; na vijf tot vijftien minuten geslapen te hebben, begon zij te huilen, of te zingen, of onsamenhangend te spreken, werd dan wakker om na enkele ogenblikken opnieuw in slaap te vallen en na een kwartier weer op soortgelijke wijze te ontwaken.

SENSORIUM [2]

Duizeligheid : hevig, na bukken, alsof alles rondtolt, met gonzen in het hoofd, 's morgens ; alsof hij een beroerte zou krijgen, met angst en vrees om halsoverkop voorover te vallen ; hij kon nauwelijks staan ; 's morgens bij het ontwaken, alsof het hoofd op en neer bewoog, met een soortgelijk zweven van de beelden van zijn verbeelding, alles tijdens halfbewustzijn ; na het middagmaal ; alsof hij door een mist heen zag, na het eten ; in het achterhoofd, 's avonds tijdens zitten en roken, met aandrang tot ontlasting ; in de gehele hersenen, vooral in het achterhoofd, alsof hij zou omvallen ; in het achterhoofd, alsof hij tijdens het lopen naar links zou vallen ; met hoofdpijn, 's morgens ; terwijl hij rechtop in bed zat, alsof het bed voortdurend heen en weer schommelde ; bij zitten en staan, verdwijnt bij lopen ; wanneer hij op een hoogte staat, alsof hij naar rechts zou vallen ; met zwakte in hoofd en abdomen, is zij genoodzaakt te gaan liggen ; van 's morgens tot de middag, lijkt het vaak alsof zij zal vallen ; met opvliegende hitte.

Duizeligheid, misselijkmakende zwakte bij vrij laat opblijven in de avond, als na het roken van te sterke tabak.

Veelvuldige aanvallen van duizeligheid, voorafgegaan door stekende druk bij de neuswortel en een gevoel alsof de ogen werden samengetrokken, als door een koord, onmiddellijk gevolgd door overmatige menstruatie, flauwte en beven van de handen.

Flauwvallen.

HOOFD, INWENDIG [3]

Dufheid van het hoofd: bij het ontwaken; na een maaltijd.

Zwaar gevoel in het hoofd, alsof het naar beneden zou vallen.

Onvermogen om het hoofd 's avonds op te houden.

Hoofd zwaar, duizelig en verward in de ochtend, als door slaapgebrek.

Zwak gevoel in het hoofd, vooral in de ogen.

Het hoofd voelt bedrukt; verdoofd en duizelig omstreeks het middaguur.

Duizelige verdoofdheid in korte aanvallen, met zwartheid voor de ogen en algemene zwakte, vooral in de voormiddag en avond.

Verdovende hoofdpijn, alsof door kolengas, de hele ochtend.

Druk in het hoofd, met dufheid.

Hoofdpijn: 's nachts, met duizeligheid; hevig, met hevige rillingen; > door wassen met koud water; > in de open lucht; < in een warme kamer, na eten en door wijn.

Hevige pijn in de hersenen, bijna tot waanzin drijvend, gevolgd door overmatig braken van gal en beven.

Pijn alsof er een scheuring door de gehele hersenen ging.

Stekende en scheurende pijn in het hoofd en snijdende pijn in de buik, met geeuwen tijdens en na het middagmaal.

Hoofdpijn door het drinken van zelfs kleine hoeveelheden wijn.

Pijnlijk woelen hier en daar in het hoofd.

Tintelingen en weergalm in het hoofd, bij luid spreken.

Hevig kloppen en scheurende pijn door het hele hoofd, vooral in de rechter voorhoofdstreek, van 's morgens tot 's avonds, na het gaan liggen.

Hoofdpijn in de streek van de linker voorhoofdswelving na het middagmaal.

Druk op de neuswortel, alsof die in het hoofd zou worden gedrukt.

Voortdurende doffe pijn dwars over de voorhoofdsholten, met extreme gevoeligheid van de kraakbeenderen van oor en neus.

In het voorhoofd: voortdurende doffe pijn; zwaar gevoel tijdens de menses, met een gevoel alsof het hoofd 's avonds naar achteren zou worden getrokken; elke ochtend drukkende hoofdpijn; druk in de rechter voorhoofdswelving; druk met dufheid, maakt denken moeilijk; een scherpe druk 's morgens bij het ontwaken, die daarna overgaat in een eenvoudige druk in de slapen; gevoel alsof lucht zich in de voorhoofdsholten perst; uiterste gevoeligheid; spanning en druk; drukkende hoofdpijn, met dufheid in het hoofd, slaperigheid en pijn in de ogen in de voormiddag; scherpe druk op een kleine plek in het midden, 's avonds; drukkend-scheurende pijn in de voorhoofdswelving, na het middagmaal; trekkende pijn; kloppende pijn; stekende pijn; scheurende pijn; scheurende pijn en kruipen, tijdens het avondeten; stekend-scheurende pijn, met hevige vergeefse aandrang tot niezen; steken, met een scheurende pijn alsof het hoofd zou barsten; een doffe borende steek boven de rechter voorhoofdswelving; knagend alsof door wormen.

In de slapen: scherpe, knijpende druk in de linker; voorbijgaande scheurende pijn; scheurende pijn in de rechter; schokkend-scheurende pijn boven de linker; stekend-scheurende pijn; doffe steken van tijd tot tijd in de rechter; steken als met naalden in de linker; gevoel van beklemming; krampachtig-scheurende pijn; scheurende pijn, na het middagmaal, met steken in het rechteroor; aanhoudende pijn en druk; doffe, krampachtige druk; druk in de rechter slaap, plotseling naar binnen schietend; druk in de linker slaap. In de kruin: trekkend-drukkend, kloppend-scheurende pijn; drukkend-scheurende pijn nabij de rechterzijde; scherpe scheurende pijn, ook in het linker wandbeen; fijne brandende steken in het midden; dufheid en zwaar gevoel; gespannen, doffe pijn; druk, < na het middagmaal.

Hemicranie, < na het middagmaal; scheurende en stekende pijn.

Aan de rechterzijde van het hoofd: scheurende en stekende pijn, na het middagmaal; pijnlijke borende pijn en druk; pulserende druk en scheuten; boren in het wandbeen, met een barstend gevoel, 's avonds, bij het staan; kloppende pijn, 's avonds.

Aan de linkerzijde van het hoofd: doffe pijn; drukkende, trekkende, borende pijn, na het middagmaal; boren in het wandbeen; trekkend-scheurende pijn.

Vaak samenschroevende pijn aan beide zijden van het hoofd, 's avonds.

In het achterhoofd: dufheid en hevige zwaarte; een uiteenpersende druk aan de rechterzijde; druk gedurende verscheidene uren na wandelen in de open lucht; trekkende pijn; trekkende pijn aan de linkerzijde; pijnlijk uiteendrijvend gevoel aan de linkerzijde, dicht bij de halswervels; knagend in de rechter achterhoofdsknobbel als door een muis; voortdurend knagen in het bovenste deel; beurse pijn; borende pijn; pijnlijk woelen als het slaan van golven, met een warmtegevoel op een plek aan de rechterzijde, zich omhoog uitstrekkend over de kruin, 's avonds; scheurende pijn aan de rechter- en linkerzijde; scheurende pijn aan de rechterzijde, met doffe steken boven op het hoofd; scheurende pijn aan de rechterzijde bij het lachen; dof stekend-drukkende pijn op een kleine plek.

Periodieke aanvallen van cefalalgie, met stoornis van het gezichtsvermogen, alsof er een dichte mist voor de ogen lag, kan zelfs grote voorwerpen niet onderscheiden; druk in de kruin en het voorhoofd van buiten naar binnen; grote verwardheid van het hoofd; gelaat bleek; verlies van eetlust; moedeloosheid; prikkelbaarheid; de pijnen worden erger naarmate de dag vordert, en zijn 's avonds zeer hevig; soms braken; met het opkomen van de pijn amblyopie, < naarmate de pijn toeneemt; bij het ophouden van de pijn is het zien normaal; aanvallen om de tien tot veertien dagen, duren twee tot drie dagen met wisselende intensiteit; stoelgang om de twee tot drie dagen.

Een meisje, æt. 24, fors gebouwd en regelmatig menstruerend, leed vier jaar lang aan drukkend-scheurende pijnen in het achterhoofd; steken in het rechteroog en scheurend-stekende pijnen in de oren, soms in de tanden; de pijnen nemen van jaar tot jaar gestaag toe, totdat haar geest eronder begint te lijden (Bellad. 30 verlichtte de steken in het oog).

Een man, æt. 34, leed jarenlang aan heftige aanvallen van duizeligheid, viel verscheidene malen per dag neer zonder het bewustzijn te verliezen; dof drukkende hoofdpijn in het voorhoofd en op de kruin; geheugenverlies, pijnen in de rug; hardnekkige constipatie, soms ging met de ontlasting helderrood bloed af; darmgerommel, gevolgd door winden en hitte in het rectum; urine bleek; diepe, niet verkwikkende slaap, met onrustige dromen, voelde zich de hele dag slaperig; zeer prikkelbaar.

Hoofdpijn; de pijn begon in het voorhoofd, liep naar de kruin, vervolgens naar het achterhoofd, zette zich daarna vast boven op het hoofd en leek, zolang zij duurde, ondraaglijk; > door beide handen tegen de zijkanten van het hoofd te drukken.

Chronische hoofdpijn in het achterhoofd; de pijn strekt zich soms uit naar de ogen, doet haar zich zwak en tot niets in staat voelen; gevoel van een zware last boven op het hoofd; hoofdhuid en haar voelen pijnlijk aan (gekneusd gevoel); een gevoel in het achterhoofd alsof het versuft is geslagen; versuft gevoel tijdens de pijn; de pijn duurt de hele dag.

Hoofdpijn in het achterhoofd; grote dufheid; onbeschrijfelijke, zwaar trekkende pijn in het achterhoofd; gevoel alsof de hoofdhuid gerimpeld werd, zich steeds strakker trok en zo bleef; soms alsof insecten van het achterhoofd naar het voorhoofd kropen; de hoofdhuid voelde pijnlijk aan, zelfs bij het aanraken van het haar; de pijn kwam altijd op wanneer het gas werd aangestoken en hield aan tot hij naar bed ging; kon niet stil blijven, moest in beweging blijven; < door sterke drank.

Chlorotische cefalalgie gedurende twee jaar; druk boven op het hoofd en in het voorhoofd, geleidelijk in intensiteit toenemend na het middagmaal; vaak duizelig, gevolgd door misselijkheid en braken van gal; gelaat bleek; pols snel en klein; beslagen tong; gebrek aan eetlust en constipatie, ontlasting hard, klein en droog; menses twee jaar afwezig; duidelijk uitgesproken cerebrale depressie.

Chlorotische hoofdpijnen, vooral bij patiënten van wie het bloed met ijzer verzadigd is.

Cerebrale en nerveuze uitputting; chronische migraine, met grote zwakte van het gezichtsvermogen; ongedurig gevoel in benen en voeten.

Hersenvermoeidheid door anemie van de hersenen.

Grote cerebrale en nerveuze depressie, met melancholie.

Hoofdpijn in de ochtend door overmatige studie; temperatuur 105 °F; huid koud, vooral op het hoofd; trage en zachte pols; wilde in een donkere kamer zijn, wilde niet lastiggevallen of aangeraakt worden, zei alleen dat zij slaperig was en hoofdpijn had.

Voortdurende sluimering, met het achterhoofd diep in het kussen gedrukt; ogen half open, met verwijdde en omhooggetrokken pupillen; scheelkijken, staren, rollen van de oogbollen; gelaatstrekken eigenaardig veranderd; gelaat ingevallen, bleek, koud, of afwisselend warmte en roodheid van de wangen; vaak doordringend, luid schreeuwen, met beven, aanhoudend kreunen; trekken aan droge, gebarsten lippen, of met de vingers in de neus boren totdat deze bloedt; automatische bewegingen van hoofd en handen; ademhaling onregelmatig; korte, droge, krampachtige hoest; pols klein, snel, zeer veranderlijk; wil gehaast drinken; wil niet aan de borst; buik heet, droog, ingevallen, met constipatie; onwillekeurige mictie; het kind ligt in volkomen apathie, is onrustig bij beweging, die hoest en braakneiging verergert.

Epidemische meningitis cerebro-spinalis; kortademigheid, angst, druk op de borst en vaak terugkerende droge kuchprikkeling, pols opvallend traag; pols klein, snel, zeer veranderlijk, ademhaling onregelmatig; korte, droge, krampachtige hoest; geestelijke stoornis.

Dreigende verlamming van de hersenen; volledige bewusteloosheid; het kind ligt bewegingloos, of er zijn schokken van het hele lichaam en trekkingen van afzonderlijke ledematen; tandenknarsen; schelle, vreselijke kreten, met veranderde stem; kan niet spreken; achterhoofd zeer heet; voorhoofd koud, bedekt met koud zweet; wit, bleek, verwrongen gelaat; ademhaling kort en snel, maar zonder reutelen; onwillekeurige ontlasting en urinelozing; ledematen ijskoud, en het hele lichaam koel; overal blauwrood; pols draadvormig, nauwelijks te tellen; stuipen, gevolgd door stupor; achterhoofd heter dan voorhoofd; kreten vóór de spasmen; beven van de spieren; voeten voortdurend in beweging tussen de aanvallen; schaarse, bloederige urine. θ Scarlatina.

Hersenschudding, na een val uitlopend op ontsteking; herstelde niet volledig, maar begon na enkele weken haar eetlust te verliezen, klaagde over voortdurende pijn in het hoofd, < bij lopen of rijden; bleek, mat, ongenegen om te bewegen, sleepte bij het lopen met haar voeten, vooral met de rechter.

Meningitis, prikkelingsstadium (Bellad. werkt niet).

Hydrocephalus na gastro-enteritis; comateus na narcotische convulsies, die de afgelopen vierentwintig uur vaak waren opgetreden.

Hydrocephalus; het kind heeft de voeten voortdurend in beweging; opzetting van de buik; constipatie, met harde en droge feces; bij het ontwaken toont het kind tekenen van angst, en rolt het het hoofd van de ene naar de andere zijde; het huilt, schrikt op en springt tijdens de slaap.

Hoofd, uitwendig [4]

Gevoel van gevoeligheid van de kruin, alsof er ulceratie was ; < 's avonds in bed en na het eten ; > na krabben.

Haar : valt uit op de kruin, veroorzakend volledige kaalheid, met gevoelige sensatie van de hoofdhuid ; valt overvloedig uit ; gevoel alsof het overeind stond, vooral boven het linkeroor ; op de kruin ; pijnlijk bij de geringste aanraking.

Voorhoofd koel, basis van de hersenen heet.

Jeukende puistjes op de hoofdhuid.

Jeukende vochtige uitslag op en boven beide slapen.

Etterende pijn aan een zijde van de hoofdhuid.

Stekend, scheurend prikken in de huid van het linker voorhoofd boven de wenkbrauw.

Gevoel alsof de hoofdhuid naar een punt toe samengetrokken werd.

Trekkend gevoel in de huid op de kruin.

Pijnlijk, rauw gevoel op een kleine plek aan de rechterzijde van de hoofdhuid.

Vaak rauwe jeuk op een kleine plek midden op de hoofdhuid.

GEZICHTSVERMOGEN EN OGEN [5]

Fotofobie ; vrees voor zonlicht, met doffe, tranende ogen.

Lichtgevoelig ; hersenen aangedaan.

Amaurose : tijdens hevige hoofdpijn, verdwijnend met de hoofdpijn ; met vernauwde pupillen.

Ogen wazig, tranend ; hersenaandoeningen.

Ziet lichtende voorwerpen ; na operaties.

Bij het omhoogkijken een donkere, diagonale lijn voor het linkeroog, recht omhoog en naar rechts, ongeveer zes voet lang.

Gele, blauwe en groene ringen voor de ogen, met een lijdende uitdrukking en slaperigheid.

Voorwerpen schijnen langgerekt en soms dubbel.

Flikkeren voor de ogen.

Vurige vlokken zweven in grote cirkels voor de ogen bij het kijken naar de hemel.

Wazig en nevelig zien 's morgens bij het ontwaken.

Wegvallen van het gezichtsvermogen : met verstrooidheid ; met tranenvloed en branden, na het middagmaal en vaak bij het schrijven.

Diplopie : linkeroog sterker aangedaan dan het rechter ; nam toe, en er ontwikkelde zich duidelijk scheelzien.

Pupillen afwisselend verwijd en vernauwd, gewoonlijk verwijd.

Overdag overvloedig vochtige ogen, 's morgens verkleefde oogleden.

Tranenvloed 's morgens bij het ontwaken, ook in de open lucht.

Ogen naar buiten gedraaid.

Zwak en ziek gevoel in de ogen.

De ogen voelen aan alsof zij veel geweend had.

Pijn in de ogen alsof zij naar binnen werden gedrukt.

Grote onrust en ondraaglijke pijn in het linkeroog, vaak met grote zwakte in het hoofd.

Druk : op de ogen, ook tegen de avond ; spannend in het rechteroog, als bij rheumatisme ; hevig in het rechteroog en in de slapen ; hevig in het linkeroog bij lopen in de open lucht ; met scheurende pijn in het linkeroog ; voortdurend in het linkeroog, 's avonds.

Scheurende steek boven het linkeroog, tegelijk in de navelstreek.

Prikkelend, bijtend gevoel in het onderste deel van het linkeroog, en daaronder op de wang.

Bijtende pijn in het linkeroog, > door wrijven.

Stekende, scheurende pijn in ogen en hoofd.

Snijdende, drukkende steek in het rechteroog.

Trekken in de linker oogbol.

Voortdurend branden in de ogen in de namiddag.

Veel branden in ogen en oogleden, 's morgens en 's avonds, met gevoel van droogheid en druk daarin.

Branden en bijtende pijn, met fotofobie van het oog, dat traant, vooral 's avonds, en 's morgens verkleefd is.

Kriebeling in het rechteroog, alsof door stof.

Rauw, pijnlijk, bijtend gevoel in de ogen, tegen de avond, vooral in het rechteroog.

Jeuk van de ogen.

Verkleven van de binnenooghoek, 's morgens, met drukkend rauw gevoel.

Branden van het linkerooglid, alsof het te droog was.

Gevoel van gevoeligheid in de binnenooghoeken.

Druk op de rand van het linker onderooglid, nabij de binnenooghoek.

Gevoeligheid en bijna voortdurende jeuk in de binnenooghoek van het rechteroog ; ook jeuk aan andere delen van het lichaam, rug, handen en armen ; alle symptomen < tegen de nacht ; r. onderooglid letterlijk gevuld met kleine gezwelletjes, in het bovenooglid verschijnen er verscheidene ; caruncula gezwollen en helderrood, bulbaire conjunctiva naar de binnenooghoek toe geïnjecteerd ; rand van het onderooglid verdikt, verhard, helderrood, enigszins naar buiten gekeerd. θ Tarsale tumoren.

Pijnlijke druk in de rechter binnenooghoek, met roodheid van de conjunctiva.

Bijtende pijn in de rechter binnenooghoek > door wrijven.

Jeuk en stekende pijn in de binnenooghoeken, met troebel zien.

Gevoel van droogheid in de oogbol.

Kerato-iritis met hevige nachtelijke pijnen, vooral in de binnenooghoek.

Aanvallen van amblyopie traden plotseling op, met hevige druk in kruin en voorhoofd, van buiten naar binnen, < in namiddag en avond ; de amblyopie verscheen als een dichte wolk, werd erger totdat zij volkomen blind werd, en verdween dan met de pijn ; gezicht bleek, appetijt gering, zeer prikkelbaar.

Syfilitische iritis ; pijnen traden niet op voordat hij 's nachts ging liggen, dan overvloedige, hete, schroeiende tranenvloed ; de pijnen waren dof en betroffen oogbollen en wenkbrauwen ; kan niet langer dan tien minuten slapen ; moet ontwaken met de ogen vol brandend water ; geen afscheiding van slijm of etter, eerder droogheid van conjunctiva, oogbol en oogleden, die sterk ontstoken zijn ; < bij liggen.

Keratitis pustulosa (Euphrasia verlichtte) ; een aanhoudende roodheid van de conjunctiva bleef bestaan, zonder enige afscheiding ; < tegen de avond en in koele lucht.

Pterygium bedekte de helft van de pupil en groeide snel ; sterke injectie van de conjunctiva, tranenvloed 's avonds, afscheiding en fotofobie, vooral door kunstlicht, prikkende pijn en gevoeligheid, < in de binnenooghoek en 's avonds ; grote druk over de neuswortel en de supraorbitale streek.

Pterygium ; in het rechteroog juist de cornea bereikend ; in het linkeroog zich uitstrekkend van de binnenooghoek tot aan de pupil ; het had een breedte van anderhalve lijn en was dik en vaatrijk ; het binnenste deel van de conjunctiva sterk geïnjecteerd ; de binnenzijde van de oogleden samengetrokken, de wimpers geneigd naar binnen te draaien, hoewel zij niet tegen de oogbol liggen ; uitwendige ooghoeken gevoelig en gebarsten ; de ogen voelen pijnlijk en heet aan bij het in koude lucht gaan, > in een warme kamer ; 's nachts jeuk, hitte en overvloedige tranenvloed ; zij ziet met het linkeroog een groene lichtkrans rond avondlicht ; telt vingers slechts op tien voet ; aanvallen van bloedaandrang naar het hoofd en over het gezicht, gevolgd door transpiratie over het lichaam.

Roodheid met hevig branden en schrijnen als van zout in het linkeroog, vooral in het bovendeel, en ondraaglijke jeuk, vooral in het onderste deel ; schroeiende tranenvloed uit het oog ; linker oogleden kleven bij het ontwaken, hetzij 's nachts hetzij 's morgens, met gele afscheiding ; conjunctiva van het linkeroog, en die van de binnenzijde van het linker onderooglid, is rood, en er is een roze zone rond de linker cornea, die troebel is ; zeurende pijn boven het linkeroog ; fotofobie, vooral voor zonlicht, zelfs licht dat op het gezonde oog valt veroorzaakt pijn in het zieke ; blaasjes vormen zich op de oogbol, met hevige brandende, kloppende pijn, als bij een fijt, zij barsten open en scheiden een witte kleverige stof af, het oog geneest de volgende dag ; met de aanvallen, afscheiding uit het linker neusgat ; druk > pijnen en jeuk ; branden en schrijnen zijn < door toepassing van koud water ; > door warm water ; < bij liggen op de rug of de rechter (niet pijnlijke) zijde ; > bij liggen op de linker (pijnlijke) zijde ; branden na 8 uur 's avonds ; aanvallen komen altijd 's nachts en wekken haar soms ; alle symptomen < 's nachts.

Ontsteking en roodheid van de conjunctiva van het rechteroog ; ettering in de binnenooghoek ; ogen het pijnlijkst in avond en nacht, als van zand, met vaak tranenvloed ; zelfs het bovenooglid naar de binnenooghoek toe is rood en gezwollen.

Ontsteking van de ogen tijdens de menstruatie.

Aanhoudende roodheid, vooral aan de binnenooghoek, < 's avonds en in de open lucht, blijvend na pustuleuze keratitis. θ Flyktenulaire oftalmie.

Bindvliesontsteking, pijnen < 's nachts ; ontsteking meer in de binnenooghoek.

Ontsteking en roodheid van de conjunctiva van het rechteroog, en etter in de binnenooghoek ; oogpijnen vooral 's avonds en 's nachts, alsof er zand in zat ; vaak tranenvloed ; bovenooglid rood en gezwollen naar de binnenooghoek toe.

Schokken in de linker wenkbrauw.

Druk boven het rechteroog, plotseling en pijnlijk, met een neerdrukkend gevoel in de oogleden.

Fijne stekende, scheurende pijn in en boven de linker wenkbrauw.

Trillen van het linker onderooglid.

Afhangen van het bovenooglid en oedeem van het onderooglid.

Gevoel van gevoeligheid in het rechter bovenooglid.

Gevoeligheid van de buitenooghoek met bijtende pijn.

Een drukkend branden, vooral in het linkerooglid, bij het lezen.

Fijn steken als met naalden in het rechter onder- en linker bovenooglid.

Jeuk aan de rand van het linker bovenooglid.

Hevig branden na operaties.

Scheelzien.

Bovenoogleden zwaar, als verlamd ; ptosis.

Korrelige oogleden ; na ophthalmia neonatorum.

GEHOOR EN OREN [6]

Gehoorverlies.

Geluiden in de oren : continu gedurende de nacht ; dof gezoem, 's avonds pulserend, zeer hinderlijk tijdens het schrijven ; gezoem vóór het rechteroor ; oorsuizen ; hevig bruisen ; oorsuizen in het rechteroor 's nachts ; gekraak en kloppen in het oor na het ontbijt ; een knal als van het breken van een ruit, bij het inslapen.

Scheurende pijnen in de oren.

Frequente, aanhoudende snijdend-scheurende steken diep in het rechteroor, nabij het trommelvlies.

Oorpijn, met scheurende steken en uitwendige zwelling, vooral bij kinderen.

Neuralgie van het middenoor, scheurende en snijdende pijnen, vaak met ettering.

Oorpijn bij kinderen, vooral jongens.

Otorrhoe van foetide etter.

Veel purulente afscheiding uit het linkeroor dag en nacht ; opening gezwollen en heet, met linkszijdige hoofdpijn.

Kwalijk riekend vocht uit het linkeroor.

Toename van oorsmeer in het linkeroor, dunner dan gewoonlijk, met belemmerd gehoor ; het kloppen van de pols zeer duidelijk, veroorzaakt bruisen in het oor.

Uiterste gevoeligheid van het kraakbeen van oor en neus, met pijn over de voorhoofdsholten, de geringste wrijving of buiging van het oor- of neuskraakbeen veroorzaakt acute pijn.

Hevige krampachtige pijn in de oorlel van het linkeroor, uitstralend naar de nek, bij het peuteren met de vinger in het oor.

Pijn als na een slag, bij aanraking, onder en vóór het rechteroor, in het bot.

Scheurende pijn in het bot vóór het linkeroor.

Drukkende, samensnoerende pijn in het bot onder en vóór het r. oor, met dofheid in het voorhoofd.

Knijpende, trekkende pijn achter het linkeroor, uitstralend naar de onderkaak.

Schokkerige oorpijn, vanuit de mond langs de buis van Eustachius.

Scheurende pijnen in de oren op verschillende tijdstippen, soms met jeuk, of 's morgens met een kruipend gevoel, 's avonds met branderigheid.

Stekende en scheurende pijn in het linkeroor, dicht bij de oorlel.

Een soort knijpend, schokkerig gevoel in het oor.

Kriebeling in het linkeroor, niet > door wrijven.

Jeuk in het rechteroor, > door erin te peuteren.

Jeuk in het linkeroor, met, bij het erin steken van de vinger, het gevoel alsof er vlooien in rondsprongen.

REUKZIN EN NEUS [7]

Neus droog ; de hersenen aangedaan.

Veelvuldig bloed uit de neus snuiten.

Kortdurende neusbloeding bij het snuiten van de neus, na het middagmaal, gevolgd door een verdoofd gevoel in het voorhoofd alsof door een beroerte, met voorwerpen die voor de ogen zwemmen.

Niezen : voorafgegaan door een snijdend kruipend gevoel in de neus, 's morgens en 's middags ; na een maaltijd ; frequent, zonder coryza.

Coryza : met heesheid en branden in de borst ; met pijnlijke gevoeligheid van de neusgaten ; met een gevoel van verstopping ; vloeiend, met gekriebel in de neus en frequent niezen ; overvloedig, met een schrale keel ; vloeiend, tegen de avond, met druk op de rechter amandel bij slikken en geeuwen ; hevig, droog, de hele dag, met pijn in de rug, vooral bij het zitten ; plotseling, 's avonds na het gaan liggen ; vloeiend, afwisselend met droogheid, vooral 's avonds.

Verstopping van de neus.

Neus voelt vanbinnen pijnlijk gevoelig aan.

Zwelling van één zijde van de neus, met verlies van reukzin.

Boren met de vingers in de neus, of trekken aan droge lippen.

Gevoel van pijnlijkheid hoog in de neusgaten, een scheurende pijn in het rechter neusgat.

Scherp snijdende pijn aan de binnenrand van de linkerneusvleugel.

Zwelling en pijnlijkheid van de linkerneusvleugel.

Jeuk in het linker neusgat, gevolgd door frequent niezen, daarna overvloedige neusbloeding, gestelpt door koud water.

Jeuk in het rechter neusgat.

Trekkende en scheurende pijn in het rechter neusgat na het middagmaal.

Stekende pijn in het neustussenschot bij aanraking.

Fijne scheurende pijn uitwendig aan de rechterzijde van de neus.

Zwelling aan de rechterzijde van de neus.

Knijpend gevoel in de neuswortel : met dofheid in het voorhoofd ; uitbreidend naar het oog ; met steken in de kaken.

Druk op de neuswortel, alsof deze in het hoofd zou worden gedrukt, bijna ondraaglijk.

Roodheid van de neus, die na bevriezing blijft bestaan ; de punt van de neus bevriest gemakkelijk.

BOVENSTE GELAATSHELFT [8]

Gezicht : uitdrukkingsloos ; apathisch ; prikkelbaar ; lijkachtig ; ingevallen ; onnatuurlijk ; aardkleurig, als na een langdurige aandoening ; cachectische gelaatskleur, blauwachtig-wit ; blozend ; bleek, afwisselend rood, bij hersenaandoeningen en bij duizeligheid ; aardkleurig, met dwalende uitdrukking ; wasachtig, wit of geel, bij tyfus ; bleek, bij chronische ziekten, met sterke vermagering ; loodkleurige tint, bij scirrheuze tumoren.

Scheurende pijn in het jukbeen, uitstralend naar de bovenkaak.

Een plotselinge drukkende steek van het rechter jukbeen naar de bovenrand van de orbita, diep in het bot, gevolgd door grote gevoeligheid van die plek, 's avonds.

Krampachtig trekken van de musculi risores, met voortdurende neiging tot lachen.

Samentrekking en krampachtig trekken van de spieren van het gezicht, met misselijkheid en onophoudelijk braken.

Beurse pijn in de botten van het gezicht en de oogkas.

Schokachtige steken als van naalden in het gezicht.

Zwelling en jeuk van de linkerwang.

Drukkende pijn in de bovenkaak nabij de linkerneusvleugel.

Scheurende pijn in de linkerwang.

Scheurende pijn in het rechter jukbeen, met beurse pijn op die plek bij druk.

Neuralgie van het vijfde paar, < door aanraking en 's avonds.

Hevige branderigheid, stekende uitschietingen en bliksemachtige schokken en rukken vanuit het foramen infraorbitale over de rechterzijde van het hoofd naar het achterhoofd en de onderkaak ; gezicht aan de rechterzijde gezwollen, gespannen en heet, oog kleiner en in de oogkas teruggetrokken, oogleden blauwachtig, een gevoel in de tanden alsof zij eruit getrokken zouden worden, tong gevoelloos, keel vernauwd, speekselafscheiding vermeerderd ; aanvallen meestal na het eten (tussen 5 en 7 uur 's avonds), duurden één tot drie uur, en gedurende die tijd kon patiënt de minste aanraking van het hoofd niet verdragen en schreeuwde van de hevigheid van de pijn.

Een scirrheuze knobbel op de rechterwang, ter grootte van een walnoot, koud zweet op het voorhoofd.

ONDERSTE DEEL VAN HET GEZICHT [9]

Lippen gezwollen; droog, gebarsten.

Dikke, taaie afscheiding op de lippen, zonder geur of smaak.

Droogheid van de lippen.

Bovenlip: hevige musculaire trekkingen aan de linkerzijde; rauw, ulcererend in het midden; een schokkend-scheurende pijn aan de rechterzijde; een voorbijgaande steek; fijne steken.

Onderlip: spannend, pijnlijk smarten; brandend smarten aan de binnenzijde.

Lippen en mondhoeken gebarsten, met gelige ulceratie.

Krampachtig-scheurende pijn hier en daar in de onderkaak, vooral in de kin.

Scheurende steken die in elkaar overgaan, in de kin en keel.

Stekende pijn in het kaakgewricht, onder en voor het linkeroor, bij het naar achteren bewegen van de kaak en bij krachtig dichtbijten, en bij druk met de vinger op het gewricht.

Roodheid en jeukende uitslag op de kin.

TANDEN EN TANDVLEES [10]

Tanden voelen alsof ze op scherp staan.

Tandpijn : pijnlijk schokkende pijn ; schokkende, hevig scheurende pijn in de achterste onderste kiezen ; schokkende pijn in de rechter onderkiezen, 's avonds na het gaan liggen ; van tijd tot tijd schokkende pijn in de linker tanden ; schokkende steken in de linker onderkiezen, ook 's avonds na het inslapen, met plotseling ontwaken uit de slaap ; plotseling stekende, schokachtige trekkende pijn in alle snijtanden ; scheurende pijn in de wortels van de rechter boventanden ; scheurende pijn in de linker bovenkiezen ; scheurende pijn die vanuit de wortel van een rechter boventand naar de slaap trekt, 's avonds na het gaan liggen ; scheurende pijn in een holle kies, bij het zuigen eraan komt er bloed, en bij druk is de pijn tijdelijk < ; scheurende pijn in de achterste linker onderkiezen, 's avonds ; scheurende pijn in de linker achterste kiezen boven en onder, daarna in de wang, uitstralend naar slaap en voorhoofd ; scheurende en trekkende pijn in de linker ondertanden, vooral in de snijtanden ; stekende pijn in de wortels van de linker bovenhoektand en de aangrenzende snijtanden ; stekende pijn in de linker onderkiezen, voortdurend 's avonds ; steken in de linker tandrij en kaak, uitstralend naar de nek ; trekkende pijn in de linker bovensnijtanden ; trekkende pijn nu aan de rechter-, dan aan de linkerzijde van de onderste achterkiezen ; trekkende pijn, of schrijnend en stekend in de wortels van de (bovenste) voortanden en in het harde gehemelte ; drukkend-trekkende pijn in de rechter onderste achterkiezen ; trekkende pijn in de wortels van de bovenste voortanden en tegelijk in de keelholte, uitstralend naar de nekspieren ; kloppende pijn in een holle tand na het eten of nadat men warm is geworden en kou heeft gevat ; afwisselend kloppend-trekkende pijn in de kiezen van de rechter- en linkerzijde ; pijnlijk branden in de voortanden, waarbij op de onderzijde van de tong wordt gebeten.

Gevoel van gevoeligheid in de tanden.

Tanden voelen lang en los aan, met zwelling van de submaxillaire klieren.

Knarsetandt.

Plukkende en prikkelende sensaties in gezonde tanden, met trekkende pijnen in de kaken.

Zweer aan de wortel van een aangetaste tand, gevoelig bij aanraking, met een gevoel alsof de tand langer is ; bij druk komt er bloed uit.

Er scheen water uit de rechter achterste onderkies te komen ; wanneer zij die met de tong aanraakte, ontstond daarin een hevig stekende pijn.

Tandvlees : wit ; gezwollen ; gevoelig, pijnlijk ; kan niet kauwen ; witte vliesjes ; bijtende pijn en jeuk aan de binnenzijde ; de binnenzijde pijnlijk, alsof rauw ; en van de tanden losgeraakt ; pijnlijk tijdens het eten, geülcereerd, wit, bloedt gemakkelijk ; bloedt bij de geringste aanraking.

SMAAK, SPRAAK, TONG [11]

Smaak : zoetachtig ; metaalachtig ; als bedorven kaas ; bloederig ; bitter, in de fauces ; laf ; als van een zoetachtig poeder, in de keel ; zoet, onder het voorste deel van de tong ; smaak van bloed in de mond, en een onaangename zoete smaak die uit de maag opstijgt ; smaak van bloed, met een gevoel van droogheid in de keel en een gewaarwording van pijnlijkheid die uit de borst opstijgt ; van bedorven kaas in het voorste deel van de mond, verdwijnend bij het slikken, waartoe hij wordt gedrongen wegens slijm in de keel ; bitter, slijmerig, 's morgens bij het ontwaken ; koperachtig ; kleverig ; zoutachtig, met droogheid in de keel ; als na het eten van rauwe erwten.

Tong : droog, wil niet spreken ; aan de wortel beslagen en droog (hersenziekten) ; aan de linkerzijde gezwollen, waardoor spreken wordt bemoeilijkt ; bedekt met blaasjes ; wit, of gelig-wit ; wit, als van kaas, zonder smaak ; vuil, vochtig ; droog ; pijnlijk alsof rauw ; bedekt met wit slijm ; met blaren, pijnlijk bij het eten.

Echolalie ; patiënten herhalen op monotone, zingende wijze woorden en zinnen van de personen naast hen zonder zich daarvan bewust te zijn.

Zwakte van de spraakorganen bij het lezen.

MONDHOLTE [12]

Stekende, bijtende pijn in het gehemelte dicht bij en in de wortels van de snijtanden.

Vermeerderde speekselvloed, met een kruipend gevoel aan de binnenzijde van de wangen.

Ophoping van zuur, bitter water in de mond.

Ophoping van speeksel : met misselijkheid ; met een metaalachtige smaak ; met neiging tot braken ; met steken in de punt van de tong ; met tinteling aan de binnenzijde van de wang.

Zwelling van het gehemelte en van de holte juist achter de snijtanden, met pijn bij aanraking.

Ontsteking van het gehemelte.

Gele zweren aan de binnenzijde van de onderlip en van de linkerwang, vooral pijnlijk in de ochtend.

Foetide adem.

Pijn in het gehemelte en het velum palati, vooral bij geeuwen.

Herpetische plekken op de tonsillen, het zachte gehemelte en de tongwortel ; witachtige, enigszins verheven, geülcereerde plekken in de mond, als sequelae van gonorroe.

Herpes (gelig) in de mond door zeebaden.

Zwelling van de submaxillaire klieren.

GEHEMELTE EN KEEL [13]

Droogheid van de keel: 's avonds; met ophoping van slijm in het strottenhoofd, en voortdurende neiging om taai slijm op te schrapen, dat zich spoedig opnieuw verzamelt en irritatie veroorzaakt; bij het slikken, of ook zonder te slikken, na het middagmaal; slijm verzamelt zich vanuit de achterste neusgangen.

Gevoeligheid in de keel; scheurende pijn in de achterste fauces, meer tussen het leeg slikken door of na het eten.

Schraalheid en droogheid in keel en strottenhoofd, vaak en op verschillende tijdstippen, vooral 's morgens of na het middagmaal, dwingend tot keelschrapen of hoesten, soms verdwijnend na voedsel.

Heesheid en schraalheid in de keel, kon nauwelijks ademhalen.

Keelpijn, zwelling en ulceratie van de amandelen.

Angstig, pijnlijk gevoel in de keel, vooral 's nachts.

Beurse pijn in de keel en een gevoel van volheid in de slokdarm.

Pijn in de keel bij het slikken, met uitwendige zwelling van de keel en van de amandelen.

Pijn in de keel als door een inwendige zwelling, ook bij leeg slikken.

Hevige pijn in de keel en ter hoogte van de kaakhoek en de streek van het strottenhoofd.

Krampachtig en krampend gevoel in de keelkuil of het bovenste deel van de slokdarm, als een druk van onder naar boven, of als bij het slikken.

Beklemming en spasme in de keel.

Gevoel van beklemming in de keel bij het slikken, met verlangen vaak te slikken.

Zwelling en pijnlijkheid van de amandelen, vooral bij het slikken; zij kon zelfs slijm niet zonder pijn doorslikken.

Drukkende pijn in de amandelen bij het slikken, 's avonds en gedurende de nacht.

Vaak bijtend schrapen achterin de fauces, zoals bij hevige coryza.

Droogheid achterin de fauces, 's morgens bij het ontwaken, en ook daarna met dorst.

Druk vanuit de keelholte omlaag in het abdomen, alsof een hard lichaam van onderen weerstand bood.

Na het middagmaal scheen het voedsel in de keelholte te blijven steken.

Scherp opstijgen in de keelholte na het eten van zoetigheden, wat een hinderlijk schrapen in het strottenhoofd veroorzaakte, als brandend maagzuur.

Schrapende schraalheid in de keelholte tegen de avond.

Scherp, schokkend-scheurende pijn, zich uitstrekkend van de keelholte naar de linker halsspieren.

Opgeven van veel zwart, gestold bloed, voorafgegaan door schraalheid en droogheid in de keel, en keelschrapen van slijm 's morgens tijdens het lopen, met beurse pijn laag in de keel, gevolgd de hele dag door een zoete smaak in de mond, droogheid in de keel en bloederig speeksel.

Grote klompen wit slijm gaan door de achterste neusgangen in de mond zonder keelschrapen.

Groenachtig slijm laag in de keel wordt opgehoest, met beurse pijn in het bovenste deel van de borst.

Iets als bloed met een zoetige smaak komt in de keel, 's avonds na het gaan liggen.

Een eigenaardige en hardnekkige ontsteking van de keel, met uitgebreide ulceratie van keelholte en amandelen; de zweren rond, scherp begrensd, met rode, naar buiten omgeslagen randen; zij vloeien geleidelijk samen; zij waren gevuld met gelig-witte materie.

Branden in de keel; als brandend maagzuur, zelfs bij het slikken; een hete damp stijgt op.

Gevoel van verstikking in de rechterzijde van de keel, alleen wanneer er niet geslikt wordt.

Droogheid in de keel; spreken moeilijk, moest voortdurend zijn keel schrapen.

Pijn in de keel als door een inwendige zwelling.

Scheurend-trekkende keelpijn achterin aan beide zijden van de keelholte, meer wanneer niet geslikt wordt dan bij leeg slikken.

Krampende, wurgende pijn uitwendig in de spieren van de keel bij het slikken.

Pijn in het achterste deel van het harde gehemelte en in het zachte gehemelte, vooral bij het geeuwen.

Bittere smaak in de fauces, vooral 's nachts en bij het opboeren, met leverklachten.

Herpesachtige eruptie op de amandelen, het zachte gehemelte en de tongwortel; witachtige, enigszins verheven geülcereerde plekken in de mond. θ Gevolgen van gonorroe.

EETLUST, DORST. VERLANGEN, AFKEER [14]

Honger : wolfsachtig, vooral omstreeks 11 of 12 uur in de voormiddag, met zwakte in de benen en beven ; nauwelijks te stillen ; gulzigheid en haastig slikken ; onverzadigbaar, maar geen eetlust voor het ontbijt, met gehaast doorslikken ; onverzadigbaar 's middags en 's avonds ; na het eten een gevoel van volheid en uitzetting ; eetverlangen in de keelholte, zelfs na een maaltijd, na bevrediging ervan een overvuld gevoel in de maag en druk in het hoofd.

Verlies van eetlust.

Verlies van eetlust, met een volkomen schone tong. θ Slaapwandelen.

Dorst : van de voormiddag tot de avond ; met hitte in de handpalmen, in de namiddag ; brandend ; zeer hevig ; 's avonds tot het gaan liggen, met vermeerderde lichaamswarmte ; in de namiddag, tijdens de menstruatie ; met gehaast drinken ; naar bier, 's avonds.

Afkeer : van vlees, vis en zoetigheden ; van gekookte of warme spijzen ; van kalfsvlees.

ETEN EN DRINKEN [15]

Erger door: suiker (brandend maagzuur); wijn (bijna alle symptomen); melk (zure oprisping).

Haastig eten.

Hik, oprispingen, misselijkheid en braken [16]

Hik : vooral na het ontbijt ; gedurende een half uur ; hevig 's avonds ; verdwijnend na oprispingen van gal.

Oprispingen : frequent, leeg ; na drinken, of na het middagmaal ; met druk in het midden van de wervelkolom ; zuur, vooral na het drinken van melk ; gasvormig ; eerst leeg, later smakend naar het genuttigde vet ; frequent, luid, met nu eens een snelle, dan weer een zwakke, trage pols ; bitter ; bitter van geel water en gal, na het eten, gevolgd door braken ; zoetig ; zuur ; 's nachts, van voedsel dat 's middags was genuttigd ; in de namiddag naar melk smakend ; smakend naar gegeten vlees ; zonder resultaat.

Pyrosis.

Brandend maagzuur : met gezwollen voeten en spataderen (tijdens de zwangerschap) ; na het gebruiken van zoetige dingen.

Zoetige opstijging in de keel, met zoete smaak in de mond, of smaak van bloed.

Misselijkheid : voortdurend ; en kokhalzen ; met oprispingen, speekselvloed ; en koliek ; en transpiratie ; met trillen en vermoeidheid ; 's morgens ; tijdens het ontbijt ; overdag ; was genoodzaakt te gaan zitten, wilde braken, maar kon niet, met oprispingen en aandrang tot stoelgang ; met een algemeen ziek gevoel in hoofd en borst ; met een afschuwelijk gevoel in de maag ; opnieuw opgewekt door de minste beweging.

Misselijkheid, met kokhalzen en braken van bittere, slijmerige vloeistof, en ten slotte van voedsel, met hoeststoten, met een gevoel van warmte, vooral in het abdomen, transpiratie, rillerigheid over de armen, huivering van het lichaam, lege oprispingen, hik, gerommel en krampachtige pijn in het abdomen ; misselijkheid, > door gebogen te zitten ; bij rechtop zitten, bij bewegen en bij druk op het abdomen keren misselijkheid en braken onmiddellijk terug.

Misselijk gevoel : na ontbijt en middagmaal ; 's morgens in bed, verdwijnend na het opstaan.

Misselijkheid en hoofdpijn, < door zelfs maar een kleine slok wijn te nemen.

Kokhalzen van bloederig slijm.

Braken : zodra de eerste lepelvol vloeistof de maag bereikt ; van zwangerschap ; van bloed of van bloederig slijm, met inspanning ; van slijm ; eerst van slijm, daarna van gal ; gemakkelijk, van waterachtige gal, gevolgd door grote verlichting ; van bijna al het voedsel onmiddellijk na het doorslikken ; bijtend, veroorzakend branden in het gezicht en een rauw gevoel in de keel ; bijna onafgebroken.

MAAGKUIL EN MAAG [17]

In het epigastrium : brandend gevoel, bij druk daarop, 's avonds ; brandend gevoel, vóór het ontbijt, zich uitstrekkend in de slokdarm ; brandend gevoel, bij vasten ; doffe pijn, ook aan de rechterzijde van de navel ; pijn, tijdens inspiratie ; pijn, veroorzaakt door opwinding en krampachtige druk ; krampachtige pijn ; krampachtig trekkend gevoel ; stekende pijnen ; beklemming ; druk ; diep inwendig grijpende pijn, < bij diep ademhalen ; gevoel alsof een worm in de keel omhoogkruipt, hoest veroorzakend ; gevoel alsof alles ineen geschroefd wordt ; veelvuldig knijpend gevoel ; trekkend gevoel ; scheurende en scherp stekende pijn, vaak herhaald ; plotselinge strakheid en beklemming tijdens de menstruatie, alles moet worden losgemaakt.

Patiënte krijgt plotselinge beklemming in de maagstreek, moet haar kleding losmaken ; neiging tot clonische spasmen bij kinderen.

In de maag : branden ; steken van beide zijden ; scheurende en scherp stekende pijn ; samentrekking van beide zijden, met angst en toegenomen warmte ; druk, met pijn in het abdomen ; druk na het eten, 's avonds ; druk, daarna steken in de precordiale streek, 's morgens na het opstaan ; druk en een gevoel van koude, 's middags ; pijn alsof de maag samengedrukt werd, 's morgens nuchter ; zeurende pijn als van leegte, met misselijkheid ; zware pijnen ; beklemming en pijn ; walging, opgezetheid en weeïgheid na middagmaal en avondmaal, met neiging tot oprispen ; borrelen en gerommel bij het geeuwen, 's middags, ook 's avonds ; beweging, met gevoel van koude, 's middags ; volheid, met kokhalzen ; gevoel van leegte, spoedig na het eten ; gevoel van onrust, met huivering door het lichaam bij het wassen en bij het gaan zitten na bukken ; drukgevoeligheid ; doods wegzinkingsgevoel, urenlang na het eten van iets zuurs ; onaangenaam gevoel in de maagmond, zich omhoog uitstrekkend langs de slokdarm ; branden, met weeïge oprispingen.

Maag aanzienlijk verwijd tot aan de navel ; haar peristaltische beweging was soms door de buikwand waarneembaar ; pylorus hypertrofisch, diep gelegen en beweeglijk, vormde een bij aanraking voelbare tumor, soms rechts, soms links van de navel ; onder de rechter valse ribben nog een andere harde tumor, licht ingedeukt, niet scherp begrensd, maar pijnlijk bij druk, hetgeen de gedachte deed ontstaan dat een nieuwvorming van de lever afhing ; haar grootte was wisselend, aanhoudende druk met de vingers deed haar geleidelijk verdwijnen, zij was het duidelijkst tijdens hevige maagcrises ; zij werd veroorzaakt door samentrekking van de hypertrofische spier aan de rechterzijde, rustend op een vast oppervlak gevormd door de vergrote massa van de lever.

Spasme van maag en hypochondriën, en een samentrekking in de slokdarm, met dyspneu en verhoogde lichaamswarmte ; < tijdens inspiratie.

Zeer prikkelbare maag, met voortdurend branden, misselijkheid en een zoetachtig opkomen, met het gevoel alsof wormen in de slokdarm omhoogkruipen ; neerwaartse druk op urineblaas, rectum en uterus, waardoor zij gedwongen is met gekruiste benen te zitten, met beven ; bloederige, slijmerige en bijtende leucorrhoe.

Na het avondmaal gastralgie, met misselijkheid ; een spannende pijn in de zijden van het abdomen.

Vóór het optreden van schaarse en onregelmatige menstruatie hartkloppingen, dyspneu, pijn in de rug en krampachtige samentrekking in de maagstreek ; elke namiddag tussen 3 en 4 uur hevige stekende pijn in de maag, met misselijkheid, braakneiging, soms braken van taai slijm en pijn in het linker hypochondrium ; tong schoon, appetijt normaal ; na een maaltijd gedurende twee uur druk boven de maag, stevig voedsel wordt gemakkelijker verteerd ; constipatie en lusteloosheid. θ Cardialgie.

Een dame van tere constitutie, æt. 52, na de overgang, klaagde sinds twee jaar over hartkloppingen, angstige ademhaling, pijn in hoofd en rug, spanning in het abdomen, pijn in de maagkuil, misselijkheid, soms braken en een gevoel alsof koud water langs haar rug werd gegoten ; tong schoon, appetijt goed, maar na het eten, vooral van zoete dingen, hevige druk in de maag, constipatie ; ziet er zwak, bleek en vermagerd uit.

Bloedbraken.

ONDERRIBSTREKEN [18]

In het linker hypochondrium: druk met steken; steken, ook 's avonds bij het lopen en staan; langzaam pulserend beurs gevoel; drukkend knijpend gevoel.

In het rechter hypochondrium: schokachtig scheurend-trekkende pijn en druk, als door opgesloten winderigheid, < door beweging; stekende pijn tijdens zure oprispingen en bij het inademen; druk op een kleine plek.

In de leverstreek: intermitterend scheuren; scherpe, schokkende steken, na het avondeten; stekende pijn, ook in de rechterheup; knijpend, grijpend drukkende pijn op een kleine plek; krampachtige pijnen, met dyspneu en hypochondrie na het eten.

Zwaar gevoel en pijn in de onderribstreken en lendenen, gevolgd door uitputting.

Gevoel van een zware last in de onderribstreken.

Krampachtige pijnen in de onderribstreken, afwisselend met beklemming op de borst en moeilijke ademhaling.

Druk onder de korte ribben, na het eten, met neerslachtigheid.

Doffe stekende pijn in de miltstreek.

Lever hard, vergroot, pijnlijk bij aanraking, veel verder naar links en boven de navel te voelen als een klein hard knobbeltje; verscheidene harde knobbels in het abdomen; abdomen vergroot, zacht als brij, het zachtst rond de navel; beurse pijnen door de gehele buik, het meest rond de navel; hectische koorts, onlesbare dorst; bij het slikken voelt hij een klein hard knobbeltje in de keel, soms alsof een worm van de maagkuil naar de keel omhoog kruipt, waardoor hij moet hoesten; veelvuldig kokhalzen en braken van een weinig bloederig slijm of dun bloed, soms etter, met een zoutachtige smaak, vooral bij het hoesten; hoest < 's nachts, met een schietende pijn in de maagkuil, een soort zwakke maar zeer diepe hoest, hij moet hoesten totdat hij iets opgeeft; ontlasting hetzij in kleine klontjes, hetzij schuimig; gerommel in de darmen; kan niet op de linkerzijde liggen; gedurende de nacht een dof kreunen, voelt zich zo zwak dat hij met moeite spreekt; de voeten beginnen te zwellen en de zwelling stijgt geleidelijk omhoog.

Neuralgie van de milt en intercostale neuralgie.

ABDOMEN EN LENDENEN [19]

Steken in het middenrif.

Gevoel van volheid in het abdomen, onmiddellijk na het eten, alsof het met winderigheid gevuld was.

Zwaar gevoel, druk en spanning in het abdomen.

Druk en geborrel in de bovenbuik na het eten.

Hevige stekende pijnen.

Druk en zeurende pijn in de schaamstreek.

Zeurende druk en krampende pijn in de zijden van het abdomen en de navelstreek, met het gevoel alsof de buikwanden zich tegen de wervelkolom terugtrokken.

Sterke druk als door winderigheid in de zijden van het abdomen, de hypochondrieën en de rug, zelfs 's morgens in bed, < bij lopen, zonder afgang van winden; slechts enigszins > na stoelgang, en bij zich weer bewegen tijdens het lopen opnieuw terugkerend.

Druk in de rechterzijde van het abdomen dicht bij de heup.

Doffe steken vanuit een inwendige zweer op een kleine plek aan de rechterzijde boven de navel, < door aanraking en beweging.

Steken in de rechterzijde van het abdomen.

Plotselinge hevige steken in de linkerzijde van het abdomen, < door ademhalen en door druk.

Gerommel en geborrel in het gehele abdomen, gevolgd door pijnlijke intrekking, met het gevoel alsof er stoelgang zou komen.

Gerommel en rollen in het abdomen: 's morgens; met vaak afgaan van winden in de avond; met snijdende pijn in de onderbuik na het middagmaal; hevig en frequent, zonder pijn; in de linkerzijde van het abdomen in de avond.

Winderigheid veroorzaakt bijtende pijn in het abdomen, uitstralend naar de borst.

Winderigheid: vaak afgaand, heet, zeer kwalijk riekend; vaak na het middagmaal tot in de nacht; veel in het abdomen, zonder af te gaan, daarna drukkende windkoliek; opgesloten; drukt aambeien naar buiten, die dan zeer pijnlijk zijn, vooral bij liggen; beweegt zich in het abdomen heen en weer; heet, luid en zacht, in de avond; luidruchtig, kwalijk riekend, in de avond.

Hevige pijn in abdomen, hoofd en ogen, 's avonds bij het gaan liggen.

Druk midden in het abdomen kort na een matig avondmaal.

Krampachtig trekkend gevoel midden in het abdomen, met doffe koliek.

Slepende pijnen en gerommel in het abdomen.

Acuut trekkend en kruipend gevoel vanuit het abdomen tot in de urethra.

Ernstige stekende pijnen in het abdomen, zonder diarree of constipatie, verscheidene uren aanhoudend en periodiek terugkerend om de zeven dagen, of eenmaal in de drie weken.

Snijdende pijn: in de bovenbuik, ook tijdens het eten; van de avond na het gaan liggen tot de ochtend; dwars door het abdomen, onder de navel; hevig na melk, met gerommel en vaak afgaan van winden.

Krampende pijn: hier en daar in het abdomen; in de bovenbuik, na soep en tijdens het middagmaal; tot in de maag, waar het een beklemming is; genoodzaakt zich 's avonds dubbel te buigen; met overvloedige afgang van winden en met jeuk over de heupen in de avond; gespannen, gevolgd door doffe stekende pijn naar de maagkuil toe, < door een schok of bij het intrekken van het abdomen; of snijdend, gevolgd door zachte of diarreeachtige ontlastingen.

Draaiende pijn in het abdomen vóór het afgaan van winden, 's morgens in bed.

Pijnen in het middenrif en tussen de schouderbladen, uitstralend naar het sacrum.

Steken in het abdomen met opzetting.

Stekende pijn in het abdomen na natuurlijke stoelgang.

Scherpe stekende pijn in het abdomen alsof de darmen met fijne naalden werden doorboord.

Stekende pijnen in het middenrif en tussen de schouderbladen.

Brandende steken in het abdomen.

Gevoel van koude in het abdomen.

Incidenteel milde pijn in de onderbuik bij het opstaan.

Drukkend gevoel laag in de onderbuik, met kruipend gevoel dat zich uitstrekt tot het begin van de urethra.

Insnoerende pijn in de linkerzijde van de onderbuik, bij lopen en bij druk; verdwijnt bij zitten, na het middagmaal.

Beurs gevoel in de rechterzijde van de onderbuik, alsof daar een plek aangedaan was.

Doffe scheurende pijn laag rechts in de onderbuik, uitstralend naar de lies.

Doffe scheurende pijn diep in de linkerzijde van de onderbuik, beginnend in de heupstreek.

Steken in de linkerzijde van de onderbuik.

Hevige, doordringende steek door het rechter ilium, van boven naar beneden, bij het vooroverbuigen van het lichaam, met een harde buik.

Koliek: insnoerend; neemt de adem weg; hevig, snoert het gehele abdomen samen, zelfs bij liggen na middernacht, nog meer bij opstaan; onder de navel, scheurend van de ene zijde naar de andere; onder de navel als door winderigheid, tijdens het lopen; dof, boven en onder de navel; gespannen, in de linkerzijde van het abdomen, > door oprispingen; werd er 's nachts wakker mee, gevolgd door dikke witte vloed; en afkeer van voedsel, wijn en brandewijn; hevig, soms met misselijkheid en water uit de mond lopen, vaak gepaard gaand met kwalijk riekend slijm, dat haar eetlust benam; na overvloedige stoelgang; alsof diarree zou opkomen; bij iedere stoelgang en afgang van winden; ernstig, rolde over de vloer; in verergerde vorm, ongeveer een maand aan bed gekluisterd wegens uitputting door slaapgebrek en bijna totaal gebrek aan eetlust; om de navel.

Doffe druk op een kleine plek onder de navel, als door een inwendige verharding, < door uitwendige druk en door het intrekken van het abdomen.

Scherpe druk tussen de maagkuil en de navel, vooral < door het intrekken van het abdomen, maar > door de daardoor opgewekte oprispingen.

Scheurende steken in de navelstreek.

Snijdende steek dwars door de navelstreek.

Krampende pijn in het abdomen, op verschillende tijdstippen, soms bij het geeuwen, of na het ontbijt, of met snijdende pijn na het middagmaal.

Sterke opzetting van het abdomen.

Winderigheid: vóór het inzetten van de menstruatie, menstruele spasmen; gedurende verscheidene jaren, frequente geluiden en geborrel in het abdomen, vooral onder de navel en in het linker hypochondrium, gepaard gaand met drukkende pijn; noch eten of drinken, noch het laten van winden maakte enig verschil, alleen stevig aansnoeren matigde het.

Beklemmende windkoliek na het avondmaal, of later, na middernacht.

Windkoliek, < door wijn, tegen de avond of gedurende de nacht, en in rust; luid gerommel en rollen; intrekking van het abdomen; hete, vochtige, foetide winden, die afgaan zonder verlichting te geven; loodkoliek.

Hevig neerdrukkend gevoel in het abdomen na een moeilijke schaarse stoelgang; > door het afgaan van winden.

Snijdende pijn omhoog in de linker darmbeenstreek, in aanvallen; bij een zwangere vrouw.

Liesbreuk.

Rukken vanuit de lies naar de penis.

Pijnlijk drukkend gevoel in de linker lies, alsof er een breuk zou ontstaan.

Samendraaiend gevoel in de linker liesstreek, opstijgend tot in de borst.

Rukkerige druk in de rechter liesstreek.

Stekende druk iets boven de liesstreek.

Hevig knijpen in de rechter lies en liesstreek, als bij urineretentie, zowel in rust als bij beweging, en opnieuw optredend bij het opstaan van de stoel.

Trekkende pijn in de linker liesstreek bij zitten.

Trekken en druk in lies en schaamstreek.

Prikking, afwisselend met trekken, in de linker lies, 's nachts, de slaap storend.

Steken in de linker lies 's morgens na het ontwaken.

Een breuk drukt met kracht naar beneden.

Gevoel alsof een liesklier gezwollen was.

Bubonen, syfilitisch of anderszins, in de linker liesstreek.

ONTLASTING EN RECTUM [20]

Ontlasting : frequent, klein, soms onwillekeurig ; overvloedig ; zacht, brijachtig of dun, met bleek of helderrood, schuimig bloed ; moeilijk ; hard, droog, onvoldoende, met veel persen uitgedreven ; gallig ; bloederig ; kwalijkriekend, diarrheïsch, afwisselend met constipatie ; deegachtig, zonder pijn, alleen wat persen na de ontlasting alsof er nog meer zou moeten komen ; als diarree, gevolgd door leucorrhoe ; onwillekeurig, dun, 's morgens bij het ontwaken ; dun, met krampende buikpijn en tenesmus in de anus, 's nachts ; zacht, papperig, omhuld met helderrood, schuimig bloed, voorafgegaan door koliek ; zacht, moeilijk uit te drijven, met afscheiding van prostaatvocht ; lichtgekleurd, eerste deel groot en hard, laatste deel zacht ; schaars, hard, voorafgegaan door zachte en kleine ontlastingen ; eerst vast, daarna vloeibaar ; 's morgens hard, zonder persdrang ; onmiddellijk na het middagmaal zeer zacht, gepaard gaand met en gevolgd door duizeligheid en suizen in het hoofd ; schaars, taai, gevolgd door persen en hitte en branden in de anus ; taai, lichtgeel, met stekende pijn in de anus.

Diarree in de avond, met krampende buikpijn in het abdomen.

Diarrheïsche ontlastingen, onwillekeurig, met stupor. θ Typhus.

Frequente kleine lozingen uit de anus, soms onwillekeurig ; hetzij als pek, hetzij droog, bros en korrelig.

Diarree, met stupor, schijnbaar om Opium vragend, dat faalde.

Latere stadia van diarree of dysenterie, wanneer cerebrale symptomen wijzen op naderende hydrocephaloïde toestand ; tekortschietende zenuwkracht, convulsies, bleek gezicht, zonder enige temperatuurstijging.

Vóór de ontlasting : koliek.

Tijdens de ontlasting : pijnlijke tenesmus ; branden aan de anus ; aanhoudende aandrang, die pas na grote inspanning bevredigd wordt, hoewel de fecale massa zacht is ; afscheiding van prostaatvocht ; geringe bloedafgang (bij harde ontlasting) ; druk en klauwende pijn in de anus.

Na de ontlasting : tenesmus ; branden aan de anus.

Nerveuze diarree door depressie van de zenuwcentra.

Cholera morbus : voeten voortdurend onrustig bewegend ; bij het ontwaken lijkt het kind verschrikt, het hoofd rolt van de ene naar de andere zijde ; tijdens de slaap huilt het, schrikt op en springt ; pijnloze brijachtige diarree gedurende vele dagen, enige koliek na de ontlasting ; lozing van winderigheid ; hydrocephaloïde toestand.

Frequente lozingen van groen slijm uit de darmen, weinig of geen fecale stof, pijn en tenesmus ; gelaat ingevallen, samengetrokken ; gelaat en hoofd koel ; ogen starend, pupillen vernauwd, hoofd achterovergeworpen en rollend op het kussen, uitroepen, opschrikken in de slaap, slapen met halfgesloten ogen, nu en dan scheelzien, met de ledematen smijten, urine donkergekleurd en met lange tussenpozen en zelden geloosd. θ Dysenterie.

Kind, 8 maanden oud, met de fles gevoed ; hoofd koud, met lichte afwisseling van warmte, rest van het lichaam tamelijk warm ; aanhoudend rollen van hoofd en ogen, heftig uitroepen tijdens de slaap, frequente spasmen van de gelaatsspieren, minder vaak van de spieren van de extremiteiten ; pols bleef snel ; temperatuur 105 tot 107, met geringe schommelingen ; comateus. θ Cholera infantum.

Aandrang tot ontlasting : met beweging in het abdomen ; 's morgens en na het eten.

Vergeefse aandrang : lang aanhoudende drang, uiteindelijk volgt zachte ontlasting, met grote inspanning.

Geconstipeerde ontlasting : ontlasting groot van omvang, alleen geloosd met grote inspanning van de buikspieren ; ontlasting droog, onbevredigend ; hard, vaak afbrokkelend en in stukken, met druk en klauwende pijn in de anus ; hard, klein, tamelijk droog, met veel persen en gerommel in het abdomen, in de avond ; droog, hard, onvoldoende, moeilijk ; droog, bros, korrelig.

Ongewone droogheid van de ontlasting, met moeilijke defecatie, gevolgd door onwillekeurig urineren.

Constipatie door krampachtige werking van de darmen.

Constipatie van de pasgeborene.

Gedurende twee en een half uur hevig neerdrukkend gevoel in het abdomen, na een moeilijke, schaarse ontlasting ; > door het laten van winden omhoog of omlaag.

Zwaar gevoel in het rectum bij het staan, verdwijnend na lozing van winderigheid.

Gevoeligheid in het rectum.

Drukkende en borende pijn vanuit het rectum in het abdomen, waardoor zij niet kon gaan zitten.

Het rectum lijkt door winderigheid samengedrukt, hoewel er geen ontsnapt.

Een gevoel in het rectum alsof winderigheid tegen het stuitbeen drukt, waardoor zij wordt tegengehouden.

Trekkende pijn in het rectum, zich uitstrekkend in het abdomen.

Snijdende en schrijnende pijn in het rectum.

Rukkende steken die zich uitstrekken van het rectum tot in de wortel van de penis.

Jeuk in het rectum.

Branden in de anus ; ook tijdens of na een ontlasting.

Kriebelen, als van wormen, in de anus.

Hevige jeuk in de anus.

Gevoeligheid en jeuk aan de anus.

Tinteling aan de anus, als van ascariden.

Chronische dysenterie ; extreme vermagering ; dunne, bleke, bloederige ontlastingen, met pijnlijke tenesmus ; grote eetlust, maar het voedsel wordt niet opgenomen.

Schokachtig snijden ; scheurende pijn in de anus.

Brandend steken in de anus, 's avonds tijdens het lopen.

Steken in de anus.

Een trekkende steek, als een bliksemflits, van de anus in het rectum, waardoor hij opschrikte.

Jeuk in de anus, eindigend in een doffe pijn.

Jeuk in de anus en sijpelen van bijtend vocht.

Jeuk in de anus na een zachte ontlasting.

Uitstulping van aambeien, met schrijnende pijn.

Afscheiding van bloed uit de anus.

URINEWEGEN [21]

In de streek van beide nieren : pijn ; knijpende pijn ; stekende druk ; beurse pijn links ; druk links, soms hevig knijpend ; links gevoelig bij aanraking ; scherp, met tussenpozen optredende scheurende pijn links, scheurende pijn rechts, soms stekend ; steken, uitstralend naar de borst ; doffe steken rechts ; steken links met tussenpozen ; stekende en beurse pijn links, bij staan en lopen ; snijdend-scheurende pijn, soms trekkende druk rechts.

Zeer acute trekkende pijn in het voorste deel van de urinebuis en penis.

Brandende mictie tijdens de menses.

Bloedvloeiing uit de urinebuis na pijnlijk urineren.

Veel bloed vloeit uit de urinebuis.

Overvloedige afscheiding van prostaatvocht zonder duidelijke oorzaak.

Beurse pijn in het voorste deel van de urinebuis wanneer hij niet urineert.

Branden in de urinebuis voor, tijdens en na de mictie.

Scheurend branden in de urinebuis.

Trekkende en scheurende pijn in het voorste deel van de urinebuis.

Snijdende pijn in de opening van de urinebuis, 's avonds bij zitten.

Bijtende pijn in de opening van de urinebuis na het urineren.

Scheurende en bijtende pijn in het voorste deel van de urinebuis, wanneer hij niet urineert.

Scherp scheurend-snijdende pijn midden in de urinebuis, zich naar voren uitbreidend.

Steken in de opening en door de urinebuis heen.

Schietende steek, als een bliksemflits, van voren naar achteren in de urinebuis.

Jeuk in de urinebuis.

Gevoel van kramp in de urineblaas, voorafgegaan door koliek.

Druk op de urineblaas, maar geen aandrang om te urineren.

Urine in de urineblaas drukt haar zeer.

Frequente aandrang om te urineren, 's nachts, met schaarse lozing.

Aandrang om te urineren na het urineren, elke avond bij het gaan liggen, maar er komen telkens slechts drie of vier druppels, echter zonder pijn.

Overmatige aandrang om te urineren ; er wordt zeer veel urine geloosd.

Frequente en tamelijk vermeerderde mictie van waterachtige of citroengele kleur.

Frequente mictie, niet zeer overvloedig, zeer lichte urine, na middernacht.

Onwillekeurig urineren tijdens het lopen, neus snuiten, hoesten en niezen.

Lozing van urine zeer traag en in een dunne straal.

Druppelsgewijze urinelozing in de avond.

Hevige druk van de urine op de urineblaas ; zit met gekruiste benen, en hoewel de blaas vol aanvoelt, komt er niets.

Kan alleen urineren terwijl hij zit en achterovergebogen is ; veel zand in de urine.

's Nachts geloosde urine is troebel en modderig in de ochtend.

Frequente mictie van bleekgele urine, die bij staan een wit, vlokkerig bezinksel afzet.

Verminderde urineafscheiding, op zeker moment een gehele onderdrukking naderend.

Urine : donker en troebel ; schaars, niet onnatuurlijk ; roodachtig ; zet een vlokkerig bezinksel af ; schaars, wordt troebel als kleiwater ; zeer geel, zet na lang staan witte vlokken af ; geel, zet een meelachtig bezinksel af.

Verlamming van de urineblaas, met pruritus ; leucorrhœa met veel jeuk ; pijn in de linker eierstok > door vloeiing ; nerveuze slapeloosheid met ondraaglijke jeuk van de huid 's nachts, zonder eruptie ; overdag geen jeuk ; hoofdpijn, met nerveuze, rusteloze voeten, moet de voeten kruisen om ze stil te houden.

Paretische toestand van de sphincter vesicæ, met frequente mictie van bleekgele urine ; hæmaturia, of een bloedafscheiding per anum (vicariërende menstruatie) ; voortdurende aandrang om te urineren, maar urine kan alleen worden geloosd terwijl men zit, achterovergebogen.

Zit met gekruiste benen, voorovergebogen, en kan geen water maken, of maar zeer weinig, en heeft het gevoel alsof zijn blaas zou barsten.

Een man, æt. ongeveer 45, kan zijn water niet staande lozen, kan dit alleen wanneer hij gaat zitten, teweeggebracht door of < door welke vorm van zorg dan ook.

Atonie van de cervix.

Vesicale prikkelbaarheid door nefritische irritatie.

Vesicale neuralgie, vooral wanneer de vesicale symptomen voorafgegaan worden door nefralgie.

Vicariërende bloeding door de urinebuis ten gevolge van onderdrukte menstruatie, met pijn in de darmen, diarree en nachthoest met opgeven van slijm.

MANNELIJKE GESLACHTSORGANEN [22]

Scheurende pijn in de punt van de eikel van de penis.

Excoriatie op het bovenvlak van de eikel van de penis, dicht bij de punt, juist links van de middenlijn, pijnlijk bij aanraking; zij genas de volgende dag, maar het korstje zit er tot vandaag nog op.

Doffe steken in de eikel van de penis, die vanuit het scrotum omhoogkomen.

Scheurend trekken in de wortel van de penis, voorafgegaan door dof stekende pijn in de onderbuik nabij de geslachtsdelen.

Pijnlijk rukken in de wortel van de penis.

De penis is bij het lopen pijnlijk gevoelig, alsof het hemd ruw was en ertegen schuurde.

Hardnekkige, sterke erecties met pijn, ook druk in het abdomen.

Gemakkelijk seksueel opgewonden; emissie tijdens een omhelzing te snel, of moeilijk en bijna onmogelijk.

Spermatorroe: emissies zonder dromen; gezicht bleek, ingevallen, blauwe kringen rond de ogen.

Overvloedige afscheiding van prostaatvocht, zonder enige oorzaak.

Prikkelende, trekkende pijn in de testikels, meestal tijdens zitten en bukken, soms omhoog uitstralend langs de zaadstreng.

Trekkende pijn eerst in de linker-, daarna in de rechtertestikel.

Optrekken van de rechter- of linkertestikel, met enige pijn en zwelling.

Voorbijgaande drukkende steken in de linkertestikel tijdens rust.

Orchitis na een kneuzing, met trekken en retractie van de ene of de andere testikel, gaat van rechts naar links θ na onderdrukte otorroe.

Een landbouwer, van sanguinisch temperament, had zijn testikel verwond en klaagde over pijn, met periodieke verergering; < van lopen; het voelt alsof de testikels te strak zitten, samengedrukt en omhooggetrokken zijn; steken bij een misstap; in de liesstreek een gevoel van vermeerderde warmte; tijdens de mictie een eigenaardig gevoel in de urinebuis; wanneer hij onmiddellijk aan de aandrang gehoor geeft, vloeit de urine vrijelijk, maar wanneer hij uitstelt, voelt hij een voortdurende druk naar beneden en voelt hij ademhaling en hoesten tot in de testes doordringen.

Atrofie van de testikels.

Verschrompeling van het scrotum.

Pijn aan de rechterzijde van het scrotum, vooral bij aanraken.

Pijnlijk rauw gevoel aan de zijden van het scrotum en de aangrenzende delen van de dijen.

Het haar valt uit van de geslachtsdelen.

Verwijdert bubonen, syfilitische of andere, in de linker liesstreek.

VROUWELIJKE GESLACHTSORGANEN [23]

Onweerstaanbare seksuele begeerte 's nachts ; verlangen naar onanie.

Volledig verlies van seksuele begeerte.

Nymfomanie veroorzaakt door onanie, waarbij de plotseling weer verschijnende onderdrukte menstruatie gepaard gaat met afwisselende roodheid en bleekheid van het gelaat, hevige pijnen en drukkend gevoel in abdomen en rug.

Borende pijn in de streek van de linker eierstok, > door druk, tijdens de menstruatievloed volledig verlicht.

Ovariumtumor ; een borend gevoel in de tumor, waarvoor druk en schudden van het deel nodig zijn ter verlichting.

Ovariële neuralgie, vooral van de linker eierstok, bij vrouwen die zich hebben overwerkt ; drukgevoeligheid langs het ruggenmerg ; bij enige afstand lopen raken zij zeer vermoeid ; bij bukken of trap af gaan begeven de benen het ; < door het gebruik van de naaimachine ; de pijnen zijn borend, brandend, worden tussen de menstruaties gevoeld, > wanneer de vloeiing begint.

Ovariële pijnen zijn > door overmatige vloeiing ; zwaar gevoel en bevende zwakte van de onderste extremiteiten ; zij beeft alsof zij kouwelijk is en schrikt gemakkelijk ; er is een voortdurend trekkend gevoel in de knieën, alsof deze eraf gedraaid zouden worden ; de pijn in de ledematen is zo hevig dat zij ze niet stil kan houden, maar ze voortdurend beweegt.

Een ongehuwde dame, aet. 42, ovariumklachten ; hardnekkige constipatie, ontlasting zeer gering van omvang en met pijn geloosd ; bij toucher werd een tumor ontdekt die het rectum mede omvatte ; hevige pijnen in het rectum, aandrang zoals bij Nux vom. ; rusteloze voeten, die de slaap verhinderen.

Mej. ---, aet. 30, was tot haar zeventiende jaar gezond geweest, toen zij tijdens haar menstruatie in een regenstorm terechtkwam ; leed bij iedere menstruatie zeer ; de menstruatie zeer overvloedig, langdurig en licht van kleur ; voortdurend neuralgie door gelaat en hersenen, < tijdens de menstruatie, waarbij zij genoodzaakt was te liggen met het hoofd over de zijkant van het bed hangend en het lichaam in buikligging ; de enige voeding die zij gedurende twee jaar had gebruikt, was driemaal daags een korst droog brood en een kop heldere thee ; de gedachte aan voedsel maakte haar misselijk, de aanblik van vlees of iets vets maakt haar misselijk ; eet af en toe ijs ; de gehele lengte van de wervelkolom brandde en deed pijn, stekende pijnen > in rugligging ; drukgevoelig in de epigastrische streek, de geringste aanraking veroorzaakt pijn ; midden in de zomer heeft zij zes dekens over zich en vier warmwaterkruiken nodig voordat zij zich behaaglijk voelt ; handen en voeten ijskoud, klam ; ogen helder ; heldere gelaatskleur en rode wangen ; het geringste geluid maakt haar buiten zichzelf ; iedere ochtend omstreeks 6 uur een gevoel alsof een vlies over de keel werd getrokken, > door het drinken van hete thee of heet water ; telkens wanneer een vreemde de zaal binnenkwam, begonnen schokken van het rechter ledemaat, die zij niet kon beheersen.

Ulceratie van de uterus, bloederige, bijtende afscheiding, maar de zweren zijn tamelijk gevoelloos.

Spataderen van de uitwendige genitaliën, met rusteloze voeten.

Pruritus vulvae veroorzaakt masturbatie ; onweerstaanbare seksuele begeerte 's nachts.

Een zeer hevige en hardnekkige pijn in de hersenen begeleidt een uteriene zweer en is van intermitterend karakter.

Uteruskanker ; slapeloosheid en pijn ; rusteloze voeten.

Hysteralgie ; de menstruatievloed verlicht al haar klachten, maar deze keren terug na het ophouden van de menstruatie ; borende pijn in de linker eierstok ; rusteloze voeten.

Menstruatie : te vroeg en te overvloedig, stolsels van gestold bloed komen vooral bij het lopen af ; de vloeiing is 's nachts het overvloedigst ; voorafgegaan door tandpijn in een holle tand ; met afwisseling van bleekheid en roodheid van het gelaat ; met hevig snijden en trekken in abdomen en lendenen ; met stekende, bijtende jeuk in de schaamdelen en een gevoel alsof deze gezwollen waren ; te vroeg, pijnlijk, met opzetting van het abdomen.

Na de menstruatie afscheiding van bloederig slijm, die jeuk aan de schaamdelen veroorzaakt.

Dysmenorroe, waarbij tijdens de menstruatie de ledematen zwaar aanvoelen, met hevig trekkend gevoel rond de knieën, alsof die eraf gedraaid zouden worden ; plotselinge beklemming van de maag, zij moet haar kleding losmaken ; rillerigheid ; pijnlijke ogen ; gevoeligheid van vulva en mammae ; bleek gelaat ; zwakte van het geheugen.

Hoesten tijdens de menstruatie.

Amenorroe, met afwisselend rood en bleek gelaat ; grote zwakte in handen en voeten, met kramp in de hypochondrieën en knieën, vooral tegen de middag wanneer zij honger heeft ; gevoel van leegte in de maagkuil om 11 uur 's morgens ; gebrek aan eetlust, met constipatie, harde, kleine en droge ontlasting ; met pijnlijkheid van borsten en genitaliën.

Leucorroe : voorafgegaan door snijdende koliek ; van dik slijm ; van bloederig slijm na de menstruatie, met jeuk van de vulva ; van dik slijm, drie dagen voor en na de menstruatie ; bijtend, met branden in de schaamdelen ; slijmerig, met krampende pijn in de bovenbuik ; van dik slijm, vooral 's morgens en 's avonds ; ook voor en tijdens de menstruatie ; vooral na de ontlasting ; dik, slijmerig, met grote gevoeligheid van de geslachtsdelen, snijdende en drukkende pijn in het abdomen, opzetting van het abdomen ; bijtend en excoriërend ; in plaats van menstruatie ; afscheiding wit of geelachtig.

Witte zweer aan de binnenzijde van de grote schaamlippen, eerst bij aanraking een pijn alsof zij rauw was, later schrijnend.

Schrijnende pijn in de schaamdelen, alsof de delen rauw waren, vooral tijdens het urineren.

Stekende pijn in de schaamdelen bij het lopen.

Jeuk van de vulva tijdens de menstruatie.

Pruritus vulvae veroorzaakt masturbatie.

Spataderen van de uitwendige genitaliën, met rusteloze voeten.

Mammae gezwollen en gevoelig bij aanraking ; pijnlijke tepel ; menstruatie onderdrukt.

Druk op schaamdelen en rectum.

Druk naar de schaamdelen toe, met snijdende pijn rond de navel.

Overvloedig uitvallen van schaamhaar.

ZWANGERSCHAP. BEVALLING. LACTATIE [24]

Tijdens de zwangerschap; metaalachtige smaak; smaak van bloed in de mond en zoetige oprispingen uit de maag.

Hevig brandend maagzuur na het gebruik van zoetige dingen; grote gulzigheid bij het eten, kan niet snel genoeg eten, door wolfshonger; afkeer van vlees; veel misselijkheid en braken; onrustige voeten; gezwollen voeten en spataderen.

Snijdend omhoog in de linker regio iliaca, in aanvallen, bij een zwangere vrouw.

Gevoel van stagnatie van bloed in het linkerbeen; spataderen tijdens de zwangerschap.

Neiging tot miskraam.

Puerperale convulsies als een uitslag (vooral een chronische) onlangs is verdwenen.

Nymfomanie, lochiën onderdrukt, schaarse melkafscheiding, pijnlijke gevoeligheid van de inwendige en uitwendige geslachtsorganen.

Borst gezwollen en gevoelig bij aanraking; catamenia onderdrukt.

Gevoeligheid van de tepels.

STEM EN STROTTENHOOFD. LUCHTPIJP EN BRONCHIËN [25]

Zwakte van de stemorganen bij luid spreken.

Heesheid ; met brandend gevoel in de luchtpijp ; alsof de borst met slijm gevuld was.

Ophoping van slijm in het strottenhoofd en de achterste neusopeningen, met verstopping van beide neusgaten en neusspraak.

Ophoping van slijm, die kieteling in het strottenhoofd veroorzaakt.

Kieteling in het strottenhoofd, samen met stekende pijn daarin.

Vaak acute kieteling in de streek van het strottenhoofd.

ADEMHALING [26]

Ademhaling: benauwd en moeilijk; zeer zwaar en diep; door de neus belemmerd, met angst en beklemming; moeilijk, vooral in de linkerlong.

Krampachtige benauwdheid van de ademhaling.

Kortademigheid door winderigheid na het eten.

Beklemde ademhaling en benauwdheid, vooral 's avonds.

Hevige kroepachtige toestand, met verschijnselen van verlamming van de halsspieren.

Astma, 's avonds na het eten, door winderigheid, met toename van de dyspneu wanneer de expectoratie ophoudt, afnemend wanneer deze opnieuw begint.

Astma sinds verscheidene jaren; aanvallen van dyspneu, 's nachts zeer hevig, maar zelfs overdag nooit geheel vrij ervan.

HOEST [27]

Hoest: met steken in het hoofd; de hele nacht, met doffe pijn in de borst; hevig; krampachtig, het kind brengt de handen naar de geslachtsdelen; met spataderen op de benen; met schietende pijn in de maagkuil, verdwijnend wanneer het sputum opgehoest wordt; < na het eten van zoetigheden, of na het drinken van wijn; tijdens de menstruatie; laat hem de hele nacht niet slapen, met steken in de borst en lichte dorst; prikkelhoest, maar zelden, met aanhoudende gevoeligheid in de keel, 's avonds; kriebelhoest, overdag zeer vermoeiend, < 's nachts; kort, veroorzaakt door kriebeling onder het borstbeen; vaak voorkomende, droge prikkelhoest, zonder pijn; droog, 's avonds, met een zwaar gevoel in de borst, dat na het gaan liggen, 's avonds, verdwijnt; droog, wekt haar 's nachts vaak, tijdens de menstruatie; droog, met hevige steken in de borst en een gevoel alsof deze zou barsten; kon alleen met moeite ademen en spreken; verstikkend, een kriebelende irritatie beneemt de adem; en benauwdheid; lastig, zodra hij iets opgeeft voelt hij zich veel verlicht; krampachtig, bij personen met grote spataders op de benen, die neigen te barsten en te bloeden.

Onophoudelijke neiging tot hoesten en spuwen.

Bloederige expectoratie, met droge hoest, met brandende en beurse pijn in de borst, 's morgens en 's avonds, steeds vóór en tijdens de menstruatie.

Vaak korte hoest; rijkelijke, gemakkelijke expectoratie van schuimig slijm; hoest < 's nachts en in liggende houding; kon niet naar bed gaan, zat de hele nacht in een stoel; hoest bijna onophoudelijk. θ Bronchitis.

De laatste drie maanden vreselijke hoest, zo aanhoudend dat hij maar weinig slaap had; nam zijn appetijt weg; sterk verminderd in vlees en kracht; irritatie tot hoesten, een voortdurende kriebeling in het bovenste derde deel van de borst aan beide zijden; dyspnoe, angst; hoestte lange tijd en bracht dan een weinig slijm op; enige gevoeligheid in de borst; heeft een hernia, iedere hoest drukt op de zak en de testikels.

Kinkhoest: uitputtend, krampachtig, opgewekt door een kriebeling in het strottenhoofd en de luchtpijp en tot halverwege de borst; 's avonds en 's nachts zonder expectoratie, 's morgens en overdag met expectoratie van geel, purulent, met bloed doorstreept, taai slijm, met een afstotende, zoetige, verrotte of metaalachtige smaak, of van helderrood bloed; kinderen grijpen bij het hoesten naar de geslachtsdelen.

Sputa: geel, purulent; met bloed doorstreept; bloederig; taai; zoetig; verrot; metaalachtig smakend; zuiver bloed, 's morgens en overdag; brengt een grote hoeveelheid slijm van melkachtige kleur op; van taai slijm als bij oude catarre, met hoest; na de expectoratie een gevoel alsof de borst hol en koud is.

Expectoratie van bloederig slijm bij het hoesten, voorafgegaan door steken in de zijde.

BORST, INWENDIG EN LONGEN [28]

Ruwheid en rauw gevoel in de borst, met hitte en zweet 's nachts.

Angst in de borst ; angina ; benauwdheid, druk, beklemming.

Beklemming in de borst bij lopen in de open lucht, alsof zij dwars eroverheen door een band werd samengesnoerd.

Beklemming als door een omsnoering om de borst, met pijn alsof zij aan stukken gesneden werd.

Spannende pijnen in de borst.

Druk : op de borst ; in de gehele thorax ; hier en daar op borst en rug ; krampachtig, in de borst en maagkuil ; als door rheumatisme en vastzittende winderigheid ; 's morgens, aan het rechter uiteinde van de linker clavicula ; opstijgend uit de maagkuil, > door oprispingen ; zich uitstrekkend naar de keel, alsof een vreemde stof omhoogkwam ; als een rheumatisch trekken juist onder de clavicula nabij het schoudergewricht ; intermitterend, naar buiten toe, met trekkende spanning, hier en daar in de linkerborst ; scherp, in de rechterborst nabij de axilla ; in de linkerzijde, of hier en daar over de hele borst ; op de linker clavicula ; en stekend in de linkerzijde van de borst ; scheurend, in het onderste deel van de l. borst.

Pijn in de borst als geslagen, bij het rijden in een rijtuig.

Pijn in de borst, vooral aan de rechterzijde, alsof het bloed zich een weg baande in de fijnste vaten van de longen.

Pijn op een kleine plek in het bovenste deel van de borst, alsof er inwendig een pijnlijke, beurse plek was.

Gevoel van kramp in de borst, zich uitstrekkend naar de maag en het abdomen, van 7 tot 8 uur 's avonds.

Knijpende en stekende pijn in de borst, van tijd tot tijd.

Knijpende pijn in de borst met tussenpozen, met misselijkheid, 's morgens.

Doffe scheurende pijn in de borst boven de maagkuil.

Scheurende steken in de borst onder de axilla, gevolgd door een gevoel van pijnlijkheid.

Doffe drukkende, stekende pijn en spanning in de borst onder de rechter axilla.

Hevige steken in de borst bij lopen in de open lucht, zich uitstrekkend naar de linkerzijde van de nek, met bemoeilijkte ademhaling.

Stekende pijn op één plek in de borst bij diep ademhalen.

Borstklachten < door beweging, of wanneer zij iets optilt of met de handen vastneemt.

Een gevoel van zwakte en branderigheid in het borstbeen.

Beklemming midden in de borst, onder het borstbeen, 's avonds.

Beklemming van de borst, met doffe stekende pijn en druk midden in het borstbeen, met een kleine, snelle pols.

Branden in de borst.

Doffe steken in de rechterzijde van de borst.

Stekende pijn op een plek in de linkerzijde van de borst, zo groot als een hand, met het gevoel alsof dat deel aangevreten en beurs was.

Krampachtige beklemming van de borst.

De borst zit vol slijm, kan enige tijd geen slijm ophoesten, wordt dyspnoïsch, zonder zielsangst, gaat over zodra het slijm wordt opgehoest.

Koude in de borst.

Steken in de linkerborst en in het hart bij elke slag.

Gevoel van leegte achter het borstbeen.

Spanning in het borstbeen.

Druk op het bovenste deel van het borstbeen of het onderste deel van de borst na het eten.

Stekende pijn in het borstbeen.

Stekende pijn en beklemming midden in de borst tijdens en na de inademing.

Steken midden in het borstbeen, soms bij het bukken, zo hevig dat hij het uitschreeuwde, soms gevolgd door pijnlijke druk diep inwendig, zich uitstrekkend omhoog naar de keel.

Een steek in het bovenste deel van het borstbeen, zich uitstrekkend naar de linker lumbale streek, met vrees voor bukken.

Doffe steek onder het borstbeen tijdens het eten.

Pijn in de linker borstspieren alsof zij geslagen of beurs waren.

De ribben van de gehele linkerthorax zijn pijnlijk en gevoelig bij aanraking.

Branden op een kleine plek aan de rechterzijde van de borst, nabij de maagkuil, ook boven de linker tepel.

Spanning, beurse pijn en steken in de gehele rechterzijde van de borst.

Spanning en trekken in de linker clavicula.

Scheurende pijn : in de rechter bovenste ribben nabij de rug ; in de rechterborst ; in de linkerborst onder de axilla.

Knijpende pijn in het voorste deel van de rechterborst, gevolgd door steken in het hypochondrium, zich uitstrekkend naar de precordiale streek, met een langdurig aanhoudende beurse pijn op die plaats.

Steken : in de rechterzijde van de borst, soms bij het draaien van het lichaam naar r. of na het middagmaal, gevolgd door druk, of afwisselend met steken in de rechter lies en zijkant van het abdomen ; voortdurend drukkend, in de rechterzijde van de borst, vooral < door krachtige uitademing ; scherp, diep in de rechterborst ; dof, in de rechter onderste ribben ; onder de rechter tepel ; in de linkerborst, soms zeer hevig ; in de zijde, 's nachts ; in de streek van de linkerribben tegenover de maagkuil, met ulceratieve pijn ; in de linkerzijde van de borst bij bewegen van de arm ; in de linkerborst, 's avonds, bij staan, met beurse pijn op die plek ; dof, in het bovenste deel van de linkerborst ; onder het hart, pleuritisch, 's avonds ; hevig, in de linkerzijde, < door ademhalen, > bij zich uitstrekken ; acuut, in de linker clavicula.

Stekende pijn in de linker thorax, met een pijnlijke gewaarwording in de linker tepel.

Scherpe, stekende, scheurende pijn in de linkerborst.

Pijnlijk pulserend bonzen in de linkerborst, nabij de axilla.

Linkerborst ; pijnlijkheid van de linker tepel ; krampachtig gevoel in longen en hart ; hoest die de hele nacht aanhoudt, met schietende pijnen die naar de maag trekken ; bloedspuwing na een hevige hoestbui, gevolgd door branden en gevoeligheid in de borst ; sputa soms geel, purulent, taai of zoetig, met een metaalachtige smaak ; schokken van het lichaam tijdens de slaap ; krampen in de uitwendige spieren van de nek bij het slikken. θ Longtering.

Een jong, teer meisje, æt. 19, met een zeer fijne huid en voortdurend ziekelijk, had drie aanvallen van pneumonie doorgemaakt, antiphlogistisch behandeld ; opnieuw door pneumonie aangetast ; op de zesde dag beide longen aangedaan, een stekende pijn in de luchtpijp, verergerd door druk, door ademhalen en door voortdurende korte hoest ; ligt op haar rug, beweegt niet, elke beweging vermeerdert de pijn ; antwoordt alleen met gebaren, elk gesproken woord en elke beweging veroorzaakt ondraaglijke, scheurende pijn in het achterhoofd en vandaar naar het voorhoofd, alsof het uiteen zou scheuren ; beurs gevoel in de luchtpijp en boven het manubrium sterni ; respiratio nasalis ; brandend hete en droge huid ; pols vol en buitengewoon snel ; koude handen, met gevoel van gevoelloosheid, < 's nachts ; egofonie en slijmreutels aan de rechterzijde.

HART, POLS EN CIRCULATIE [29]

Ernstige pijn in de hartstreek, met een lichte uitwendige zwelling; grote drukgevoeligheid over de hartstreek.

Druk, krampachtige spanning en zwaar gevoel in het hart.

Krampachtig gevoel in hart en longen.

Stekende pijnen boven het hart, 's avonds.

Scherpe steken in de precordiale streek, < bij krachtige uitademing.

Spanning en steken in de precordiale streek.

De eerste harttoon hees en tamelijk verlengd.

Hartkloppingen: en een steek bij elke hartslag; frequent; van korte duur; met zielsangst, onregelmatige krampachtige bewegingen van het hart; hartslag zo sterk dat het de adem beneemt; de hartslag slaat over.

Gevoel alsof er een kap over het hart zat; wervelkolom aangedaan.

Onregelmatige, krampachtige werking van het hart; af en toe één hevige bons.

Man met neiging tot rheumatisme en lijdend aan aortainsufficiëntie en albuminurie; benen, scrotum en abdomen enorm gezwollen; de werking van het hart zeer onregelmatig; beangstigende aanvallen van dyspnoe.

Hevige pulsaties in de bloedvaten, tijdens hitte.

Pols: onregelmatig; 's avonds klein en frequent, 's morgens langzaam; vermeerderd door wijn; nauwelijks voelbaar; gespannen, versneld, onregelmatig, hard; klein en hard; langzaam, gemakkelijk comprimeerbaar; langzaam, zeer zwak; 40 en intermitterend; draadvormig en onregelmatig.

BORSTWAND [30]

Linkszijdige intercostale neuralgie, < bij beweging en bij vermoeid raken, soms met hartkloppingen.

Branden aan de rechter borst, alsof in de huid, uitstralend naar de rug.

Druk onder de linker tepel.

Fijn, stekend trekkend gevoel rond de linker tepel, met beurse pijn bij aanraking; wordt spoedig kloppend.

Een steek onder de rechter mamma.

Stekende pijn onder de linker borst.

Steken in de linker mamma, dof en pijnlijk in de ochtend.

Gevoel van uitzetting in de linker mamma.

Linker tepel zeer pijnlijk en gevoelig.

Hevige drukkende pijn in de rechter mamma.

Drukkende, beurse pijn rond de rechter tepel.

NEK EN RUG [31]

De nek voelt vermoeid en moe aan door schrijven of enige inspanning.

Stijfheid en spanning in de nek.

Scheurende pijnen in de nek.

Stijfheid en pijn in de nek- en bovenste rugspieren, 's morgens.

Krampachtige stijfheid aan de linkerzijde van de nek.

Pijn alsof men geslagen was en alsof men door al te grote inspanning vermoeid was, in nek en rug.

Pijn in de nekspieren, 's nachts, alsof het hoofd in een ongemakkelijke houding was gehouden, zelfs gevoeld tijdens de slaap.

Scheurende pijn in de rechterzijde van de nek.

Pijn in de zijkant van de nek, zich uitstrekkend naar de schouder, met stijfheid van het deel, verscheidene morgens in bed, overdag verdwijnend.

Spanning en trekken in de rechterzijde van de nek.

Spanning in de voorste nekspieren.

Druk als met een vinger aan de rechterzijde van de nek bij het spreken.

Een knijpend gevoel aan beide zijden van de nek, dicht bij de romp.

Krampachtig trekken: langs de nekspieren bij het kauwen; aan de rechterzijde van de nek bij het rechtop houden van het hoofd, alsof de nek stijf was.

Scheurende steken die in nek en kin in elkaar overgaan.

Scheurende pijn aan de achterzijde van de rechternek, ook juist onder de kaak en achter en onder het oor.

Scheurende pijn aan de linkerzijde van de nek, zich uitstrekkend tot achter het linkeroor.

Vaak hevige scheurende pijn aan de linkerzijde van de nek, 's morgens, steeds verdwijnend bij druk.

Stekend-scheurende pijn aan de achter- en onderzijde, op een kleine plek aan de rechterzijde van de nek.

Steken in de nekspieren.

Pijn in de rug, meer bij het zitten.

Beurse pijn in de rug bij lopen in de open lucht.

Brandende druk op de wervelkolom, iets boven de onderrug.

Brandend-trekkende pijn in rug en onderrug tijdens de slaap, 's morgens, ook een gevoel van inslapen in het schoudergewricht, de slaap storend, verdwijnend bij het ontwaken.

Spannende druk op een kleine plek op de rug, aan de rand van het r. schouderblad.

Spannende reumatische pijn in de wervelkolom.

Knijpende en brandende pijn op kleine plekken in de rug.

Stijfheid en pijn in de bovenste rugspieren, vooral bij beweging, < 's nachts.

Brandend-scheurende pijn tussen de wervelkolom en het rechter schouderblad.

Branden in de linkerzijde en in het linker schouderblad.

Pijn tussen de schouders; zich uitstrekkend door de onderrug tot het sacrum.

Druk: in de rechterzijde nabij het midden van de wervelkolom; in de rug onder het l. schouderblad; scherp, in de rug, dicht bij het rechter schouderblad; in het onderste deel van de wervelkolom, in de onderrug.

Drukkende spanning in de rug onder het rechter schouderblad, zich uitbreidend omlaag over de rug en in de richting van de axilla.

Spannende pijn tussen de schouders tijdens rust en beweging; als van een kleefpleister, nabij de binnenrand van het rechter schouderblad.

Steken: dof, onder het rechter schouderblad; stekend, dicht bij het bovenste deel van het rechter schouderblad, het hevigst tijdens oprispingen; hevig, in het midden van de wervelkolom en in het abdomen, onmiddellijk na het avondeten; hevig, midden in de rug bij het staan; onder het linker schouderblad, zich naar voren uitstrekkend in de linker borststreek; zich uitstrekkend in het linker schouderblad.

Stekende pijn: van het rechter naar het linker schouderblad; constant, in de rand van het linker schouderblad, zich uitstrekkend naar de axilla, zo hevig dat zij opschrok, met opstijgende hitte naar het hoofd; dof schokkend, juist onder en nabij het linker schouderblad.

Bonzend kloppen onder het onderste derde deel van het linker schouderblad.

Zeurende pijn in de lumbale streek met een gevoel van matheid.

Pijn in het lumbale deel van de wervelkolom.

Spannende pijnen, zeer hevig, reumatisch, in de lumbale streek en in de schouders.

Kraken in de onderrug bij het lopen.

Gevoel van zwakte in de onderrug en voorbijgaande zwakte in de onderste extremiteiten bij het beginnen te lopen.

Verlamd gevoel in de onderrug, zich uitstrekkend tot de heupen en de l. zijde.

Drukkende paralytische pijn in de onderrug, alsof men in een ongemakkelijke houding had gelegen, < bij het opstaan uit een stoel en het beginnen te lopen.

Pijn in de onderrug; bij het omdraaien in bed 's nachts; en in de lendenen bij bukken; bij lopen en gaan zitten; en in het abdomen, met steken in de linkerzijde en trekkende pijn in de onderste extremiteiten.

Gevoel van spanning en zwakte in de onderrug bij het zitten, met spanning in het hoofd.

Gevoel alsof iets in de onderrug werd ingeschroefd, bij het opstaan uit een stoel.

Trekkend branden in rug en onderrug.

Trekken als van een pijnlijke zwakte in de onderrug en wervelkolom, bij zitten en bukken.

Hevige snijdende pijn in de onderrug door de geringste beweging, zich uitstrekkend tot in de kuiten en voeten, zodat hij noch kon lopen, staan noch liggen.

Branden langs de gehele wervelkolom, < zitten.

Pijn in de onderrug, bij zitten of wanneer men gaat zitten; vermindert door aanhoudend lopen.

Pijn ter hoogte van de laatste rugwervel.

Hevige beurse pijn in de rug bij lopen in de open lucht, met zwakte.

Hevige pijn in de onderrug bij het lopen; men was vaak genoodzaakt stil te staan, hoewel deze gestaag verlicht werd door verder te lopen.

Voortdurende pijn, nacht en dag; nu eens in de rug dan weer in de lendenen; ernstige pijnen nu hier, dan daar. θ Neuralgie.

Hevige, lang aanhoudende, zeurende pijn rond de laatste lendenwervels.

Patiënten kunnen helemaal niet zitten; zij zijn door zitten zozeer <, vooral wat rugpijn betreft; branden langs de gehele wervelkolom.

Spinale aandoeningen.

Drukkende, zeurende, of soms knijpende pijn in het stuitbeen; lancinerende pijn in het sacrum; druk, spanning en zwakte in de lumbale en sacrale streken.

Gevoelloosheid en mierenkruipen in de onderste extremiteiten; spinale irritatie, met grote uitputting van krachten.

Seksuele kracht verloren.

Spiertrekkingen in de rug of in enig deel van het lichaam; gevoeligheid van de wervelkolom voor aanraking.

Branden langs de gehele wervelkolom, < bij zitten; pijn in de onderrug, < door lopen.

Branden in de schouderbladen, spanning tussen de schouders; extreme onrust van de benen. θ Spinale irritatie.

BOVENSTE LEDEMATEN [32]

Branden in de linker axilla.

Doffe stekend-scheurende pijn in de rechter axilla.

Steken in de linker axilla en langs de voorzijde van de borst naar beneden, benemen 's avonds de adem.

Stekend-scheurende pijn boven op de rechterschouder.

Doffe steken onder de rechterschouder.

Steken in de linkerschouder.

Beurse pijn in de linkerarm; hij is niet in staat die op te heffen wegens pijn in de deltaspier.

Druk en zwaar gevoel in beide schouders bij het ontwaken.

Gevoel van gevoeligheid als na een kneuzing, op een kleine plek in de axilla.

Ingeslapen gevoel in het schoudergewricht.

Reumatische pijnen in beide deltaspieren, < bij het heffen van de arm.

Acuut reumatisch trekken dat vanaf de bovenkant van de schouder in de deltaspieren langs beide armen naar beneden uitstraalt, < bij het heffen van de armen.

Schokken in de rechterschouder, gevolgd door beurse pijn in het linker schouderblad.

Spanning en scheurende pijn in beide schoudergewrichten.

Reumatische spanning in de kop van de linker humerus.

Scheurende arthritische pijn in het schoudergewricht, uitstralend tot in de vingers.

Diep in de rechterschouder scheurende pijn.

Scheurende pijn in de rechterschouder, met druk in het midden van de bovenarm, verdwijnend door krabben.

Scheurend-drukkende pijn in de linkerschouder, bij de aanzet van de hals.

Hevige scheurende pijn in het schoudergewricht waarop zij lag, diep in het bot, 's avonds in bed.

Scheurende pijn, uitstralend in de axilla, onder de linkerarm.

Scheurende pijn in beide bovenarmen vanaf de deltaspier naar beneden.

Scheurende pijn aan de voorzijde van de linker bovenarm, dicht bij de elleboog; in de rechterarm dicht bij de schouder.

Intermitterende scheurende pijn midden aan de binnenzijde van de linker bovenarm.

Scheurende pijn in de linker bovenarm dicht bij de schouder.

Stekende pijn in de rechter bovenarm, 's morgens.

Stekende en brandende pijn aan de voorzijde van de linker bovenarm, na de middagmaaltijd.

Borrelend gevoel in de linker bovenarm.

Branden in de linker onderarm.

Doffe pijn in de rechter bovenarm.

Beurse pijn in het bot van de rechter bovenarm.

Trekkende pijn in de linker bovenarm vlak bij de elleboog.

Scheurende pijn in beide bovenarmen vlak bij de ellebogen.

Algehele slapte van beide armen met spanning.

Krachtsverlies in de arm en pijn in de pols.

Verlamd gevoel in de armen; bij hersenziekten; verlamming ten gevolge van cerebrale bloedingen.

Trekkingen van de linkerarm 's morgens tijdens de slaap.

Trekkende pijn die van de vingertoppen langs beide armen omhoog uitstraalt.

Scheurende pijn in het rechterellebooggewricht, > door wrijven, 's morgens.

Aanhoudend pijnlijk zwaar gevoel, als verlamd, in de plooi van de linkerelleboog.

Onaangename schokken in het ellebooggewricht, tussen het olecranon en de binnenste condylus van de humerus.

Beurs gevoel in de plooi van de rechterarm.

Reumatische druk in de ellebogen.

Reumatisch trekken in de rechterelleboog.

Scheurende pijn in de plooien van de ellebogen.

Op en neer gaande scheurende pijn in de linkerelleboog, over een plek ter breedte van een hand.

Steken en spanning in het rechterellebooggewricht 's avonds, bij het gapen.

Beurse pijn in de onderarm bij aanraken en bij het draaien van de arm, soms met scheurende pijn in het dikste gedeelte ervan.

Trekkende pijn in de onderarm als in het bot.

Krampachtig trekken in de onderarm of in de vingers.

Doffe, borrelende, scheurende pijn in de spieren van de binnenzijde van de rechter onderarm, niet ver van de elleboog.

Stekend-scheurende pijn in de linker onderarm, vooral in het bovenste deel.

Branden in de onderarm boven de rechterpols, bij bewegen van de arm.

Spanning in de rechterpols alsof de spieren te kort waren.

Reumatische spanning boven de linkerpols.

Trekkende pijn in de rechterpols alsof die verstuikt was.

Reumatisch trekken en scheurende pijn in de rechterpols.

Inwendig scheurende pijn in de pols.

Scheurende pijn midden in de rechterpols, gevolgd door scheurende pijn naar de rugzijde van de vingers toe.

Scheurende pijn in de plooi van de linkerpols, met scheurende steken op de rug van de linkerhand.

Brandende pijn in de rechterpols en in de handpalm.

Scheurende pijn en pijnlijk kloppen in de linkerduim naar de punt toe, alsof in een zweer, met inslapen en een verdoofd gevoel erin, en met uitwendig waarneembare warmte.

Scheurende pijn in de toppen van wijs-, middel- en pinkvinger.

Scheurend trekken in de eindkootjes van de linker middel- en ringvinger.

Trekkend-scheurende pijn in de rechterduim.

Schokkend-scheurende pijn die vanuit het eerste vingergewricht van de linkerhand naar de toppen uitstraalt, 's avonds.

Stekend-scheurende pijn in het eindgewricht van de rechterduim.

Scheurende steken in de vingers.

Scheurende steken in de middelste gewrichten van de laatste drie vingers van beide handen.

Scherpe snijdende steken in de toppen van beide duimen.

Grote naaldsteken door het eerste kootje van de linkerduim.

Vaak kruipend gevoel en kloppen in de linkerduim, met een gevoel van warmte erin.

Schokken in het eerste gewricht van de rechterduim zonder pijn.

Scheurende pijn in de rechterduim en daarboven, en in twee aangrenzende vingers.

Scheurende pijn onder de nagel van de rechterduim.

Scheurende pijn in de middenhandsbeenderen van beide wijsvingers.

Drukkende pijn in het middelste gewricht van de rechterwijsvinger, en met tussenpozen in het eerste kootje ervan.

Scheurende pijn in de eerste gewrichten en vingerkootjes van de vingers.

Scheurende pijn op de rug van de linkerhand.

Krampachtige spanning van de rechterhand.

Zwakte en beven van de handen tijdens het schrijven.

Beven van de handen tijdens de menstruatie.

Lamheid en gevoelloosheid van de handen; zij zien er blauwachtig uit.

Beven van de hand, meer wanneer zij rustig op tafel rust dan wanneer zij op de elleboog steunt.

Stijfheid van de handrug en een gevoel van kramp in de strekspieren van de duim tijdens het pianospelen.

Rigiditeit van de handen, vooral van de rechterhand.

Spanning in het middenhandsbeen van de pink, uitstralend naar de pols.

Krampachtige spanning van de rechterhand; deze was geheel blauw, lijkkleurig, zwaar en gevoelloos, met een kleine, draadvormige en nauwelijks waarneembare pols.

De handen zijn 's morgens bij het ontwaken ingeslapen.

Druk in de linker handpalm.

Branden op een kleine plek in de linkerhand.

Knijpende of beurs-stekende pijn in de linker handpalm, aan de pinkzijde, zeer pijnlijk.

Scheurende pijn in de hand, uitstralend van de pols tot het eerste kootje van de duim, tijdens het rijden in een rijtuig.

Stekend-scheurende pijn in de rechterhand, in de polsplooi en in de handpalm bij de pink.

Stekend-scheurende pijn in de rechterhand vlak onder de gewrichten.

Drukkend-scheurende pijn aan de handwortel nabij de streek van het erwtenbeen.

Scheurende pijn op de rug van de rechterhand, in het vierde en vijfde middenhandsbeen en in de pols.

Spannend-scheurende pijn in de rechterhandpalm.

Scheurende pijn op de rug van de linkerhand, soms ook afwisselend met scheurende pijn in de rechterhand.

Scheurend trekken in de handpalm van de linkerhand, tussen duim en wijsvinger.

Kloof tussen de vingers.

Droge herpes op handen en vingers; zij zijn ruw en jeuken.

Gebarsten en droge huid van de handen, zelfs bij zacht weer.

Wintertenen jeuken en zwellen op.

ONDERSTE LEDEMATEN [33]

Scheuren aan de voorzijde op de darmbeenkam bij zitten.

Stekend scheuren in de rechterbil onder de heup.

Scheuren in de bil onder de linkerheup.

Pulsatie in de linkerbil.

Borrelend gevoel in de rechterbil.

Drukkend trekken juist boven de rechterbil.

Trekkende pijn in de billen na het drinken van wijn.

Beurse pijn in de gluteale en achterste dijspieren.

Steken aan de achterzijde van de dij bij geeuwen, 's avonds.

Scheuren vlak onder beide heupen en achter op de rechterheup.

Drukkend trekken aan de achterzijde van de dij, zodat hij niet kon gaan zitten; bij lopen verdween dit geleidelijk.

Beurse pijn met knijpend gevoel, warmte en branden in de streek van de linkerheup, zich uitstrekkend tot het midden van de dij, met zwakte van het been en aanhoudende gevoeligheid in de heup; bij lopen en staan verdwijnt de pijn bij zitten.

Beurse pijn in het heupgewricht, alsof het vlees van het bot loszat.

Hevige pijn in de heupgewrichten, alsof geslagen, met spanning en pijn bij beweging.

Linkerheup achteraan pijnlijk.

Doffe druk boven de rechterheup.

Trekken, scheuren en branden achter in de linkerheup.

Drukkend scheuren in de linkerheup.

Pijnlijk gevoel van zwaarte en mankheid in de rechterdij bij lopen.

Zwaar gevoel en verlammende pijn in het linker dijbeen, boven de knie, zeer hevig bij lopen, staan en zitten, 's avonds.

Verlammende pijn in de rechterdij, eerst in het bovenste deel, daarna zich naar beneden uitstrekkend in de richting van de knie, bij staan, > bij zitten, 's avonds.

Beurse pijn aan de voorzijde van de linkerdij, drukpijnlijk.

Reumatisch trekken in de dijen.

Scheurende pijn in de dijen.

Trekkende pijn aan de binnenzijde van de rechterdij.

Trekkende, beurse pijn in de buitenste spieren van de dij.

Doffe schokkende pijn aan de binnenzijde van de dij.

Scheurende pijn in de dijen, vooral in hun dikke delen, hevig en aanhoudend.

Hevig scheuren aan de buitenzijde van de dij alsof in het bot, zich uitstrekkend van de heup langs het midden van de dij naar beneden, bij zitten.

Pijnlijk scheuren in de linkerdij, van de knie opstijgend tot halverwege.

Scheuren aan de binnenzijde van de linkerdij, verdwijnend bij beweging.

Scheurende steken in de dij bij lopen en liggen.

Ernstige, uitgebreide, maar oppervlakkige vochtige ontvellingen van de binnen- en bovenzijde van de dijen.

Jeuk van de dijen en knieholten, 's avonds.

Spataderen in de dij, zich uitstrekkend tot de schaamlippen.

Inslapen van het rechterbeen tot aan de knie, 's nachts.

Grote zwakte in de knieholten en in de lendenstreek bij lopen.

Doffe pijn in de knie, geleidelijk toenemend en afnemend.

Bij lopen een pijngevoel in de knieholte, alsof de spieren te kort waren.

Pijn in het rechter ligamentum patellæ bij druk of lopen, vooral bij op- of afgaan.

Pijn in de gewrichten van knieën en enkels.

Hevige pijnen, eerst in de rechter, daarna in de linker knieschijf en in de hiel, 's avonds en 's nachts.

Beurs gevoel in de kniegewrichten.

Knagende en borende pijn in de linkerknie, met spanning in het bovenste deel van de kuit, opnieuw na het gaan zitten.

Frequente doffe, borende pijn in de knieën.

Pijnlijke borende pijn in de knieën, vooral in de rechter, 's avonds.

Pijnlijke spanning in de knieholten bij lopen in de open lucht.

Spanning, daarna branden, vlak onder de rechterknie, in het bovenste deel van de tibia.

Spannende pijn in het rechter kniegewricht bij lopen.

Trekkende pijn in de knie 's nachts.

Reumatisch trekken in de rechterknie en neerwaarts in de tibia.

Scheurende en beurse pijn in de knieholten, < bij lopen, > bij zitten, 's morgens.

Scheuren in de rechterknie en ook aan de buitenrand van de knieholte, zich uitstrekkend in de kuit.

Scheuren in de rechterknie, verdwijnend door wrijven.

Scheuren aan de buitenzijde van de linkerknieschijf.

Scheuren en knagen in de linkerknie, zich naar boven en beneden uitstrekkend.

Scheuren en samentrekking in de linkerknie, alsof in het bot, zeer pijnlijk in rust en bij beweging.

Scheuren in het linker kniegewricht of van de knie naar boven, met beurse pijn op de plek.

Drukkende steek aan de binnenzijde van de rechterknie in rust.

Steken in de knie.

Steek als van een vlooienbeet aan de binnenzijde van de rechterknie.

Kloppen in de knieën bij zitten na een korte wandeling.

Frequent kruipend gevoel in het linker kniegewricht.

Hevige jeuk op het rechter kniegewricht.

Gespannenheid en stijfheid van de kuitspieren bij lopen.

Spanning en druk in het been langs de tibia naar beneden.

Spannende pijn in het linkerbeen.

Spanning en trekken in de kuiten.

Afwisselend druk en trekken in beide beenderen van het rechteronderbeen.

Druk gevolgd door scheuren aan de binnenzijde van het linkeronderbeen, tussen enkel en kuit.

Kramp in het been 's morgens in bed, waardoor het wordt opgetrokken.

Scheuren in de kuiten.

Scheuren neerwaarts in de tibia tot op de voetrug.

Priemende steken in de tibia.

Brandende pijn in de tibia.

Bij omdraaien dreigt kramp in de kuiten.

Krampachtige pijn in de kuit en de linkervoet, ook 's nachts.

Schokken in de linkerkuit.

Trekkende pijn in de benen, 's avonds.

Reumatisch trekken en spanning in de rechter tibia.

Trekkende pijn in de rechter tibia en neer langs beide kuiten.

Scheuren in het rechterbeen onder de knie, gevolgd door een beurse pijn.

Scheuren in het linkerbeen tussen tibia en enkel.

Scheuren in de kuit, zich uitstrekkend tot de malleoli.

Scheuren in het onderste uiteinde van de rechter tibia.

Stekende pijn in beide tibiae bij lopen.

Zwelling rond de malleoli van een vroeger aangedane voet.

Reumatische spanning in de linker enkel in rust.

Pijn als bij een verstuiking in de enkel bij het bewegen van de voet.

Drukkende pijn onder de buitenste malleolus.

Scheuren onder de rechter binnenste malleolus, zich uitstrekkend naar de hiel, 's avonds bij zitten.

Scheuren in de enkelplooi en ook aan de rand en op de rug van de linkervoet.

Scheuren in de rechter buitenste malleolus, verdwijnend door wrijven.

Pulserend scheuren in beide achillespezen.

Branden onder de rechter binnenste malleolus.

Hevige ontstoken zwelling van de voet.

Trillen van de voeten; bij het optillen ervan tijdens het zitten.

Trillen van de voeten en moeite om ze op te heffen, met frequent struikelen.

Tijdens de menstruatie zwakte en trillen van de voeten.

Branden onder de rechterhiel, < bij stappen en lopen dan bij zitten, 's avonds.

Branden en ulceratieve pijn in beide voetzolen, 's morgens.

Pijn aan de buitenrand van de voet alsof het bot zou breken bij lopen, bij het optillen van de voet, ook bij het zijwaarts houden ervan en steunen op de punt.

Pijn in de voetzolen bij het erop stappen; zij lijken gezwollen, met een gevoel alsof zij door een getand instrument zijn gekrast.

Frequent acuut inslapen van de voeten, 's avonds.

Verlamd gevoel in de hele rechtervoet.

Spanning in de rechtervoet, alsof de voet verstuikt was of de spieren te kort waren.

Spanning in de rechter voetzool, alsof de pezen te kort waren, bij stappen of lopen, 's avonds.

Trekken in de botten van de linkervoet.

Trekkend scheuren in de rechtervoet, zich uitstrekkend tot in de malleoli, met een gevoel van zwaarte in rust.

Trekkend scheuren rondom beide malleoli en in de achillespezen.

Scheuren in de buitenrand van de rechtervoet naar de tenen toe, verdwijnend door wrijven.

Scheuren en kruipend gevoel op de rug van de linkervoet, met een gevoel van gevoelloosheid in de voetzolen, verdwijnend bij lopen.

Scheuren en pijn in de hielen; de voeten lijken als van het lichaam afgeslagen.

Scheuren in beide voetzolen.

Stekend scheuren in de voetzolen, in de gewrichtsplooi van de rechter kleine teen.

Een steek boven de rechtervoet bij rennen.

Brandende steken hier en daar in de botten van de voetrug.

Steken in de hiel.

Priemende steken in de bal van de voet.

Tenen pijnlijk, als rauw na lopen.

Ulceratieve pijn in de rechter grote teen, 's avonds.

Pijn als van ettering in de nagel van de grote teen bij aanraken.

Gevoel alsof er blaren op de teen waren, als na lopen.

Trekken, scheuren, steken in de tenen en de voorvoet.

Scheuren in het onderste deel van de eerste twee rechter tenen.

Scheurende, beurse pijn in de top van de grote teen en onder de nagel.

Verstuikte pijn in de buiging van de eerste teengewrichten.

Stekend scheuren in het eerste gewricht van de rechter grote teen.

Stekend scheuren in de buigplooien van de eerste gewrichten van de eerste twee rechter tenen.

Scheuren in de rechter grote teen, met schokkend scheuren aan de buitenzijde van de linkerkuit.

Scheuren in de rechter kleine teen, 's avonds.

Branden en steken in de bal van de grote teen, alsof het deel bevroren was.

Prikkelende steken in de linker grote teen.

Pulserend steken in de top van de rechter grote teen.

Verlamming van de voeten door spinale of chronisch nerveuze ziekte, hersenverweking of cerebrale bloeding.

Voeten zweterig en pijnlijk rond de tenen; foetid voetzweet, wanneer het onderdrukt is, met veel nerveuze opwinding.

Wintertenen, < door wrijving; pijnlijk.

Overmatig nerveus bewegen van de voeten in bed gedurende uren na het naar bed gaan, zelfs in de slaap.

Grote zwakte van de voeten, 's morgens in bed, verdwijnend na opstaan en wat rondlopen.

Ondraaglijke borende pijn in de hiel na het drinken van wijn.

Ulceratieve pijn in de hielen, < bij lopen.

Scheuren en spanning aan de randen van de rechtervoet.

Verlamming van de voeten door onderdrukt voetzweet, door nat worden; < door wijn.

Koude voeten 's nachts.

Grote zwaarte van de onderste ledematen tijdens de menstruatie, met hevig trekken rond de knieën, alsof zij verdraaid zouden worden.

Onrust in de onderste ledematen 's nachts, kon ze niet stilhouden.

's Morgens in bed kan men een been wegens ongemak niet gebogen laten; is genoodzaakt het uit te strekken.

Gevoel van bloedstuwing in het linkerbeen.

Aanvallen van bevende zwakte in de onderste ledematen, met bleekheid van het gelaat.

Zwakte van de onderste ledematen, vooral van de kuiten, als na een lange wandeling, bij het opstaan uit zitten.

Verlammende zwakte en

zwaarte van de onderste ledematen, 's middags bij het beginnen te lopen, verdwijnend bij voortgezet lopen.

Zwakte en pijn in de onderste ledematen; zij kon nauwelijks stappen, met gevoeligheid voor tocht.

Zwaar gevoel in de onderste ledematen, met scheuren; kon ze nauwelijks optillen.

Spataderen in de benen, met rusteloze voeten.

Stijfheid van het been, kon niet lopen.

Grote zwakte van de ledematen; formicatie en koude voeten 's nachts; chronische neurasthenie.

Onophoudelijk en heftig rusteloos gevoel in voeten of onderste ledematen, men moet ze voortdurend bewegen.

Erysipelateuze ontsteking van de tendo Achillis; < door de hiel de grond te laten raken en door wijn.

Gevoel van trekken en samentrekking in de rechter tendo Achillis.

Oedemateuze benen.

LEDEMATEN IN HET ALGEMEEN [34]

Zwakte en vermoeidheid van de ledematen.

Plotseling gevoel van zwakte in de ledematen, met wolvenhonger.

Grote zwakte van ledematen, lendenstreek en knieholten, bij lopen in de open lucht.

Trillen van de ledematen, met spiertrekkingen van de dijen.

Zeurende pijn in de ledematen.

Rheumatisme, scheurende pijnen, mankheid en trillen; of krampachtige pijnen; wringend gevoel in de aangedane ledematen en veelvuldig rukken van het hele lichaam tijdens de slaap; < door oververhit raken en door inspanning.

Doorborend steken in de gewrichten.

Acute schietende pijn door de gewrichten, vooral in enkels, knieën en ellebogen, met gevoelloosheid van aangrenzende delen en een uitgeput, verlamd gevoel in de spieren van bovenarmen en dijen, < aan de rechterzijde.

Stekende en scheurende pijn in de ledematen, < nadat men warm is geworden, bij zitten.

Scheurende pijn in de ledematen na lichamelijke inspanning en snel lopen.

Trekkende pijn in de ledematen; soms eindigend in langzame, doffe steken.

Hevig trekkend-scheurende pijn in het midden van bijna alle beenderen van de ledematen; onvastheid door de pijn.

Gevoel alsof de ledematen beurs zijn en vermoeidheid, 's morgens bij het ontwaken.

Druk op de gewrichten veroorzaakt gevoeligheid en prikkende pijnen.

Kramp in de extremiteiten, vooral in de kuiten.

Stijfheid van de gewrichten, met scherpe, lancinerende pijnen boven de gewrichten, dwars verlopend.

Tetanische stijfheid en starheid van de ledematen, met gevoeligheid.

Hier en daar oscillerende bewegingen en vaak mierenkruipen in de ledematen.

Hevige jeuk achtereenvolgens in alle gewrichten.

Jeuk in de gewrichtsplooien.

Jeuk in de extremiteiten, niet in de gewrichten.

Hevige jeuk achtereenvolgens in alle gewrichten, het laatst in het heupgewricht.

RUST. HOUDING. BEWEGING [35]

Rust : steek in de rechterknie ; reumatische spanning in de linker enkel ; zwaar gevoel in de rechtervoet ; steken in de linker zaadbal ; kraamvrouwenconvulsies < ; kruipen en formicatie in de kuiten, zich uitbreidend tot in de tenen.

Liggen : duizeligheid > ; op de rug, conjunctivitis < ; op de pijnlijke zijde, conjunctivitis > ; op de linkerzijde, pijn in de lever < ; aambeien pijnlijk door druk van winderigheid ; met het hoofd over de rand van het bed hangend, buikligging, dysmenorroe ; op de rug, > pijn in de wervelkolom ; bronchiale hoest < ; voelt zich overal verdoofd ; op de rug bij tyfus.

Zitten : in bed, alsof het bed schommelde ; rugpijn, met coryza ; misselijkheid > ; > beklemmende pijn in de linkerzijde van de onderbuik ; trekkende pijn in de linker liesstreek ; verhinderd door drukkend en borend gevoel in het rectum ; snijdende pijn in de opening van de urinebuis ; kan alleen urineren terwijl hij gebogen achterover zit ; pijn in de rug < ; pijn in de lendenen ; spanning en zwakte in de lendenen ; trekkende pijn en pijnlijke zwakte in de lendenen ; branden langs de wervelkolom ; pijn in de lendenen ; rugpijn < ; branden in de wervelkolom < ; kon niet ; drukkend trekkend gevoel aan de achterzijde van het dijbeen ; gevoeligheid van de heup verdwijnt ; scheurende pijn vooraan op de crista ilii ; zwaar gevoel en paralytische pijn in het femur ; paralytische pijn in de rechterdij > ; pijn in de knieholten > ; kloppend gevoel in de knie ; scheurende pijn onder de rechter binnenenkel ; prikkelend trekkend gevoel in de testikels ; stekende en scheurende pijn in de ledematen ; branden op kleine plekken.

Zit met de benen over elkaar ; druk van urine op de urineblaas, er komt niets.

Hoofd omlaag houden : gezichtsbedrog alsof zij een grote struma had.

Bukken : duizeligheid ; daarna, zittend, onrust in de maag ; steken in het borstbeen ; pijn in de lendenen en lendenstreek ; trekkende pijn en pijnlijke zwakte in de lendenen ; prikkelend trekkend gevoel in de testikels.

Staan : duizeligheid ; steken in het linker hypochondrium ; zwaar gevoel in het rectum ; stekende en beurse pijn in de streek van de linker nier ; gevoeligheid van de heup ; zwaar gevoel en paralytische pijn in het femur ; paralytische pijn in de rechterdij.

Neiging zich uit te rekken.

Omlaagglijden in bed. θ Tyfus.

Beweging : misselijkheid < ; pijn in het rechter hypochondrium < ; < steken in de inwendige zweer boven de navel ; borstklachten < ; intercostale neuralgie < ; stijfheid van de rugspieren < ; de geringste beweging veroorzaakt snijdende pijn vanuit de lendenen naar de kuiten en voeten ; knie pijnlijk ; voortdurend, van de voeten ; kruipen en formicatie in beide kuiten, zich uitbreidend tot in de tenen.

Omdraaien in bed ; pijn in de lendenen.

Neus snuiten, hoesten of niezen : onwillekeurig urineren.

Schrijven : nek moe en vermoeid ; kouwelijkheid.

Pianospelen : stijfheid op de handrug ; kramp in de strekspieren van de duim.

Geeuwen : stekend gevoel en spanning in het rechter ellebooggewricht ; steken aan de achterzijde van het dijbeen.

Eten : neuralgie < ; tandvlees pijnlijk.

Lachen : scheurende pijn in de rechterzijde van het achterhoofd.

Arm bewegen : branden in de onderarm boven de rechter pols.

Arm opheffen : pijn in de deltaspieren <.

Opstaan : schietende pijn in de onderbuik ; vanuit zittende houding, knijpende pijn in de rechter lies ; vanuit zittende houding, alsof er een schroef in de lendenen werd gedraaid ; vanuit zittende houding, zwakte van de onderste ledematen, vooral van de kuiten.

Stappen : op de voeten, pijn in de voetzolen ; spanning in de voetzool.

Lopen : duizeligheid in het achterhoofd ; hoofdpijn < ; steken in het linker hypochondrium ; flatulente koliek < ; beklemmende pijn in de linkerzijde van de onderbuik ; brandend stekend gevoel in de anus ; stekende en beurse pijn in de streek van de linker nier ; onwillekeurig urineren ; klonters gestold bloed tijdens de menstruatie ; in de open lucht, beklemming op de borst ; in de open lucht, steken in de borst ; beurse pijn in de rug ; kraken in de lendenen ; zwakte in de lendenen en benen in het begin ; pijn in de lendenen ; pijn in de lendenen > ; drukkend trekkend gevoel aan de achterzijde van het dijbeen verdween geleidelijk ; gevoeligheid van de heup ; zwaar gevoel en mankheid in de rechterdij ; zwaar gevoel en paralytische pijn in het femur ; pijn in de knieholte ; pijn in het rechter ligamentum patellae ; pijnlijke spanning in de knieholten ; spannende pijn in het rechter kniegewricht ; pijn in de knieholten < ; stijfheid van de kuit ; steken in de tibiae ; branden onder de hiel ; pijn aan de buitenrand van de voet, alsof het bot zou breken ; spanning in de voetzool ; daarna, tenen pijnlijk alsof ze rauw waren ; ulceratieve pijn in de hielen < ; in het begin, paralytische zwakte en zwaar gevoel in de onderste ledematen ; penis gevoelig ; zwakte in de lumbale streek en in de knieholten ; scheurende pijn in de ledematen ; zweet ; stekende pijn in de bunion van de linker kleine teen en in de bal van de voet.

Rennen : steek boven de rechtervoet.

Inspanning : nek voelt moe en vermoeid ; rheumatisme < ; scheurende pijn in de ledematen.

Tillen : borstklachten <.

Trillen van de voeten bij het optillen ervan.

ZENUWEN [36]

Algemeen inwendig onbehagen.

Elke geringe emotionele opwinding veroorzaakt trillen.

Gevoel van algemeen beven zonder werkelijk te beven.

Herhaald flauwvallen, verscheidene malen per dag, gevolgd door prostratie en algemene gevoelloosheid.

Flauwte, bewusteloosheid, bijna zonder pols.

Plotselinge flauwteachtige zwakte bij het staan, zodat zij nauwelijks een stoel kon bereiken.

Vermoeidheid, veel geeuwen, grote uitputting in het hele lichaam; zwaar gevoel en vermoeidheid 's morgens in bed.

Matheid, prostratie en pijnen in de ledematen.

Gevoel van loomheid, met zeurende pijn in de lumbale streek.

Lichaam zwak en uitgeput, vooral na het middagmaal, soms met beverigheid en zwaar gevoel in het hoofd.

Algemene matheid en overal een gevoel alsof men geslagen is.

Algemene uitputting, slaperigheid, afkeer van lawaai en toch verminderd gehoor, een dromerige toestand als na een slapeloze nacht, met rillingen en koude overkruipingen.

Bij het ontwaken 's morgens onvermogen om hoofd en ledematen te bewegen, met extreme gevoeligheid voor aanraking over het gehele oppervlak; na ongeveer een uur verbeterde deze verlamde toestand voldoende om te kunnen lopen, maar met een waggelende onzekere gang en een duidelijke neiging naar links te vallen.

Vermindering van de gevoeligheid voor aanraking; op kieteling daarentegen werd sneller gereageerd dan in normale toestand.

Wanneer hij gaat liggen, voelt hij zich overal gevoelloos; vreest apoplexie.

Grote neiging om lichaam en ledematen uit te rekken.

Onaangenaam gevoel van druk en persen tegen de inwendige wanden van de romp, alsof het hele lichaam uit elkaar zou worden gedwongen, zonder enig spoor van winderigheid, veeleer door de zenuwen veroorzaakt, < rechts dan links.

Krampachtige pijn hier en daar in de spieren.

Gevoel van zwelling.

Handen beven; grijpt naar plukken, of glijdt in bed naar beneden.

Veel zichtbare spiertrekkingen van lichaam en gelaat.

Spiertrekkingen en schokken in verschillende spieren.

Onrustige voeten; moet ze voortdurend bewegen.

Schokken door het hele lichaam tijdens de slaap.

Spasmen; kind vóór de aanval humeurig, lichaam warm, 's nachts onrustig, schreeuwt in de slaap, ziet er bij het ontwaken bang en angstig uit; onwillekeurig of vaker urineren; lichaam zeer warm; rolt angstig het hoofd van de ene naar de andere kant; kind is al dagen tevoren humeurig en prikkelbaar geweest, met gehaaste bewegingen, opgezet abdomen; onrustige voeten, r. zijde trekt; bleke kinderen tijdens het tandenkrijgen; bij hydrocephaloïde toestand na cholera infantum, met grote vermagering en prostratie; na verdwijnen van oude erupties; coma door cerebrale uitputting; verlies van gevoel in het hele lichaam; met manie door mentale opwinding; slaapwandelen.

Puerperale convulsies nadat Phos., ogenschijnlijk geïndiceerd, had gefaald; cerebrale epilepsie; symptomen vooral in rust gevoeld; < na het middagmaal en tegen de avond; spiertrekkingen in verschillende spieren; het hele lichaam schokt tijdens de slaap.

Convulsies tijdens het tandenkrijgen, met bleek gelaat en geen warmte, behalve in het achterhoofd; voorafgegaan door trekkingen van afzonderlijke spieren, onrustige voeten of luid geschreeuw; tandengeknars; wegrollen van de ogen; scherpe kreten, veroorzaakt door pijn in het hoofd; automatische beweging van handen en hoofd, of van één hand en het hoofd; coma, pols in lange golven opkomend; slaap onrustig, met opschrikken, opspringen, uitschreeuwen, spiertrekkingen en schokken door het hele lichaam, ontwaakt verschrikt, staart, rolt het hoofd van de ene naar de andere kant.

Een jong mulattenmeisje, æt. 18, in goede gezondheid tot enkele maanden geleden, toen zij haar been verwondde en een etterende wond kreeg, die opdroogde; bij de volgende menstruatie kreeg zij een convulsie, die verscheidene uren duurde; Zincum 200, in water, om de twee uur, gedurende twee dagen; het deed de spasmen ophouden, maar werd gevolgd door uitblijven van de urinelozing gedurende twee weken.

Een jongedame, æt. 21, klein, slank en donkerharig, had ten gevolge van verwondingen drie jaar tevoren een zeer zwakke en gevoelige wervelkolom; aanraking van haar wervelkolom deed pijn, en wanneer een kind haar op de rug sloeg, raakte zij in een tonisch spasme dat verscheidene uren duurde; Zincum 200 gedurende vier maanden (een poeder eens per twee weken) genas de zwakte van de rug, maar veroorzaakte bijna steeds uitblijven van de urinelozing gedurende twee of drie dagen.

Na te hebben gezeten in spiritistische kringen, schokken in bovenste en onderste ledematen; geleidelijk werden zij meer en meer dreigend, en twee maanden later kreeg hij zenuwschokken in handen en benen, tijdens gebed en slaap 's nachts, soms ook op andere uren; voelde grote hitte in het hoofd; gemoedsrust verliet hem; hoorde stemmen die vanuit zijn binnenste in beledigende en vuile taal spraken; voelde neerslachtigheid; het scheen dat kleine bolletjes die langs handen en benen liepen de schokken veroorzaakten; Nux vom. deed enig goed, verminderde de hitte van het hoofd, maar mesmeriseren maakte hem <, alsof de zenuwen hevig werden uitgerukt; alsof vuur door het lichaam liep, van de linker voet naar het hoofd, brandend in voorhoofd, wenkbrauwen, oren en ogen; voortdurende neiging om een einde aan zijn leven te maken; altijd onrustig; voelt zich < in de morgen, > in de avond; slaap verstoord; gemoedsrust verdwenen; vooroordelen en bijgelovige overtuigingen begonnen hem te kwellen; schokken deden hem verschrikkelijk stuiptrekken; slechte en afschuwelijke gedachten, voornamelijk wellustige, kwellen hem; soms zijn de bewegingen van de ledematen potsierlijk, soms ernstig; moest tegen zijn wil lachen of huilen; gevoel van kruipen, warmte, kloppen, verschuiven, lopen, omsingelen, in alle delen van zijn lichaam; visioenen van levenden en doden; sprak niet, terwijl hij voortdurend onder zijn schokken leed; viel soms neer alsof verlamd; loopt met zware stappen, of rent alsof uit angst; uit in doodsangst de luidste jammerklachten en kreten; wilde niet eten tenzij daartoe gedwongen; bleek en vermagerd, lijdende, verwarde gelaatsuitdrukking; na Zincum een klein abces iets onder het midden van de rechter clavicula.

Chorea, neerslachtige stemming, algemene gezondheid lijdt eronder; veroorzaakt door schrik, onderdrukte erupties; onrustige toestand van de voeten terwijl men in bed ligt; schokken door het hele lichaam tijdens de slaap, soms met schreeuwen; chronisch, opschrikken en heen en weer rollen bij het ontwaken; schreeuwt alsof verschrikt; < na het drinken van wijn, na het middagmaal, tegen de avond, tijdens rust; > door beweging. θ Chorea.

Na weken bij vrienden te hebben doorgebracht, kon zij bij haar terugkeer niets herinneren van wat zij had gezegd of gedaan; Zincum 30, gevolgd door genezing van epilepsie die al meer dan drie jaar bestond.

Neuralgie na herpes zoster.

Gevoel van gevoeligheid in inwendige en uitwendige delen.

Hevig kloppen door het hele lichaam.

Neuralgische pijnen tussen huid en spier, in het onderhuidse celweefsel; grote zwakte van de ledematen; gebrek aan levenskracht.

Zenuwachtige slapeloosheid, met ondraaglijke jeuk van de huid 's nachts zonder eruptie.

Zwakte, gevoelloosheid en trillen van de handen bij het schrijven.

Verlamming na onderdrukt voetzweet.

SLAAP [37]

Slapeloosheid.

Inslapen verhinderd door mentale activiteit.

's Nachts in de slaap luid uitschreeuwen zonder het te weten.

Kind huilt uit in de slaap; als het wakker gemaakt wordt, toont het vrees en rolt angstig het hoofd van de ene naar de andere zijde.

Komt 's avonds, onmiddellijk na het gaan liggen, overeind in bed, spreekt onverstaanbaar, met korte, bevende ademhaling.

Opschrikken uit de slaap met onwillekeurige schokken in het linker onderste ledemaat.

Onbewust opschrikken tijdens de nachtrust, tijdens de menstruatie.

Vaak 's nachts wakker worden ten gevolge van angst.

Werd 's nachts vaak wakker; kon na 5 uur 's morgens niet meer slapen.

Slaap zeer onrustig, vol dromen.

Vaak 's nachts wakker worden, met moeilijk weer inslapen; angstige dromen tegen de ochtend.

Zeer onrustige slaap, vol fantasieën en gedachten waarover hij genoodzaakt was na te denken.

De slaap 's nachts vaak onderbroken; de nachten lijken zeer lang.

Onrustige nacht; werd schreeuwend wakker alsof hij ijlde, alsof ganzen hem beten.

Onrust tijdens de slaap na middernacht; veel te vroeg wakker, met grote vermoeidheid en het gevoel alsof de ogen diep in het hoofd lagen.

Tegen middernacht wakker worden uit levendige dromen, met een gevoel van grote hitte over het hele lichaam, zonder warm te zijn, zonder zweet, met een gevoel van droogheid en zonder dorst; is genoodzaakt armen en ledematen te ontbloten.

Slaap verstoord door hevige hoofdpijn en pijnlijke krampen in de kuiten.

Slaap onrustig en niet verkwikkend, met incidenteel nachtelijk zweet.

Kon drie of vier uur na het naar bed gaan niet in slaap komen, vanwege een gevoel alsof insecten van haar voeten naar haar knieën kropen, later uitbreidend naar de dijen; dit gevoel maakte haar ook uit de slaap wakker.

Voortdurend geeuwen.

Slaperigheid: met veelvuldig gapen; kan toch niet slapen, het hoofd voelt zo licht aan; 's morgens; onmiddellijk na het middagmaal; met dofheid van het hoofd, zonder te kunnen slapen; tijdens haar werk, > in de open lucht.

Diepe, uitputtende slaap met veel dromen.

Werd vaak wakker, met hevige hartkloppingen en geschreeuw, uit angstige dromen over dieven.

Ijlbeelden tijdens de slaap.

Dromen: angstig; angst hield aan na het ontwaken; met mentale opwinding, sprak rond middernacht over zijn dromen; ergerlijk; van ruzie; droevig; alsof zij gewurgd werd, 's morgens vrees dat de man die haar gewurgd had zou terugkeren; weerzinwekkend, dat zij met menselijke uitwerpselen besmeurd was; van lijken en paarden die onder hem in honden veranderden; levendig, met een vermoeid gevoel 's morgens bij het ontwaken; angstig, over water en over verdrinking; van vuur; van vluchten, gevolgd door zweet.

Tijdens de slaap: schreeuwt het uit, wordt wakker met vrees; ledematen en lichaam schokken; nachtmerrie.

TIJD [38]

Tegen de ochtend : angstige dromen ; zweet.

Na 5 uur 's morgens : kon niet slapen.

Ochtend : angstige onrust ; nors ; duizeligheid ; hoofdpijn ; hoofd zwaar, duizelig en verward ; hoofdpijn als door kolendamp ; drukkende hoofdpijn ; wazig zien ; oogleden verkleefd ; tranenvloed ; branden in ogen en oogleden ; binnenste ooghoek verkleefd ; kriebelend gevoel in de oren ; niezen ; bittere, slijmerige smaak ; pijn in zweer op de binnenzijde van de linkerwang < ; schraalheid en droogheid in de keel ; droogheid in de fauces ; schrapen van slijm ; misselijkheid ; branden vanuit het epigastrium in de oesofagus ; druk in de maag ; steken in de precordiale streek ; gerommel en omwoelen in het abdomen ; wringende pijn in het abdomen ; steken in de linker lies ; onwillekeurige diarree ; harde stoelgang ; expectoratie ; druk op het sleutelbeen ; knijpende pijn in de borst, met weeïgheid ; trage pols ; steken in de linker mamma ; stijfheid in de cervicale en bovenste dorsale spieren ; brandend trekkend gevoel in de rug ; steken in de rechter bovenarm ; tijdens de slaap, trekkingen van de linkerarm ; scheurende pijn in het rechter ellebooggewricht ; kramp in het been ; brandende en ulceratieve pijn in de voetzolen ; in bed, zwakte van de voeten, in bed, kan niet verdragen dat één been gebogen is ; beurse pijn in de ledematen ; zwaar gevoel en vermoeidheid ; onvermogen om hoofd en ledematen te bewegen ; 's morgens in bed, rillerigheid.

Voormiddag : hoofdpijn met pijn in de ogen ; tot de avond, dorst ; rillerigheid ; koortsparoxysmen ; heet gezicht, koel lichaam.

Om 11 of 12 uur 's middags : vraatzuchtige honger, met zwakte van de benen en beven.

Middag : neerslachtig, 's avonds levendig ; prikkelbaar, korzelig, verschrikt, versuft en duizelig ; onverzadigbaar ; druk en koud gevoel in de maag ; klotsen en gerommel in de maag ; beweging met gevoel van koudheid in de maag.

Na het middagmaal : steken en branden aan de voorzijde van de linker bovenarm.

Namiddag : nors ; rustige gedachten aan de dood ; duizelige versuftheid ; branden in de ogen ; niezen ; dorst, met hitte in het gehemelte ; tijdens de menstruatie, dorst ; oprispingen ; paralytische zwakte en zwaar gevoel in de onderste ledematen ; gevoelig voor open lucht ; alsof het zweet zou uitbreken.

Tegen de avond : kind humeurig ; druk op de ogen ; bijtende pijn in het oog ; keratitis pustulosa < ; waterige coryza ; flatulente koliek ; puerperale convulsies <.

Van 3 tot 4 uur 's middags : cardialgie.

Overdag : vochtigheid van de ogen ; misselijkheid.

De hele dag : hoofdpijn in het voorhoofd ; droge coryza ; zoete smaak.

Nacht en dag : pijn in rug en lendenen.

Van 4 tot 8 uur 's middags : koude rilling.

Avond : neerslachtig, 's middags levendig ; gevoeligheid op de kruin ; knorrig, moedeloos, nors ; duizeligheid in het achterhoofd ; onvermogen het hoofd te dragen ; duizelige versuftheid ; zwaar gevoel in het voorhoofd ; druk op een kleine plek in het voorhoofd ; bonzen in het hoofd ; samenschroevend gevoel in de zijkanten van het hoofd ; pijnlijke razende pijn in de rechterzijde van het achterhoofd ; druk in het linkeroog ; branden in ogen en oogleden ; fotofobie en tranenvloed ; pterygium < ; groene halo rond licht ; gevoel van zand in het oog ; pulseren in de oren ; branden in de oren ; plotselinge coryza ; afwisselend lopende en droge coryza ; neuralgie van het vijfde paar < ; tandpijn ; drukkende pijn in de tonsillen ; zoetig bloed in de mond ; onverzadigbare dorst ; dorst naar bier ; hevige hik ; branden in het epigastrium ; drukkend gevoel in de maag ; steken in het linker hypochondrium ; veelvuldige lozing van winden ; gerommel in de linkerzijde van het abdomen ; stinkende winden ; pijn in abdomen, hoofd en ogen ; diarree met krampen ; brandend stekende pijn in de anus ; snijdende pijn in de opening van de urinebuis ; aandrang om te urineren ; nadruppelen van urine ; astma ; prikkelhoest ; geen expectoratie ; steken boven het hart ; pols klein en frequent ; steken in de linker axilla en langs de voorzijde van de borst naar beneden, waardoor de ademhaling wordt tegengehouden ; stekende pijn en spanning in het ellebooggewricht ; schokkend scheuren vanuit de eerste vingergewrichten van de linkerhand naar de toppen toe ; steken aan de achterzijde van het dijbeen ; zwaar gevoel en paralytische pijn in het femur ; paralytische pijn in de rechterdij, hevig in het bovenste deel, daarna uitbreidend naar de knie ; pijn in patellae en hielen ; pijnlijk borende pijn in de knieën ; trekken in de benen ; scheurende pijn onder de rechter binnenenkel ; spanning in de voetzool ; ulceratieve pijn in de rechter grote teen ; scheurende pijn in de kleine teen ; gevoelig voor open lucht ; koude voeten ; kon in bed niet warm worden ; kouderillingen ; koudheid in het abdomen ; heet hoofd en hete wangen ; branden in de voetzolen ; koudheid van het voorhoofd ; jeuk in het gezicht ; jeuk aan het scrotum ; jeuk tussen de schouderbladen ; jeuk van de dijen en knieholten, alsof de tenen bevroren waren geweest ; hevig stekend jeuken in de voorste bal van de grote teen ; steken, prikken, jeuk op voorhoofd, dij, malleoli, voeten en andere delen van de huid, in bed ; plotselinge jeuk hier en daar.

Na 8 uur 's avonds : branden in het oog <.

Nacht : hoofdpijn ; pijn van kerato-iritis < ; syfilitische iritis < ; jeuk en hitte in het pterygium < ; ophthalmia < ; geraas in de oren ; een angstig rauw gevoel in de keel ; bittere smaak in de fauces ; oprispingen ; hoest bij verharding van de lever < ; dof kreunen, verharding van de lever ; snijdende pijn in het abdomen, koliek gevolgd door dikke leucorroe ; prikkelend en trekkend gevoel in de linker lies ; dunne stoelgang met krampen en tenesmus ; frequente aandrang om te urineren ; onweerstaanbaar seksueel verlangen bij vrouwen ; aanvallen van dyspneu ; hoest verhindert de slaap ; prikkelhoest < ; hitte en zweet ; stijfheid in de dorsale spieren < ; slapend gevoel van het rechterbeen tot aan de knie ; pijn in de patellae en hielen ; trekken in de knie ; krampachtige pijn in de kuit ; koudheid van de voeten ; onrust in de onderste ledematen ; onrustige, friemelende voeten ; onbewust opschrikken ; vaak wakker worden ; zweten ; nachtmerrie ; koude rilling ; gevoel van hitte zonder warmte ; jeuk als van vlooienbeten ; jeuk van de voetzolen, en van de kuiten en dijen ; trekkingen van de ledematen, schokken door het hele lichaam, hevig gillen, scarlatina ; huid heet en droog ; mompelen tijdens de slaap ; dreigende convulsies ; scarlatina.

Omstreeks middernacht : spreekt over haar dromen.

Na middernacht : windkoliek ; frequente mictie ; onrust tijdens de slaap.

TEMPERATUUR EN WEER [39]

Wil zich ontbloten: tijdens het zweten.

Oververhitting: rheumatisme <.

Nadat hij warm is geworden en kou heeft gevat: kloppen in een holle tand.

Warme kamer: hoofdpijn <.

Warm water: conjunctivitis >.

Open lucht: hoofdpijn >; na het lopen druk in het achterhoofd; tranenvloed; hevige druk in het oog tijdens het lopen; pijnlijke spanning in de knieholten tijdens het lopen; slaperigheid >; gevoeligheid; kouderillingen; zweet.

Tocht: gevoeligheid.

Koude: toppen van vingers en voeten gevoelig; het aanraken van iets veroorzaakt een koude rilling; droge rhagaden aan de handen.

Koude lucht: de ogen voelen pijnlijk en heet aan, pterygium; conjunctivitis <.

Koud water: hoofdpijn >; hield de neusbloeding op.

Wassen: onrust in de maag en huivering.

Zeebaden: herpes in de mond.

Koud weer: ruwheid en irritatie op de rug van de rechterhand.

Nadering van onweer: kouderillingen.

KOORTS [40]

Gevoeligheid voor open lucht in namiddag en avond.

Grote gevoeligheid voor koude, vooral aan de vingertoppen en aan de voeten.

Koude neus, handen en voeten.

Koude voeten : maken 's nachts wakker ; 's avonds, lang aanhoudend, in bed.

Veelvuldige koortsige rillingen langs de rug.

Hevig beven van de ledematen.

Koude rillingen, beven van de ledematen.

Rillerigheid : en koude van het hele lichaam ; in de voormiddag ; gevolgd door koortsverschijnselen over het hele lichaam, met koude kruipingen en trekkend gevoel door de rug ; met misselijkheid ; gedurende een kwartier tijdens het schrijven, met een gevoel alsof er een vreemd steenhard voorwerp in de keel zat, met voortdurend gapen ; over boven- en onderbuik ; tijdens de menstruatie ; voortdurend, met vermeerderde inwendige warmte ; met algemeen ziek gevoel ; bij het ontwaken 's morgens in bed.

Rillingen : met hevige hoofdpijn ; met misselijkheid en huivering ; aan het scrotum, met verschrompeling en kippenvel daarop en op de aangrenzende delen ; 's avonds, kon lange tijd niet warm worden in bed ; in de open lucht, 's avonds ; door een doordringende wind, niet door koude ; met onbehagen, als voorgevoel van een storm ; gevolgd door koud zweet.

Koortsaanvallen verscheidene malen per dag, terugkerend in de voormiddag en daarna ; rillerigheid en rillingen, hitteopwellingen over het hele lichaam, hevig beven van alle ledematen, extreme ziekheid, zelfs tot flauwte toe, weeïge smaak, met walging van voedselbrokjes in de mond, leegtegevoel in de maag, hevig kloppen door het hele lichaam, met korte hete adem, met zeer droge mond, hete, droge handen.

Kouderillingen : beginnen na het middagmaal ; in de open lucht ; bij nadering van een storm ; lopen langs de rug naar beneden ; wisselen af met hitte ; uitwendig, met vermeerderde inwendige warmte ; door het aanraken van iets kouds ; 's avonds ; gevolgd door misselijkheid, oprispingen en ophoping van zuur water ; van 4 tot 8 uur 's middags, bij het gaan liggen, met daaropvolgende hitte en zweet.

Schuddende koude rilling met bleek, ingevallen gezicht, zwakke, snelle en onregelmatige pols, vaak met misselijkheid en braken ; ten slotte werd de pols groot en vol, met algemene hitte, rood gezicht, gezwollen huid, gevolgd door onrustige slaap, met kwellende dromen en uitputting, ten slotte overvloedig zweet ; de aanval duurde gewoonlijk van acht tot tien uur, begon aan het einde van een werkdag, hield de hele nacht aan en hield 's morgens op.

Hevig kloppen door het hele lichaam, met korte, hete adem.

Vermeerderde warmte van het hele lichaam ; alleen een gevoel van koude in het abdomen 's avonds ; behalve aan de voeten, alsof het zweet zou uitbreken, in de namiddag ; met zweet in de oksels.

Hitteopwellingen.

Koortsige opwellingen, met plotseling roepen om gewaaid te worden, en dorst.

Hitte : inwendig, met koud gevoel in het abdomen en aan de voeten ; angstig hittegevoel, zonder enige uitwendige warmte, gedurende de nacht ; van het gezicht, met koel lichaam, in de voormiddag ; in opwellingen, met hevig beven en korte, hete adem ; met roodheid van het gezicht in de namiddag ; in het hoofd, 's avonds met roodheid en vermeerderde warmte in de wangen ; in het hoofd, de ogen brandden ; vooral in de rug ; van de vingers, gevolgd door hitte rond de keel en in het gezicht, met roodheid van het gezicht, gevolgd door een gevoel van koude in de nek ; bijna brandend, op verschillende kleine plaatsen, tijdens het zitten, bijvoorbeeld tussen dij en abdomen, aan de zijkanten van de onderbuik ; en branden in de voetzolen 's avonds ; met koude van het voorhoofd 's avonds ; en dorst met koude huid, over bijna het hele lichaam ; 's avonds ; 's avonds na het gaan liggen, met angst de hele nacht ; gevolgd door koud zweet.

Zweet : overvloedig de hele nacht, wil zich ontdoen van de bedekking ; gemakkelijk, overdag, door inspanning ; onwelriekend ; zuur geurend ; zuur, met fijne stekende jeuk over het hele lichaam ; zeer overvloedig ; overvloedig aan de voeten ; bij inspanning ; op het hoofd en de handen ; tegen de ochtend ; tijdens het lopen in de open lucht.

Nachtzweten.

Handen zeer zweterig.

Overvloedig zweet aan de voeten, met een slechte geur ; lopen maakt de voeten pijnlijk.

Nachtzweten, vooral aan de onderste extremiteiten ; de hele nacht, met hitte, verdraagt geen enkele bedekking.

Typhoïde koorts : starende ogen ; delier met pogingen om uit bed te komen ; volledige bewusteloosheid ; op de rug liggend en in bed naar beneden glijdend ; plukken aan het beddengoed ; subsultus tendinum ; voortdurend beven van de handen en koude van de extremiteiten ; verslapping van de spieren van het gezicht ; hippocratisch gelaat ; bleke, wasachtige gelaatskleur ; decubitus op sacrum en trochanter ; dreigende verlamming van de hersenen ; voortdurende onrust ; woelt heen en weer, smijt met de ledematen, glijdt naar beneden in bed ; automatische krampige bewegingen van handen en voeten, zoals bij hydrocephalus ; slaakt onarticuleerde klanken en kreten van pijn ; hoofd heet ; oogleden geülcereerd, half gesloten ; pupillen gefixeerd, reageren niet op licht ; tong roodbruin, gebarsten ; lippen en neus roetig ; vloeistoffen worden gretig maar met moeite doorgeslikt ; onwillekeurige ontlasting en urineren ; de ontlasting bevat draden van epitheel ; pols zeer snel, zwak, onregelmatig of klein, intermitterend, nauwelijks waarneembaar ; bovenste extremiteiten koel, vaak bedekt met koud, klam zweet.

Vlektyfus bij een man, æt. 32, tweede stadium ; stupor met starende ogen ; sprak onsamenhangend, met een soort half glimlachende praatzucht ; pneumonische symptomen, pijnlijke hoest, sero-sanguinolente sputa, snelle oppervlakkige ademhaling, beperkte pneumonische exsudatie, frequente onwillekeurige ontlasting, ogen gefixeerd, gelaatsspieren verslapt, bijna hippocratisch, de gelaatstrekken zagen er wasachtig uit ; subsultus tendinum, voortdurend beven van de handen en koude van de extremiteiten, volledige bewusteloosheid, mompelend delier, met verlangen het bed te verlaten ; kleine, frequente draadvormige pols ; decubitus.

AANVALLEN, PERIODICITEIT [41]

Periodieke aanvallen: hoofdpijn, met verminderd gezichtsvermogen.

Met tussenpozen: steken in de streek van de linker nier; drukkende pijn in de eerste falanx van de rechter wijsvinger.

Intermitterend: scheurende pijn in de linker nier; pijn in de hersenen; druk in de linker borst; werking van het hart; scheurende pijn in het midden van de binnenzijde van de linker bovenarm.

Afwisselend: prikkelingen en trekkende pijn in de linker lies; kouderillingen en hitte.

Elke ochtend, 6 uur: gevoel alsof er een vlies over de keel werd getrokken.

Naarmate de dag vordert: hoofdpijn wordt <.

Gedurende een half uur: hik.

Drie uur na het avondeten: hypochondrische stemming.

Om de zeven dagen: stekende pijnen in de buik.

Om de tien tot veertien dagen: hoofdpijn met amblyopie.

Eens per drie weken: stekende pijnen in de buik.

LOKALISATIE EN RICHTING [42]

Links : alsof hij naar links zou vallen, duizeligheid ; hoofdpijn in het voorhoofd ; drukkend-scheurende pijn in de voorhoofdswelving ; druk in de slaap ; rukkend-scheurende pijn boven de slaap ; steken in de slaap ; druk in de slaap ; scherp scheurende pijn in het wandbeen ; doffe pijn in het hoofd ; drukkend, trekkend, borend in het hoofd ; boren in het wandbeen ; trekkend-scheurende pijn in het hoofd ; trekken in het achterhoofd ; uiteenpersend gevoel in het achterhoofd ; een donkere diagonale lijn voor het oog ; diplopie < ; ondraaglijke pijn in het oog ; hevige druk in het oog ; scheurende pijn in het oog ; scheurende steek boven het oog ; prikkelend-bijtend gevoel in het onderste deel van het oog en op de wang ; trekkingen in de oogbol ; jeuk van het oog ; branden van het ooglid ; druk op de rand van het onderooglid nabij de binnenooghoek ; groene halo rond het licht ; branden en smarten in het oog ; bijtende tranenvloed ; oogleden kleven samen bij het ontwaken ; rukken in de wenkbrauw ; stekend-scheurende pijn in en boven de wenkbrauw ; trekkingen van het onderooglid ; drukkend branden in het ooglid ; steken als met naalden in het bovenooglid ; jeuk aan de rand van het bovenooglid ; purulente afscheiding uit het oor ; stinkend vocht uit het oor ; krampachtige pijn in de oorlel ; scheurende pijn in het bot vóór het oor ; knijpend trekken achter het oor ; stekend-scheurende pijn in het oor ; kietelend gevoel in het oor ; jeuk in het oor ; snijdende pijn in de neusvleugel ; zwelling en pijnlijkheid van de neusvleugel ; jeuk in het neusgat ; zwelling en jeuk van de wang ; drukkende pijn in de bovenkaak ; scheurende pijn in de wang ; musculaire trekkingen in de bovenlip ; rukken in de tanden ; steken in de onderste kiezen ; scheurende pijn in de bovenste kiezen ; scheurende pijn in kiezen, wang en slaap ; scheuren en trekken in de onderste snijtanden ; steken in de wortels van de bovenste hoektanden en snijtanden ; steken in de onderste kiezen ; steken in tanden en kaak tot in de nek ; trekken in de bovenste snijtanden ; tong gezwollen ; zweer aan de binnenzijde van de wang ; druk en steken in het hypochondrium ; steken in het abdomen ; gerommel in het abdomen ; insnoerende pijn in de onderbuik ; pijn in de onderbuik beginnend in de heupstreek ; steken in de onderbuik ; spannende pijn in het abdomen ; alsof er een breuk in de lies zou ontstaan ; alsof alles in de liesstreek ineen werd geschroefd ; trekken in de liesstreek ; prikkelend gevoel en trekken in de lies ; steken in de lies ; gevoeligheid in de nierstreek ; scheurende pijn in de nierstreek ; steken in de nierstreek ; beurse pijn in de nierstreek ; boren in de ovariumstreek ; druk op het sleutelbeen ; een plek zo groot als een hand in de borst voelt alsof zij aangevreten en beurs is ; gevoeligheid alsof geslagen in de borstspieren ; ribben pijnlijk ; branden boven de tepel ; druk, trekkende spanning in de borst ; druk en steken in de borst ; scheurende pijn in het onderste deel van de borst ; scheurende pijn onder de axilla ; steken in de ribben tegenover de maagkuil ; doffe steken in het bovenste deel van de borst ; stekend-scheurende pijn in de borst ; pijn in de tepel ; steek in het sleutelbeen ; pulsatie nabij de axilla ; intercostale neuralgie ; druk onder de tepel ; trekken rond de tepel, pulserend ; steken onder de borst ; steken in de mamma ; gevoel van uitzetting in de mamma ; krampachtige stijfheid in de nek ; scheurende pijn in de nek ; branden in de zijde en het schouderblad ; druk onder het schouderblad, steken aan de rand van het schouderblad tot in de axilla ; steken onder het schouderblad ; rukken onder het schouderblad ; kloppen onder het onderste derde deel van het schouderblad ; branden in de axilla ; steken in de axilla ; steken in de schouder ; beurse pijn in de arm ; beurse pijn in het schouderblad ; reumatische spanning in de humeruskop ; scheurende druk in de schouder ; scheurende pijn, zich uitbreidend in de axilla onder de arm ; scheurende pijn aan de anterieure zijde van de bovenarm ; intermitterend scheuren midden aan de binnenzijde van de bovenarm ; scheurende pijn in de bovenarm nabij de schouder ; steken en branden aan de anterieure zijde van de bovenarm ; borrelend gevoel in de bovenarm ; branden in de onderarm ; trekken in de bovenarm dicht bij de elleboog ; trekkingen van de arm in de ochtend ; voortdurend pijnlijk zwaar gevoel, alsof verlamd, in de elleboogsplooi ; op en neer scheurende pijn in de elleboog ; scherp scheurende pijn in de onderarm ; reumatische spanning boven de pols ; scheurende pijn in de polsplooi, met scheurende steken op de handrug ; scheuren en pijnlijk kloppen in de duim naar de top toe ; trekkend-scheurende pijn in de laatste vingerkootjes van middel- en ringvinger ; rukkend-scheurende pijn van de eerste vingergewrichten naar de toppen toe ; naaldsteken door het eerste kootje van de duim ; kruipend gevoel en kloppen in de duim ; scheurende pijn op de handrug ; druk in de handbal ; branden op een kleine plek in de hand ; knijpende of beurs-stekende pijn in de handbal boven de pink ; scheurende pijn op de handrug ; trekkend-scheurende pijn in de handpalm tussen duim en wijsvinger ; scheurende pijn in de bil onder de heup ; pulsatie in de bil ; beurse pijn met knijpen, warmte en branden in de heup tot midden op het dijbeen ; heup achteraan pijnlijk ; trekken, scheuren en branden op de heup ; drukkend-scheurende pijn in de heup ; zwaar gevoel en verlammende pijn in het dijbeen ; beurse pijn aan de anterieure zijde van het dijbeen ; pijnlijk scheuren in het dijbeen ; scheurende pijn aan de binnenzijde van het dijbeen ; knagend en borend gevoel in de knie ; scheurende pijn in knieschijf en knie ; samentrekking in de knie ; kruipend gevoel in het kniegewricht ; spannende pijn in het been ; druk tussen enkel en kuit ; kramp in kuit en voet ; rukken in de kuit ; scheurende pijn in het been ; reumatische spanning in de enkel ; scheurende pijn in de enkel en op de voetrug ; trekken in de beenderen van de voet ; scheuren en kruipend gevoel op de voetrug ; rukkend-scheurende pijn aan de buitenzijde van de kuit ; prikkelende steken in de grote teen ; gevoel van congestie van bloed in het been ; steken in de testikel ; bubonen ; onwillekeurig rukken in het been, wakker makend uit de slaap ; puistjes op de derde teen ; zwelling op de neusvleugel ; steenpuist in de schaamstreek ; steenpuist op de bovenarm ; bijtend branden in de huid van de bovenarm aan de achterzijde ; pijnlijk brandende kloven tussen twee vingers ; stekende jeuk op een kleine plek aan de vierde vinger ; bunion aan de kleine teen en aan de voetholte.

Rechts : hoofdpijn in het voorhoofd ; druk in de voorhoofdswelving ; doffe borende steek boven de voorhoofdswelving ; scheurende pijn in de slaap ; steken in de slaap ; steken in het oor ; druk in de slaap, naar binnen schietend ; drukkend-scheurende pijn nabij de kruin ; scheuren en steken in het hoofd ; boren en druk in het hoofd ; pulserend, drukkend en trekkend in het hoofd ; barstend gevoel in het hoofd ; kloppende pijn in het hoofd ; uiteenpersende druk in het achterhoofd ; knagend gevoel in de uitwendige achterhoofdsverhevenheid ; pijnlijk woeden op een plek in het achterhoofd ; scheurende pijn in het achterhoofd ; spannende druk in het oog ; hevige druk in oog en slaap ; snijdende, drukkende steek in het oog ; kietelend gevoel in het oog ; bijtend gevoel in het oog ; gevoeligheid en jeuk in de binnenooghoek ; pijnlijke druk in de binnenooghoek en roodheid van de conjunctiva ; bijtend gevoel in de binnenooghoek ; conjunctivitis ; druk boven het oog ; neerdrukkend gevoel in de oogleden ; gevoeligheid in het bovenooglid ; steken als met naalden in het onderooglid ; suizend geluid vóór het oor ; oorsuizen ; steken in het oor ; pijn onder en vóór het oor ; jeuk in het oor ; druk in de tonsil ; scheurende pijn in het neusgat ; jeuk in het neusgat ; trekken in het neusgat ; scheurende pijn uitwendig aan de neus ; neus gezwollen ; drukkende steek van het jukbeen naar de bovenrand van de orbita ; scheurende beurse pijn in het jukbeen ; neuralgie in het hoofd ; gezicht gezwollen ; oog kleiner en teruggetrokken bij neuralgie ; scirrheuze knobbel op de wang ; rukkend-scheurende pijn in de bovenlip ; rukkend-scheurende pijn in de onderste kiezen ; scheurende pijn in de boventanden ; scheurende pijn van een tand naar de slaap ; drukkend trekken in de onderste achterste tanden ; schijntumor in de leverstreek ; schokachtig scheuren, trekken en druk in het hypochondrium ; druk in het abdomen dicht bij de heup ; steken in het abdomen ; beurs gevoel in de onderbuik ; doffe scheurende pijn van de onderbuik naar de lies ; rukkende druk in de liesstreek ; knijpen in de lies ; scheurende pijn in de nierstreek ; doffe steken in de nierstreek ; snijdende, scheurende of trekkend-drukkende pijn in de nierstreek ; steken in de borst ; branden in de borst nabij de maagkuil ; spannende, beurse pijn en steken in de zijkant van de borst ; druk, stekend, nabij de axilla ; scheurende pijn in de bovenste ribben en borst ; steken in de korte ribben ; steek onder de tepel ; branden in de huid van de borst ; steek onder de mamma ; drukkende pijn in de mamma ; beurse pijn rond de tepel ; druk als met een vinger op de nek bij spreken ; scheurende pijn in de nek ; druk nabij het schouderblad ; druk nabij het midden van de wervelkolom en onder het schouderblad ; spanning nabij de binnenrand van het schouderblad ; steken onder het schouderblad ; scheurende pijn in de nek ; dof stekend-scheurende pijn in de axilla ; stekend-scheurende pijn boven op de schouder ; doffe steken onder de schouder ; rukken in de schouder ; diep scheurende pijn in de schouder ; steken in de bovenarm ; doffe pijn in de bovenarm ; beurse pijn in het bot van de bovenarm ; scheurende pijn in het ellebooggewricht ; beurs gevoel in de armplooi ; reumatisch trekken in de elleboog ; steken en spanning in het ellebooggewricht ; dof borrelend scheuren in de spieren van de binnenzijde van de onderarm, niet ver van de elleboog ; branden in de onderarm

boven de pols ; spanning in de pols ; trekkende pijn in de pols ; reumatisch trekken en scheuren in de pols ; scheurende pijn midden in de pols ; brandende pijn in de pols en de handbal ; trekkend-scheurende pijn in de duim ; scherp stekend-scheurende pijn in het laatste gewricht van de duim ; rukken in het eerste gewricht van de duim ; scheurende pijn in de duim, erboven en in twee aangrenzende vingers ; scheurende pijn onder de nagel van de duim ; drukkende pijn in het middelste gewricht van de wijsvinger, en met tussenpozen in het eerste kootje ervan ; krampachtige spanning van de hand ; stekend-scheurende pijn in de hand in de polsplooi, en in de handpalm nabij de pink ; scherp scheurende pijn in de hand onder de gewrichten ; scheurende pijn op de handrug, in het vierde en vijfde middenhandsbeen en in de pols ; spannend-scheurende pijn in de handpalm ; scheurende pijn in de handpalm nabij de vingers ; stekend-scheurende pijn in de bil onder de heup ; borrelend gevoel in de bil ; scheurende pijn achteraan op de heup ; drukkend trekken boven de bil ; doffe druk boven de heup ; zwaar gevoel en mankheid in het dijbeen ; verlammende pijn in het dijbeen, eerst in het bovenste deel, dan omlaag naar de knie ; trekkende pijn aan de binnenzijde van het dijbeen ; inslapen van het been tot aan de knie ; pijn in het ligamentum patellae ; pijnlijk boren in de knie < ; spanning, daarna branden onder de knie, in het bovenste deel van de tibia ; spannende pijn in het kniegewricht ; trekken in de knie ; scheurende pijn in de knie ; steek in de knie ; jeuk in het kniegewricht ; druk en trekken in de beenderen van het been ; trekken in de tibia ; scheurende pijn in het been ; scheurende pijn aan het uiteinde van de tibia ; scheurende pijn onder de binnenenkel ; scheurende pijn in de buitenenkel ; branden onder de binnenenkel ; branden onder de hiel ; gevoel alsof de voet verlamd was ; spanning in de voet ; spanning in de voetzool ; trekkend-scheurende pijn in de voet, zich uitbreidend in de malleoli ; scheurende pijn aan de buitenrand van de voet naar de tenen toe ; stekend-scheurende pijn in de buiging van de gewrichten van de kleine teen ; steek boven de voet ; ulceratieve pijn in de grote teen ; scheurende pijn in het onderste deel van de twee eerste tenen ; stekend-scheurende pijn in het eerste gewricht van de grote teen ; stekend-scheurende pijn in de plooien van de eerste gewrichten van de eerste twee tenen ; scheurende pijn in de grote teen ; scheurende pijn in de kleine teen ; pulserend-stekende pijn in de top van de grote teen ; scheurende pijn en spanning aan de randen van de voet ; trekken en samentrekking in de achillespees ; pijn in het scrotum ; puistje in de nek ; branden in de huid van het schouderblad ; eruptie en kloof aan de hand ; branden in de huid aan de rand van de hand ; ruwheid van de huid op de handrug ; jeukend branden aan de buitenzijde van het dijbeen boven de knie ; branden in de huid van het onderste deel van de kuit ; ulceratieve blaren op de voetrug ; alsof de tenen bevroren waren ; jeuk op de voetzool.

Eerst links, dan rechts : trekkende pijn in de testikels.

Van rechts naar links : trekken in de onderste achterste tanden ; steken in het schouderblad ; trekken en retractie van de testikel.

Afwisselend rechts en links : kloppend trekken in de achterste tanden ; pijn in de knieschijf en hiel.

GEWAARWORDINGEN [43]

Alsof zij een grote struma had waarover zij niet heen kon kijken; alsof het haar te berge stond; onrustig, alsof hij een misdaad had begaan; alsof hij een beroerte zou krijgen, duizeligheid; alsof de hoofdhuid werd samengetrokken; alsof het hoofd op en neer bewoog, met een overeenkomstig zweven van de beelden van zijn verbeelding; alsof hij door een mist zag; alsof hij naar de andere zijde zou omvallen; alsof het bed heen en weer wiegde; misselijkmakende zwakte, als na het roken van te sterke tabak; alsof de ogen door een koord naar elkaar toe werden getrokken; bedwelmende hoofdpijn, als door kolengas; alsof de neuswortel in het hoofd zou worden gedrukt; alsof het hoofd naar achteren zou worden getrokken; alsof lucht zich in de voorhoofdsholten perste; alsof het hoofd zou barsten; alsof het achterhoofd versuft was; alsof de hoofdhuid zich rimpelde en steeds strakker trok; alsof insecten van het achterhoofd naar het voorhoofd kropen : pijn als het slaan van golven op een plek aan de buitenzijde van het rechterachterhoofd; gevoel in de ogen alsof zij veel gehuild had; als vanuit het l. oog, schrijnend; als een fijt, brandend en kloppend in het oog; alsof er zand in de ogen zat; alsof de bovenoogleden verlamd waren; alsof de tanden eruit zouden worden getrokken, met neuralgie; alsof de tanden lang en los waren; alsof een hard lichaam weerstand bood aan druk vanuit de keelholte naar het abdomen; alsof voedsel na de middagmaaltijd in de keelholte bleef steken; alsof zij stikte aan de rechterzijde van de keel; als van een worm die vanuit de maag omhoog kroop in de keel; alsof de maag samengedrukt of leeg was; onaangenaam gevoel in de maagmond dat omhoog uitbreidt; alsof koud water langs haar rug werd gegoten; als van een zware last in de hypochondrieën; alsof zij met winden gevuld was; alsof de buikwanden zich tegen de wervelkolom terugtrokken; alsof de darmen met fijne naalden werden doorboord; alsof in de l. lies een breuk zou ontstaan; alsof een liesklier gezwollen was; alsof winden tegen het stuitbeen drukten; als van wormen die in de anus kropen; beverig, alsof rillerig; alsof de knieën zouden worden afgedraaid; alsof er een web over de keel werd getrokken; alsof de schaamdelen gezwollen waren; wegzakkend gevoel in de maagkuil om 11 uur v.m.; alsof de borst zou barsten, met hoest en steken; alsof de borst hol en koud was; alsof de borst door een band werd samengetrokken; alsof de borst in stukken werd gesneden; alsof een vreemd lichaam omhoogkwam in de keel; alsof de borst beurs geslagen was; als van bloed dat zich een weg baande in de fijnste vaten van de longen; alsof er in de bovenste borst een gevoelige beurse plek was; alsof het invretend en beurs was op een plek zo groot als een hand in de linkerborst; leegtegevoel achter het borstbeen; alsof er een kap over het hart lag; alsof er bij het spreken een vinger op de rechterzijde van de hals drukte; alsof het schoudergewricht sliep; als van een hechtpleister nabij de binnenrand van het rechterschouderblad; alsof nek en rug moe en beurs geslagen waren; alsof men het hoofd in een ongemakkelijke houding had gehouden, pijn in de nekspieren; alsof men in een ongemakkelijke houding had gelegen, pijn in de lendenen; alsof de spieren in de rechterpols te kort waren; alsof de rechterpols verstuikt was; alsof het vlees in het heupgewricht van het bot loszat; alsof de spieren in de knieholte te kort waren, samentrekking in de linkerknie, alsof in het bot; steek als een vlooienbeet aan de binnenzijde van de rechterknie; enkel alsof verstuikt; alsof het bot aan de buitenrand van de voet zou breken; alsof de voetzolen gezwollen waren en opengekrabd door een getand instrument; alsof de voet verstuikt was; alsof de pezen in de rechtervoetzool te kort waren; alsof de voeten van het lichaam waren losgeslagen; alsof de tenen pijnlijk waren van het lopen; alsof er blaren op de teen zaten; alsof de tenen verstuikt waren; alsof de bal van de grote teen bevroren was; als van bloedstuwing in het linkerbeen; alsof het hemd ruw was en bij het lopen langs de penis schuurde; alsof de testikels strak werden samengedrukt en omhooggetrokken; alsof het lichaam door druk op de binnenwanden van de romp uit elkaar werd gedrongen; als van zwelling; alsof de ogen diep in het hoofd lagen; alsof er een vreemd, steenachtig, hard lichaam in de keel zat; irritatie van de huid op de rug van de rechterhand, die bij wrijven door het hele lichaam lijkt te gaan; alsof de tenen bevroren waren; alsof zij met mieren bedekt was.

Ondraaglijke pijn : in het linkeroog.

Hevige pijn : in de keel; aan de kaakhoek; in de strottenhoofdstreek; in patella en hiel.

Ernstige pijn : in de hartstreek.

Stekende pijn : in de maag en de maagkuil.

Zware druk : in de maag.

Pijnlijk woeden : in het hoofd, van de rechterzijde van het achterhoofd over de schedelkruin.

Bliksemachtige schokken en rukken : neuralgie in de rechterzijde van het hoofd.

Borend : boven de rechter frontale verhevenheid; in de rechterzijde van het hoofd; in de l. zijde van het hoofd; in het achterhoofd; vanuit het rectum in het abdomen; in de linker ovariumstreek; in de knie; in de hiel.

Lancinaties : brandend, vanuit het foramen infraorbitale over de r. zijde van het hoofd naar het achterhoofd; in het sacrum; in etterende herpes.

Stekende pijn : in het abdomen.

Steken : boven de rechter frontale verhevenheid; in de slapen; in het rechteroor; brandend, midden op de schedelkruin; dof, op de top van het hoofd; in het r. oog; in de oren; in de kaak; van het rechter jukbeen naar de bovenrand van de orbita; in het gelaat; in de bovenlip; fijn, in de bovenlip; in de linker ondermolaren; van de linker tanden naar de nek; in het linker hypochondrium; in de milt; dof, vanuit een inwendige zweer aan de rechterzijde boven de navel; in de rechterzijde van het abdomen; in de onderbuik; door het rechter darmbeen; in de navelstreek; in de liezen; in de glans penis; in de linker testikel; vanuit het rectum in de peniswortel; in de anus; als bliksem, van de anus in het rectum; in de nierstreek naar de borst toe; dof, in de streek van de r. nier; in de streek van de linker nier; in de urethra; onder de oksel; in de rechterzijde van de borst; in de linkerborst en het hart; in het midden van het borstbeen; van het bovenste deel van het borstbeen naar de lendenstreek; onder het borstbeen; van het rechter hypochondrium naar de prekordiale streek; diep in de rechterborst; dof, in de rechteronderribben; onder de rechtertepel; in de streek van de linkerribben tegenover de maagkuil; in het bovenste deel van de linkerborst; onder het hart; in het linker sleutelbeen; in de luchtpijp; boven het hart, in de prekordiale streek; onder de rechter mamma; in de linker mamma; in nek en kin; in een nekspier; onder het rechterschouderblad; dicht bij het bovendeel van het rechterschouderblad; midden in de wervelkolom; onder het linkerschouderblad; in de linker oksel; dof, onder de rechterschouder; in de linkerschouder; op de rug van de linkerhand; in de vingers; in de middelste gewrichten van de laatste drie vingers; in de toppen van de duimen; door het eerste kootje van de linkerduim; in de dij; in de knie; aan de binnenzijde van de rechterknie; in de tibia; boven de rechtervoet; in de beenderen van de voetrug; in de bal van de voet; in de hiel; in de linker grote teen.

Priemend : in het hoofd, boven de linker wenkbrauw; in het voorhoofd; in de slapen; in de rechterzijde van het hoofd; op een kleine plek in het achterhoofd; in ogen en hoofd; in de binnenste ooghoeken; boven de linker wenkbrauw; in de oogleden; in het linkeroor; in het neustussenschot; in het kaakgewricht; onder en vóór het linkeroor; in de wortels van de linker bovenhoektand en aangrenzende kiezen; in de linker ondermolaren; in het gehemelte; in de maagkuil; in de prekordiale streek; in het rechter hypochondrium; dof, in de streek van de milt; in het middenrif; in het abdomen; tussen de schouders; boven de liesstreek; in de anus; in de nierstreek; in de schaamdelen; in het strottenhoofd; onder de rechter oksel; midden in het borstbeen; in het borstbeen; midden in de borst; in de linker thorax; onder de linkerborst; van het rechter- naar het linkerschouderblad; in de rand van het linkerschouderblad naar de oksel; onder het linkerschouderblad; in de rechter oksel; boven op de rechterschouder; in de rechterbovenarm; aan de voorzijde van de linkerbovenarm; in het rechter ellebooggewricht; in het laatste gewricht van de rechterduim; in de bal van de linkerhand; in de buigzijde van de rechterpols en de handpalm nabij de pink; in de rechterbil onder de heup; aan de achterkant van de dij; in de scheenbenen; in de voetzolen; in de tenen; in het eerste gewricht van de rechter grote teen; in de buigingen van de eerste gewrichten van de eerste twee rechtertenen; in de bal van de grote teen; op de top van de rechter grote teen; in de gewrichten; in de ledematen; op een kleine plek in de linker ringvinger, gevolgd door een rode pustel; in de voorste bal van de grote teen.

Schietend : door de gewrichten.

Prikkelend stekend : in het hoofd; in de wortels van de bovenste voortanden en in het harde gehemelte; in de schaamdelen; in een knok; netelroos.

Snijdend : in het abdomen; in het rechteroog; in het rechteroor; in de neus; in de linker neusvleugel; dwars over de navelstreek; in het rectum; in de anus; in de nierstreek; in de urethra; in het abdomen tijdens de menstruatie; in de lendenen tijdens de menstruatie; omhoog in de linker iliacale streek tijdens de zwangerschap; in de lendenen tot in de kuiten en voeten; in de toppen van de duimen.

Schietend : in de rechterslaap; in het hypogastrium.

Prikkelend : in het linkeroog en de wang; in een pterygium; in gave tanden; in de linker lies; in de linker grote teen; in de testikels.

Pikkend : in gave tanden.

Rukken : boven de linkerslaap; oorpijn; in de bovenlip; tandpijn; in de laatste onderste rechter molaren; scheurend, van de keelholte naar de linker nekspieren; in het rechter hypochondrium; van de lies naar de penis; in de rechter liesstreek; vanuit het rectum in de peniswortel; in de anus; onder het linkerschouderblad; in de rechterschouder; in het ellebooggewricht; van de eerste vingergewrichten van de linkerhand naar de toppen; in het eerste gewricht van de rechterduim; dof, aan de binnenzijde van de dij; in de linkerkuit; in de peniswortel.

Scheurend : in de hersenen; in het hoofd, boven de linker wenkbrauw; in de linker frontale verhevenheid; in het voorhoofd; in de slapen; boven de linkerslaap; krampachtig in de slapen; in de schedelkruin; in het linker wandbeen; in de r. zijde van het hoofd; in de rechterzijde van het achterhoofd; in de oren; in het linkeroog; steek boven het linkeroog en in de navelstreek; in ogen en hoofd; boven de linker wenkbrauw; in de oren; vóór het linkeroor; in het linkeroor dicht bij het lelletje; in het rechter neusgat; in de linkerwang; in het rechter jukbeen; in de bovenlip; krampachtig in de onderkaak, vooral in de kin; steken in kin en keel; in de wortels van de rechter boventanden; in de linker bovenmolaren; van de wortel van een rechter boventand naar de slaap; in een holle kies; in de laatste linker ondermolaren; in de achterste keelbogen; in de keelholte; in de maagkuil; in het rechter hypochondrium; van de rechter onderbuik naar de lies; in de linkerzijde van de onderbuik, beginnend in de heupstreek; in de navelstreek; in de anus; in de streek van de linker nier; in de streek van de rechter nier; in de urethra; boven de maagkuil; onder de oksel; in de rechter bovenribben nabij de rug; in de rechterborst; in de linkerborst; in nek en kin; in de rechterzijde van de nek en onder de kaak; in de nek achter het linkeroor; tussen de wervelkolom en het rechterschouderblad; in de rechterzijde van de nek; in de rechter oksel; boven op de rechterschouder; in de schoudergewrichten; jichtig, van het schoudergewricht naar de vingers; diep in de rechterschouder; in de linkerschouder; in het schoudergewricht, diep in het bot; in de linker oksel; in de bovenarmen vanaf de deltaspier naar beneden; aan de voorzijde van de linkerbovenarm nabij de elleboog; in de rechterarm nabij de schouder; midden aan de binnenzijde van de linkerbovenarm; in de linkerbovenarm nabij de schouder; in de armen dicht bij de elleboog; in het rechter ellebooggewricht; in de elleboogplooien; in het dikke deel van de onderarm; dof borrelend, in de spieren aan de binnenzijde van de rechteronderarm nabij de elleboog; in de linkeronderarm; in de r. pols naar de ruggen van de vingers; in de buiging van de linkerpols; in de l. duim naar de top; in de vingertoppen; in de laatste kootjes van de linker middel- en ringvinger; in de rechterduim; in het laatste gewricht van de rechterduim; in de vingers; in de middelste gewrichten van de laatste drie vingers; onder de nagel van de rechterduim; in de middenhandsbeenderen van de wijsvingers; in de eerste gewrichten en kootjes van de vingers; op de rug van de linkerhand; van de pols naar het eerste kootje van de duim; in de buigzijde van de rechterpols en de handpalm nabij de pink; in de rechterhand; aan de handwortel; op de rug van de rechterhand en in de pols; in de rechter handpalm; op de rug van de linkerhand; in de linker handpalm; in de billen onder de heupen; op de achterkant van de rechterheup; aan de achterzijde van de linkerheup; op de darmbeenskam; in de dijen; in de dikste delen van de dijen; aan de buitenzijde van de dij alsof in het bot; in de linkerdij omhoog vanaf de knie; aan de binnenzijde van de linkerdij; in de knieplooien; in de rechterknie; in de rechterkuit; aan de buitenzijde van de linkerpatella; in de linkerknie; aan de binnenzijde van het linkerbeen, tussen enkel en kuit; in de kuiten; in de tibia naar de voetrug; in het rechterbeen onder de knie; in het linkerbeen tussen tibia en enkel; van de kuit naar de enkelknobbels; in het onderste uiteinde van de rechter tibia; in de rechter buitenenkel; onder de r. binnenenkel tot in de hiel; in de enkelplooi; aan de rand en op de rug van de linkervoet; in de achillespezen; in de rechtervoet en de enkelknobbels; in de binnenenkelknobbels; aan de buitenrand van de rechtervoet; op de rug van de linkervoet; in de hielen; in de voetzolen; in de tenen; in de top van de grote teen en onder de nagel; in het eerste gewricht van de rechter grote teen; in de buigingen van de eerste gewrichten van de eerste twee rechtertenen; in de rechter grote teen; in de rechter kleine teen; aan de randen van de rechtervoet; in de top van de glans penis; in de peniswortel; in de ledematen; in het midden van de beenderen van de ledematen.

Trekkend : in het voorhoofd; in de schedelkruin; in de linkerzijde van het hoofd; in het rechter wandbeen; in het rechterachterhoofd; in de linkerzijde van het achterhoofd; achter het l. oor; in het rechter neusgat; rukachtig in de snijtanden; in de linker ondertanden; in de linker bovensnijtanden; in de onderste achterste tanden; in de wortels van de bovenste voortanden en in het harde gehemelte; in de rechter onderste achterste tanden; afwisselend in de achterste tanden van de rechter- en linkerzijde; in de kaken; in de keelholte; in de maagkuil; in het rechter hypochondrium; krampachtig in het midden van het abdomen; vanuit het abdomen in de urethra; in de linker liesstreek; in de lies- en schaamstreek; in de linker lies; vanuit het rectum in het abdomen; in de streek van de rechter nier; scherp, in het voorste deel van de urethra en de penis; reumatisch, onder het sleutelbeen; spanning hier en daar in de linkerborst; rond de linkertepel; in de rechterzijde van de nek; in de nekspieren; in de rug; van de top van de schouder langs de armen omlaag; in de linkerbovenarm dicht bij de elleboog; van de vingertoppen omhoog door de arm; reumatisch, in de rechterelleboog; in het bot van de onderarm; krampachtig, in de onderarm en vingers; in de rechterpols; reumatisch, in de rechterpols; in de kootjes van de linker middel- en ringvinger; in de rechterduim; in de linker handpalm; in de billen; boven de rechterbil; op het achterste deel van de dij; aan de achterzijde van de linkerheup; in de dijen; aan de binnenzijde van de r. dij; in de buitenste dijspieren; in de rechterknie; in de kuiten; in de beenderen van het rechterbeen; in de benen; in de rechter tibia; in de beenderen van de linkervoet; in de rechtervoet en enkelknobbels; in de binnenenkelknobbels en achillespezen; in de tenen; in de peniswortel; in de testikels; in de zaadstreng; in het midden van de beenderen van de ledematen.

Scheutend : in de rechterzijde van het hoofd; steek als bliksem in de urethra; in de borst.

Wringende pijn : in het abdomen.

Knagend : als van wormen in het voorhoofd; in de rechter achterhoofdsknobbels; in het bovenste deel van het achterhoofd; in de linkerknie.

Knijpend : achter het linkeroor; in het oor; in de neuswortel; in de maagkuil; in de leverstreek; in het linker hypochondrium; in de r. lies; in de nierstreek; in de borst; in het voorste deel van de r. borst; aan beide zijden van de nek nabij de romp; op kleine plekjes in de rug; in het stuitbeen; in de streek van de linkerheup; in de bal van de linkerhand.

Gevoel alsof iets ineen wordt geschroefd : in de zijkanten van het hoofd; in de maagkuil; in de linker liesstreek.

Gevoel alsof iets ingeschroefd is : in de lendenen.

Koliekpijn : diep in het epigastrium; in de leverstreek; in de zijkanten van het abdomen en de navelstreek; in het abdomen.

Krampachtige pijn : in het lelletje van het linkeroor; in het keelkuiltje; in de spieren van de keel uitwendig bij het slikken; in de maagkuil; in de leverstreek; in de hypochondrieën; in de urineblaas; van de borst naar maag en abdomen; in hart en longen; in het been; in de kuiten; in de kuit en linkervoet; in de spieren.

Krampachtig trekkend gevoel : in de maagkuil en de epigastrische streek.

Spannende pijn : in de zijkanten van het abdomen; in de borst; in de wervelkolom; tussen de schouders; in de lendenstreek en schouders; in de heupgewrichten; in de knieholte; in het rechterkniegewricht; in het linkerbeen.

Opzetting : in de linker mamma.

Barstend : in het rechter wandbeen.

Druk : op de top van het hoofd; onder de ribben, vooral rechts; aan de neuswortel; en dofheid in het hoofd; op de neuswortel; op een kleine plek op het voorhoofd; op het voorhoofd; in de r. frontale verhevenheid; in de linker frontale verhevenheid; in de linkerslaap; in de slapen; krampachtig, in de slapen; in de rechterzijde van het hoofd; in de linkerzijde van het hoofd; in het achterhoofd; op een kleine plek in het achterhoofd; de ogen alsof naar binnen gedrukt; spanningsdruk in het rechteroog; in het rechteroog en in de slapen; in het linkeroog tijdens lopen in de open lucht; in de ogen en oogleden; aan de rand van het linker onderooglid nabij de binnenste ooghoek; dwars over de neuswortel; boven het rechteroog; in de rechter tonsil; in de bovenkaak; in de rechter onderste achterste tanden; van beneden naar boven in de slokdarm; in de tonsillen; vanuit de keelholte omlaag in het abdomen; midden in de wervelkolom met oprisping; in de maagkuil; in de maag; neerwaartse druk op urineblaas, rectum en uterus; in het linker hypochondrium; in het rechter hypochondrium; onder de ribben; in het abdomen; in de schaamstreek; in de zijkanten van het abdomen en de navelstreek; in de r. zijde van het abdomen dicht bij de heup; laag in het abdomen; tussen de maagkuil en de navel; in de rechter liesstreek; in lies- en schaamstreek; vanuit het rectum in het abdomen; in de nierstreek; op de urineblaas; op de schaamdelen; op de borst; in de thorax; krampachtig, in de borst en de maagkuil; aan het rechter uiteinde van het linker sleutelbeen; onder de rechter oksel; midden in het borstbeen; op het bovenste deel van het borstbeen; scherp, nabij de rechter oksel; hier en daar, over de hele borst; op het linker sleutelbeen; in de linkerzijde van de borst; scheurend, in de onderste linkerborst; in het hart; onder de linkertepel; in de rechter mamma; gevoelig, rond de r. tepel; als met een vinger, op de rechterzijde van de hals, bij het spreken; in de wervelkolom; op een kleine plek in de rug, nabij het rechterschouderblad; aan de rechterzijde, nabij het midden van de wervelkolom; onder het linkerschouderblad; dicht bij het r. schouderblad; in het onderste deel van de wervelkolom; onder het rechterschouderblad; in de lumbale en sacrale streek; in de schouders; midden in de bovenarm; in de linkerschouder; reumatisch, in de ellebogen; in het middelste gewricht en het eerste kootje van de rechterwijsvinger; in de bal van de linkerhand; aan de handwortel; boven de rechterbil; op het achterste deel van de dij; dof, boven de rechterheup; langs de tibia; in de beenderen van het rechterbeen; aan de binnenzijde van het been, tussen enkel en kuit; onder de buitenenkel; op de binnenwanden van de romp.

Uiteenpersende druk : in de rechterzijde van het achterhoofd; in de linkerzijde van het achterhoofd.

Neerdrukkend gevoel : in het abdomen na de stoelgang.

Duwende pijn : in het stuitbeen.

Slepende pijn : in het abdomen; in het achterhoofd; in abdomen en lendenen, tijdens de menstruatie.

Beurse pijn : in het achterhoofd; in de beenderen van het gelaat en de oogkas; in het r. jukbeen; in de rechterzijde van de onderbuik; in de streek van de l. nier; in de rechterzijde van de borst; in de rug; in de linkerarm en deltaspier; op een kleine plek in de oksel; in het linkerschouderblad; in het bot van de rechterbovenarm; in de buiging van de rechterarm; in de onderarm; in de bal van de linkerhand; in de streek van de linkerheup; in het heupgewricht; in de gluteale en achterste femorale spieren; op de voorzijde van de linkerdij; in de kniegewrichten; in de knieplooien; in de linkerknie; in de ledematen.

Bijtend : in het linkeroog en de wang; in het oog; in de rechter binnenste ooghoek; in de buitenste ooghoek; aan de onderzijde van de tong; aan de binnenzijde van het tandvlees; in het gehemelte; van winden; op het abdomen naar de borst toe; in de opening van de urethra; in de schaamdelen; in de huid van de linkerbovenarm aan de achterzijde; op de rug van de rechterhand; in een zweer.

Brandend : in de linkerzijde en het schouderblad; in de rug en de lendenen; langs de hele wervelkolom; in de schouderbladen; in de linker oksel; aan de voorzijde van de linkerbovenarm; in de linkeronderarm; boven de rechterpols; in de rechterpols en de handbal; op een kleine plek in de linkerhand; in de streek van de linkerheup; aan de achterzijde van de linkerheup; onder de rechterknie; in de tibia; onder de rechter binnenenkel; onder de r. hiel; in de voetzolen; in de beenderen van de voetrug; in de bal van de grote teen; op kleine plekjes; in de voetzolen; in de huid van het rechterschouderblad; in de huid van de linkerbovenarm aan de achterzijde; in de huid langs de rand van de rechterhand; in kloven tussen de vingers van de linkerhand; in een pustel op de linker ringvinger; op de buigzijde van de vingers; aan de buitenzijde van de rechterdij boven de knie; in de huid van de onderste rechterkuit; in een zweer.

Gevoeligheid : in het hoofd; in de schedelkruin; van de hoofdhuid en het haar; in de rechter binnenste ooghoek; in een pterygium; in het rechter bovenooglid; van de buitenste ooghoek; in de neus; van de tanden; aan de binnenzijde van het tandvlees; van de tong; in het bovenste deel van de borst; in het l. hypochondrium; in het rectum; aan de anus; in de streek van de linker nier; in het voorste deel van de urethra; alsof geslagen, in de linker borstspieren; in de borst; op een kleine plek in de oksel; in de buitenste dijspieren; aan de zijkanten van het scrotum en de dij; in puistjes.

Rauwheid : in de keel; in de keelholte; in de borst.

Schraperig gevoel : in het strottenhoofd; in de keelholte.

Zeurende pijn : in de slapen; in de maag; in de schaamstreek; in de zijkanten van het abdomen en de navelstreek; in de lendenstreek; rond de laatste lendenwervels; in het stuitbeen.

Schrijnend : in het linkeroog; in de onderlip; aan de binnenzijde van de onderlip; in de wortels van de bovenste voortanden en in het harde gehemelte; in het rectum; in aambeien; in de schaamdelen.

Doffe pijn : dwars over de voorhoofdsholten; in het voorhoofd; in de schedelkruin; in de linkerzijde van het hoofd; in het epigastrium en aan de rechterzijde van de navel; in de rechterbovenarm; in de knie.

Kloppend : in het hoofd; in de rechter voorhoofdsstreek; in het voorhoofd; in de schedelkruin; in de rechterzijde van het hoofd; in het oog; in een holle tand; afwisselend in de achterste tanden van de rechter- en linkerzijde; nabij de linker oksel; onder het onderste derde deel van het linkerschouderblad; in de linkerduim naar de top; in de knieën; door het hele lichaam; in een pustel op de linker ringvinger.

Pulserend : in het linker hypochondrium; in de linkertepel; in de linkerbil; in de achillespezen; in de top van de rechter grote teen.

Etterende pijn : in de hoofdhuid; in de nagel van de grote teen.

Ulceratieve pijn : in de voetzolen; in de rechter grote teen; in de hielen; in een puistje op de nek.

Neuralgische pijnen : in het onderhuidse celweefsel; na herpes zoster.

Reumatische pijn : in de wervelkolom; in de lendenstreek en schouders; in de deltaspieren.

Verlammende pijn : in de lendenen; in het linker femur; in de rechterdij.

Samentrekking : in de rechter achillespees.

Insnoering : in de keel; in de slokdarm; in de linkerzijde van de onderbuik.

Strak gevoel : in de slapen; in de schedelkruin; in de kuitspieren; in de maagkuil tijdens de menstruatie; in de borst; onder het borstbeen.

Spanning : in het abdomen; onder de rechter oksel; in het borstbeen; in de r. zijde van de borst; hier en daar in de linkerborst; krampachtig in het hart; in de nek; in de rechterzijde van de nek; in de nekspieren; onder het rechterschouderblad; in de lendenen; in de lumbale en sacrale streek; tussen de schouders; in de schoudergewrichten; reumatisch, in de kop van de linker humerus; in beide armen; in het rechter ellebooggewricht; in de rechterpols; reumatisch boven de linkerpols; in de hand; in het middenhandsbeen van de pink; onder de rechterknie; langs de tibia; in de kuiten; in de rechter tibia; in de linkerenkel; in de rechtervoet; in de rechtervoetzool; aan de randen van de rechtervoet.

Stijfheid : in de nek; in de cervicale en bovenste dorsale spieren; van de kuitspieren; van de benen.

Dofheid : in het voorhoofd; in het achterhoofd.

Lichtheid : in het hoofd.

Zwaar gevoel : van het hoofd; in het voorhoofd; in de schedelkruin; in het achterhoofd; in de hypochondrieën en lendenen; in het abdomen; in het rectum; in het hart; in de schouders; in de plooi van de linkerelleboog; in de rechterdij; in het linker femur; in de rechtervoet en enkelknobbels; in de benen.

Volheid : in de slokdarm; in het abdomen.

Onrust : in de benen.

Borrelen : in de linkerbovenarm; in de rechterbil.

Mierenlopen : in de kuiten en tenen.

Kitteling : in het rechteroog als van stof; in het linkeroor; in het strottenhoofd; onder het borstbeen; in de luchtpijp en het midden van de borst; in het bovenste derde deel van de borst, aan beide zijden.

Kruipen : in het voorhoofd; in de oren; in de neus; vanuit het abdomen in de urethra; in de anus; in de linkerduim; in de linkerkniegewrichten; van de rug van de linkervoet; in de kuiten tot in de tenen; in de huid van het hele lichaam.

Tinteling : in het hoofd; aan de binnenzijde van de wang; aan de anus.

Jeuk : van de ogen; in de rechter binnenste ooghoek; in de binnenste ooghoeken; aan de rand van het linker bovenooglid; in de oren; in de neusgaten; van de linkerwang; aan de binnenzijde van het tandvlees; in het rectum; in de anus; in de urethra; in de schaamdelen; van de vulva; van de dijen en knieholten; op het rechterkniegewricht; in de gewrichten en gewrichtsplooien; als van vlooienbeten op rug en abdomen; op het scrotum; rond de tepels; tussen de schouderbladen; vlekken op de rug; papeluze eruptie op de onderarm; puntjes in de huid; aan de buitenzijde van de rechterdij boven de knie; op de dij boven de knie; van de dijen en knieholten; puistjes op de benen; op de rechtertenen; van de grote teen alsof bevroren; op de voorste bal van de grote teen; in de rechtervoetzool; in de voetzolen; op de buigzijde van de gewrichten; netelroos.

Ruwheid : in de borst.

Zwakte : in hoofd en ogen; in handen en voeten; in het borstbeen; in lendenen en benen; in de lumbale en sacrale streek; in de armen; van de handen; in de knieholten; van de ledematen.

Gevoelloosheid : van de tong; van het schoudergewricht; in de linkerduim; van het r. been; van de voeten; in de voetzolen.

Lamheid : van de handen; in de rechterdij.

Doods gevoel : van de handen.

Verlamd gevoel : in de lendenen en heupen; in de armen; in de plooi van de linkerelleboog; in de rechtervoet.

Onrustig gevoel : in de benen en voeten.

Warmte : in het oog; in het gehemelte; in de linkerduim; in de streek van de linkerheup.

Koude : in de maag; in het abdomen; in de borst; in de nek.

Droogheid : in de ogen en oogleden; in de oogbollen; van de lippen; in de keel.

WEEFSELS [44]

Cerebrale uitputting.

Vermagering; zwakke aanblik, gezicht gerimpeld en blauwachtig.

Bleekheid van de slijmvliezen, met verdwijnen van het onderhuidse celweefsel en atrofie van het spierstelsel.

Zwakke spijsvertering, gedeprimeerde voedingsfunctie, met cerebrale aandoeningen; constipatie, met leveraandoeningen of flatulente koliek; maagklachten tijdens de zwangerschap.

Anemie: hersenen uitgeput; niet in staat exanthemen te ontwikkelen.

Waterzucht, met onrust in de nierstreek.

Een toestand van het bloed die in zijn kwalitatieve analyse chlorose benadert; gebrek aan vitaliteit, zoals men die aantreft na lichamelijke en psychische neerslachtigheid; zwaar gevoel en zwakte in alle organen, zoals men ziet bij onderdrukte catamenia, maar wanneer de menstruatie op gang komt, verlicht dit al haar lijden; hoest kwellend en lastig, met gebrek aan kracht om op te hoesten; gevoel alsof zijn urineblaas zou barsten, toch is er niet genoeg energie om een goede straal te lozen, slechts kleine hoeveelheden worden geloosd; ontlasting schaars, droog, brokkelig, korrelig.

Dyspeptische symptomen; gedempte misselijkheid, met een algemeen bevend gevoel; onregelmatige krampachtige werking van het hart.

Clonische spasmen, evenals het daarop volgende coma, vinden hun oorzaak in cerebrale uitputting.

Algemeen gewrichtsrheumatisme, met scheurende pijn, mankheid, beven en krampachtige pijn; wringend gevoel in de aangedane ledematen, veelvuldig rukken van het hele lichaam tijdens de slaap, < door oververhit raken en door inspanning.

Rheumatisme van de spieren van sacrum, coccyx, ilium en het linker heupgewricht, en van het been aan de linkerzijde; gevoeligheid van de delen bij druk met de vingertoppen, en beurse pijn bij elke beweging die inspanning van de spieren vereist; bij zitten of liggen weinig of geen pijn; < bij opstaan uit een stoel, bij bukken, het lichaam draaien of naar achteren buigen, diep inademen, hoesten of niezen; pijn in heupgewricht en knie, zich af en toe uitstrekkend langs het verloop van de grote ischiadische zenuw tot in de voet.

Zweren: oud; traag; herpetisch; bloedend en brandend; zonder gevoel; roodheid van de omgevende huid, met gevoel van spanning; etter bloederig en corroderend.

Een groot abces op de linkerhiel kwam sneller tot rijping na Zincum 30.

Oedeem en algemene anasarca van het celweefsel; waterzuchtige toestanden na roodvonk.

Waterzuchtige uitstortingen in alle sereuze holten.

Verlichting van thoracale symptomen door expectoratie; verlichting van blaasverschijnselen door urineren; bij de man verlichting van rugpijn door zaadlozing, en bij de vrouw algemene verbetering door de menstruele vloeiing.

AANRAKING. PASSIEVE BEWEGING. VERWONDINGEN [45]

Aanraking : hoofdhuid voelt gevoelig aan ; pijn als na een slag onder en voor het rechteroor ; neuralgie van het vijfde hersenzenuwpaar < ; zweer aan de wortel van een aangetaste tand gevoelig ; tandvlees bloedt ; zwelling van het gehemelte pijnlijk ; vergrote lever gevoelig ; steken in een inwendige zweer boven de navel < ; linker nier gevoelig ; mamma gezwollen en gevoelig ; ribben van de linker thorax pijnlijk ; drukgevoeligheid over de hartstreek ; linker tepel gevoelig ; wervelkolom gevoelig ; beurse pijn in de onderarm ; gevoeligheid van de eikel ; rechterzijde van het scrotum pijnlijk ; verminderde gevoeligheid ; gevoeligheid van puistjes ; tetterachtige uitslag op de rug pijnlijk ; jeuk hier en daar in de huid >.

Contact : jeuk >.

Druk : conjunctivitis > ; beurse pijn in het rechter jukbeen ; pijn in een holle kies < ; op het abdomen misselijkheid en braken ; drukgevoeligheid over de maagstreek ; steken in de milt < ; steken in de linkerzijde van het abdomen < ; samenknijpende pijn in de onderbuik ; pijn in de linker ovariele streek > ; steken in de luchtpijp < ; linker dij gevoelig ; pijn in het rechter ligamentum patellae ; gevoeligheid en prikkende pijnen in de gewrichten.

Samendrukken van de zijkanten van het hoofd met de handen : hoofdpijn >.

Moet de kleding losmaken : tijdens de menstruatie.

Wrijven : bijtend gevoel in het linkeroog > ; bijtend gevoel in de rechter binnenooghoek > ; scheurende pijn in het rechter ellebooggewricht > ; scheurende pijn in de rechterknie > ; scheurende pijn in de rechter buitenenkel > ; vanuit de huid op de rug van de rechterhand trekt irritatie door het hele lichaam ; gevoel alsof de tenen bevroren waren < ; stekende jeuk in de huid, met netelroos ; algemeen mierenkruipen >.

Krabben : gevoeligheid van de kruin > ; scheurende pijn in de rechterschouder > ; doet de jeuk op een andere plaats verschijnen ; netelroosachtige eruptie op de dijen en in de knieholten ; jeuk in puistjes op de dij > ; gevoel alsof de tenen bevroren waren <.

Schokken : pijn in het abdomen <.

Paardrijden : hoofdpijn < ; scheurende pijn in de hand van de pols tot de eerste falanx van de duim.

Kneuzing : orchitis.

Na een operatie aan het oog : ziet lichtende objecten ; hevig branden.

HUID [46]

Huid droog.

Pijnen, schijnbaar tussen huid en vlees.

Jeuk: van de huid; in de plooien van de gewrichten; plotseling, hier en daar, vooral 's avonds in bed, verdwijnt door aanraking; als van luizen in de nacht, na krabben verschijnt zij op een andere plaats.

Puistjes op voorhoofd, rug en derde teen links, met rauwe, drukkende pijn bij aanraken.

Kleine witte puistjes met wat vocht, op bovenlip, kin en voorhoofd na matig wijngebruik.

Papuleuze eruptie in het gezicht.

Korstige eruptie in het gezicht.

Jeuk in het gezicht in de avond.

Een rode, harde, pijnlijke zwelling aan de linker neusvleugel, pijnlijk bij druk.

Heldere waterblaasjes of gesuppureerde puistjes op de bovenlip.

Papuleuze eruptie op de bovenlip.

Platte rode puistjes midden op de bovenlip, aan de rand pijnlijk bij aanraking.

Jeuk op de bovenlip, kin en rond de mond zonder eruptie.

Zeer jeukende puistjes bijna midden op de kin.

Hevige jeuk en roodheid over het hele uitstekende deel van de kin.

Veel kleine pustels dicht bij elkaar onder de kin, met hevige jeuk.

Grote, gelig-witte jeukende puistjes op de onderlip. Frequente hevige jeuk als van talrijke vlooienbeten, 's nachts, vooral op rug en buik.

Een rode, uiteindelijk donkerrode steenpuist, met een harde areola, bevattend donkergele pus, ontwikkelde zich op de schaamstreek, enigszins naar de linkerzijde.

Jeuk op het scrotum, hevig, bijna rauw, niet > door krabben, verscheidene avonden achtereen.

Een klein, rood, pijnlijk rauw puistje aan de haarwortel op het scrotum.

Rode puistjes op borst en gezicht.

Jeuk rond de tepels, zij wilde voortdurend krabben.

Een puistje met ulceratieve pijn bij druk aan de rechterzijde van de hals.

Kleine puistjes als steenpuisten op beide schouders.

Jeuk tussen de schouderbladen in de avond, met veel eruptie.

Branden op de huid van de rechter schouderbladstreek.

Kleine steenpuisten op de rug en tussen de schouderbladen.

Jeukende plekken op de rug; ringwormachtig uitslag, pijnlijk bij aanraking.

Een grote steenpuist op de linker bovenarm.

Bijtend branden aan de achterzijde in het bovenste deel van de huid van de linkerarm.

Uitslag van rash in de elleboogsplooi.

Papuleuze eruptie op de onderarm, overdag hevig jeukend.

Rechterhand sterk uitgebroken met duidelijke neiging tot vorming van pijnlijke fissuren.

Jeukend puistje op de handrug.

Bijten op de rug van de rechterhand, zich uitstrekkend boven de pols, alsof een eruptie zou verschijnen.

Enkele jeukende puntjes in de huid, vooral op de handen, zonder uitwendige roodheid of verhevenheden.

Kleine ronde rode vlekken op handen en vingers.

Een puistje onder de huid van de plooi van het laatste gewricht van de ringvinger.

Branden in de huid aan de rand van de rechterhand.

Ruwheid van de huid op de rug van de rechterhand, gepaard gaand met zeer hevige irritatie bij wrijven, schijnt door het hele lichaam heen te gaan; afscheidend van blaasjes; < wanneer hij verkouden wordt en bij koud weer.

Opperhuid van de handen barst bij geringe kou open, wordt klovend en pijnlijk.

Grote wintertenen aan de handen, die opzwellen en hevig jeuken.

Rhagaden, meestal tussen de vingers, erg zelfs bij zacht weer.

Pijnlijke brandende kloven tussen twee vingers van de linkerhand.

Stekende jeuk op een klein plekje in de linker vierde vinger, spoedig gevolgd door een rode pustel met kloppende brandende pijn.

Branden aan de buigzijde van de vingers.

Jeukend branden aan de buitenzijde van de rechterdij boven de knie.

Jeuk aan de voorzijde van de dij boven de knie, vijf minuten achtereen, met puistjes die gemakkelijk opengekrabd worden.

Jeuk van de dijen en knieholten in de avond, zeer hevig, met urticaria-achtige eruptie na krabben.

Uitslag van jeukende rash in de knieholten.

Een rode vlek op het been raakt met een korst bedekt, met jeuk.

Kleine puistjes op dij, kuiten en rond de knieën, met hevige jeuk die onmiddellijk ophoudt na krabben.

Kriebelen en mierenlopen in beide kuiten, zich uitbreidend tot in de tenen.

Branden in de huid van het onderste deel van de rechterkuit.

Ulceratieve blaren op de rug van de rechtervoet, als na een verbranding.

Pijnlijke jeuk, met warmte, roodheid en zwelling aan de rechtertenen, alsof zij bevroren waren, in de avond; < wrijven en krabben.

Jeuk van de grote teen alsof deze bevroren was.

Hevige stekende jeuk in de anterieure bal van de grote teen, in de avond.

Knobbel op de linker kleine teen en voetzoolbal, met stekende pijnen bij lopen.

Pijnlijke jeuk aan de rechter voetzool.

Jeuk aan de voetzolen.

Jeuk aan de buigzijde van de gewrichten.

Hevige jeuk over de gehele onderste extremiteiten.

Jeuk van de voetzolen, de kuiten en de dijen, 's nachts bijna ondraaglijk.

Stekende, prikkelende jeuk 's avonds in bed, op voorhoofd, dij, malleoli, voeten en andere delen van de huid.

Plotselinge jeuk hier en daar, vooral 's avonds in bed, onmiddellijk verdwijnend bij aanraking.

Jeuk over het hele lichaam zonder eruptie.

Fijne stekende jeuk over het hele lichaam, met zuur zweet.

Kriebelen in de huid van het hele lichaam.

Stekende jeuk in de huid, met netelroos na wrijven.

Algemeen mierenlopen alsof met mieren bedekt, > alleen door wrijven.

Lichte verwonding van de huid bloedt zeer overvloedig.

Bijtende en brandende pijn in een ulcus.

Droge herpes over het hele lichaam.

Suppurerende herpes; met lancinerende pijnen.

Neuralgie, na herpes zoster.

Na het verdwijnen van oude erupties: coma door cerebrale uitputting; verlies van gevoel van het gehele lichaam; manie; slaapwandelen.

Exanthematische koortsen, hersenen uitgeput; niet in staat eruptie te ontwikkelen; koorts in opvlammingen, of hevige convulsies door onderdrukte erupties.

Ligt bewusteloos en bewegingsloos; pols zwak, niet te tellen; ledematen ijskoud; huid van het lichaam blauwrood, behalve rond de ogen; voorhoofd en kin, die wit waren; eruptie zeer schaars. θ Scarlatina.

Roodvonk-eruptie verscheen twee dagen geleden, nu donkerbruinachtig of purper van aanzien; huid slap; koud; kind ligt bewusteloos, zonder gevoel, gezicht of gehoor; bleef rustig, blijkbaar zonder enige bewegingskracht; onwillekeurig urineren en ontlasting; één pupil samengetrokken, de andere verwijd, reagerend zwak en langzaam op licht; gezicht gezwollen en rood.

Een kind, æt. 2 1/2, enigszins scrofuleus; 's nachts trekkingen van de ledematen, schokken door het hele lichaam, hevig gillen, gezicht bleek en ingevallen, voorhoofd koud, bedekt met klam zweet; huid koel en droog, pols klein, snel, gemakkelijk samendrukbaar, ademhaling kort en snel, ontlasting onwillekeurig. θ Scarlatina.

Tijdens de desquamatie verkouden geworden, de volgende nacht huid heet en droog, mompelen tijdens de slaap; symptomen van convulsies, schaarse, bruine urine; gezicht oedemateus. θ Scarlatina.

Kind, æt. 4, scrofuleus, overvoed; beweegt niet, pols draadvormig; volkomen bewusteloosheid; extremiteiten ijskoud, lichaam koel, huid overal livide behalve de delen rond ogen, voorhoofd en kin, die wit waren; exantheem hier en daar.

Terwijl hij aan scarlatina leed, met de eruptie volledig aanwezig, liep hij in zijn delier naar buiten; eruptie verdween snel; werd spoedig door convulsies overvallen; collaps.

Een vrouw æt. 34, lichte eruptie op hals en bovenste deel van de borst; hoofd en gezicht gezwollen als bij confluerende pokken, alles van dezelfde kleur, bruin mahonie; hoge koorts; hees, kroepachtig hoesten; bij bewustzijn maar in convulsies; de handen, vooral de duimen, konden slechts met grote moeite worden bewogen; polsen en armen stijf, verdoofd en als dood. θ Mazelen.

Retrocessie van de eruptie; kind ligt bewegingsloos en bewusteloos; onwillekeurige rukken en spiertrekkingen; knarsen van de tanden; gillende aanvallen; verlies van spraak; achterhoofd zeer heet en voorhoofd bedekt met koud zweet; gezicht verwrongen; lichaam en ledematen koud en van een blauwrode tint; pols draadvormig en moeilijk te tellen. θ Roodvonk.

LEVENSFASE, CONSTITUTIE [47]

Meisje, 2 1/2 jaar oud, goed gevoed, scrofuleus ; roodvonk.

Meisje, 3 jaar oud ; meningitis.

Jongen, 3 jaar oud, blond, goed gevoed, tien dagen onwel ; buiktyfus.

Jongen, 4 jaar oud, lang van gestalte, sterk, scrofuleus ; roodvonk.

Jongen, 4 jaar oud, na een aanval van buiktyfus ; hersenaandoening.

Kind, 4 jaar oud ; roodvonk.

Meisje, 16 jaar oud, blond ; hematurie.

Meisje, 18 jaar oud, mulattin ; spasmen.

Juffrouw, 21 jaar oud, klein, slank, donkerharig ; spasmen.

Juffrouw, 24 jaar oud, robuust, lijdt sedert vier jaar ; hoofdpijn.

Juffrouw, 24 jaar oud, lang van gestalte, lijdt aan dysmenorroe ; koliek.

Juffrouw B., 24 jaar oud, lijdt sedert twee jaar ; chlorotische hoofdpijn.

Juffrouw T., 30 jaar oud, werd op 17-jarige leeftijd tijdens de menstruatie verkouden en lijdt sindsdien ; neuralgie, dysmenorroe, enz.

Man, 32 jaar oud, sanguinisch-cholerisch temperament ; buiktyfus.

Vrouw, 34 jaar oud, donker van huid, had arseen gebruikt tegen een uitslag in het gezicht ; mazelen.

Juffrouw, 37 jaar oud ; oogaandoening.

Vrouw, 38 jaar oud, donkerharig, mager, nerveus, zacht van aard ; prosopalgie.

Vrouw, 40 jaar oud ; pterygium.

Vrouw, 40 jaar oud, lijdt sedert verscheidene jaren ; astma.

Vrouw, 40 jaar oud, sterk, lijdt sedert twee jaar ; hoofdpijn.

Juffrouw, 42 jaar oud ; ovariële aandoening.

Man, 45 jaar oud ; urinewegklachten.

Man, 48 jaar oud, zandkleurig haar, blauwe ogen ; tarsale tumoren.

Vrouw, 48 jaar oud, lijdt sedert drie jaar ; epilepsie.

Kapitein Erickson, 50 jaar oud, zeeman, na sterke blootstelling ; bronchitis.

Vrouw, 55 jaar oud ; pijn in de rug.

Landbouwer, 55 jaar oud, lijdt sedert drie jaar ; pterygium.

Man, 70 jaar oud, lijdt sedert drie weken ; bronchitis.

RELATIES [48]

Tegengif : Hepar, Ignat .

Onverenigbaar : Wijn, Chamom., Nux vom .

Vergelijk : Pulsat . en Lycop . bij kolieken ; Plumb . en Podoph . bij abdominale symptomen ; Kobalt . en Sepia bij spinale pijnen ; Argent. nitr . bij tremoren.

Verken het volledige Similia-platform

Toegang tot 13 klassieke materia medica-boeken, 7 klassieke repertoria, AI-semantische zoekfunctie en basis-casusbeheer — gratis.

Bekijk prijzen